
 {"id":112363,"date":"2007-11-17T00:00:00","date_gmt":"2007-11-16T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-groene-avant-garde\/"},"modified":"2007-11-17T00:00:00","modified_gmt":"2007-11-16T22:00:00","slug":"de-groene-avant-garde","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-groene-avant-garde\/","title":{"rendered":"De groene avant-garde"},"content":{"rendered":"<p>Reportage \/ Overheidsfinanciering van duurzame projecten<\/p>\n<p>Strak staan de zeventien molens van windpark Kubbeweg in het gelid. Als windenergie ergens een natuurlijke plek heeft, is het hier in het geometrische nieuwe land van de Flevopolder. Alleen de metalen trappen die naar de toegangsdeur voeren, doen lichtjes afbreuk aan de symmetrie van het boerenland bij Biddinghuizen. Frits Iordens, de man achter het park, kan verklaren waarom de ingang een stuk boven het maaiveld zit. Tien jaar is hij bezig geweest met de totstandkoming van de windmolenpark, bij de opening in 2006 het grootste private park van Nederland. \u2018Als we dat van tevoren hadden geweten, hadden ze ons wel kunnen opnemen,\u2019 zegt Iordens met een glimlach. \u2018Toen de molens na al die jaren geleverd werden, waren ze zevenenzestig meter hoog. De vergunning was afgegeven voor zeventig meter. Om te voorkomen dat omwonenden een grond hadden om de turbines alsnog weg te krijgen, hebben we er maar drie meter onder gezet.\u2019<\/p>\n<p>VN is naar Biddinghuizen afgereisd op aanraden van SenterNovem. Dit agentschap van het Ministerie van Economische Zaken heeft als missie de Nederlandse economie een \u2018duurzame basis\u2019 te geven. Ongeveer anderhalf miljard deelt SenterNovem jaarlijks aan subsidies uit. Per 2008 neemt de organisatie ook het beheer van de roemruchte ?MEP (Milieukwaliteit Elektriciteitsproductie) over. Die subsidieregeling voor producenten van groene stroom is in augustus 2006 onder een storm van protest stopgezet, maar de eerder aangegane verplichtingen lopen nog jaren door. SenterNovem is dan helemaal de grootste geldverdeelmachine van het rijk op duurzaamheidsgebied.<\/p>\n<p>Al dat geld voor groene innovatie moet bijdragen aan het halen van de ambitieuze doelen van dit kabinet. In het toekomstvisioen van Balkenende IV wordt in 2020 twintig procent van de energie duurzaam geproduceerd, bijna tien keer zo veel als nu. En de CO2-uitstoot wil minister Cramer volgens haar werkprogramma \u2018Schoon en zuinig\u2019 met maar liefst dertig procent laten dalen.<\/p>\n<p>SenterNovem heeft als opdracht die vergezichten dichterbij te brengen. Maar hoe welbesteed zijn alle subsidies die het uitdeelt? Het agentschap wijst desgevraagd onder meer naar het project op de Kubbeweg.<\/p>\n<p>Zwaar bestaan<\/p>\n<p>Frits Iordens is blij met de steun van SenterNovem. \u2018Dit park was er nooit geweest zonder overheidssubsidie. De wind blijft gratis waaien en als andere energiedragers duurder worden, komt er ergens een moment dat windenergie concurrerend is. Maar zover is het nog niet.\u2019 In zijn kantoor met een bordje \u2018Stormhuis\u2019 op de deur laat hij op een computerscherm zien hoe de molens op dat moment draaien. De opbrengst van het park is op deze windstille dag negatief. De molens gebruiken stroom voor hun computers en motoren. Nu mogen ze dan stilstaan, op jaarbasis levert de Kubbeweg de stroom voor een stad als Lelystad.<\/p>\n<p>Voor het zover was, heeft Iordens een lange strijd geleverd, met jaloerse boeren uit de omgeving en met financiers. \u2018We hebben ongeveer met alle banken in Nederland contact gehad. Banken met een groen imago als de Triodosbank of de ASN zijn te klein voor dit project. Bij de grote banken kom je terecht op de afdeling projectontwikkeling. Daar moet er net iemand zijn de knowhow heeft over windenergie. Bij de ABN Amro hadden ze dat bijvoorbeeld niet.