Ze kunnen ook nooit iets goed doen.
Het was het lulligste nieuwsbericht van afgelopen week: één lid van het groepje tragisch omgekomen Mount Everest-beklimmers bleek een veganist te zijn, die zich naar verluid op het extreme bergbeklimmen had gestort om te bewijzen dat je ook zonder vlees en kaas te consumeren de toppen van de wereld kunt bereiken. Diverse media konden het niet laten om dit treurige nieuwtje uit te melken en zich verkneukelende koppen te schrijven als ‘Vegan mountain climber dies on Mount Everest during mission to prove vegans are capable of extreme physical challenges’, en ‘Woman trying to prove ‘vegans can do anything’ among four dead’- zodat mensen dit massaal op hun Facebook konden delen met de woorden ‘HAHAHAHA! Ik ga stuk!!!’ erbij.
De twee tegelijkertijd gestorven bergbeklimmers waren geen veganist; bovendien stierven ze aan de gevolgen van hoogteziekte, iets wat meer met zuurstofgebrek dan met bacongebrek te maken heeft. Toch werd de dood van de veganist gepresenteerd als ironisch, en als haar eigen schuld.
Er bestaat kennelijk een enorme behoefte om veganisten af te zeiken.
Er bestaat kennelijk een enorme behoefte om veganisten af te zeiken. Als je de talloze grapjes en internet-memes mag geloven, zijn het humorloze asceten, die erop uit zijn het levensgeluk van vleeseters te bederven met smakeloze sojaproducten en eindeloze tofu-propaganda. ‘How can you tell someone is vegan?’ ‘They’ll fucking tell you’.
Misschien waren de eerste veganisten inderdaad heel vervelende mensen, maar inmiddels is dat toch wel een ernstig gedateerd stereotype. Veganisme is niet langer iets wat je doet omdat je zo verschrikkelijk van dieren houdt, of omdat je het niet over je weeïge hart kunt verkrijgen om iets dood te maken: het is een gedegen alternatief om te leven zonder het klimaat volledig te verpesten. Nu de prognoses over temperatuurstijgingen, de zeespiegel en superstormen steeds meer eensgezind pessimistisch worden, is het niet meer dan logisch om een duurzame levensstijl uit te proberen. Bovendien hoef je tegenwoordig ook echt geen gedreven fanaticus te zijn om dat vol te houden, nu zelfs Albert Heijn een eigen merk amandelmelk verkoopt.
De veganisten die ik ken kunnen inderdaad wel vrij lang doorpraten over hummus, maar gaan daar heel zelfbewust mee om. Ik zie het vaker gebeuren dat ze keer op keer aan anderen moeten uitleggen hoe ze in godsnaam kunnen leven zonder tosti’s, dan dat ze zelf beginnen over hun eetgewoontes.
Het lijkt me verstandig om een beetje wantrouwig te zijn tegenover mensen die hun identiteit maar al te gretig vereenzelvigen met hun dieet – dat geldt niet alleen voor veganisten, maar ook voor kleikauwende Rens Kroes-fans, clean-eaters, cupcake-foodies en nietsontziende BBQ-fanaten. Maar blind haten op veganisten – en je verheugen om de dood van een 34-jarige vrouw – is buiten alle proportie. Veganisten zouden wel eens de aarde kunnen redden.
Bewonder ze, of laat ze met rust: niemand zou zijn twijfelachtige levenskeuzes moeten rechtvaardigen door mensen die het beter doen te minachten.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.