
 {"id":112899,"date":"2007-11-03T00:00:00","date_gmt":"2007-11-02T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/ze-kunnen-met-je-doen-wat-ze-willen-darfur-special\/"},"modified":"2007-11-03T00:00:00","modified_gmt":"2007-11-02T22:00:00","slug":"ze-kunnen-met-je-doen-wat-ze-willen-darfur-special","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/ze-kunnen-met-je-doen-wat-ze-willen-darfur-special\/","title":{"rendered":"\u2018Ze kunnen met je doen wat ze willen\u2019; DARFUR SPECIAL"},"content":{"rendered":"<p>Hulpverleners<\/p>\n<p>Arno Louws, een doorgewinterde Afrika-ganger, werkte in Mozambique, Rwanda en Zuid-Soedan voordat hij in februari 2005 vol goede moed afreisde naar Darfur. De hulporganisatie ZOA Vluchtelingenzorg begon daar in de stad Gereida met een nieuw project. Louws moest dat opstarten en er nieuwe mensen voor aannemen. Gereida ligt in Zuid-Darfur en er vlakbij ligt Camp Gereida, met 130.000 vluchtelingen een van de grootste in de provincie. Die vluchtelingen zijn afkomstig uit de dorpen die het leger en de Janjaweed in 2003 etnisch zuiverden.<\/p>\n<p>Toen Louws begon, was het district waarin Gereida lag nog gespaard voor het oorlogsgeweld. Hij ging met zaaigoed en schoffels, schoppen en ploegen de dorpen af. \u2018Met dat zaaigoed konden de boeren gierst en pinda\u2019s verbouwen, zodat de dorpelingen bij gebrek aan eten niet naar het kamp hoefden te trekken,\u2019 aldus Louws. Daarnaast financierde ZOA Vluchtelingenzorg het basisonderwijs in het vluchtelingenkamp en bouwde er klaslokalen. Het kamp kreeg daardoor wel een steeds permanenter karakter.<\/p>\n<p>Tot oktober 2005 ging alles goed. Toen werd Louws\u2019 kantoor in Gereida \u2019s nachts overvallen. De indringers sloegen een vrouwelijke medewerker in het gezicht en bedreigden ook de rest van de staf. Ze namen een auto en een satelliettelefoon mee. \u2018De paniek was groot. We hebben onmiddellijk de plaatselijke machthebbers ge\u00efnformeerd. In Camp Gereida zijn dat de rebellen van de Su\u00adda\u00adnese Li\u00adbe\u00adration Army.\u2019 Na een zoektocht van een paar uur vonden de eenheden van het SLA de auto weer terug. De daders waren waarschijnlijk losgeslagen rebellen die op eigen houtje opereerden. De staf werd na het incident overgebracht naar Nyala, negentig kilometer verderop in de hoofdstad van Zuid-Darfur.<\/p>\n<p>Een paar weken later, terwijl iedereen uit Ge\u00adrei\u00adda was ge\u00ebvacueerd, vielen Arabische stammen de Afrikaanse dorpen rond Gerei\u00adda aan. De bewoners sloegen massaal op de vlucht en stroomden bij duizenden het kamp binnen. De ZOA-medewerkers besloten daarom naar Camp Gereida terug te keren. \u2018De mensen die we eerst in de dorpen zagen, zagen we nu weer terug in het kamp,\u2019 zegt Louws. \u2018De meeste dorpelingen hadden de aanvallen overleefd. Ze wisten dat de militairen kwamen en hadden op tijd hun huizen verlaten. Maar de oogst waren ze kwijt. In november staat in Darfur de gierst hoog op het veld. Niet toevallig begonnen toen die aanvallen. Al ons werk was voor niets geweest. Tienduizenden euro\u2019s zijn verloren gegaan. En de bevolking zat zonder voedsel.