Op de Republikeinse Conventie in Cleveland zag je het soort woede waar Seneca ooit al over schreef. Het nieuwe boek van Martha Nussbaum Anger and Forgiveness gaat ook over zulk soort woede: niet constructief en daarom ‘dangerous’.

Het is niet leuk meer. De publieke ruimte van internet, televise en de sociale media wordt in beslag genomen door het geschreeuw van wijd open gesperde monden, door gebalde vuisten, vlaggen en borden waarop staat dat iemand opgesloten of dood moet. Harde gezichten, harde taal. Op de Republikeinse Conventie in Cleveland werd geschreeuwd, gevloekt, gejoeld en gespuugd. Dit was een soort woede die de stoïcijn Seneca al rond het jaar 40 beschreef: ‘brandende, fonkelende ogen, het gelaat helemaal paars vanwege het bloed dat diep uit de borst opbruist, bevende lippen, opeen geklemde tanden, haren die stijl overeind gaan staan, een geforceerde, gierende ademhaling, knakkende vingerkootjes, zuchten, steunen, slecht gearticuleerde woorden, zinnen die plotseling afgebroken worden….’

Geen wonder dat Maxim Februari in zijn column van 19 juli in NRC Handelsblad schrijft dat hij besloten heeft een warmer persoon te worden. Er is grote behoefte aan warme persoonlijkheden. Niet dat hij zelf aan het schreeuwen was geslagen en daar mee op wilde houden. Hij was niet eens woedend, had alleen maar genoeg van zichzelf als iemand die voortdurend rationeel zat te overwegen. Hij wilde wel eens spontaner en warmer zijn, verleid door de cursus ‘Hoe word ik een warmer persoon in zeven stappen?’: ‘Sommige mensen stralen warmte en liefde uit. Dit zijn de mensen waar anderen zich prettig bij voelen. Beteken meer voor je omgeving en verander in een warmer persoon.’ Dat wilde Februari, ook al ontsnapt hem nog een hardgrondig ‘Barst!’ wanneer de computer niet doet wat hij wil.

Seneca | Wikimedia

Deze behoefte om meer warmte uit te stralen mag bij Februari een en al ironie zijn (niemand heeft bij hem ooit een gebrek aan warmte opgemerkt), maar ondertussen komt dat verlangen niet helemaal uit de lucht vallen. Iedereen lijkt kwaad. Ook al schreef Seneca in het jaar 40 al een uit drie delen bestaand boek over woede, de Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum doet haar oude Seneca-liefde eer aan door het in haar nieuwe boek Anger and Forgiveness over alle vormen van hedendaagse woede te hebben. Anders dan Seneca beschouwt zij het uiten van emoties helemaal niet als slecht, maar de ‘rage’ die Donald Trump ontketent vindt ze in een interview in The Atlanticdangerous’ en kan Amerika op de lange duur grote schade berokkenen.

Nussbaum is een kenner van emoties, als schrijfster van boeken als Wat liefde weet en Politieke emoties. Emoties zitten vol kennis, oordelen en waarden. Zelf heeft ze herhaaldelijk gemerkt dat filosofie in de weg zit wanneer het gaat om het uiten van emoties: ‘We aren’t very loving creatures, apparently, when we philosophize,’ heeft ze eens geschreven. In een interview in The New Yorker van vorige week zegt ze dat ze altijd het gevoel heeft gehad dat haar moeder haar werk als filosofe maar niks vond, zelfs ‘cold and detached’. Nussbaums moeder lag op sterven toen ze naar Dublin moest voor een lezing. Haar gedachten daar draaiden voortdurend om haar moeder. Maar ze besloot in de praktijk te brengen wat de stoïcijnen haar hadden geleerd: onthecht je, maak jezelf onkwetsbaar en doe wat je moet doen. Ze gaf haar lezing. De volgende dag spoedde ze zich terug naar Philadelphia maar kwam net te laat, haar moeder was een paar uur eerder overleden.

