Het werd zomaar ineens gebruikt en nestelde zich meteen met een vleugje ironie in het taalgebruik. Door de maatregelen tegen het coronavirus een ‘intelligente lockdown’ te noemen werd intelligentie, slimmer nadenken, zomaar in ere hersteld. Niet meer maar wat voor je uit bazelen, maar alle krediet voor het wikken en wegen, dubben, twijfelen, met de nuances rekening houden, niet de botte bijl gebruiken, niet met het voor de hand liggende genoegen nemen. Vooral niet rechtlijnig te werk gaan. Er nog eens twee keer over nadenken. Kenners raadplegen. Misschien moet er nog iets verfijnd worden?

Het woord ‘intelligent’ had onder normale omstandigheden niet gebruikt kunnen worden: veel te pretentieus, niet plat genoeg. Nu glipte het er door. Het herinnerde aan een oud gebruik. Intelligent te werk gaan is immers met zoveel mogelijk gevoelens en omstandigheden rekening houden. Het is niet langs de lineaal denken, en zoveel mogelijk zoekend, aftastend, experimenteel, proberend te...