Het is geen sportwedstrijd, maar toch wordt er na afloop van het eerste presidentiële debat in Amerika vannacht een winnaar uitgeroepen. Door de media, die als onafhankelijke scheidsrechter optreden. Maar hoe evenwichtig gedraagt die scheidsrechter zich eigenlijk?

Het begon met een column van Nobelprijswinnaar Paul Krugman in de New York Times op 5 september waarin hij zijn ergernis over de voortdurende beschuldigingen in de pers over mogelijke corruptie door de Clintons van zich af schreef. Trump, schreef Krugman, ‘is being graded on a curve’, oftewel: hij wordt wel heel schappelijk beoordeeld. Krugmans voorbeelden: als Trump het presteert om een toespraak van een TelePrompter voor te lezen, wordt hij beoordeeld als ‘presidentieel.’ Als Trump zegt dat hij misschien de 11 miljoen illegale immigranten níet het land zal uitflikkeren, wordt gezegd: ‘Trump schuift op naar het midden.’ En Clinton? Zij wordt in de pers afgeschilderd als ‘corrupt’. Waar zijn we in godsnaam mee bezig, vroeg Krugman zich af.

Krugmans tirade bleek menig journalist uit het hart gegrepen. Want ineens barstte de discussie los. Welke rol spelen de media in de perceptie van de twee kandidaten bij de kiezer? Hebben de media bijgedragen aan het frame dat Clinton ‘liegt’ en ‘corrupt’ is? Leggen wij, journalisten, Trump wel op dezelfde pijnbank als die waarop we Clinton leggen? En al die vragen hebben blijkbaar tot een omwenteling geleid, want ineens lijken de media kritischer over Trump dan ooit. Ineens hebben ze er tabak van als ze met hun camera’s op komen draven voor persconferentie van Trump, die in feite een infomercial blijkt voor zijn nieuwe hotel in Washington.

Maar wat als Trump wint? Are the media to blame?

Hier in een paar discussiepunten binnen de media:

De leugen

Op 17 september deed de New York Times iets bijzonders. Voor het eerst plaatste de krant een kop boven een voorpagina-artikel over Donald Trump waarin het woord ‘leugen’ stond. Trump had met een 33 seconden durende verklaring afstand genomen van het birtherism, de complottheorie dat president Obama niet in Amerika zou zijn geboren. De krant kopte: ‘Trump gives up a lie but refuses to repent.’

Het vlaggeschip van de Amerikaanse media gebruikt het woord ‘leugen’ als het over een politicus gaat vrijwel nooit. Maar Trumps birtherism was een speciale kwestie, legde hoofdredacteur Dean Baquet uit in een interview met National Public Radio. ‘Trumps opmerkingen waren dit keer geen vertroebelingen of overdrijvingen. Het waren overduidelijk leugens. Het had de intentie van een leugen.’

Dat Donald Trump liegt alsof het gedrukt staat is geen nieuws. Het onafhankelijke factcheckbureau PolitiFact oordeelde dat 53 procent van Trumps uitspraken ‘onwaar’ of zelfs aperte leugens zijn. ‘Pants on fire’ heet dat laatste in factcheckjargon, naar het kinderrijmpje ‘Liar, liar, pants on fire.’ Hillary Clinton daarentegen scoorde 13 procent. Maar ondanks deze resultaten van de factcheckers, worstelde de mainstream pers er lange tijd mee hoe om te gaan met Trumps leugens. Want Trump is een geval apart, hij ‘is in a category of his own’. David Remnick hoofdredacteur van het weekblad The New Yorker, beschreef het plastisch toen hij een nieuwe serie artikelen Trump and the Truth aankondigde: ‘Donald Trump does not so much struggle with the truth as strangle it altogether. He lies to avoid. He lies to inflame. He lies to promote and to preen. Sometimes he seems to lie just for the hell of it.’

Kabelnieuwszenders als CNN en MSNBC hebben hun eigen, innovatieve manier gevonden om Trumps leugens te ontmaskeren. Ze gebruiken soms de chyron, de tekst onder in beeld voor een instant factcheck. CNN deed dit voor het eerst in juni. Trump was in beeld. Daaronder zijn verklaring in tekst, met een correctie tussen haakjes.

Twitter

Deze dienst is alleen beschikbaar wanneer alle cookies zijn geaccepteerd

Wijzig cookie voorkeur

Tijdens het debat maandag zijn er geen live factchecks. Het is de moderator die met follow-up vragen de leugen zal moeten ontrafelen. En als hij het niet doet, dan zal Clinton het moeten doen. Een hele opgaaf want in een debat zonder scheidsrechter kan het snel ontaarden in ‘welles-nietes’.

Het resultaat is dat Amerikanen ervan overtuigd zijn dat Clinton in hart en nieren corrupt is.

Gelijke monniken, of niet

Krijgen de twee presidentskandidaten in de media dezelfde behandeling? Nee, vindt Paul Krugman, en met hem vele anderen. Dit is het argument: Trump krijgt ook negatieve pers, maar meestal gaat het over zijn meeste recente idiote uitspraak. Er liggen tal van Trumpschandalen die verder uitgezocht kunnen worden, van zijn overzeese deals tot zijn behandeling van kleine ondernemers. Hierover verschijnen wel verhalen, maar alleen incidenteel.

