
 {"id":108671,"date":"2008-03-29T00:00:00","date_gmt":"2008-03-28T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/onschuld-reformatie-en-verleiding\/"},"modified":"2008-03-29T00:00:00","modified_gmt":"2008-03-28T22:00:00","slug":"onschuld-reformatie-en-verleiding","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/onschuld-reformatie-en-verleiding\/","title":{"rendered":"Onschuld, Reformatie en verleiding"},"content":{"rendered":"<p>Schilderkunst Lucas Cranach in Londen<\/p>\n<p>Bomen vol blozende rijpe appels, het sappige groene gras bezaaid met rode en witte bloemen, struiken die vol in bloei staan en druiven die in volle trossen aan de ranken hangen. En dit is alleen nog maar de vegetatie op het frivole schilderij De Gouden Tijd van Lucas Cranach. De mensen die erop staan, zijn zorgeloos bloot, dansen om de appelboom of liggen in paartjes in het gras, ontspannen converserend of verliefd naar elkaar kijkend. In een vijvertje wordt gesparteld. Wat we hier zien, is onmiskenbaar het paradijs van onschuld en verleiding, maar dan niet de Hof van Eden van de christenen waar de zondeval en de verdrijving uit het paradijs als een doem boven hangen, maar de onbekommerde versie zoals beschreven door Hesiodes (en Ovidius na hem) in de zesde eeuw voor Christus.<\/p>\n<p>Ik heb me altijd verbaasd over de ongekende frivoliteit van dit soort schilderijen van Cranach, afkomstig immers van een schilder die als vriend en geestverwant van Luther doordrenkt was van de gedachtewereld van de Reformatie. Daarin waren afbeeldingen al min of meer taboe (Beeldenstorm), en het tonen van vrouwelijk naakt zou helemaal buiten de horizon moeten liggen. Maar het is alsof het vrouwelijk naakt bij Cranach een renaissance krijgt, door het aantal keren dat hij het heeft geschilderd, maar ook gezien de animo en de liefde waarmee het is gedaan. Dit is \u00e9\u00e9n lang aanhoudende ode aan de vrouwelijke schoonheid, nu eens in de gedaante van Venus, dan weer in die van Eva, Lucretia, de Drie Grati\u00ebn, Salom\u00e9, Judith, als waternimf, Diana, Bathseba, Helena, Hera, Athena of Afrodite. Niet zelden hebben ze een uitgesproken wulpse uitstraling en koketteren ze ontegenzeggelijk met de toeschouwer. De tentoonstelling in de Royal Academy heeft jammer genoeg maar drie van zulke schilderijen, terwijl er honderden zijn, getuige de oeuvrecatalogus die Max Friedl\u00e4nder in 1978 maakte. Cranach schilderde alleen al zo&#8217;n vijftig Adam en Eva&#8217;s, en allemaal anders, en altijd met een ontspannen, chique Eva.<\/p>\n<p>Moralistische draai<\/p>\n<p>Zo veel aantrekkelijk naakt in de vroege zestiende eeuw, dat moest natuurlijk iets ingewikkelder liggen dan de veronderstelling dat Cranach een eenvoudige liefhebber was van enigszins ge\u00efdealiseerd vrouwelijk schoon. Cranach (en zijn opdrachtgevers) moet zonder meer op het vrouwelijk naakt gesteld zijn geweest, zeker na 1530 toen hij de meeste van zijn naakten schilderde, dat wil zeggen na zijn zestigste. Hij deed het zo goed dat hij volgens Kenneth Clark in zijn boek over de geschiedenis van het naakt &#8216;the patron saint of all fashion designers&#8217; werd. Om zichzelf en zijn opdrachtgevers in de geest van de tijd te verantwoorden, gaf hij wel vaak een moralistische draai aan zijn naakten. Dat gebeurde door het schilderij van een paradoxale tekst te voorzien waarin stond dat het niet de bedoeling was zich over te geven aan het vluchtige genot van dit naakt. Of door bepaalde gebaren: Venus die Cupido er met haar hand van weerhoudt zijn pijl af te schieten, want dan zou de toeschouwer wel eens verliefd kunnen worden op wat hij ziet. Of door gebruik te maken van een transparante sluier waarmee quasi iets bedekt wordt. Op die manier voorzag hij de naakten van een waarschuwing die moest afleiden van het loutere genoegen en genot.<\/p>\n<p>Cranach verwierf een heel bijzondere positie in het artistieke en geestelijke leven van zijn tijd: hij was lutheraan en humanist, moralist en vrijzinnige, hofschilder, vrij kunstenaar en zakenman. Toen hij op eenentachtigjarige leeftijd in 1553 in Wittenberg overleed, had hij een spectaculair geslaagd leven achter de rug. Hij was nauwelijks de mindere van Albrecht D\u00fcrer, en stond op gelijke voet met zijn tijdgenoten Hans Baldung Grien, Mathias Gr\u00fcnewald en Albrecht Altdorfer, maar hij streefde ze in productiviteit, veelzijdigheid en vindingrijkheid glansrijk voorbij. En in snelheid: op zijn graf staat speciaal vermeld dat hij de &#8216;pictor celerrimus&#8217; was, de zeer snelle schilder. Het grootste deel van zijn leven was hij hofschilder van drie achtereenvolgende keurvorsten van Saksen, alle drie getooid met jongensboekennamen: Frederik de Wijze, Johan de Standvastige en Johan Frederik de Geweldige.