Vandaag begint deel 2 van het beruchte jihadproces. Nu staan zeven vermeende jihadi’s die buiten Nederland aan het vechten waren terecht voor deelname aan de Haagse terreurorganisatie.
Dat is te veel, vond de rechtbank in Den Haag toen het openbaar ministerie vorig jaar met een lijst van maar liefst twintig verdachten aan kwam zetten. Justitie had een aanzienlijke terroristische organisatie in de Haagse Schilderswijk op het oog, met individuele rollen voor ronselaars, terugkeerders en jihadstrijders op de slagvelden van Syrië en Irak. Maar hier verloor de rechtbank toch echt het overzicht in de wirwar van namen. Okee, gaf Justitie toe. We schrappen voorlopig zeven mannen die toch buiten Nederland aan het vechten zijn. En precies die vermeende jihadisten staan vandaag – ruim een half jaar later – alsnog terecht in de extra beveiligde rechtbank op Schiphol.
Vanuit het gezichtspunt van het openbaar ministerie bleek het geen ongelukkige loop van omstandigheden. De rechtbank achtte in december het bestaan van een Haagse terroristische organisatie bewezen en deelde lange gevangenisstraffen uit aan de eerste reeks verdachten. Zo kreeg de vooraanstaande Nederlandse IS-propagandist Abu Moussa zes jaar en moest zelfs de tamelijk onbekende teruggekeerde Syriëganger Hicham el O. vijf jaar zitten. Ook veroordeelden de rechters al twee vechtende jihadisten bij verstek tot zes jaar – Anis Z. en Hatim R.
De zeven mannen die vandaag terechtstaan zijn volgens het OM hun collega’s, al vechten ze vermoedelijk niet allemaal bij dezelfde strijdgroepen. De 26-jarige half-Italiaanse bekeerling Thijs B. uit Dordrecht is de bekendste. B. is een doorgewinterde jihadist die twaalf jaar geleden al contacten had met leden van de Hofstadgroep, sinds 2013 in Syrië zou strijden en ook te zien is op een propagandafilm van IS. Op Facebook postte hij onder meer foto’s van gekruisigde tegenstanders. Ook de in Marokko geboren Abdellah R. (29) uit Den Haag is een veteraan op het slagveld. Op Facebook was hij eveneens te zien met een Kalasjnikov in de aanslag en postte hij een gruwelijke video van een onthoofding waar hij mogelijk zelf bij was.
Van Mounir el K. (34) werden in de auto van Abu Moussa in 2014 door de politie geluidsopnames gemaakt. Daarop riep hij radicale dingen als: ‘Ik zeg eerlijk, ik vind keiharde manier gewoon lekker, weet je, kop d’r af.’ De autoriteiten kenden dus zijn extremistische voorkeuren. Daarom was het opmerkelijk dat de politie veel van zijn radicale vrienden in augustus 2014 oppakte, maar El K. kort daarna nog naar Syrië kon vertrekken en vandaag dus niet lijfelijk bij zijn proces aanwezig zal zijn.
Dat is Driss D. evenmin. Na eerdere vergeefse pogingen om naar Tsjetsjenië en Somalië te gaan om de jihad te steunen, vertrok D. in januari 2014 naar Syrië. Daar zou hij in januari vorig jaar zijn omgekomen samen met zijn oude vriend Soufiane Z. met wie hij onder meer de propagandafilm ‘Oh, oh, Aleppo’ maakte. Voor de rechtbank was dat onbevestigde overlijdensbericht vorig jaar de reden om de zaak tegen Soufiane op te schorten. Maar de zaak tegen Driss krijgt vandaag bij verstek toch een inhoudelijke behandeling. Het verschil lijkt te zijn dat er zich anders dan bij Soufiane geen advocaat heeft gemeld om de belangen van Driss te behartigen.
Dan zijn er nog de drie Haagse boezemvrienden Nouredinn B. (23), Benyamine F. (23) en Az’Eddine B. (22) Hun verdwijning bracht in april 2014 de hele zaak aan het rollen. Familieleden deden aangifte van ronseling van de jongens door onder meer Abu Moussa, waarna onder de codenaam ‘Context’ het grootste jihadonderzoek uit de Nederlandse geschiedenis van start ging. Die specifieke rekrutering door Abu Moussa is nooit bewezen, maar de ‘slachtoffers’ daarvan, staan nu dus als daders voor de rechter. De politie vond foto’s van het gewapende drietal. En een Haagse wijkagent herkende Benyamine F. als gemaskerde strijder van Jahbat al-Nusra in een video in de puinhopen van Aleppo.
De zitting vandaag zal een wat verwarrend verloop kennen. Vier zaken worden bij verstek door de rechtbank inhoudelijk behandeld, drie zaken nog niet omdat zich advocaten hebben gemeld die met nieuwe onderzoeksvragen zullen komen. Maar deze procesdag kent zelfs een voorprogramma. In alle vroegte staat Martijn N. in een eerste proforma-zitting als enige wel in levende lijve voor de Haagse rechtbank. N. is pas vorige maand in Turkije opgepakt omdat hij naar Syrië zou hebben proberen te reizen. De Turken hebben hem vorige week overgedragen aan Nederland.
Volgens het openbaar ministerie staat deze zaak los van die van andere verdachten. Toch is dat niet helemaal waar. De naam van van N. – die zich Latif laat noemen – komt ook voor in het vertrouwelijke strafdossier waar Vrij Nederland inzage in heeft, als contact van leden van de Haagse Context-groep. Ook zou Latif hebben deelgenomen aan bekeringsactiviteiten van de radicale groep moslims. Je zou daaruit voorzichtig de conclusie kunnen trekken dat justitie met de arrestaties in 2014 niet het gehele Haagse netwerk onschadelijk heeft gemaakt.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.