\u2019<\/p>\n<p>Uiteindelijk is Iordens, die zelf vroeger bij ABN Amro werkte, er met de Rabobank uitgekomen. Hij trekt het project samen met Gert-Jan van Tilburg. Die had een kleine molen op zijn erf staan en vertelde aan Iordens hoe mooi dat was. Samen richtten ze de Stichting Ontwikkeling Windenergie op. Hun belangrijkste motief was een nieuwe bron van inkomsten aan te boren voor de landbouwers, vertelt Iordens. \u2018Nu gaat het weer iets beter in de tarwe, maar de boeren hebben een zwaar bestaan met wisselende inkomsten.\u2019<\/p>\n<p>De twaalf families aan de Kubbeweg hebben allemaal een stukje van hun grond beschikbaar gesteld. Iordens zelf zit voor een gelijk deel in de BV die het park exploiteert. Niet dat hij daar dikke winst mee maakt. \u2018Onze stroom is eigenlijk niet veel waard. De marktprijs is erg afhankelijk van de leveringszekerheid. Stroom uit een windmolen is onvoorspelbaar.\u2019<\/p>\n<p>Ruim twee eurocent per kilowattuur vangt het windpark. Dat zou van geen kanten rendabel zijn, als er geen MEP-subsidie van bijna acht cent bovenop kwam. Volgens een ruwe schatting van het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) is de kostprijs van windenergie vier \u00e0 vijf eurocent per kilowattuur. De Kubbeweg produceert ongeveer tachtig miljoen kilowattuur per jaar. Een simpel sommetje geeft jaarlijks een slordige vier miljoen euro winst.<\/p>\n<p>Zo rekenen we de Kubbeweg ten onrechte rijk, vindt Iordens. \u2018Met de opbrengsten zijn we in de eerste jaren vooral bezig onze schulden af te betalen. En de MEP houdt op een gegeven moment op.\u2019 Als er geen nieuwe subsidie komt, is het gedaan met het park, vreest hij. \u2018Zo\u2019n apparaat is gebouwd voor twintig jaar. Het zou toch te zot voor woorden zijn als je die na zeven, acht jaar naar de schroothoop moet brengen? Niet echt duurzaam. Dat dreigt wel.\u2019<\/p>\n<p>Bureaucraten<\/p>\n<p>Terwijl Iordens zijn bangste dromen uitspreekt, komt zijn partner Gert-Jan van Tilburg binnengestormd. Het leven van een duurzame ondernemer gaat niet over rozen, vindt ook hij. \u2018Ik zit nu in de biomassa. Daar word je helemaal gefrustreerd van. Je moet zo\u2019n dikke huid hebben om het vol te houden en de vergunningen rond te krijgen.\u2019<\/p>\n<p>Van Tilburg is bezig met het bouwen van een biomassacentrale in Hattemerbroek. Daar wil hij afvalhout verstoken. Waar hij nu mee worstelt, is de milieuvergunning. \u2018Daarvoor moet je bij de provincie of de gemeente zijn. Dat hangt ervan af of het afval is of niet. Wij gaan hout stoken in de vorm van chips. Voorbewerkt spul dat je inkoopt van een bedrijf. Dat is geen afval, besloten ze in al hun wijsheid bij de provincie, augustus vorig jaar. Wij startten toen het hele circus bij de gemeente. Maar in februari werd ik gebeld dat het toch afval was. We zijn een half jaar beziggeweest voor Jan met de korte achternaam. Dat heeft ons een investering van twee ton gekost.\u2019<\/p>\n<p>Bureaucraten bij de lagere overheden. En wispelturige politiek op nationaal niveau. Dat zijn de grootste problemen waar de ondernemers in duurzaamheid van de Kubbeweg mee kampen. Wat Iordens verder dwarszit is de overdreven aandacht voor wind op zee. Dat gaat door voor spannender en vernieuwender. \u2018Ik heb twee bezwaren tegen offshore. Er gaat heel veel geld naartoe. En je zet een stuk maagdelijke natuur vol met van die palen. Omdat er op het vasteland te veel protesten zijn. Achter de horizon is beter. Dat getuigt niet van een diepgaand milieubesef.