<\/p>\n<p>Peetoom van luthers kinderen<\/p>\n<p>Cranach voelde zich al vroeg thuis in de kringen van humanistische christenen als Johannes Cuspinian en Philipp Melanchthon, die de rechterhand van Luther zou worden. Hij leerde Luther in 1508 kennen en was meteen solidair met hem toen Luther in Wittenberg in 1517 zijn vermaarde vijfennegentig stellingen poneerde. Frederik de Wijze zorgde ervoor dat Luther kon rekenen op rechtsbescherming. Ook al was het vanwege een pauselijk decreet vanaf 1521 strafbaar om de geschriften van Luther te lezen en te verspreiden, er was grote vraag naar zijn portret. Cranach schilderde Luther (en diens ouders) meermalen en liet er in zijn werkplaats honderden versies van maken. Cranach en Luther werden peetoom van elkaars kinderen. Hij illustreerde de door Luther vertaalde bijbel en in zijn drukkerij drukte hij lutheriaanse en antipapistische traktaten, waarvan hij een deel ook zelf schreef.<\/p>\n<p>Cranach was niet eenkennig. Hij was ook bevriend met Luthers katholieke tegenvoeter kardinaal Albrecht van Brandenburg, een renaissanceman en vriend van de humanisten die niet veel ophad met de reformisten, maar op advies van Erasmus lang een afwachtende houding aannam. Op de tentoonstelling is een magnifiek gecomponeerd schilderij (1526) te zien waarop Albrecht is afgebeeld in de gedaante van Hieronymus in zijn werkkamer. Voordeliger kun je iemand niet afbeelden.<\/p>\n<p>Rond 1510 zette Cranach naast zijn werk als hofschilder een werkplaats op, die binnen de kortste keren de belangrijkste van de regio was en voor alle belangrijke ingezetenen van Wittenberg en omstreken werkte, voor de aristocratie, voor de ongelovigen, de bourgeoisie en voor religieuze autoriteiten van protestantse en katholieke huize.<\/p>\n<p>Van de enorme productie van Cranach, zijn zoons Hans en Lucas, en van zijn atelier resteren meer dan duizend schilderijen en tekeningen. Cranach werd een van de rijkste inwoners van Wittenberg; hij bezat verschillende huizen, een apotheek en een wijntapperij. Hij zorgde bovendien lange tijd voor de financi\u00ebn van de stad en was drie keer burgemeester.<\/p>\n<p>Bleke chic<\/p>\n<p>Kan dit het leven van een groot kunstenaar zijn als er zo veel meer belangrijk is dan schilderen? Kennelijk, want ook al weten we niet altijd of een schilderij het werk is van zijn zoons, zijn atelier of van zijn eigen hand, het grootste deel van Cranachs oeuvre valt op door zijn originaliteit, ook al zijn de onderwerpen en thema&#8217;s de in die tijd gebruikelijke. Of het nu om een Adam en Eva, Maria met kind, een Kruisiging, een Onthoofding van Johannes de Doper of Het oordeel van Paris gaat, altijd is de hand van Cranach er in te herkennen: zijn oog voor detail, de verfijnde stofuitdrukking, de bleke chic van de gezichten, de aandoenlijke maar iets te primitieve proporties. Hij liet zijn medewerkers op het atelier altijd werken op basis van door hemzelf gemaakte modellen.<\/p>\n<p>Cranach was de spil van de Donau-school, een reeks kunstenaars (onder wie Altdorfer) die met primaire kleuren ging werken, gezichten van expressie voorzag en portretten aanvulde met een landschap op de achtergrond. Tot Cranachs eerste meesterwerken in deze geest behoort het Drieluik met de heilige familie (1509) dat door het gebruik van veel hemels blauw, een geelwitte tegelvloer en strategisch rood in de kleren een onwerkelijk frisse indruk maakt, alsof het schilderij in bad is geweest en niet vijfhonderd jaar oud is.<\/p>\n<p>Even helder van kleur, maar veel drukker en ruimer voorzien van expressieve gezichten, is Het slachtofferschap van de heilige Catherina. Opvallend zijn de kokette blote schouders van de heilige, haar ruimvallende fluwelen jurk en de volkomen rust die ze uitstraalt, terwijl het om haar heen een drukte van belang is: een kleurige kluwen van dieren en mensen (onder wie de beul die haar hoofd gaat afhakken), waarvan de luxe kleren, harnassen en mutsen minutieus gedetailleerd zijn geschilderd.<\/p>\n<p>Zulke bijbelse drama&#8217;s werden zo consequent veresthetiseerd dat er niets meer van de echte verschrikking van het drama te zien is. Zelfs De onthoofding van Johannes de Doper, bij wie je het bloed als een fontein uit zijn onthoofde hals ziet spuiten, heeft veel van een galavoorstelling. Alle aanwezigen zien er op hun paasbest uit, compleet met hermelijnen kragen en fijngeborduurde (en dus geschilderde) gewaden.