
 {"id":106829,"date":"2008-05-24T00:00:00","date_gmt":"2008-05-23T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-lijn-utrecht-tirana\/"},"modified":"2008-05-24T00:00:00","modified_gmt":"2008-05-23T22:00:00","slug":"de-lijn-utrecht-tirana","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-lijn-utrecht-tirana\/","title":{"rendered":"De lijn Utrecht-Tirana"},"content":{"rendered":"<p>Reportage Albani\u00eb \/ De nieuwe elite van Albani\u00eb<\/p>\n<p>Omdat de lunch er die middag bij is ingeschoten, prikt de Albanese minister van Buitenlandse Zaken &#8216;s avonds gretig in de foie gras, zijn favoriete voorafje. Aan tafel in het duurste restaurant van Tirana verhaalt hij enthousiast over de onderonsjes die hij heeft met zijn Haagse ambtgenoot Maxime. Toch een beetje zijn politieke geestverwant: net als het Christen Democratisch App\u00e8l hecht de Democratische Partij van Albani\u00eb namelijk aan politieke vrijheid, mensenrechten en markteconomie. Beide centrumrechtse zuilen staan pal voor het behoud van normen, waarden, de maatschappelijke moraal en het fatsoen. Zoiets schept een band: &#8216;We gaan erg warmhartig met elkaar om. Maxime steunt ons waar hij kan.&#8217;<\/p>\n<p>Hij grijpt zijn servet en bet met een precieus gebaar de mond. &#8216;Nou ja,&#8217; zegt hij, &#8216;onze idee\u00ebn over economie zijn iets liberaler en ons uitgavenpatroon is iets socialer dan dat van het CDA. Maar dat zijn nuanceverschillen.&#8217;<\/p>\n<p>Lulzim Basha (34), de jurist die zich in het kabinet van de voormalige socialistische volksrepubliek Albani\u00eb ontfermt over de portefeuille Buitenlandse Zaken, articuleert zijn zinnen bedachtzaam in bijna accentloos Nederlands. Zijn echtgenote Aurela die naast hem zit, zijn zwager Erion en zijn boezemvrienden Audon en Eris blijken nog steeds onberispelijk de taal te spreken die bij hun studie aan de Utrechtse universiteit hoorde. Na hun afstuderen waren ze als veelbelovende academici teruggekeerd naar hun vaderland, waar ze inmiddels topposities bij overheid of bedrijfsleven bekleden. De minister vertelt dat zijn jongere broer tegenwoordig rechten studeert in Utrecht.<\/p>\n<p>De vijf disgenoten blijken uitstekend ge\u00efnformeerd over het alledaagse gekwaak in de polder. Wat dat betreft prijzen ze de internetsites van de Volkskrant en NRC Handelsblad, die hun de laatste nieuwtjes over het Binnenhof bezorgen. Met als gevolg dat het ongedwongen tafelgesprek van de nieuwe Balkan-elite die avond sterk lijkt op het gekout boven de Hollandse pot. Het complete scala spraakmakende onderwerpen &#8211; van Rita Verdonk tot Geert Wilders &#8211; passeert de revue. Eensgezind vindt men het maar raar dat een Nederlandse zendgemachtigde zich verstoutte om Deep Throat op de buis te brengen, nota bene met subsidie van de overheid. A propos, hoe brengt de PvdA het er af als coalitiepartner in het kabinet-Balkenende? Vanzelfsprekend blijft niet onbesproken hoe Kosovo in februari tot woede van de Servi\u00ebrs, maar onder applaus van de internationale gemeenschap, de onafhankelijkheid uitriep. Maxime heeft al eerder laten doorschemeren dat hij de kandidatuur van Albani\u00eb bij de NAVO zal steunen. Voor toetreding van Albani\u00eb tot de Europese Unie lijkt het hem nog wat vroeg, maar dat is een kwestie van tijd.<\/p>\n<p>Als nagerecht in het deftige restaurant opteert minister Basha voor het grand dessert. Het dienstertje bedekt de tafel onder schalen ijs, vruchten, gebak en slagroom, meer dan de minister en zijn vrouw, zijn zwager en zijn vrienden op kunnen. De restanten worden in de richting van de buitenlandse gast geschoven, met de mededeling dat deze volgens Albanese traditie verplicht is om het toetje tot de laatste kruimel op te eten.