\u2019<\/p>\n<p>Winderige maanden<\/p>\n<p>De eerste proeftuin van wind op zee in Nederland is het park dat voor de kust van Egmond ligt. In een dwarsstraatje op een desolaat industrieterrein in IJmuiden zit de operatiekamer van beheerder NoordzeeWind, een samenwerkingsverband van Shell en Nuon. Het is een doodgewoon kantoor met een handjevol pc\u2019s. De tijd van de regelkamers is voorbij, licht directeur Huub den Rooijen toe. Iedere werknemer kan op zijn laptopje inloggen op het controlesysteem dat alle meetgegevens bijhoudt van de zesendertig molens. \u2018Maar op mooie dagen zijn er soms wel vier onderhoudsploegen aan het werk. De turbines draaien ruwweg drieduizend uur op vol vermogen. Als een auto zoveel uur op volle kracht rijdt, zou die zeker vierhonderdvijftigduizend kilometer per jaar afleggen. Dat zo\u2019n auto onderhoud nodig heeft, geloof je wel. Die molens hebben liefde en aandacht nodig, en dan geven ze ons de schoonste stroom van Nederland terug.\u2019<\/p>\n<p>In 2002 schreef de Nederlandse overheid een competitie uit voor een grootschalig windpark op zee. NoordzeeWind vroeg zevenentwintig miljoen subsidie en won. Daarna is het drie jaar bezig geweest de vergunningen rond te krijgen. Op tweede Paasdag 2006 werd de eerste funderingspaal geslagen. De laatste turbine is geplaatst rond de Kerst.<\/p>\n<p>En nu loopt het lekker, vindt den Rooijen. \u2018Over de eerste helft van het jaar ligt onze productie op schema, geholpen door de winderige januari- en februarimaanden. Maar ook in de drie maanden daarna hebben we meer productie gehaald dan voorzien.\u2019<\/p>\n<p>Precieze productiecijfers wil de door Shell aan NoordzeeWind uitgeleende directeur niet geven. \u2018We gaan ze openbaren, maar nu nog niet.\u2019 Voorlopig houdt hij het op een jaarcijfer van driehonderddertig tot driehonderdzestig miljoen kilowattuur, de stroom voor honderdduizend huishoudens. \u2018De ervaring heeft geleerd dat er nogal wat kinderziektes kunnen voorkomen. Als je geweldig van de toren begint te blazen, krijg je de halve wereld over je heen als het even tegenzit.\u2019<\/p>\n<p>Hier heb je een cheque<\/p>\n<p>Naast de zevenentwintig miljoen die Noord\u00adzeeWind voor de bouw van het park toucheerde, profiteert het ook van de MEP. Voor wind op zee is de vergoeding bijna tien eurocent per kilowattuur. Bij de beoogde productie is dat jaarlijks ongeveer vijfendertig miljoen euro.<\/p>\n<p>De totale kosten voor het ontwikkelen, ontwerpen en bouwen van het park bedroegen tweehonderd miljoen euro. Om het rekensommetje compleet te maken, zijn nog de kosten nodig om het park in bedrijf te houden. Den Rooijen: \u2018Die hebben we niet gepubliceerd, en dat willen we graag even zo houden. Ik wil er niet al te mystiek over doen, maar het zijn geen heel grote bedragen.\u2019<\/p>\n<p>Toegeven dat NoordzeeWind boven de streep eindigt, wil Den Rooijen wel. \u2018We verwachten absoluut dat het uiteindelijk rendabel voor ons is. Anders hadden we er niet in ge\u00efnvesteerd. Dat kun je niet aan je aandeelhouders verantwoorden.\u2019<\/p>\n<p>En als de productie hoger uitvalt dan begroot? \u2018Aan de eind van de rit, in 2016, maakt de overheid de balans op. Ik heb altijd gezegd in discussies met SenterNovem: het zal een grote vreugde zijn als ik kan zeggen: hier heb je een cheque, we hebben te veel subsidies gekregen. De kans daarop is helaas klein.\u2019<\/p>\n<p>In offshore windenergie zit muziek, denkt Den Rooijen. Want op zee waait de wind harder en in ons overvolle land wordt het protest tegen windmolenparken steeds feller. Alle reden om experimenten met wind op zee als overheid te stimuleren, vindt de Shell-man. \u2018Het is een relatief jonge technologie. Innovatie is hard nodig om de betrouwbaarheid en de kosten omlaag te krijgen. Door heel veel te monitoren en te meten, kan een technologie met sprongen vooruit gaan.