\u2019<\/p>\n<p>De rest van het jaar was er voor ZOA in de verlaten dorpen niets meer te doen en dus concentreerde de organisatie zich onder meer op het onderwijs in het kamp. In december volgde een nieuwe tegenslag. Nu kregen de compounds van Oxfam, Action contre la Faim en het Internationale Rode Kruis met indringers te maken. Ze verkrachtten een van de medewerksters van de Franse organisatie. Ze voerden schijnexecuties uit. Een bewaker werd zo hevig in elkaar geslagen dat hij in het ziekenhuis belandde. De overvallers vertrokken in de zeven four\u00adwheel\u00addrives die ze in de compounds roofden.<\/p>\n<p>Louws en de zijnen waren geschokt. Na het vorige incident had rebellenleider Minnie Mi\u00adna\u00adwi hun veiligheid gegarandeerd. Blijkbaar had hij geen controle over zijn mensen. De internationale organisaties, waaronder ZOA, trokken hun eenenzeventig hulpverleners terug. Alleen het Internationale Rode Kruis liet zijn post bemand. Zo goed en zo kwaad als dat kon, probeerden de lokale medewerkers van ZOA de scholen open te houden. Maar andere essenti\u00eble activiteiten \u2013 het vaccineren van dieren, het schoonmaken van de stad, de cursussen hygi\u00ebne \u2013 lagen volkomen plat.<\/p>\n<p>Ondanks de gevaarlijke situatie in Gereida weigerde Louws de moed op te geven. Maar de mogelijkheden om te werken zijn beperkt. In juni ging het ZOA-kantoor weer open, maar om veiligheidsredenen gaan de medewerkers niet meer over de weg. Ze vliegen nu twee keer per week vanuit Nyala per helikopter naar het kamp, kunnen daar alleen overdag blijven en rijden alleen nog rond in lokaal gehuurde, onopvallende auto\u2019s.<\/p>\n<p>\u2018Het aanhoudende geweld heeft onze mogelijkheden mensen te helpen aanzienlijk beperkt,\u2019 verzucht Louws. \u2018Je ziet de situatie alleen maar verslechteren.\u2019<\/p>\n<p>Cursussen hygi\u00ebne<\/p>\n<p>Ook Oxfam heeft grote problemen. Haar medewerkers wagen zich, mede op advies van de VN, nauwelijks nog op het platteland. Ze gaan sinds kort ook zo min mogelijk naar Kal\u00adma, het vluchtelingenkamp even buiten Ny\u00ada\u00adla, waar bijna 100.000 mensen zitten. De politie waagt zich er niet. Het is een vrijstaat waar de rebellen de baas zijn. Omdat de verschillende facties regelmatig onderling slaags raken, wordt de situatie in Kal\u00adma steeds gevaarlijker. In september beroofden twee mannen onder bedreiging van vuurwapens een medewerker van Ox\u00adfam in zijn auto. De overval vond midden op de dag plaats, in een overbevolkt kamp, terwijl iedereen toekeek. ?\u2018Dat maakte het incident juist zo angstaanjagend,\u2019 zegt Alun MacDonald van Oxfam. Toch zet Ox\u00adfam zijn activiteiten in Kalma zoveel mogelijk voort. \u2018We hebben vrijwilligers in het kamp opgeleid om de waterpompen te onderhouden. De bewoners hebben daardoor toch schoon drinkwater. Ook het transport van brandstoffen proberen we zoveel mogelijk door te laten gaan.\u2019 Maar net als in Ge\u00adrei\u00adda zijn de cursussen hygi\u00ebne stopgezet. En dat is volgens MacDonald zorgelijk: de kans op cholera, om maar een besmettelijke ziekte te noemen, neemt daardoor fors toe.<\/p>\n<p>Malariapieken<\/p>\n<p>De buitenlandse medewerkers van Artsen zonder Grenzen (AZG) werken bijna niet meer in de afgelegen gebieden van Darfur. Zij gaan nog wel naar Camp Kalma, maar daar wordt het voor AZG eveneens steeds moeilijker. De organisatie runt in het kamp een ziekenhuis waar ze per dag honderden pati\u00ebnten helpt. In augustus drongen vier mannen midden in de nacht dat complex van tenten en gebouwtjes binnen. Het ziekenhuis brandde voor de helft af. De massaal toegestroomde kampbewoners probeerden het vuur te blussen. De daders verdwenen spoorloos.