Martha Nussbaum | Foto: Wikimedia

Het waren niet alleen de stoïcijnen, over wie ze in De breekbaarheid van het goede uitvoerig had geschreven, maar ook de invloed van haar vader die haar aanspoorde eerst aan zichzelf en haar werk te denken. Haar vader was een uiterst conservatieve Amerikaan die niets van joden en zwarte mensen moest hebben. Als kind kon zij het goed met hem vinden (‘he symbolized beauty and wonder’), anders dan haar zus, die haar vader ‘een pathologisch geval’ noemde: een soort elitaire Archie Bunker. Hoeveel Nussbaum ook van haar vader hield, zodra ze zelfstandig was deed ze alleen maar dingen die hem niet bevielen: een praktisch-filosofische belangstelling ontwikkelen voor sociale vraagstukken, trouwen met een joodse man en (tegen de stoïcijnen in) het herwaarderen van het belang van de emoties. Eén kant van haar vaders instelling heeft ze overgenomen, vertolkt door de laatste zin van een gedicht waar hij op gesteld was: ‘I am the captain of my soul.’ Nussbaum, die altijd de breekbaarheid van het bestaan benadrukt (‘our complicated, messy humanity’), is altijd de zelfverzekerdheid zelf en de baas over haar emoties. Ze is zowel een fijnbesnaarde, misschien wel warme persoonlijkheid, als gedecideerd.

Lezen betekent het ontwikkelen van morele verbeelding, je verplaatsen in onbekende personages.

De herinnering aan haar rationalistische en racistische vader heeft Nussbaum al vroeg uitgewist door het vanaf haar eerste boek over sociale vraagstukken te hebben en door de filosofie te verbinden met literatuur. Ze heeft de esthetische empathie in de filosofie geïntroduceerd door Marcel Proust, Charles Dickens en Henry James te lezen met filosofische ogen. Lezen betekent het ontwikkelen van morele verbeelding, je verplaatsen in onbekende personages. De lezer van een roman leeft mee met de personages, is er solidair mee, heeft er compassie voor, lijdt met ze mee. Ze is het met Richard Rorty eens dat De negerhut van oom Tom meer voor de emancipatie van de zwarten heeft gedaan dan welke filosofie ook. Nussbaum is de wereld ook gaan zien door de ogen van de tragedies van Aeschylus, Euripides en Sofokles. Hoe ‘constructief’ ze ook denkt (zoals in haar rapporten voor de Verenigde Naties), ze houdt altijd rekening met het krakkemikkige karakter van de werkelijkheid, waarin de rol van het toeval, ook wel de spelingen van het lot genoemd, aanzienlijk is. Voor haar zijn filosofen de advocaten van de menselijkheid, altijd rekening houdend met de breekbaarheid van mensen en van het bestaan.

Vandaar dat Nussbaum heel anders kijkt naar het geschreeuw en gekrijs op de Republikeinse Conventie. Zij ziet niet alleen de ‘dangerous rage’ die Trump ontketent, maar tegelijk de ‘hulpeloosheid’ van de Amerikanen die hier hun ongenoegen laten blijken over het afkalven van hun status en het verdwijnen van banen naar andere landen, zoals China: ‘Trump makes them feel that if they turn their helplessness into rage, they will accomplish something.’ Maar dat gebeurt niet, want Trump doet er niets aan omdat hij geen solide idee heeft ‘about direction and policy’. Het blijft bij woede die niet wordt omgezet in constructieve ideeën.

Volgens Nussbaum zijn Amerikanen masculien ingesteld op payback, op straffen, vergelding en genoegdoening, niet op preventie. Straf is de vertaling van woede.

Anger and Forgiveness sluit wel goed aan bij de woede die nu heerst onder Republikeinen en bij de woede van de huidige raciale onlusten, maar reikt verder dan het heden. Er is volgens Nussbaums iets grondig mis met het strafsysteem in Amerika. Het massaal gevangen zetten heeft geen enkel effect, er komen alleen maar gevangenen bij: ‘Punishment is too late’. Alles moet ingezet worden om criminaliteit te voorkomen: opvoeding, onderwijs, goede behuizing, aangename omgeving, goede voorzieningen. Volgens Nussbaum zijn Amerikanen masculien ingesteld op ‘payback’, op straffen, vergelding en genoegdoening, niet op preventie. Straf is de vertaling van woede. Veel verder kijken dan straffen gebeurt niet. Om de aandacht af te leiden van de woede en het straffen heeft Nussbaum het over de roman Effie Briest van Theodor Fontana. De misstap wordt Effie door haar echtgenoot daarin vergeven. Maar daar steekt een woedende sociale omgeving een stokje voor: gestraft moet er worden. Woede en straf suggereert controle over de situatie, maar bereikt niets, is Nussbaums boodschap.

Wanneer Nussbaum het heeft over het gebrek aan generositeit bij Amerikanen is het alsof Februari’s nieuwe warme persoonlijkheid even om de hoek komt kijken. Als voorbeeld.

Anger and Forgiveness. Resentment, Generosity, Justice door Martha Nussbaum is uitgegeven door Oxford University Press.