
 {"id":106707,"date":"2008-05-27T15:00:00","date_gmt":"2008-05-27T13:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/al-green-ik-heb-geen-zin-om-stiekem-concerten-te-geven\/"},"modified":"2008-05-27T15:00:00","modified_gmt":"2008-05-27T13:00:00","slug":"al-green-ik-heb-geen-zin-om-stiekem-concerten-te-geven","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/al-green-ik-heb-geen-zin-om-stiekem-concerten-te-geven\/","title":{"rendered":"Al Green: &#8216;Ik heb geen zin om stiekem concerten te geven&#8217;"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>31-05-2008<br \/>Door Sander Donkers<\/p>\n<p>&#8216;Smooth&#8217; Al Green werd dominee, maar hij zingt nog gerust wereldlijk werk. Gemengde gevoelens bij het weerzien met een idool. <\/p>\n<p>Acht jaar geleden riep hij mijn naam in een volle kerk. In zijn eigen kerk, de Full Gospel Tabernacle, een niksig, bruinstenen gebouw in een buitenwijk van Memphis. Het was tegen het eind van een urenlange, uitputtende dienst waarin hij zingend, fluisterend, temend en tierend zijn trouwe congregatie tot religieuze extase had gebracht. Nu hing iedereen hijgend en puffend in de kerkbankjes. Het koor neuriede nog wat na en de coolste oma die ik ooit zag, perste een paar gemene akkoorden uit haar Hammond-orgel.<\/p>\n<p>Vanaf de kansel overzag Reverend Al Green tevreden het spirituele slagveld dat hij had aangericht. Hij begon te bladeren in het bezoekersboek dat de deacon hem aanreikte. En toen zei hij het dus, in zijn blauwe kerkgewaad. Die legendarische stem, een van de allerzwoelste aller tijden, riep op gezwollen toon dat er vandaag ene &#8216;Sanders&#8217; aanwezig was. Helemaal uit Nederland. De Reverend heette me welkom en noemde me &#8216;brother&#8217;.<\/p>\n<p>Goed, ik weet ook wel dat zoiets niet veel hoeft te betekenen, en dat je er in het gewone leven nog geen blikje tonijn voor koopt. Maar als je ook maar een beetje van muziek houdt, is het onmogelijk onaangedaan te blijven wanneer je plotseling aan de weelderige boezem van de zwarte variant van het christendom wordt gedrukt. Al heb ik met God over het algemeen niet veel op, vandaag had hij zich beslist van zijn beste kant laten zien. Boven alles vond ik het een mirakel dat het Al Green was. Dat je op een doodnormale zondagochtend in een doodnormaal kerkje zomaar een van je favoriete zangers op aarde kunt treffen &#8211; die ook nog eens alle registers opengooit.<\/p>\n<p>Acht jaar geleden werd Al Green nog omgeven door een licht waas van mysterie. Want hij was de man die alle roem naast zich had neergelegd om in een kerkje het woord van God te gaan verkondigen. Jarenlang had hij grote successen gekend, met wereldhits als &#8216;Let&#8217;s Stay Together&#8217;, &#8216;Tired of Being Alone&#8217; en &#8216;Love and Happiness&#8217;. Hij gold als de Last of the Great Soul Men. Samen met zijn vaste producer Willie Mitchell gaf hij soulmuziek een nieuwe sound, die door Mitchell werd omschreven als &#8216;silky on top, rough on the bottom&#8217;.<\/p>\n<p><b>Lieflijk<\/b><br \/>&#8216;Silky&#8217; was Al Green, en smooth ook. Waar andere soulzangers hun ziel blootlegden door hoger, ruiger en harder te gaan zingen, verkende hij juist de zachte, lieflijke regionen. Hij verfraaide zijn songs met gegrom, gekir, gehijg en een verpletterende falset. Mitchell parfumeerde het geheel zoals echte dames dat doen: nooit te veel. Een warm strijkje, een simpele blazerslijn, af en toe een vet orgel. Het leverde uiterst sensuele muziek op. De producer van zijn nieuwe cd, Ahmir &#8216;Questlove&#8217; Thompson, verklaarde zijn liefde voor Green deels uit het feit dat zijn ouders hem hadden verwekt op de tonen van &#8216;Sexy Al&#8217;. En dat zou weleens voor veel meer dertigers kunnen gelden.