<\/p>\n<p>\u2018Het kamp wordt langzaam gewurgd,\u2019 zegt de Zuid-Afrikaanse Vanessa van der Schoor, tot voor kort landenco\u00f6rdinator in Soedan voor Art\u00adsen Zonder Grenzen. \u2018Die brand was het werk van mensen die ons weg willen hebben.\u2019 Maar net als ZOA wil Artsen Zonder Gren\u00adzen in Darfur blijven. \u2018Met regelmaat hebben de autoriteiten gezegd dat de mensen terug naar hun dorpen moeten. Ze zeggen dat die alleen in de kampen blijven omdat de faciliteiten daar zo goed zijn. Maar waar moeten ze naar toe? Hun waterputten zijn vernield en de kans is groot dat ze bij terugkomst in hun dorp alsnog worden afgeslacht. We behandelen in de kampen nog steeds achtduizend mensen per dag. Onlangs brak er cholera uit. Er zijn malariapieken. Het is medisch gezien absoluut noodzakelijk in Darfur te blijven.\u2019<\/p>\n<p>Boodschappenautootje<\/p>\n<p>De hoofdstad Nyala gold tot nu toe als een oase van rust in Darfur. Je kon er als buitenlander rustig op straat lopen en op de markt inkopen doen. Maar ook in Nyala neemt het geweld toe. Vorig jaar augustus waren het nog \u2018onschuldige\u2019 demonstraties tegen de komst van de blauwhelmen. Voor het kantoor van Artsen Zonder Grenzen stond toen een meute demonstranten antiwesterse leuzen te roepen. De ruiten van een geparkeerde AZG-auto gingen aan diggelen. De politie keek glimlachend toe. \u2018We hebben de autoriteiten een protestbrief gestuurd,\u2019 zegt Van der Schoor. \u2018Het ging om ontspoorde jongeren, kregen we als antwoord. Vreemd, hoor. De bevolking in Nyala wordt strak in de hand gehouden. Demonstreren? Dat mag alleen als het regime het goed vindt.\u2019<\/p>\n<p>De afgelopen maanden wordt de stad regelmatig onveilig gemaakt door vuurgevechten op de markt en in de straten. Carjackings midden op de dag zijn geen uitzondering. ZOA-medewerker Arno Louws laat zijn in het oog lopende fourwheeldrive thuis staan en rijdt rond in een kleine Hyundai Atoz (\u2018zo\u2019n boodschappenautootje\u2019), omdat de strijdende partijen met dat ding in het ruige terrein niets kunnen aanvangen.<\/p>\n<p>Immoreel gedrag<\/p>\n<p>Hoe voorzichtig buitenlandse hulpverleners moeten zijn, bleek begin dit jaar. Op 19 januari hielden vijf medewerkers van de VN, zes van diverse Britse en Amerikaanse hulporganisaties en een aantal mensen van de Afrikaanse Unie een feestje in een compound van de America Refugee Council. Het moest een gezellige middag worden met muziek, eten en alcohol. Dat laatste is in Soedan streng verboden; het kan volgens de islamitische wetgeving bestraft worden met stokslagen.<\/p>\n<p>Tijdens het feest drongen militairen en politiemannen met veel geweld het huis binnen. Een medewerkster van Unicef, het kinderfonds van de VN, kon zich ternauwernood een paar verkrachters van het lijf houden. Anderen werden met geweerkolven in hun kruis geslagen. Vervolgens werden de twintig aanwezigen onder luid applaus van de omwonenden afgevoerd. De feestgangers waren betrapt op strafbaar immoreel gedrag, zei het Soedanese Openbaar Ministerie. Ze hadden niet alleen alcohol gedronken, er was ook een Soedanese vrouw in het huis aangetroffen, helemaal alleen, zonder mannelijke familiebegeleiding en dus zonder toezicht. Zondiger kon het nauwelijks.<\/p>\n<p>De inval verstoorde de verhoudingen tussen de VN, de hulporganisaties en de overheid grondig. \u2018Degenen die kwamen om anderen te helpen, zijn nu zelf doelwit geworden,\u2019 zei een boze ondersecretaris-generaal John Holmes in mei tegen de Veiligheidsraad.