Eigenlijk had dit boek de titel Lassie, Lassie moeten dragen. Dat mocht niet van de uitgeverij. Een aantal gerenommeerde boekinkopers zag er ook geen heil in, dus die strijd verloor ik: men zou denken aan de hond Lassie of aan een bepaald merk toverrijst, werd mij verzekerd.

Ik heb er spijt van dat ik me van mijn oorspronkelijke idee af heb laten brengen en me heb laten voorschrijven hoe het moet: hoe het moest en wat er hoorde, daarvan trok de auteur van dit boek en koningin van de autonomie zich weinig aan. Haar eigengereide, onafhankelijke houding vormt bij uitstek de grote aantrekkingskracht die Renate Rubinstein op mij uitoefent.

Deze Lassie, Lassie-anekdote is hier een typerend voorbeeld van: ‘M’n moeder heeft me verteld dat ik als heel klein kind door de salon vol mensen kon hollen en roepen: “Lassie, Lassie”, alsof het mijn naam was. Dat kwam doordat mijn vader zei dat iemand me probeerde tegen te houden, op te pakken, aan m’n arm vasthouden of zo. Dan begon ik...