<\/p>\n<p>In nauwelijks vier jaar tijd had Al Green vijfendertig miljoen platen verkocht. Toen begon God zich ermee te bemoeien. Naar eigen zeggen werd Green opnieuw geboren in 1973, in een hotelkamer in Disneyland, nadat hij wakker was geworden van een dringende vraag van de Heer: &#8216;Are you ashamed of me?&#8217; Een jaar later zorgde rampspoed ervoor dat hij de wereldse muziek \u00e9cht de rug toekeerde. Een jaloerse vriendin drong zijn huis binnen en gooide een pan kokende grutten over de zanger uit, waarna ze zichzelf doodschoot. In het ziekenhuis, zijn lichaam bedekt met derdegraads brandwonden, besloot Green dat zijn leven anders moest. Kort daarop stapte hij in de auto, en met de Heer als routeplanner kwam hij uit bij de Full Gospel Tabernacle. Waar hij ruim dertig jaar later nog steeds te vinden is. En waar hij dus mijn naam riep.<\/p>\n<p>Als ik hem acht jaar later eindelijk te spreken krijg, zijn mijn verwachtingen hooggespannen. Wij hadden wat, Al Green en ik. Of in elk geval: ik had iets met Al Green. Maar daar lijkt de dame van de platenmaatschappij niet van op de hoogte. Met haar hand in mijn rug introduceert ze me op de enthousiast-kleinerende toon die alleen Amerikanen beheersen &#8211; &#8216;This is S\u00e1\u00e1hn-d\u00fbh&#8217; &#8211; alsof ik een zwakbegaafd, op de stoep gevonden neefje ben dat het elk moment op een brullen kan zetten. De Reverend is heel erg schoon en fris en behangen met goud. Hij is ook heel erg blij om me te zien. Vanuit zijn fauteuil vouwt hij zijn grote handen plechtig om de mijne en houdt ze iets te lang vast. Bij het afscheid zal hij dat ritueel herhalen, en dan vergezeld van de diepgemeende woorden &#8216;Th\u00e1nk you, Michael&#8217;.<\/p>\n<p>Ik had het al gelezen in zijn autobiografie Take Me to the River, en het werd nog eens benadrukt door Ahmir &#8216;Questlove&#8217; Thompson, de producer van zijn nieuwe cd Lay it Down: er zijn meerdere Al Greens, met verschillende stemmen en verschillende persoonlijkheden. Dat hij over zichzelf bij voorkeur in de derde persoon spreekt, is bittere noodzaak. Voor de toehoorder is het lastig uit te maken welke Al Green het nou eens of oneens is met welke. Maar vandaag heb ik duidelijk te maken met Al de Uitbundige, danwel Al de Onnavolgbare. Als ik hem vraag naar de nieuwe cd wijst hij meteen triomfantelijk naar de platendame. &#8216;Dat was zij! Little girl right there. Oh yeah! Zij heeft het allemaal opgekookt.&#8217; Hij slaat op zijn been, klapt in zijn handen en lacht een volle minuut op topvolume. &#8216;Zij. Echt waar. Ooh wee!&#8217;<\/p>\n<p>Lay it Down is niet Al Greens eerste wereldlijke plaat sinds hij voor de kerk koos, maar zonder twijfel de beste. Op de twee cd&#8217;s die hij recentelijk maakte met Willie Mitchell, I Can&#8217;t Stop in 2003 en Everything&#8217;s OK in 2005, waren zowel de songs als het geluid nogal mager. Ditmaal druipt de ambitie er vanaf. Questlove, in het dagelijks leven drummer van hiphop-collectief The Roots, blies bij de platenmaatschappij hoog van de toren om de klus te krijgen. De producer haalde Green vanuit thuisbasis Memphis naar de befaamde Electric Lady-studio&#8217;s, ooit het hoofdkwartier van Jimi Hendrix. Hij gaf de muzikanten opdracht zo puur mogelijk te spelen, om een geluid te cre\u00ebren dat voor Green natuurlijk klonk. En hij bracht hem in contact met John Legend, Anthony Hamilton en Corinne Bailey Rae, allemaal vocalisten uit de nu-soul, die zeer vereerd waren een bijdrage te mogen leveren. Kortom, geeft Green toe, het was allemaal nogal &#8216;unusual&#8217;. &#8216;Maar wij houden wel van ongewoon. Oh yeah! Hoe ongewoner hoe beter. Alsof je een margarita bestelt in Memphis, weet je? Dat ze er niet alleen tequila in doen, maar ook een shot Grand Marnier. Boy, you be in high cotton then! Snap je wat ik bedoel? Heel verfrissend om eens van plek te veranderen.