<\/p>\n<p>VN-medewerkster Carolien de Joode was tijdens de gebeurtenis in Nyala. \u2018Om de autoriteiten en de buitenwereld te laten zien dat het zo niet langer kon, hebben we drie dagen lang het werk neergelegd,\u2019 zegt ze vanuit Thailand, haar nieuwe post.<\/p>\n<p>Secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon heeft zich tot nu toe onthouden van scherpe kritiek op het regime in Khartoem. Wel stipte hij de inval aan in een vertrouwelijke brief aan Soedans president Al Bashir, aldus The Washington Post, die de brief in mei in handen kreeg. Bashir bleef onwrikbaar. In een eveneens vertrouwelijk antwoord schreef hij dat het VN-personeel zich niet aan Soe\u00addans islamitische wetgeving had gehouden; Ban Ki-moon kon de zaak beter laten rusten. Geen van de agenten of militairen kreeg een berisping: ze hadden immers de wet gehandhaafd.?De Joode, die in februari van dit jaar vertrok, voelde zich na het incident niet veilig meer. \u2018Elk moment kunnen er mannen je huis binnendringen. Ze kunnen met je doen wat ze willen en je weet dat je de politie niet om hulp hoeft te bellen, zeker als vrouw niet.\u2019<\/p>\n<p>Flesje zand<\/p>\n<p>Ook directeur Tineke Ceelen van Stichting Vluch\u00adte\u00adling kwam op hardhandige wijze in aanraking met het regime in Khartoem. In december 2004 ging zij met een groepje van vijf journalisten naar Darfur. Het probleem daarbij is altijd dat journalistenvisa nauwelijks worden afgegeven. Om dat te omzeilen, nam Cee\u00adlen de journalisten tijdelijk in dienst als \u2018media-consultants\u2019. De groep bezocht in Dar\u00adfur vluchtelingenkampen, nam uitgebreide interviews af met recente vluchtelingen en sprak met activisten op het gebied van mensenrechten. Er leek niets aan de hand. Tot de groep op het vliegveld van Nyala, wachtend op de terugreis, werd omsingeld door een groepje mannen. Ceelen: \u2018Van die types met slecht zittende pakken en foute zonnebrillen.\u2019 De mannen waren uit op problemen, dat was al snel duidelijk. Ze graaiden in de tassen, haalden uit een ervan dossiers van Am\u00adnes\u00adty en Hu\u00adman Rights Watch en bekeken die of het gevaarlijke vijandelijke contrabande was. Dat de stukken gewoon van het internet te downloaden waren, interesseerde hen niet. Ook een flesje met gekleurd zand dat een delegatielid voor zijn kinderen meenam, was verdacht. Cee\u00adlen en een van de journalisten moesten mee naar het hoofdbureau van de geheime dienst, de Muk\u00adha\u00adba\u00adrat. Daar bekeken agenten urenlang de video-opnamen die de groep had gemaakt. Er zaten ook beelden tussen van de aankomst op het vliegveld van Ny\u00ada\u00adla. De cameravrouw van het gezelschap was door de piloot uitgenodigd voor een kijkje in de cockpit en had ingezoomd op legerhelikopters die gebruikt werden bij de etnische zuiveringen. \u2018Dat was dus achteraf niet slim,\u2019 zegt Ceelen. Ook waren er opnamen gemaakt van een anti-kidnaptraining bij een hulporganisatie en van de gesprekken met vluchtelingen.<\/p>\n<p>Ceelen, haar collega van Stichting Vluch\u00adteling en twee van de vier journalisten werden beschuldigd van spionage. De doodstraf dreigde. Pas na veel diplomatieke druk mochten ze gaan. Maar ze moesten wel voor een videocamera toegeven dat ze zich schuldig hadden gemaakt aan spionage en hoogverraad. Die beelden werden later gebruikt in een propagandafilmpje op de nationale Soedanese televisie dat moest aantonen hoe doortrapt westerse hulpverleners te werk gaan.