\u2019<\/p>\n<p>Makkelijk verdiend<\/p>\n<p>Niet iedereen is zo enthousiast. Een van de grootste windologen van Nederland is Jaap Langenbach. Op zijn website Windservice Holland verzamelt hij alle informatie die maar te vinden is over windenergie. Bij de tabel met de prestaties van Deense windzeeparken merkt hij op dat de Denen trots zijn op hun productiecijfers, terwijl Noord\u00adzeeWind ze niet wil geven. Aan de telefoon licht Langenbach toe dat hij hun schatting van driehonderddertig tot driehonderdzestig miljoen kilowattuur nogal voorzichtig vindt. Hij verwacht dat ze zeker boven de vierhonderd miljoen uitkomen. Dat betekent dat ze nog meer uit de MEP-pot gaan incasseren. \u2018Ik wou dat ik het zo kon verdienen. Belachelijk.\u2019 Voor hetzelfde geld dat aan MEP-subsidies is uitgedeeld, zou naar zijn inschatting twee keer zo veel windvermogen gebouwd kunnen zijn.<\/p>\n<p>Een verdubbeling van windenergie is precies wat minister Cramer wil. Dat is volgens Langenbach een eenvoudig kunstje. Ook zonder offshore wind. Er liggen genoeg plannen van projectontwikkelaars klaar. Maar die blijven, nu de MEP is stopgezet voor nieuwe projecten, op de plank liggen. Het wachten is op een nieuwe, ditmaal sobere en effici\u00ebnte subsidieregeling.<\/p>\n<p>Die  heeft minister van Economische Zaken Van der Hoeven op 31 oktober in het Staats\u00adblad gepubliceerd: de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE). Maar het budget dat er in de miljoenennota voor is gereserveerd, is tamelijk bescheiden. Het is te weinig, vindt niet alleen Langenbach maar ook het ECN. Een substantieel aandeel hernieuwbare elektriciteit is er niet haalbaar mee, schreef het ECN op Prinsjesdag. Vorige week maakte Van der Hoeven trots bekend dat ze met haar collega van financi\u00ebn een akkoord heeft bereikt. Het voor de SDE beschikbare bedrag loopt op van tien miljoen euro in 2008 tot 336 miljoen in 2015. Bij het ECN durven ze desgevraagd niet meteen te zeggen of dit wel genoeg is. Maar het is zonneklaar dat de SDE een trage start maakt en het budget alleen toereikend is als de Europese Unie een fors klimaatbeleid gaat voeren en een hoge prijs aan CO2-uitstoot hangt.<\/p>\n<p>Zonnestroom promoten<\/p>\n<p>Een lichtpuntje voor de aanhangers van duurzame energie is de aankondiging in \u2018Schoon en Zuinig\u2019 van een stimuleringsregeling voor zonne-energie. In 2003 was die er even. Met groot succes. Toen de bodem van het geldpotje snel in zicht kwam, werd hij weer afgeschaft. De zonne-energielobby pleit al jaren voor een nieuwe regeling en wijst daarbij naar buurlanden Belgi\u00eb en Duitsland. Daar wordt zonnestroom gesubsidieerd en groeit de markt razendsnel.<\/p>\n<p>De Duitse regeling is de Erneuerbare Ener\u00adgien Gesetz. Die regelt niet alleen subsidie voor de consument die zonnepanelen op zijn dak wil leggen, maar voor alle vormen van duurzame elektriciteitsopwekking. In een trots evaluatierapport vermeldt de Duit\u00adse overheid dat het aandeel groene stroom in zes jaar tijd meer dan verdubbeld is, tot twaalf procent. Dat is twee keer zo hoog als in Ne\u00adder\u00adland. Het percentage zonnestroom is bij de oosterburen zelfs het achtvoudige. En dat terwijl de regeling meer baten dan kosten heeft. Want tegenover de drie miljard subsidiegeld staat een groter bedrag aan opbrengsten door vermeden schade aan de luchtkwaliteit en het klimaat.