Clinton, daarentegen, krijgt de volle laag. Horden journalisten hebben zich op de Clinton Foundation gestort. En de verhalen hierover strekken zich uit over maanden. Elke keer wordt een ‘onthulling’ groot gebracht. Maar in feite wordt er weinig onthuld. Niemand heeft na maanden zoeken bewezen dat donateurs aan de Clinton Foundation door Hillary’s State Department werden bevoordeeld. Niettemin vermelden alle media dat de relatie tussen de Foundation en Clintons ministerschap ‘vragen’ oproept, dat het de schijn van belangenverstrengeling heeft en dat het om shady deals gaat. Zonder dit ooit te bewijzen.

Dat campagnegeld van donateurs een grote rol speelt in de Amerikaanse politiek is bekend. Politici, van de backbencher in het Congres tot president Obama toe, ontmoeten donateurs tijdens hun campagne. Waarom alleen Clinton aan de schandpaal genageld wordt vanwege deze praktijken, maken de verhalen ook nooit duidelijk.

Maar het resultaat is dat Amerikanen ervan overtuigd zijn dat Clinton in hart en nieren corrupt is.

Hetzelfde proces speelt zich af rond de emails en haar privéserver. Clinton heeft zelf toegegeven dat ze dit niet had moeten doen. En hoewel ze een uitbrander kreeg van de FBI, concludeerde die ook dat ze geen staatsgeheimen op haar privéserver had staan. Daarom was er geen enkele reden om haar strafrechtelijk te vervolgen.

Ik wil niet zeggen dat Clintons emails en de Clinton Foundation geen legitieme onderwerpen zijn voor journalisten. Natuurlijk zijn ze dat. Natuurlijk moet je het uitzoeken. Alleen: als je niets vindt, moet je dat óók melden.

En Trump? Newsweek publiceerde onlangs een verontrustend verhaal over alle zakendeals die Trump heeft met omstreden zakenmensen in tal van landen waarmee de VS op z’n zachtst gezegd moeilijke relaties heeft. Het verhaal schreeuwt om verder onderzoek. Een krant als de New York Times is in het huidige medialandschap de enige die een internationaal team van journalisten kan inzetten om het tot op de bodem uit te zoeken. Ik heb het nog niet gezien. Misschien komt het nog. Ik hoop het.

Filantropie

Het kan ook anders. Dat laat journalist van de Washington Post David Fahrenthold zien. Hij onderzocht de giften van de Donald J. Trump Foundation, omdat Trump voortdurend beweert dat hij tientallen ‘miljoenen dollars’ aan goede doelen geeft. Fahrenthold wilde weten of dit waar is en deed dat ouderwets met pen en papier, belde stad en land af, en maakte, heel bij de tijds, screenshots van zijn onderzoek die hij op Twitter deelt.

Twitter

Deze dienst is alleen beschikbaar wanneer alle cookies zijn geaccepteerd

Wijzig cookie voorkeur

Trump is bullshitter, maar blijkbaar vergeeft Amerika een bullshitter veel.Trump blijkt helemaal geen filantroop te zijn. Als hij al geld schenkt, dan is dat geld dat bevriende zakenrelaties aan zijn stichting geven, wat Trump vervolgens met veel publicitair spektakel aan zijn filantropie doneert. Inmiddels heeft Fahrenthold al meerdere overtredingen van de regels voor charitatieve instellingen vastgesteld. De meest controversiële donatie was die aan de verkiezingscampagne van een Republikeinse Officier van Justitie in Florida (Trump kreeg er een boete voor van de belastingdienst, want een stichting mag geen geld doneren aan politieke campagnes). Deze Pam Bondi had op haar bureau klachten liggen van burgers in Florida die meenden dat ze waren bedrogen door Trump University. Bondi dacht erover om dit verder te onderzoeken. Maar het was blijkbaar een heel vluchtige gedachte, want ze deed niets met de klachten na de ontvangst van Trumps donatie.

Bullshitter

Een van de oorzaken van de onevenwichtige verslaggeving over Trump en Clinton is de verschillende mate van transparantie. Over Hillary Clinton en de Clinton Foundation liggen de documenten voor het oprapen. Van Trump is niets bekend. Hij is de eerste presidentskandidaat sinds 1976 die weigert zijn belastingformulieren openbaar te maken.

Soms werkt transparantie blijkbaar tegen je.

Journalisten vertellen bovendien graag een verhaal. En als je een verhaal kan schrijven dat bij een bestaand verhaal aansluit, des te beter. Hillary Clinton staat al een kwart eeuw in de schijnwerpers. Ze is, zo weten we allemaal, want zo werkt een narratief, geheimzinnig, gesloten, ze heeft een problematische relatie met de media, ze zoekt de randjes van wat is toegestaan op. Iedere ‘onthulling’ over emails, over de Clinton Foundation, zelfs over haar longontsteking, bevestigt dit narratief.

Donald Trump is een outsider. Hij is een mysogynist, een racist, een xenofoob en ook een zakenman met een zeer discutabele staat van dienst. En dat is ook een narratief: Trump is bullshitter, maar blijkbaar vergeeft Amerika een bullshitter veel.

In de dagen die op het eerste Clinton vs. Trump debat volgen, zullen we ook de media-consensus over ‘de winnaar’ kritisch moeten analyseren. Krijgt Trump een cijfermatig voordeeltje? Wordt Clinton in een oud frame gedwongen? Zijn de leugens ontmaskerd? Want niet alleen Clinton en Trump zijn in debat. Hetzelfde geldt voor de media.