<\/p>\n<p>Ceelen kijkt met gemengde gevoelens terug op de affaire. \u2018Natuurlijk hadden we gewoon persvisa moeten aanvragen,\u2019 zegt ze. Maar het incident laat volgens haar ook zien hoe sluw de Soe\u00adda\u00adne\u00adse overheid opereert. \u2018Ze jagen je de schrik op het lijf en sturen je van het kastje naar de muur. Zo slagen ze erin journalisten ver weg te houden van Darfur. Dat is een belangrijke reden waarom Darfur internationaal nooit echt een verhaal is geworden.\u2019<\/p>\n<p>Persona non grata<\/p>\n<p>Het is niet alleen het voortdurende en van alle kanten komende geweld dat het hulpverleners steeds moeilijker maakt hun werk te doen. De Soedanese overheid heeft veel te verbergen. Volgens verschillende rapporten van de Verenigde Naties is het regime namelijk zelf direct verantwoordelijk voor de etnische zuiveringen en massaslachtingen in Darfur. Dat wil dat regime uiteraard niet horen, en dus wordt het buitenlandse pottenkijkers zoals hulpverleners en journalisten zo moeilijk mogelijk gemaakt Darfur binnen te komen.<\/p>\n<p>Dat is tot nu toe goed gelukt. Pas in april 2004, een jaar nadat de etnische zuiveringen begonnen, mochten de internationale organisaties Darfur in. Ook nu nog worden allerlei obstakels opgeworpen. Werk\u00adver\u00adgun\u00adnin\u00adgen, (uit)reispapieren, toestemming voor het inhuren van lokaal personeel, visa: voor alles is een papier nodig. Bureaucratische procedures duren soms maanden. Bij de hulporganisaties doen hele afdelingen niets anders dan controleren of de juiste documenten zijn ingevuld, voldoende pasfoto\u2019s zijn bijgevoegd, handtekeningen op de juiste plaats staan. Voor al die paperassen moet flink worden betaald: de ngo\u2019s spekken ook nog eens de kas van het regime. En als een organisatie in de pers onwelgevallige dingen zegt (zoals onlangs de directeur van het International Res\u00adcue Com\u00admittee over de nog steeds voortdurende verkrachtingen), zorgt dat direct voor nog verdere vertraging in de afgifte van visa.<\/p>\n<p>Wie iets verkeerds zegt, kan ook het land worden uitgezet. Dat ondervond zelfs Jan Pronk, de spe\u00adci\u00ada\u00adle vertegenwoordiger van de VN, toen hij in oktober vorig jaar tot persona non grata werd verklaard. Zijn zaak staat niet op zichzelf. In 2004 werden de directeuren van Ox\u00adfam en Save the Child\u00adren gesommeerd Soe\u00addan te verlaten omdat ze met hun uitspraken de rebellen zouden steunen. In november 2006 moest de staf van de Nor\u00adwe\u00adgian Re\u00adfu\u00adgee Coun\u00adcil vertrekken op beschuldiging van spionage en samenzwering met de vluchtelingen in Camp Kal\u00adma. De organisatie zou ook \u2018ten onrechte\u2019 regelmatig in rapporten melding hebben gemaakt van verkrachtingen. Dit jaar werden drie VN-medewerkers het land uitgezet. Een van hen, de hoogste veiligheidsmedewerker in Dar\u00adfur, had gewaarschuwd voor mogelijke aanvallen van Al Qaida. In 2007 werden ook de directeur van de hulporganisatie Care, de ambassadeur van Ca\u00adna\u00adda en de vertegenwoordiger van de Eu\u00adro\u00adpe\u00adse Com\u00admis\u00adsie tot persona non grata verklaard.<\/p>\n<p>VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon heeft tijdens zijn recente bezoek aan president Bashir zijn bezorgdheid uitgesproken over de uitzettingen. Maar verdere maatregelen overwegen de Verenigde Naties vooralsnog niet.