<\/p>\n<p>Nog \u00e9\u00e9n keer wordt geschaterd om het bliksembezoek waar George W. Bush Albani\u00eb vorig jaar op trakteerde. De Amerikaanse president werd die dag begeleid door de Albanese minister van Buitenlandse Zaken, die nadien als ooggetuige kan verzekeren dat het absoluut n\u00ed\u00e9t waar is dat de Amerikaanse president in het stadje Kruja van zijn horloge was beroofd te midden van de menigte. Dat maakten de media ervan, maar echt, Bush had bij wijze van voorzorg z\u00e9lf zijn Rolex opgeborgen opdat hij zoveel mogelijk handen kon schudden.<\/p>\n<p>Bij de koffie ringtoont het mobieltje van de minister Basha. De president wilde hem spreken. En wel meteen. Crisisberaad. Spoedoverleg. En w\u00e9g zijn de minister en zijn echtgenote, geruisloos lossen ze met regeringslimousine en al op in de duisternis.<\/p>\n<p>Weldoener uit Stolwijk<\/p>\n<p>In zijn royale werkkamer in het departementsgebouw in het centrum van Tirana had Lulzim Basha die middag verteld over zijn Utrechtse jaren. Er wonen een paar duizend Albanezen in Nederland. Daarvan zullen er sinds halverwege de jaren negentig zo&#8217;n vijfentwintig zijn afgestudeerd, om de een of andere reden bijna allemaal aan de Utrechtse universiteit. De exodus &#8211; vooral naar Itali\u00eb en Griekenland &#8211; kwam op gang nadat het vaderland zich van het communisme had bevrijd, de grenzen op een kier gingen en de staatsburgers voor het eerst sinds 1945 de beschikking kregen over een paspoort. Journaalbeelden van ambassades die bestormd werden door burgers die droomden van een betere toekomst gingen de wereld over, gevolgd door dramatische sc\u00e8nes van schepen die leken te bezwijken onder de ballast van te veel Albanese vluchtelingen aan boord. Het straatarme Albani\u00eb had het morrende volk niets te bieden; wie geen reden had om achter te blijven, maakte zich uit de voeten naar het buitenland, zo lang het nog kon.<\/p>\n<p>Was het toeval of magisch voorbestemd dat de latere bewindsman Basha juist toen een weldoener ontmoette die zich er voor zou gaan inspannen dat hij in Nederland kon gaan studeren? De mecenas was Barend Cohen, forensisch arts te Stolwijk, die als drijvende kracht achter de Johannes Wierstichting (&#8216;voor mensenrechten en gezondheidszorg&#8217;) de wereld over vloog om crisissituaties te onderzoeken. In die hoedanigheid arriveerde hij in 1991 rond middernacht op het internationale vliegveld nabij Tirana. De laatste bus naar de stad was al vertrokken, maar sinds kort reden de eerste priv\u00e9taxi&#8217;s rond in het land. De toen zeventienjarige Lulzim Basha verdiende er na schooltijd een zakcentje bij als ober in het restaurant van de luchthaven. Een taxichauffeur beloofde hem een gratis rit naar huis als hij een passagier wist te ronselen. De dikke buitenlander die hij met dat doel aanklampte, bleek dokter Cohen te zijn. Hij liet zich naar het Dajti-hotel vervoeren. De arts zocht trouwens nog een tolk om hem te vergezellen op zijn speurtocht naar vermeend ge\u00ebxperimenteer met dubieuze medicamenten op Albanese kindertjes.<\/p>\n<p>&#8216;Als scholier met een talenknobbel was ik een van de weinigen in Tirana die redelijk Engels sprak. Het klikte zo met Barend dat er direct een intensieve vriendschap ontstond,&#8217; herinnerde minister Basha zich. Bijna dertig jaar leeftijdsverschil stond tussen hem en Cohen in, zodat de relatie onwillekeurig trekjes kreeg die kenmerkend zijn voor de interactie tussen vader en zoon. Cohen nodigde zijn prot\u00e9g\u00e9 uit om de vakantie in Nederland door te brengen. In een gecharterd vliegtuigje maakten ze samen een rondvlucht boven de randstad. Beladen met presentjes keerde Lulzim Basha terug naar Albani\u00eb. Het was een rare tijd, waarin letterlijk een wereld voor de latere bewindsman openging.