In de eerste plaats moeten gemeenten hun bestuursstijl aanpassen, zegt hoogleraar beleidswetenschap Hans van den Heuvel. ‘In een mondige, geïnformeerde en assertieve samenleving willen burgers niet worden overvallen door een beslissing van de gemeente.’ Want dat gebeurt nu veel te vaak. De opening van een nieuw azc is dan letterlijk ‘een bestuurlijke overval die met behulp van de ME moet worden beslecht.’
Dat kan ook anders, zegt Van den Heuvel. ‘Houd eerst een enquête waarin de bewoners worden geïnformeerd over de voorgenomen plannen en vraag of ze een groep asielzoekers in hun midden willen opnemen, voor hoe lang en op welke plekken.’
Die aanpak zal hoogstwaarschijnlijk leiden tot kleinere asielzoekerscentra. Goed plan, vindt hoogleraar internationaal vluchtelingenrecht Marjoleine Zieck. Volgens haar lopen veel boze bewoners niet te hoop tegen de komst van asielzoekers, maar wel tegen de enorme aantallen.
Zieck wijst op een recente opiniepeiling in Geldermalsen (na de rellen) waarin 80% van de ondervraagden voorstander bleek te zijn van een asielzoekerscentrum. Daarvan wilde 65% dan wel een kleiner centrum dan de voorgestelde 1500 opvangplekken. ‘De menselijke maat is verdwenen,’ meent Zieck. ‘Illustratief was het dorp Oranje met 140 bewoners dat 1400 vluchtelingen zou moeten opvangen.’
Volgens de hoogleraar lijkt deze aanpak vooral ingegeven door efficieny. ‘ Het is natuurlijk gemakkelijker en ongetwijfeld goedkoper om vluchtelingen in grote groepen op te vangen. Maar de onbedoelde kosten van deze efficiency worden niet verdisconteerd: het verlies van goodwill en een bijzonder ongastvrije indruk die wordt gewekt in binnen- en buitenland.’ Ook voor vluchtelingen zelf is de ‘massale opvang in afgelegen gebieden’ verre van een ideale kennismaking met een land waar velen nog lang zullen blijven. Zieck pleit voor kleinschalige opvang. Als goede voorbeelden noemt ze het azc in Scheerwolde (opvang voor 35 asielzoekers), Den Haag Loosduinen (40), Deventer Het Vlier (50).
Plaats die kleinschalige asielzoekerscentra dan ook meteen in het stadscentrum, zegt bestuurswetenschapper Duco Bannink, ‘op schoot bij het stadsbestuur. Zo straalt de bestuurlijke elite uit dat ook zij willen delen in het dragen van de mogelijke lasten.’ Nu verrijzen azc’s vaak in buitenwijken, waardoor bewoners het gevoel bekruipt dat zij worden opgezadeld met de problemen. ‘Er bestaat nu geen overkoepelend idee over hoe we moeten omgaan met de grote aantallen asielzoekers. In zo’n geval moet je als bestuurder visie ontwikkelen en de vlucht vooruit kiezen. Dan kan je uit de impasse geraken.’ Een azc in het stadscentrum is niet alleen een krachtig signaal, zegt Bannink. ‘Het is vaak ook het meest diverse deel van de gemeente, waar asielzoekers het gemakkelijkst kunnen opgaan in de samenleving.’
Als ik in hun schoenen zou staan, zou ik ook zeggen: waarom moeten wij die vluchtelingen allemaal opvangen?
De sleutel ligt bij rijk Nederland, denkt politiek econoom Paul Teule. Nu komen azc’s juist in de armste wijken en dorpen terecht. ‘De antivluchteling-stem wil dat we zo weinig mogelijk geld aan opvang uitgeven. Dan kom je zonder het te willen vanzelf op goedkope locaties uit, waar vooral arme mensen wonen. Als ik in hun schoenen zou staan, zou ik ook zeggen: waarom moeten wij die vluchtelingen allemaal opvangen?’ Teule pleit voor een herverdeling. ‘Rijke mensen moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Het zou goed zijn als ook Wassenaar een azc zou krijgen.’ Teule denkt dat met name de VVD het tij kan keren. ‘Het echt rijke deel van Nederland stemt VVD. Er zou een VVD’er met lef moeten opstaan die zegt dat we de armste delen van Nederland moeten ontlasten door meer geld te steken in het bouwen van opvanglocaties in de welvarendste gemeenten van Nederland. Daardoor zal de bereidheid om asielzoekers op te vangen ook in andere delen van Nederland toenemen.’
Om meer gemeentebesturen over te halen een asielzoekerscentrum te huisvesten, moet het Centraal orgaan Opvang Asielzoekers (COA) veel transparanter zijn over de voordelen van een centrum. Dat zegt arbeidseconoom Aslan Zorlu. ‘Elk asielzoekerscentrum brengt economische voordelen met zich mee. Allereerst gaat het gepaard met investeringen van de landelijke overheid. Daarnaast geven asielzoekers hun geld uit in de directe omgeving van de opvanglocatie, wat goed is voor lokale ondernemers.’ Bovendien, zegt Zorlu, blijkt uit onderzoek onder omwonenden van azc’s dat ze nauwelijks overlast hebben. ‘De eerste reacties zijn vaak heftig, maar later zien buurtbewoners ook de voordelen van het azc in.’ Volgens hem is het azc in Oude Pekela de enige negatieve uitzondering op deze regel. Daar komen de problemen steeds terug.
Het is jammer dat we zo weinig positieve verhalen kunnen vertellen over de integratie van asielzoekers. Zorlu: ‘Slechts de helft van alle vluchtelingen die al tien jaar een status heeft, heeft een baan. Dat komt door falend beleid. We hebben gezonde, weldenkende mensen jarenlang in een centrum laten zitten zonder dat ze iets mochten doen.’ Hij vreest dat de overheid daar nog altijd te weinig van heeft geleerd. ‘De bureaucratie reageert nog altijd blijkbaar veel te sloom.’ Zorlu pleit ervoor asielzoekers al cursussen te laten volgen terwijl ze nog in de procedure zitten. Dat geeft ze meer kans op een baan. En mochten ze uiteindelijk geen vluchtelingenstatus krijgen en terug moeten naar het land van herkomst, dan hebben ze iets geleerd. ‘Zulke cursussen hoeven niet per se veel geld te kosten. Gemeenten kunnen hiervoor lokale vrijwilligers inzetten, al die mensen die dolgraag iets voor vluchtelingen willen betekenen.’
De Oplossers
In de rubriek De Oplossers presenteert onderzoeksbureau Tertium antwoorden op complexe vragen die zijn voorgelegd aan meer dan 400 wetenschappers van VU en UvA. Kijk op deoplossers.nl voor een overzicht van de interessantste bijdragen over de vraag van deze week.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.