Freek de Jonge volgt voor Vrij Nederland het nieuws. Vandaag: uit de Franse verkiezingen blijkt dat een aanslag het verschil niet meer lijkt te maken.

De aanslag in Parijs afgelopen vrijdag zou qua impact wel eens een keerpunt kunnen zijn.

De angstzaaiende partij, het Front National heeft er tenminste, gezien het resultaat van de eerste ronde presidentsverkiezing in Frankrijk, nauwelijks baat bij gehad.

Het is al langer voelbaar dat het aanslagfenomeen, behalve wat betreft de aandacht in de media, ernstig aan het devalueren is.

De motieven om aan te slaan worden gevarieerder. Zo hoopte een Rus met zijn aanslag op de spelersbus van Borussia Dortmund de koers van het aandeel van die club in zijn voordeel te beïnvloeden. Waardoor het immer onbaatzuchtige religieuze aanzien van de aanslag een lelijke knauw heeft gekregen.

Het aanslagwapen is ook niet langere monopolie van de bomgordel. Keukenmessen, vrachtwagens, speelgoedwapens, deegrollers, alles lijkt bruikbaar om de wereld even in de ban te houden.

Tenslotte maakt de IS zichzelf er door ieder gewelddadig wissewasje op te eisen ook niet geloofwaardiger op.

De terreur-hysterie heeft in Engeland en Amerika een nog nader te bepalen schade aan democratie en economie aangericht.

Maar nu Frankrijk beheerst heeft gereageerd, lijkt het aanslagmomentum gepasseerd en mag men zich afvragen hoe lang de media nog nieuws zien in zo’n aan sleet onderhavig pressiemiddel?