<\/p>\n<p>Nostalgisch blikte hij terug: &#8216;Bij Barend thuis ontmoette ik Kosovaarse politici als Ibrahim Rugova, de president in ballingschap. Die dokterswoning in Stolwijk was een uitvalsbasis voor politieke activisten uit Albani\u00eb en Kosovo. We zijn met Rugova op bezoek geweest bij Hans van den Broek, toen minister van Buitenlandse Zaken. Dit alles mee te maken, was voor mij als zeventienjarige een ongelooflijke ervaring. Op de middelbare school behoorden wij tot de laatste lichting leerlingen aan wie nog marxistische dialectiek en politieke economie werd onderwezen, maar ik was toen al fel anticommunistisch. Ik stond op de eerste rij toen het standbeeld van onze dictator Enver Hoxha van zijn sokkel werd getrokken. Zodra de Democratische Partij werd opgericht, meldde ik me aan als lid van de jeugdafdeling.&#8217;<\/p>\n<p>Strenge toezicht<\/p>\n<p>Barend Cohen zou nog diverse missies in Albani\u00eb uitvoeren, terwijl hij tussen de bedrijven door in Utrecht een plan smeedde dat de levens van Lulzim Basha en zijn vrienden een ingrijpende draai zou geven. De arts was de bedenker en grondlegger van de stichting &#8216;Albanese studenten in Nederland&#8217;, die in 1993 mede dankzij een financi\u00eble injectie van de Amerikaanse filantroop George Soros werd opgericht. In september dat jaar verhuisden zes jonge Albanezen naar Utrecht. De eerste twee jaar werden in beslag genomen door inburgering en onderricht in de Nederlandse taal onder auspici\u00ebn van het James Boswell Instituut. Daarna waren de kandidaten rijp om met hun doctoraalstudie aan de Utrechtse Rijksuniversiteit te beginnen.<\/p>\n<p>Lulzim Basha had politieke wetenschappen willen studeren, maar nadat hem abusievelijk werd verteld dat zulks in Utrecht niet mogelijk was, opteerde hij voor een studie internationaal recht en internationale betrekkingen. In het voorjaar van 2000 studeerde hij af, om kort daarop als legal officer voor de Verenigde Naties aan de slag te gaan in Kosovo. Dat deed hij vijf jaar. Kort voordat hij in 2005 terugkeerde naar Tirana, huwde hij een Albanese, die vooralsnog achterbleef in Nederland. Het paar kocht een huis in Utrecht, maar woonde het grootste deel van het jaar gescheiden van elkaar.<\/p>\n<p>Dat het contact met Barend Cohen verwaterde, was vooral het gevolg van diens onbuigzame instelling. Zijn strenge toezicht werkte verstikkend op de kleine gemeenschap van studerenden uit Albani\u00eb. Cohen bemoeide zich met de meest pietluttige details en heel veel mocht van hem niet. In de zomer van 2005 kwam het bericht dat hartpati\u00ebnt Cohen op drie\u00ebnzestigjarige leeftijd aan longkanker was overleden. Het speet Lulzim Basha dat hij niet aanwezig kon zijn bij de crematie van de man aan wie hij zoveel te danken had, maar op dat moment werd al zijn tijd en energie opgeslokt door het co\u00f6rdineren van de verkiezingscampagne van de Democratische Partij.<\/p>\n<p>Commandante<\/p>\n<p>Aurela Basha-Isufi, sinds vier jaar de echtgenote van de Albanese minister van Buitenlandse Zaken, heeft in de ochtenduren een oppas voor de kleine geregeld, zodat zij zelf kon gaan winkelen in de stad. In de lounge van het Sheraton-hotel in Tirana nipt ze aan haar cappuccino. Het adres is vanwege de West-Europese tarieven niet in trek bij de lokale bevolking, maar Aurela is een vrouw van de wereld. Ze denkt en droomt nog regelmatig in het Nederlands; niet zo vreemd, want alles bij elkaar heeft ze veertien jaar in Utrecht gewoond. Ze behoorde tot de eerste lichting van vijf Albanese studenten die in 1993 naar Nederland kwam. Op het gymnasium zat ze bij Lulzim Basha in de klas; het vriendenclubje van toen komt nog regelmatig bij elkaar.