<\/p>\n<p>Vliesdunne doek<\/p>\n<p>Ook al worden ze zoals gezegd omgeven door een fantastische moralistische causu\u00efstiek, de naakten van Cranach zijn met hun chique erotische uitstraling wijgeschenken aan de geschiedenis van de kunst en het gevoel. Al die honderden onbevangen naakten zijn aards en (in die tijd) hemels tegelijk. Er is een verwarrend contrast tussen het duidelijk erotische effect van zijn vrouwen en hun moraliserende betekenis.<\/p>\n<p>De zo vaak door Cranach geschilderde doorzichtige sluier die zijn naakten &#8216;bedekt&#8217;, is het symbool van de fundamentele ambivalentie van de renaissancistische picturale filosofie. De transparante sluier bij Cranach maskeert en onthult tegelijk. Een Venus met een vliesdunne doek, zoals die uit het St\u00e4del Museum van Frankfurt die op het affiche van de tentoonstelling staat, geeft te kennen dat men naar iets kijkt dat men eigenlijk niet mag zien. Waarvoor is anders die sluier?<\/p>\n<p>Cranachs vriend Luther had ernstig bezwaar moeten maken tegen dit naakt. Maar dat deed hij niet. Om zonder te zondigen naar zulke afbeeldingen te kunnen kijken, maakte Luther gebruik van een speciale via Augustinus van Plato afkomstige filosofie van het zien. Die hield in dat men via het zichtbare toegang kreeg tot het onzichtbare, de goddelijke waarheid. Het zichtbare was het bewijs van het bestaan van een hogere orde. Een zichtbare Venus was dan de visuele plaatsvervanger van de door God geschonken Vrouw uit wie al het leven voortkomt. Hoe aards ook, de vrouw werd op deze manier een hemels wezen, en mocht afgebeeld worden in haar natuurlijke gedaante.<\/p>\n<p>Hoeveel dit ook wegheeft van vernuftige casu\u00efstiek, de opdrachtgevers van Cranach die zijn Venussen, Drie Grati\u00ebn en Eva&#8217;s in hun Wunder- of Kunstkammer hingen, waren er door verantwoord en werden tegelijk deel van de humanistische en renaissancistische wereld, weg van de donkere Middeleeuwen. Hoe verlicht Cranach en zijn opdrachtgevers hiermee waren, mag blijken uit het lot van de Venus van Urbino van Titiaan, dat in dezelfde tijd dat Cranach zijn meeste naakten schilderde, in 1538 definitief naar het Uffizi in Florence verhuisde. Maar daar kregen de bezoekers haar niet in haar complete naaktheid te zien. De kwezel Cosimo III liet er een ander schilderij voor hangen waarop te zien is hoe de hemelse liefde met een flambouw in haar rechterhand voorkomt dat de aardse liefde een draperie opheft die de echte Venus zichtbaar maakt. Alleen hoofd en armen van de Venus van Urbino kregen de bezoekers te zien.<\/p>\n<p>Ooit zou er een tentoonstelling moeten komen waarin alle naakten van Cranach bij elkaar komen, een re\u00fcnie van zijn Venussen, Lucretia&#8217;s, Diana&#8217;s, Grati\u00ebn, en alle drielingen van het Oordeel van Paris (twaalf versies) en ook de serie Caritas (Liefdadigheid) van een dozijn schilderijen van een naakte moeder met een stuk of vijf baby&#8217;s en blote peuters die bij haar, op haar en aan haar zitten. Een van de peuters koestert al een pop, op dezelfde manier als de moeder haar kinderen koestert. Als propagandist van de Reformatie beeldde Cranach hiermee een typisch lutheraans thema uit. Tegelijk is wat we zien aards, werelds, heidens, menselijk, wuft, soms zelfs wulps. Bij Cranach duikt altijd ergens die Gouden Tijd van Hesiodus op, die van onschuld \u00e9n verleiding.<\/p>\n<p>\u2018Cranach\u2019, tot en met 8 juni in de Royal Academy, Londen<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Lucas Cranach (1472-1553) heeft zoveel elegante en chique naakten geschilderd dat je zou vergeten dat hij de vriend en kompaan was van Luther. Zeventig van zijn schilderijen zijn nu te zien in de Royal Academy of arts in Londen.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Carel Peeters","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/108671"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=108671"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/108671\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Carel Peeters","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=108671"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=108671"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=108671"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}