Ondanks de onzekerheid, de gezondheidsverklaringen, de PCR- en sneltesten hebben velen van u het er toch op gewaagd: een vakantieoord over de grens. Maar de kans dat u die bestemming heeft gekozen op basis van uw DNA-profiel is klein. Niettemin bieden touroperators hun klanten al jaren de mogelijkheid om hun genen te laten spreken bij het bepalen van hun volgende reisbestemming. Onder de noemer ‘themareizen’ worden naast avontuurlijke, culinaire, antropologische en culturele trips ook genetische bestemmingen aangeboden. Het thema bent u dan zelf. U hoeft zich niet te verdiepen in de historische wetenswaardigheden van de plek, leidend is de geschiedenis die in uzelf huist.
Touroperators werken daarbij samen met bedrijven die commerciële DNA-tests aanbieden. Als een klant geïnteresseerd is, kan op basis van speeksel een DNA-profiel worden opgesteld waaruit de genetische geografische afstamming van die persoon kan worden afgeleid. Het idee is dit: ieder mens krijgt de ene helft van zijn of haar DNA van de moeder en de andere helft van de vader. Dat geldt ook voor de ouders: samen dragen zij het DNA van hun vier ouders bij zich die het op hun beurt weer van acht grootouders hebben gekregen. Op die manier sijpelen dus specifieke kleine stukjes DNA van onze voorouders van generatie op generatie naar ons door. Specifieke varianten zijn in bepaalde delen van de wereld vaker doorgegeven dan in andere. Zie daar de genetische diversiteit van de wereldbevolking.
Wanneer we de DNA-profielen van duizenden en duizenden mensen uit verschillende delen van de wereld vergelijken, ontstaat er een patroon dat laat zien waar bepaalde genetische variaties vaker voorkomen. Bij het opstellen van een nieuw DNA-profiel kan dan bijvoorbeeld het volgende worden geconcludeerd: 46 procent genetische verwantschap met mensen uit Georgië, 23 procent met die uit Ierland, 21 procent Engeland, 4 procent Frankrijk, 4 procent Ghana en 2 procent Mali. Dit is geen bijzonder geval, het zou ook uit uw profiel afgelezen kunnen worden.
Van belang is dat deze cijfers niet hard zijn. Het zijn percentages die afhankelijk zijn van de databank waarmee een profiel is vergeleken, van hoe groot die databank is en wie er in die databank zijn opgenomen. Met elk volgend profiel dat aan de databank wordt toegevoegd, gaan de getallen schuiven. Het gaat dus om waarschijnlijkheidsberekeningen.
Dit fenomeen kan tot grote verassingen leiden. Zo leek Oprah Winfrey toen ze in 2006 haar eerste DNA-test deed, verwantschap te hebben met bevolkingsgroepen in West-Afrika (onder meer Ghana), om een paar jaar later genetisch juist meer te lijken op de Zoeloe-bevolking uit Zuid-Afrika.
Eén grote familie
Het idee voor ‘genetisch toerisme’ ontstond in 2016, toen reiszoekmachine Momondo de campagne ‘DNA Journey’ introduceerde. In Londen en Kopenhagen werd een diverse groep jonge mensen gerekruteerd met een sterk nationalistisch gevoel, bijvoorbeeld Frans, Engels, Koerdisch of Baskisch. De resultaten van hun DNA-profiel zouden bepalend zijn voor de landen die ze zouden gaan bezoeken, en dat konden ook landen zijn waar ze een sterke aversie tegen hadden.
De gedramatiseerde onthulling van hun DNA-profiel was voor velen een eyeopener, getuige ook de miljoenen views op YouTube van de film die ervan werd gemaakt (ook zeer populair onder mijn studenten).
De boodschap: we zijn één grote familie. En als we ons DNA zouden laten spreken, zouden de vooroordelen snel de wereld uit zijn. Hoewel ik dat een zeer sympathieke boodschap vind en hoewel dit een belangrijk les is van de genetica, weten we ook dat het effect ervan net zo tijdelijk kan zijn als een vakantieliefde.