&#8217; Gold dat ook voor het zingen met een jongere generatie? &#8216;Er zijn een boel mensen met wie we willen zingen. Soms werkte het niet. Maar weet je wat w\u00e9l werkte? Het beste! Hahahahahahaha!&#8217;<\/p>\n<p>Questlove wilde de ware opvolger maken van The Belle Album, uit 1977, volgens velen de laatste &#8216;echte&#8217; Al Green-plaat. Gemaakt in een periode vol twijfel was het ook de plaat waarop Green het grote conflict in zijn leven en carri\u00e8re het allermooist bezingt, wanneer hij een geliefde toevoegt: &#8216;It&#8217;s you that I want, but it&#8217;s Him that I need&#8217;. Volgens Questlove is Lay it Down &#8216;het voornemen tot de climax die Belle was&#8217;. &#8216;Zo kun je het zien,&#8217; zegt Green aarzelend. &#8216;De plaat is wereldlijk, de kwaliteit is hoog. Maar als je het zo vertelt, mis je de Grammy&#8217;s die ik in de tussentijd heb gewonnen voor mijn gospel-cd&#8217;s, de singles die ik heb opgenomen met bijvoorbeeld Lyle Lovett, alle prijzen die ik gekregen heb. Je mist een heleboel eigenlijk, dus ik heb liever dat je het hele Al Green-verhaal intact houdt. Straks moet ik al die prijzen nog teruggeven.&#8217;<\/p>\n<p><b>Lokroep<\/b><br \/>Toch vormt de diepe kloof tussen religieuze en wereldse muziek, en de voortdurende lokroep van beide, een essentieel element van het &#8216;Al Green-verhaal&#8217;. Het is een rode draad in zijn leven, al sinds zijn vroege jeugd op het platteland in Arkansas. Zijn vader poogde jarenlang om met de familiegroep The Greene Brothers (de &#8216;e&#8217; liet Al later vallen) een carri\u00e8re in het gospel-circuit op te bouwen. Blues en R&#038;B kwam er in huize Greene niet in, want dat beschouwde hij als het werk van de duivel. &#8216;Maar toch parkeerde hij soms &#8216;s avonds zijn auto bij een van de juke-joints,&#8217; vertelt Green, &#8216;om stiekem naar dat soort groepen te gaan luisteren. Dan moesten wij in de auto wachten, en als hij terugkwam was het: &#8220;Niks tegen je moeder zeggen!&#8221; Maar dan vulde de auto zich met de geur van drank en wisten wij dat we ook niks h\u00f3\u00e9fden te zeggen, ha ha ha! Want mama had toch wel door waar hij geweest was.&#8217;<\/p>\n<p>Niettemin maakte vader Greene zijn zoon maar al te duidelijk dat hij moest kiezen. Of hij zong de gospel, of hij luisterde naar die verfoeide wereldse muziek. Maar dat moest hij dan maar ergens anders doen. Toen Al als tiener een singletje van zijn favoriet Jackie Wilson had bemachtigd en hij zich op een avond alleen thuis waande, kon hij zich niet beheersen. Hij draaide het plaatje op topvolume en zong uit volle borst mee. Het volgende wat hij hoorde was het gekras van een grammofoonnaald en de stem van zijn vader die hem verzocht het huis te verlaten. Een paar maanden later woonde hij samen met een prostitu\u00e9e genaamd Juanita. En al was hij nog maar jong, feitelijk was hij haar pooier.<\/p>\n<p>Toen hij op het toppunt van zijn roem verkeerde, werd hij door God naar de kerk gedirigeerd. Maar vroeg of laat stak altijd weer de zucht naar het podium de kop op. &#8216;Er komt een dag,&#8217; schreef hij in zijn biografie, &#8216;dat er geen verschil meer zal zijn tussen Al Green die een liefdesliedje zingt of een gospelhymne. No difference between getting funky or getting holy.