Minister Henk Kamp zei het begin dit jaar in de Tweede Kamer met grote stelligheid: ‘Ik kan de Kamer vertellen dat er in Nederland geen euro subsidie naar fossiele energie gaat. Er gaat alleen subsidie naar duurzame energie.’
Ik heb een zwak voor Henk Kamp (VVD, Economische Zaken). Misschien komt het door zijn Twentse accent dat mijn verwen-oma vroeger ook had, zijn houterige manier van bewegen of die onderkoelde zinnen die onder zijn uitgestreken gelaat een smeulende gedrevenheid verraden. Misschien is het zijn moed. Ook al kookt Groningen van woede om de zoveelste aardbeving of de publicatie van een rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid dat klip en klaar stelt dat Den Haag nooit ene suikerbiet heeft gegeven om de veiligheid van Groningers – Kamp reist af naar de plaats des onheils, kijkt de ziedende Groningers recht in de ogen en zegt: ‘Sorry.’ Respect. Kamp maak je niet snel gek. In een volle zaal klaagde een Groningse demonstrant ooit over de hardhandige manier waarop hij door de politie werd bejegend. Het publiek joelde, maar Kamp bleef Kamp: ‘Daar zult u het dan wel naar gemaakt hebben.’ Je zou willen dat alle ouders hun kinderen zo opvoeden.
Fiscale douceurtjes
Zijn beleid is rechts en pro-fossiel, maar Kamp is ook consequent. Het Energieakkoord (een polderproduct van de SER, waarin duurzame doelen staan geformuleerd) kan geregeld rekenen op ongenoegen in zijn VVD, maar Kamp houdt er al dan niet tandenknarsend aan vast – afspraak is afspraak. En toch slaat zo’n keurige minister de plank mis. Deze zomer berekende het IMF – bepaald geen club van linkse rakkers – dat Nederland het gebruik van fossiele brandstoffen jaarlijks met 9,6 miljard euro (528 euro per Nederlander) subsidieert. Het IMF keek naar directe én indirecte staatssteun. Fossiele bedrijven hoeven namelijk niet op te draaien voor bijvoorbeeld luchtvervuiling en klimaatverandering, en het IMF ziet dit als een verkapte subsidie.
Kamp mag dit geen subsidie noemen omdat er niet rechtstreeks geld wordt overgemaakt, maar de rest van de wereld doet dat wel.
Onlangs concludeerde de OESO – toch ook geen geitenwollensokkenclub – dat Nederland ‘de productie of consumptie van fossiele brandstoffen direct ondersteunt’. Zo hoeft de tuinbouw voor aardgas minder energiebelasting te betalen (kost de schatkist jaarlijks 95 miljoen euro), wordt het exploiteren van kleine, onrendabele gasvelden ondersteund door een afnamegarantie en mogen bedrijven die aardgas op zee winnen rekenen op fiscale douceurtjes.
Volgens de OESO kostte deze en andere staatsteun Nederland vorig jaar minstens € 128.375.317,50. Geen subsidie of fiscaal voordeel voor fossiele brandstoffen, zoals Kamp in antwoord op schriftelijke Kamervragen andermaal beweert? Alleen gekke henkie zal Kamp geloven.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.