De gesprekken van de dag, volgens de redactie. In delen van Amsterdam is gisteren een flyer verspreid: ‘Volgens het jodendom, het christendom en de islam is homoseksualiteit verboden’.
‘Wat is jouw mening over homoseksualiteit?’ Het scheelde een haartje of zijn neus raakte de mijne. Ik zag ‘m niet aankomen, hij was in burger: die straatwervers voor goede doelen worden met de dag slinkser. ‘Ik eh, pfff.’ Vanonder zijn jas verscheen het aanmeldformulier. ‘Denk er maar even over na, hoor.’ Ik wist het niet. Het was alsof hij me vroeg wat ik vond van papier, van stoeptegels, bonusaanbiedingen, de herfst, of Gerrit Hiemstra: zo ontzettend normaal dat ik ongemakkelijk word als me naar mijn mening wordt gevraagd. ‘Super!’, zou betekenen dat ik iets aan hetero’s zou willen veranderen. ‘Prima’, klinkt alsof ik het simpelweg gedoog. ‘Ik vind het gewoon,’ zei ik.
‘Gelukkig,’ zei de jongen. ‘Ik ben zelf homo, en wij bij (goed doel) zouden willen dat iedereen er zo over denkt. Er zijn landen waar…’ Ik luisterde al niet meer. De opluchting na het geven van een goed antwoord maakte me euforisch en ik zette voor de zoveelste keer mijn handtekening onderaan een wervingsformulier. In mijn achterhoofd klonk het bekende bij voorbaat vergeefse voornemen: ik bel ze volgende week wel weer af.
In Amsterdam West en Nieuw-West viel gisteren een flyer op de mat. ‘Volgens het jodendom, het christendom en de islam is homoseksualiteit verboden’, staat op kant één. Het papiertje is een oproep en een waarschuwing: moslims, christenen en joden van tegenwoordig dénken misschien dat homoseksualiteit binnen hun religie past, maar is onzin. Op kant twee staat beschreven dat 29 procent van de kinderen die opgroeien bij homoseksuele ouders seksueel misbruikt wordt, en dat depressies en de gedachte aan zelfmoord op de loer liggen. Het is volgens de makers van het briefje dan ook hoog tijd dat gelovigen zich verenigen tegen homoseksualiteit.
Ahmed Marcouch woont in Nieuw-West, en vond de flyer zondagochtend in de brievenbus: ‘Tegen dit soort intolerantie moeten we hard optreden. Dit is haatzaaien, en daar moet aangifte tegen gedaan worden.’ COC-voorzitter Tanja Ineke roept ontvangers van het pamfletje met ‘walgelijke onwaarheden’ – gelijk heeft ze – zich te melden via info@cocamsterdam. D66-raadslid Jan-Bert Vroege is van plan raadsvragen te stellen over de flyer, en de politie stelt een onderzoek in. Twintig aangiften zijn al binnen.
Enkele uren eerder, in de nacht van zaterdag op zondag, stonden twee mannen (52 en 55 jaar oud) te wachten op de pont naar stadsdeel Amsterdam-Noord, vlak achter het Centraal Station. Twee jongens van rond de twintig scholden de mannen uit, sloegen ze op de grond en trapten ze in het gezicht. Volgens de politie zijn er ‘sterke aanwijzingen dat het gaat om homogerelateerd geweld‘.
Toen omstanders ingrepen, pakten de daders een scooter en piepten ze ertussenuit. De slachtoffers hebben nog geen aangifte gedaan: ze zijn zo hevig mishandeld dat ze het ziekenhuis nog niet uit zijn.
‘Wat is jouw mening over homoseksualiteit?’ De paniek die de vraag bij mij teweegbracht kan ik met gemak weer terughalen. Natuurlijk sta ik aan jouw kant, wilde ik zeggen. Natuurlijk mag je zijn wie je bent. Wie anders? En wie denk je eigenlijk wel niet dat ík ben? Wat een rare vraag, wilde ik zeggen. Wat een ontzettend rare vraag.
Ik wacht nog even met het stopzetten van het automatisch incasso. De werver had gelijk, en ik heb niet eens goed naar hem geluisterd omdat ik te bang was iets verkeerd te doen. Met schijterts verander je niets. Laten we roepen, schreeuwen, flyeren dat homoseksualiteit gewoon is, tot het gewoon is. Ook voor abnormale mensen met abnormale gedachten.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.