<\/p>\n<p>Iedereen wilde steeds van Aurela weten hoe het was om van het berooide Albani\u00eb in het welvarende Nederland te komen. Ze zegt dat ze zich concrete gebeurtenissen makkelijker voor de geest kan halen dan hoe het v\u00f3\u00e9lde om als vreemdeling in een andere cultuur rond te lopen. Misschien dat over dertig jaar duidelijkheid zal bestaan over de psychische effecten bij iemand met een communistische achtergrond die terechtkomt in een kapitalistische samenleving, maar zij vindt het te vroeg om daar nu al iets zinnigs over te zeggen. Het viel haar in Utrecht wel op dat als ze vertelde dat ze uit Albani\u00eb kwam, slechts weinigen zich daar iets bij konden voorstellen. &#8216;Meestal dachten mensen dat ik uit een deel van Joegoslavi\u00eb kwam. Het werd niet als iets bijzonders gezien, het was minder exotisch dan China of India.&#8217;<\/p>\n<p>Terwijl Albani\u00eb echt heel anders was dan Nederland, alleen al vanwege het feit dat onderwijs er was georganiseerd volgens de structuur van het leger. De leerlingen werden behandeld als soldaten en gingen in uniform naar school. Aurela klom op tot de rang van commandante. Haar vader was officier bij de militaire inlichtingendienst, haar moeder stond voor de klas, beiden waren lid van de communistische partij. Volwassenen spraken elkaar aan met &#8216;kameraad&#8217;, het schijnt dat \u00e9\u00e9n op de drie burgers de geheime dienst Sigurimi als verklikker ter wille was. Religie, contact met buitenlanders, het dragen van baarden of snorren &#8211; het was allemaal verboden. Albani\u00eb verhield zich tot Roemeni\u00eb als Noord-Korea tot China. Weliswaar was dat nu geschiedenis, maar zo&#8217;n achtergrond werkt toch op de een of andere manier door in de hoofden van mensen.<\/p>\n<p>Aurela Basha vertelt over haar baan bij de in Amsterdam gevestigde organisatie East West Parliament Practice Program, die haar in staat stelde een deel van het jaar in Albani\u00eb door te brengen. Een paar maanden geleden vestigde ze zich definitief in Tirana, zodat ze haar man weer elke dag kan zien. Voor de kleine Dafina is het ook beter zo.<\/p>\n<p>Erion Isufi, de vier jaar jongere broer van Aurela en zwager van Lulzim Basha, komt erbij zitten. Hij verontschuldigt zich: dat hij een tikje bekakt Nederlands spreekt, komt doordat hij lid van het Utrechtse studentencorps was. Erion vertelt dat hij voor de financiering van zijn studie niet meer bij een charitatief fonds kon aankloppen. Hij was net te laat, Albani\u00eb wordt zelfs door Soros niet langer als hulpbehoevende natie beschouwd. &#8216;Mijn pa heeft alles betaald, zo&#8217;n zeventigduizend dollar het eerste jaar. Daarna heb ik voor mezelf gezorgd. Kartonnen dozen vouwen, schoonmaken, in een bar werken &#8211; ik heb van alles gedaan. De taal vond ik in het begin het moeilijkst. Binnen negen maanden moest ik Nederlands leren op het niveau van de universiteit. In 1998 deed ik toelatingsexamen en kon ik beginnen met mijn studie geschiedenis.