<\/p>\n<p>Spagaat<\/p>\n<p>Terugkijkend is het een klein wonder dat Art\u00adsen zonder Grenzen nog steeds actief is in Dar\u00adfur. AZG bracht in 2005 een geruchtmakend rapport uit over verkrachtingen door Janjaweed en militairen. Twee AZG-me\u00adde\u00adwer\u00adkers werden opgepakt op verdenking van spionage en het ondermijnen van de staat door het verspreiden van valse informatie. \u2018Er werd fijntjes bij gezegd dat daarop de doodstraf stond,\u2019 zegt Vincent Hoedt, een van de twee gearresteerden die tegenwoordig op het hoofdkantoor van de organisatie in Amsterdam werkt. \u2018Over die aanklacht kan ik nu lachen, maar destijds was dat toch echt minder grappig.\u2019 Na een paar weken niks doen en veel internationale druk werden de aanklachten ingetrokken en konden Hoedt en zijn collega naar huis.<\/p>\n<p>Uit angst de verhoudingen met de agressieve en snel geprikkelde Soedanese machthebbers te verstoren, zijn de meeste organisaties huiverig om openlijk stevige kritiek te leveren. \u2018Het is een moeilijke spagaat,\u2019 schetst Alun MacDonald van Oxfam het dilemma. \u2018Je kan niet over alles zwijgen wat je ziet. Maar je moet ook rekening houden met de mensen in het veld, vooral met je lokale medewerkers. En met de vluchtelingen die van je hulp afhankelijk zijn.\u2019 Dus zoeken hulpverleners naar andere wegen om gevoelige zaken naar buiten te brengen. Ze leggen bijvoorbeeld contact met journalisten en spelen dan onderhands de informatie door, aldus een anonieme bron.<\/p>\n<p>Het geweld tegen hulpverleners in Dar\u00adfur is nog nooit zo ernstig geweest als nu. Er zijn dit jaar al 98 auto\u2019s gestolen, 105 stafleden zijn tijdelijk gekidnapt en 66 hulpverleners fysiek of seksueel aangerand. Verder werden 61 konvooien aangevallen en geplunderd. Diverse hulporganisaties hebben inmiddels Darfur verlaten. M\u00e9decins du Monde vertrok als eerste, in januari 2007. Ook het katholieke Caritas liet weten zijn mensen voorlopig uit Darfur terug te trekken. En Alun MacDonald van Oxfam acht de situatie zo onveilig dat voor zijn organisatie \u2018het punt nadert dat we niet meer in Darfur kunnen werken\u2019.<\/p>\n<p>Van de komst van de blauwhelmen verwachten de hulpverleners niet veel. \u2018Darfur is zo groot dat ook 20.000 vredestroepen niet overal voor veiligheid kunnen zorgen,\u2019 zegt Louws van ZOA. Van der Schoor van AZG is al even sceptisch: \u2018Als de strijdende partijen dat niet willen, zal ook de nieuwe legermacht het moorden niet kunnen stoppen.&#8217;<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Hulporganisaties hebben het moeilijk in Darfur. Ze komen nauwelijks meer het veld in door voortdurende gevechten, medewerkers worden gekidnapt en soms zelfs aangerand. Hulpverleners over de schaduwkanten van hun werk: \u2018Elk moment kunnen er mannen je huis binnendringen.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[193,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Harm Ede Botje","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/112899"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=112899"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/112899\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Harm Ede Botje","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=112899"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=112899"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=112899"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}