<\/p>\n<p>Axel Sch\u00f6necker wijst met plezier op dit rapport. Als hij iets kan doen om zonne\u00adstroom te promoten, zal hij het niet laten. De Duitser promoveerde in 1994 in Freiburg op zonne-energie. Het ECN vroeg hem toen voor een postdocplaats naar Petten te komen. Vlakbij de Noordzeekust werken, dat zag de windsurfer wel zitten. Hij is hier blijven plakken en leidt nu een project dat de productieprijs van zonnecellen met een nieuwe technologie flink moet doen dalen. In een hal op een industrieterrein in Broek op Langedijk bouwt Sch\u00f6necker als directeur van het bedrijf RGS Development het prototype van de machine waar, als alles goed gaat, straks half zo dure zonnecellen uit komen gerold.<\/p>\n<p>Met de geluiden van de bouwplaats op de achtergrond geeft Sch\u00f6necker een college zonne-energie. Het gebied waar zonnestroom kan concurreren met gewone elektriciteit breidt zich als een golf uit het zuiden over heel Europa uit. Want de kostprijs van zonne-energie daalt al decennialang volgens een ijzeren wetmatigheid. Tegen 2020 is deze duurzame energievorm ook in minder zonovergoten gebieden als Nederland voor de consument net zo goedkoop als stroom uit het stopcontact.<\/p>\n<p>In die verwachting groeit de wereldmarkt voor zonnecellen met meer dan veertig procent per jaar. \u2018Een vreselijke uitdaging,\u2019 vindt Sch\u00f6necker. \u2018Een normale industrie heeft al moeite met tien procent groei. De mensen die al lang in de zonne-energie zitten, hebben hier altijd op gewacht. Er ligt nu een unieke kans een enorme productiegroei en daling van de kosten te realiseren.\u2019<\/p>\n<p>IJsfilm van silicium<\/p>\n<p>Een schaduwkant van de explosieve groei is een gillend tekort aan bewerkt silicium. Daar worden zonnecellen nu meestal van gemaakt. Silicium is een element dat voorkomt in de vorm van zand. Maar het moet eerst gezuiverd worden tot spul dat de vaklieden solar grade silicium noemen. Daar maak je plakken van die ongeveer vijftien bij vijftien vierkante centimeter groot zijn en twee\u00ebnhalf tot drie tiende millimeter dik, zogeheten wafers. De gangbare methode is het silicium in ovens te smelten, in blokken te gieten en daar de wafers uit te zagen. Een omslachtig proc\u00e9d\u00e9. Je moet veel ovens neerzetten om een behoorlijke productie te halen. Ook raak je bij het zagen meer dan de helft van het silicium kwijt.<\/p>\n<p>De kosten van dit proces kan de nieuwe methode van RGS Development halveren. Het werkt zo. Je giet gesmolten silicium in een bakje. Je trekt er een koele band onderdoor. En daarop groeit een ijsfilm van silicium.  Al sinds 2001 werkt Sch\u00f6necker aan het ontwikkelen van deze techniek. Hij denkt dat de finish eindelijk in zicht is. De technologie is in het laboratorium getest en succesvol gebleken. Nu wordt het prototype van de machine gebouwd. Het zijn spannende tijden voor Sch\u00f6necker. \u2018Als we de machine aan de praat krijgen, is commerci\u00eble productie mogelijk.\u2019<\/p>\n<p>RGS Development krijgt subsidie van Sen\u00adter\u00adNovem uit het inmiddels be\u00ebindigde Eco\u00adnomie, Ecologie en Technologie-programma. \u2018Ongeveer veertig procent van het totale projectbudget wordt door SenterNovem gefinancierd,\u2019 vertelt Sch\u00f6necker. \u2018Voor deze fase van het project, van 2004 tot het eind van het jaar, is dat totale budget elf miljoen. Maar ik denk dat we de komende jaren nog flink in de ontwikkeling moeten financieren.