&#8217; Maar dat was acht jaar geleden, en zover is het nog steeds niet. Zijn congregatie is als een familie, en het is belangrijk voor hem dat ze hun respect niet verliezen. &#8216;Ik heb jarenlang geprobeerd de twee te combineren,&#8217; zegt hij. &#8216;Maar het blijft moeilijk. Hoewel dat soms raar is. &#8220;Take me to the River&#8221; is een popsong. Maar wat zing ik eigenlijk? Wash me down&#8230; cleanse my soul. Veel religieuzer worden ze niet gemaakt. I&#8217;m asking for some help there! Maar toch, het is als olie en water. Dus ik laat ze naast elkaar bestaan, probeer ze niet meer te verenigen. Maar ik ben er eerlijk over. Ik wil niet stiekem concerten geven en hopen dat mijn kerkmensen het niet merken.&#8217;<\/p>\n<p>Toen hij vijf jaar geleden I Can&#8217;t Stop wilde maken, legde hij dat plan eerst voor aan zijn kerkgangers. &#8216;En zij zeiden: dominee, luister niet naar de mensen, want de mensen wilden ook Jezus vermoorden. Doe wat God zegt dat je moet doen. And we&#8217;ll be fine.&#8217; Hij grinnikt. &#8216;Toen ze vervolgens het resultaat hoorden, keken ze eerst nog wat zuinig. Iemand zei: je zingt over liefde, maar ik hoop dat je doelt op de liefde binnen een familie? En ik kon ze gemakkelijk gerust stellen. Want ik zong niet over al die keren dat ik uitging met Pauline of hoe ze allemaal ook heetten in die tijd. Toen was ik jong, en wist ik nog niet dat het leven meer is dan een aaneenschakeling van feestjes. Dat heb ik achter de rug, en het heeft me niks opgeleverd. In fact, I lost on the deal. Ha ha ha!&#8217;<\/p>\n<p><b>Geen bezwaar<\/b><br \/>De liefde, daar houdt hij het maar op. Want daar kan de congregatie noch de concertzaal bezwaar tegen hebben. &#8216;Liefde is wat God ons opdroeg! Liefde is een olifant die haar kalf zo snel mogelijk op eigen benen wil laten staan. Duwen, en nog eens duwen. En voor je het weet zit-ie aan de tiet. Dat is liefde!&#8217;<\/p>\n<p>Het lijkt of hij steeds minder adem haalt en de uithalen in zijn betoog steeds wilder worden. De Reverend laat zich even zien, en verdwijnt weer als bij toverslag. &#8216;Maar Lay It Down gaat \u00f3\u00f3k over liefde,&#8217; zegt hij dan zacht. &#8216;Over de liefde die ik voor mijn vrouw voel als ik een maand op tournee ben geweest en zij al die tijd de kinderen in haar eentje heeft verzorgd. Ik ben moe, zij is moe. Maar we weten dat we niet van elkaar af kunnen blijven. So: lay it down baby. Leg die sleutels weg, trek die jas uit. Doe je haar los, maar doe het snel. En weet dat Al Green veel te ongeduldig is om te wachten tot je al je make-up hebt afgedaan. Oh nee nee nee nee! He already took it by then! Ik kus je lippen, ik omhels je. And we get it on! Kijk, daar gaat Al&#8217;s stropdas al, en zijn schoenen. En het zal niet lang meer duren of we zijn in de hemel.&#8217;<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>\u2018Smooth\u2019 Al Green werd dominee, maar hij zingt nog gerust wereldlijk werk. Gemengde gevoelens bij het weerzien met een idool.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[207,269],"tags":[783,2411],"acf":[],"author_name":"Sander Donkers","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/106707"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=106707"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/106707\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Sander Donkers","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=106707"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=106707"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=106707"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}