<\/p>\n<p>Het eerste jaar waren alle boeken in het Nederlands. Ik deed er vier keer langer over dan een normale student om alles te lezen: zin voor zin, met een woordenboek erbij. In 2004 ben ik afgestudeerd. Daarna werkte ik een tijdje als assistent-tolk bij het Joegoslavi\u00eb Tribunaal in Den Haag. In 2005 kwam ik terug naar Albani\u00eb, omdat er verkiezingen zaten aan te komen. Als vrijwilliger hielp ik Lulzim bij zijn campagne. Ik was de man van de financi\u00ebn en de co\u00f6rdinatie. Lulzim heeft de verkiezingen gewonnen. Ik wist al heel lang dat Lulzim politieke ambities had, ik wist dat hij dit zou gaan doen. Na de verkiezingen ben ik voor mezelf gaan denken. In Nederland heb ik geleerd: als je hebt bewezen dat je iets kunt, dan komt die mooie baan of die leidinggevende rol in de politiek vanzelf. Hier kan ik makkelijker dan in Nederland laten zien dat ik iets kan. Samen met een Albanese partner run ik drie schoenenwinkels. Af en toe knap ik voor een investeringsmaatschappij uit Berlijn een klusje op in Oost-Europa.&#8217;<\/p>\n<p>Condoleezza Rice<\/p>\n<p>In zijn statige kamer op het ministerie vertelt Lulzim Basha de volgende dag over zijn recente bezoeken aan Libi\u00eb, een curieuze samenleving die hem aan de sfeer in het Albani\u00eb van eind jaren tachtig herinnert: hetzelfde sleetse socialisme, waar kapotte lampen niet meer worden vervangen omdat niemand nog van plan lijkt om er echt iets van te maken. Dat krijg je ervan als je de economische prikkels afschaft. Maar in het persoonlijke onderhoud stelde kolonel Khadaffi zich beminnelijk op. Hij heeft geleerd van fouten uit het verleden, zoals de betrokkenheid van de geheime dienst van Libi\u00eb bij de aanslag op het PanAm-vliegtuig dat in 1988 in de buurt van het Schotse Lockerbie neerstortte. Khadaffi beloofde de Albanese minister dat hij bij de Afrikaanse regeringen een goed woordje zou gaan doen voor Kosovo, waarvan de onafhankelijkheid inmiddels door negenentwintig staten wordt erkend.<\/p>\n<p>Van geheel andere orde waren de twee ontmoetingen die minister Lulzim Basha in Washington had met zijn Amerikaanse ambtsgenoot Condoleezza Rice. De gesprekken gingen over de NAVO, Kosovo, de paar honderd Albanese militairen in Afghanistan en Irak. &#8216;Het afgelopen jaar bestond mijn werk als minister van Buitenlandse Zaken voor meer dan helft uit lobbyen voor internationale erkenning van Kosovo,&#8217; zegt minister Basha. &#8216;Kosovo heeft zelf geen minister van Buitenlandse Zaken, dus ik moest dat doen. Ik deed dat graag en met volle overtuiging. Een autonoom Kosovo is een voorwaarde voor vrede, stabiliteit en veiligheid op de Balkan. Tevoren was afgesproken dat we de onafhankelijkheid van Kosovo zouden co\u00f6rdineren met Pristina, Washington en Brussel. Zo is het ook gegaan. Frankrijk erkende de eenzijdig uitgeroepen republiek als eerste, gevolgd door Washington, daarna kwamen wij. Wij verwezen naar een motie waarin het parlement van Albani\u00eb al op 21 oktober 1991 het streven naar een zelfstandig Kosovo zei te steunen. We intensiveren onze betrekkingen naar ambassadeursniveau. Nee, het ideaal van een Groot-Albani\u00eb leeft bijna bij niemand meer. De Kosovaren dromen ervan om zich bij Brussel aan te sluiten, niet bij Tirana.&#8217;<\/p>\n<p>De minister zegt dat Albani\u00eb en Kosovo geen gevangenen van het verleden mogen worden. Twee grote doelen zijn al bereikt: een onafhankelijk Kosovo en toetreding van Albani\u00eb tot de NAVO. De volgende stap zal moeilijker zijn: lidmaatschap van de Europese Unie. Voorzitter Barroso zei begin mei dat Albani\u00eb eerst moet laten zien dat corrupte praktijken er definitief tot het verleden behoren. Bovendien is een gemiddeld jaarinkomen van vierduizend dollar per hoofd van de bevolking te weinig om de wereld ervan te overtuigen dat zich in dit land een Wirtschaftswunder voltrok. &#8216;Maar als je nagaat dat in 1992 per hoofd van de bevolking nog 204 dollar per jaar werd verdiend, hebben we een enorme stap voorwaarts