‘Vampierproject’
Belangrijker is dat we deze technieken mede te danken hebben aan een behoorlijk controversieel project, het Human Genome Diversity Project (niet te verwarren met de grote broer Human Genome Project waarover ik het op deze plaats al vaker heb gehad).
Het Diversiteitsproject werd begin jaren negentig geïnitieerd door een groep populatiegenetici in de Verenigde Staten. Ze wilden de genetische diversiteit van de mensheid in kaart brengen om zo de migratiegeschiedenis uit Afrika en de hedendaagse verwantschap tussen bevolkingsgroepen beter te begrijpen. Op zich een mooi idee – ware het niet dat zij daarvoor DNA wilden verzamelen onder vijfhonderd geïsoleerd levende inheemse populaties.
Waar bevolkingsgroepen in moderne samenlevingen als een smeltkroes worden beschouwd en daarom als genetisch complex, werden deze populaties als levende fossielen gezien in wier genen de geschiedenis van de mensheid opgeslagen zou zijn.
Hoewel de initiatiefnemers van meet af aan stelden dat het diversiteitsproject juist zou bewijzen dat ‘biologische rassen’ niet bestaan, werd het meteen in een debat over wetenschappelijk racisme getrokken.
Inheemse organisaties reageerden prompt: ‘Wij hebben geen genetici nodig om te weten wie we zijn, waar we vandaan komen en waar we naartoe gaan.’ Waarmee ze zeiden: dit project gaat niet over ons. Het werd geframed als een geval van ‘koloniale extractie’ met DNA als ruw materiaal: ‘knowledge for the West and genes from the rest’.
Omdat populatiegenetici van het project in de tijdschriften Nature en Science lieten weten dat ze bloed gingen verzamelen van deze populaties, werd het al snel het ‘vampierproject’ genoemd.
Hoewel de initiatiefnemers van meet af aan stelden dat hun project juist zou bewijzen dat ‘biologische rassen’ niet bestaan, werd het meteen in een debat over wetenschappelijk racisme getrokken.
Ethische problemen
In 1995 was ik in Barcelona aanwezig bij de tweede internationale conferentie van het Diversiteitsproject. Populatiegeneticus Luigi Luca Cavalli-Sforza van Stanford University hield daar een vurig pleidooi voor het project en vertelde over het enthousiasme onder zijn internationale collega’s. Maar zijn lobbywerk mocht niet baten. Na een pilotperiode werd de geldkraan voor het project dichtgedraaid. Ethische problemen en een zweem van racisme bleven aan het project kleven. Het enige tastbare resultaat is een databank in Parijs waar de cellijnen van 1050 individuen uit 53 bevolkingsgroepen voor onderzoek beschikbaar zijn gesteld.
Hoewel het project zelf dus niet echt van de grond kwam, heeft het idee van internationale samenwerking sindsdien een hoge vlucht genomen en een enorme impuls gegeven aan het diversiteitsonderzoek. Onderzoek dat technieken heeft voortgebracht voor het genetisch verwantschapsonderzoek, genetische archeologie en het forensisch DNA-bewijs. Al in Barcelona waren de centrale vertegenwoordigers van het forensisch DNA-onderzoek prominent aanwezig.
Ondanks deze maatschappelijk belangrijke bijdragen ligt bij diversiteitsonderzoek het probleem van racisme altijd op de loer. Zo zijn recentelijk acht leden van de redactieraad van het tijdschrift Molecular Genetics & Genomic Medicine opgestapt omdat het tijdschrift een platform aan het worden was voor kwestieus forensisch genetisch onderzoek uit China, onderzoek specifiek gericht op minderheidsgroepen zoals Tibetanen en Oeigoeren, waarbij het DNA in sommige gevallen gedwongen was afgenomen.
Het diversiteitsonderzoek dat het fundament is van het forensisch DNA-onderzoek in Nederland is op een zeer zorgvuldige manier vormgegeven. Het Human Genome Diversity Project houdt ons bij de les als het gaat over de politiek en ethiek van de wetenschap.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.