\u2019<\/p>\n<p>Zeker vier miljoen steekt de Nederlandse overheid dus in deze ontwikkeling. Maar uiteindelijk strijken de commerci\u00eble partijen waarmee het ECN in RGS Development samenwerkt \u2013 het Nederlandse Sunergy Investco en Deutsche Solar \u2013 de winst op als de techniek werkt. \u2018Natuurlijk is dat zo,\u2019 erkent Sch\u00f6necker. \u2018Maar zestig procent wordt vanuit de industrie betaald. Het grote voordeel van zo\u2019n subsidieprogramma is dat je het investeringsrisico verlaagt. Je kunt net \u00e9\u00e9n technologiestap verder nemen dan een normaal bedrijf zou doen.\u2019 Of de commerci\u00eble partijen de sprong anders niet hadden gewaagd, durft Sch\u00f6necker niet met zekerheid te zeggen. \u2018Maar het was zeker een heel belangrijke ondersteuning om de drempel te nemen. Een tijdhorizon van zeven \u00e0 acht jaar is in de industrie ongebruikelijk. Als Nederland een kenniseconomie wil zijn, dan zijn dit soort middelen absoluut nodig.\u2019<\/p>\n<p>Kokende koelpot<\/p>\n<p>Wind, zon en biomassa. Wie de belangrijkste opties op het gebied van duurzame energie moet noemen, komt met dit rijtje. Voor biomassa adviseert SenterNovem een kijkje te nemen bij Biogast. Dat bedrijf houdt kantoor in een statig pand in Haarlem. Directeur Maarten Bouwer studeerde werktuigbouwkunde in Delft. Achttien jaar geleden begon hij voor zichzelf met een adviesbureau. Op een mooie dag stuitte hij op de mogelijkheid groen aardgas te maken. Daar was alom enthousiasme over. Maar de partij die de fabriek wilden neerzetten en exploiteren ontbrak, constateerde Bouwer. \u2018Wij vonden het zo leuk dat we besloten het zelf te doen.\u2019<\/p>\n<p>Biogast maakt aardgas uit biogas. Dat komt bijvoorbeeld vrij bij rioolzuiveringsinstallaties. Meestal wordt het verbrand in een warmtekrachtkoppelingsinstallatie, waarbij elektriciteit en warmte wordt opgewekt. Maar het is beter er aardgas van te maken, vindt Bouwer. \u2018Als je er elektriciteit van maakt, komt warmte vrij. Wanneer je die warmte allemaal kunt gebruiken, heb je een mooi rendement. Maar dit soort installaties staat zelden op een plek waar je warmte kunt gebruiken, bijvoorbeeld bij een tropisch zwemparadijs. Op de meeste plekken heb je er hartje zomer niets aan. Veel warmte wordt gewoon weggegooid.\u2019<\/p>\n<p>Dat het werkt om groen gas te maken, heeft Biogast gedemonstreerd bij de rioolzuivering van Beverwijk. Voor het opzetten van de demonstratiefabriek, de eerste in Nederland, heeft het bedrijf zo\u2019n twee ton subsidie gekregen van SenterNovem.<\/p>\n<p>Nu het experiment is geslaagd, brengt Biogast het concept elders zonder staatssteun aan de man. Op vier locaties bij waterzuiveringen. En twee bij boeren. Bouwer licht toe: \u2018Bij een boerderij kun je de mest in een vergister gooien. De rioolzuivering voor dieren is dat in feite.\u2019<\/p>\n<p>Het klinkt als het ei van Columbus: van rioolwater en mest groen gas maken. Dat Biogast als eerste in de gat in de markt sprong, verklaart Bouwer zo: \u2018De energiewereld bestaat uit partijen die denken in miljoenen of liever nog miljarden kubieke meter gas, miljoenen liters diesel en benzine. Voor hen is het niet interessant een paar ton op tafel te leggen. Ze zijn niet gericht op kleinschaligheid, dat kunnen ze niet.\u2019<\/p>\n<p>Zo\u2019n fabriekje voor groen gas heeft een bescheiden opbrengst. Maar als je alle plekken waar je er een kunt neerzetten benut, tellen alle beetjes op tot imposant geheel. Bouwer: \u2018Als de landbouwvergisters ook gaan meedoen, zijn het honderden plekken in Nederland. In totaal kun je ongeveer een miljoen huishoudens van groen gas voorzien. En dat zonder biomassa te importeren uit het buitenland. Zonder palmolie, die misschien de voedselketen blokkeert. Je doet het met mest- en rioolvergisting, resten van de voedingsmiddelenindustrie en bermgras, allemaal afvalstromen die we in Nederland al hebben.