gezet,&#8217; zegt Lulzim Basha. &#8216;De trend is goed. Wij groeien gemiddeld zeven procent per jaar, de inflatie vorig jaar was minder dan drie procent. Met het human capital gaat het uitstekend. De helft van de bevolking is na 1970 geboren. Er is een enorm aanbod van hard werkende, intelligente jonge mensen die blaken van ambitie. Een paar maanden geleden lunchte ik in Londen met zes Albanese bankiers van mijn leeftijd, afgestudeerd aan de London School of Economics en de New York University. Mannen van de wereld, die op het niveau van vice-president, senior vice-president en foreign trading manager  werkzaam zijn in de financi\u00eble wereld.&#8217;<\/p>\n<p>De minister is erg optimistisch, dat geeft hij toe. Volgens hem zijn buitenstaanders behept met een beeld van Albani\u00eb dat niet van deze tijd is. Nog steeds worden wankele karretjes door ezels over rulle zandpaden voortgetrokken, maar er zijn \u00f3\u00f3k geasfalteerde snelwegen waar sportwagens voorbijrazen. &#8216;De democratie in dit land is pas zeventien jaar oud,&#8217; zegt hij. &#8216;Waar moet je dat mee vergelijken? V\u00f3\u00f3r we democratisch werden, hadden we vijftig jaar communisme en d\u00e1\u00e1rvoor waren we vijfhonderd jaar onderdeel van het Ottomaanse Rijk.&#8217;<\/p>\n<p>In dat licht moeten we de heftige erupties zien die de Albanese politiek kenmerken. In zijn vorige functie van minister van Transport werd Lulzim Basha door de oppositie van corruptie beschuldigd. Er zouden steekpenningen zijn betaald door het Amerikaans-Turkse consortium dat een miljoenenorder in de wacht sleepte. Diverse politici hebben in deze affaire al het veld moeten ruimen, maar wat de oppositie ook aan verdachtmakingen lanceert, minister Basha houdt vol dat hij iedereen recht in de ogen durfde te zien. &#8216;Alle beschuldigingen tegen mij zijn van politieke aard,&#8217; zegt hij. &#8216;Dit is de Balkan, de tegenstellingen worden hier met meer heftigheid uitgevochten dan in westerse landen gebruikelijk is. Politiek wordt hier stelselmatig in het persoonlijke vlak getrokken. Deze regering kwam in 2005 aan de macht met als motto: vechten tegen corruptie en georganiseerde misdaad. In de eerste twaalf maanden van deze regering hebben wij tweehonderdzeven benden opgerold. Albani\u00eb is niet langer een centrum voor mensenhandel.&#8217; De minister noemt getallen, percentages en nog meer getallen. Het is wel duidelijk dat Albani\u00eb zowel economisch als maatschappelijk behoorlijk in de lift zit.<\/p>\n<p>Auto met chauffeur<\/p>\n<p>Toen hij in Utrecht studeerde, moest Eris Hoxha regelmatig uitleggen dat zijn achternaam niet duidt op familiebanden met de vroegere dictator Enver Hoxha. &#8216;Hoxha&#8217; is het &#8216;Jansen&#8217; van Albani\u00eb. De toeristische folder van Tirana die het ministerie van Buitenlandse Zaken bezoekers ter hand stelt, inspecteert Eris Hoxha met misprijzende blik. Verouderd materiaal, stelt hij vast. Op de kleurenfoto&#8217;s is geen auto te zien, wat betekent dat de opnamen minstens zestien jaar oud zijn.<\/p>\n<p>Na zijn afstuderen vestigde Eris Hoxha zich eerst als advocaat in Tirana (toen een nieuw beroep; onder het communisme voerde de openbaar aanklager ook de verdediging van verdachten), daarna werd hij directeur van het Nationaal Bureau voor Toerisme. Die functie is voorbehouden aan prominente leden van de partij die de verkiezingen heeft gewonnen. Eris Hoxha interesseerde zich samen met zijn schoolvriend Lulzim Basha al voor politiek toen ze zestien waren. Later gingen ze samen studeren vanuit de zekerheid dat ze ooit namens de Democratische Partij een belangrijke bijdrage aan de opbouw van het land zouden leveren. Toen een van de vierenvijftig Democratische afgevaardigden (en een van de honderdveertig Albanese parlementari\u00ebrs) vorig jaar kwam te overlijden, volgde Eris Hoxha hem op.