Hugo de Jonge maakte er in het voorjaar al geen geheim van dat hij helemaal niet zat te wachten op een lijsttrekkersverkiezing, naast zijn hectische bezigheden als minister van Volksgezondheid middenin de coronacrisis. Tot zijn grote opluchting wist de bewindsman met de vrolijke schoenen de verkiezingen met hakken over de sloot te winnen van Pieter Omtzigt.

Maar dezer dagen zal hij zich regelmatig afvragen waarom hij überhaupt aan het lijsttrekkerschap begonnen is. Zo’n moment deed zich afgelopen maandag voor, toen De Jonge in de Eerste Kamer moest optreden bij een urenlang, complex debat over de coronawet. Tussendoor moest hij regelmatig bellen en appen met de kandidatencommissie en het verenigingsbestuur van het CDA, die op hetzelfde moment voor het laatst in conclaaf waren.

Met een getergd gezicht probeerde De Jonge op de valreep nog zijn voorkeuren mee te geven. Zoals: een goede plek voor zijn vertrouweling en politiek adviseur Bart van den Brink en een verkiesbare plek...