\u2019<\/p>\n<p>In de nieuwe Stimuleringsregeling Duur\u00adzame Energie is tot vreugde van Bouwer ook een plekje ingeruimd voor groen gas. \u2018Dat is nu eindelijk een opening die we na vier jaar bereikt hebben. Dan is er een gelijk speelveld. Dat was enorm nodig. Een boer die van zijn biogas elektriciteit wilde maken, kreeg MEP-subsidie. Maar als hij voor groen gas koos, ving hij niets. Dat was dus een besluit van vijf seconden.\u2019 Als een boer aan gas net zoveel kan verdienen, zal hij daarvoor kiezen, denkt Bouwer. Want de installatie om groen gas te maken, zorgt voor minder lawaai. Bovendien is er minder uitstoot van stikstof- en zwaveloxiden. Dat maakt het krijgen van vergunningen makkelijker. En je hoeft geen koelwater in de sloot te lozen. \u2018Boeren vinden het vervelend rond een kokende koelpot te staan.\u2019<\/p>\n<p>Het is goed dat de SDE-regeling er komt, vindt de directeur van Biogast. Maar hij vreest dat het nog wel eventjes duurt voordat de aanmelding is geopend en de gelden zijn toegekend. \u2018Dat remt geweldig. Doodzonde. Want de boeren zijn er klaar voor.\u2019<\/p>\n<p>Bouwer geeft nog een ander voorbeeld van hoe sloom de overheid opereert. \u2018Land\u00adbouwvergisters mogen bij boerenbedrijven niet groter zijn dan een bepaald volume. Daarboven is het industrie en gelden heel andere regels. Dat legt beperkingen op. In Duitsland en Denemarken zijn die er niet. Maar het duurt in Nederland gewoon eindeloos voordat we zorgen dat er ook grotere vergisters mogen komen.\u2019<\/p>\n<p>Ook vindt hij dat de overheid een te groot gedeelte van haar geld in innovatie stopt. \u2018We kijken telkens naar de volgende generatie technologie, niet wat er vandaag mogelijk is. Als we de transitie naar een duurzame samenleving willen maken, moeten we vandaag gaan lopen.\u2019<\/p>\n<p>De exegeten van windenergie, zonne\u00adstroom en biomassa laten geen onvertogen woord horen over SenterNovem. Je bijt de hand die je voedert niet. Bovendien heeft het agentschap niet veel meer speelruimte dan het uitvoeren van de regelingen van hogerhand. Maar de duurzame ondernemers vinden elkaar wel in hun verzet tegen het telkens veranderende subsidiestelsel en in hun verlangen harder te lopen dan de overheid. In de woorden van Bouwer: \u2018Nederland praat te veel en doet te weinig. Als je denkt aan waar we in 2020 willen staan qua hoeveelheid duurzame energie, zijn het pindaatjes die we hebben gekregen op Prinsjesdag. Daarmee kun je het niet voor elkaar krijgen. We zijn niet in staat om twintig jaar vooruit te kijken en na te denken wat je nodig hebt om die beweging te maken. Dat is een kwestie van miljarden, maar ook van veel daadkracht.\u2019<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Duurzaamheid loont. Maar nu nog even niet. Om wind, zon en biomassa het broodnodige steuntje in de rug te geven, spendeert de overheid miljarden. Doet ze dat duurzaam? Een rondgang langs windparken, een zonnecelfabriek in oprichting en een biogasproducent. \u2018De boeren zijn er klaar voor.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[421,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Tomas Vanheste","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/112363"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=112363"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/112363\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Tomas Vanheste","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=112363"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=112363"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=112363"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}