<\/p>\n<p>De volksvertegenwoordiger drukt een toets van zijn mobieltje in. Aan de overkant van de straat komt een voertuig in beweging,  de auto met chauffeur waar elke parlementari\u00ebr in Albani\u00eb aanspraak op maakt. Op de achterbank van de dienstauto legt de politicus uit dat de staat ook zijn telefoon en benzine vergoedt, maar verder is het geen vetpot. In een Italiaans restaurant licht hij later toe dat de meeste Albanezen hun land als het centrum van het universum beschouwen. &#8216;De meerderheid denkt dat de Europese Unie niet zonder ons kan. Wij gaan ervan uit dat de NAVO zonder ons machteloos is. Wij zijn tegenwoordig het meest pro-Amerikaanse land van Europa, als compensatie voor het anti-amerikanisme dat we hier vijftig jaar hadden. Het vorige systeem had geen goede kanten. We zijn van het feodalisme direct overgestapt naar het communisme. Dat was een experiment met mensen. Ik kan er geen enkel positief effect aan ontdekken.&#8217;<\/p>\n<p>Verder gaat alles goed. Boven verwachting goed zelfs. Voor zover zich dissonanten voordoen, zijn dat groeistuipen van een moderne welvaartsstaat in wording. Albani\u00eb stond er nooit florissanter voor dan nu. De Albanese minister van Buitenlandse Zaken zegt het, al zijn vrienden en bekenden zeggen het hem na. Nou ja, na lichte aandrang wil Auron Cecaj,  een bedeesde jurist die met de minister in Utrecht studeerde, de nationale euforie wel van een kritische kanttekening voorzien. Zwart-witdenken kenmerkt volgens hem de Albanese volksaard. Hij vindt dat je best oog voor de positieve dingen van het nationale communisme mag hebben. Het analfabetisme werd overwonnen. En waarom zou je niet meer hardop mogen zeggen dat de gratis gezondheidszorg en het gratis onderwijs grote voordelen hadden?<\/p>\n<p>&#8216;In het kapitalisme worden de zegeningen van de vrije markt soms wat overdreven,&#8217; vindt Auron Cecaj. Zijn vader werkte als redacteur bij het dagblad Bashkimi, een functie die was voorbehouden aan trouwe kaderleden van de partij. In Utrecht realiseerde de jonge student zich dat er buiten Albani\u00eb een wereld bestond waar hij geen weet van had. &#8216;We hebben veel gemist door het communisme,&#8217; zegt hij. &#8216;Het gevolg is dat we nu alles doen om ons geliefd te maken, vooral bij landen die we vroeger als onze grootste vijand beschouwden, zoals de Verenigde Staten. We zijn het braafste jongetje van de klas. We willen er zo dolgraag eindelijk bij horen.&#8217;<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Begin jaren negentig studeerden zo\u2019n vijfentwintig jonge Albanezen af in Nederland. Nu bekleden ze topposities in hun snel opklimmende thuisland. Zoals Lulzim Basha, minister van Buitenlandse Zaken, zijn vrouw en zijn vrienden. \u2018Wij zijn tegenwoordig het meest pro-Amerikaanse land van Europa.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[193,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Rudie Kagie","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/106829"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=106829"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/106829\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Rudie Kagie","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=106829"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=106829"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=106829"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}