Vakantieoord in aanbouw
Er bestaat een Duits mopje. En dat gaat als volgt. Als Amerikanen een trein kapen, komen ze met veel vertoon van lange geweren de trein binnenstormen terwijl ze zo hard mogelijk roepen dat ze de trein hebben gekaapt. Als Engelsen dat doen, komen ze met elegante, verzilverde pistooltjes en op een gepast moment zal de leider van de operatie de geachte reizigers er via de intercom beleefd van op de hoogte stellen dat de trein tot zijn spijt is gekaapt, met excuses voor het ongemak. En als Duitsers een trein kapen, doen ze dat als volgt. Ze gaan geduldig in de rij staan voor het loket om een kaartje te kopen. En vervolgens tonen ze desgevraagd hun vervoersbewijzen om aan te tonen dat de trein van hen is.
Gelya vertelde mij dit mopje. Zoals zij het vertelde, was het veel grappiger, dat moet ik toegeven. Dat was op zaterdag 19 mei, in een barretje vlak bij het treinstation van Pisa. Ze was net twee uur eerder geland op het vliegveld. Ik was met de trein uit Genua gekomen. Haar Duitse vriendin Christina had haar dat mopje verteld. En de reden waarom ze het mij vertelde, was dat we op het punt stonden om de taxi te nemen naar Castelfalfi. Zij als mijn fotografe, ik als haar schrijver.
Castelfalfi is een typisch Toscaans dorpje zoals we ons Toscaanse dorpjes het liefst voorstellen: een paar rijen huisjes in terracottatinten op een heuvelkam, met een romaans kerkje en een middeleeuwse burcht, omringd door golvende landerijen met wijnstokken en olijfbomen en hier en daar een eenzame cipres of populier, ongerept, verlaten en vervallen. Het maakt deel uit van de gemeente Montaione, in de provincie Firenze, aan de rand van de Chiantistreek waar Toscane op haar Toscaanst is. Het ligt in de driehoek tussen Pisa, Florence en Siena, niet ver van Empoli, San Miniato, San Gimignano en Certaldo. Volterra kun je in de verte zien liggen. Ooit woonden hier zo’n vijfhonderd mensen, die vrijwel allemaal werkzaam waren in de agrarische sector. Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw is het in een rap tempo ontvolkt geraakt. De laatste jaren waren er nog maar twee inwoners over. De huizen en de burcht raakten in verval. De kerk werd gesloten. De olijven werden niet meer geoogst. De wijngaarden raakten overwoekerd.
Sinds 2007 is Castelfalfi Duits grondgebied. Hoe verover je een Toscaans dorpje? De Duitsers hebben het op de Duitse manier gedaan. De Duitse touroperator TUI heeft Castelfalfi inclusief de omringende landerijen voor 250 miljoen euro gekocht van de gemeente Montaione met de intentie om het te restaureren en te transformeren in een toeristenparadijs met appartementen, villa’s, restaurants, hotels, een congrescentrum en een golfbaan. Het komt in Italië vaker voor dat vervallen erfgoed wordt verkocht aan buitenlandse projectontwikkelaars, maar het project in Castelfalfi is uniek in zijn omvang en complexiteit. We hebben het over een gebied met een totale oppervlakte die zes keer zo groot is als het grondgebied van Monaco. Nooit eerder is er in Europa in de toeristensector zo’n groot ontwikkelingsproject gestart. De werkzaamheden zijn inmiddels in volle gang. De bedoeling is dat alles in 2014 klaar is. Maar inmiddels is er al genoeg gereed om aspirant-kopers een indruk te geven. Op zaterdag 19 mei werd er voor het eerst een open dag georganiseerd. Gelya en ik gingen kijken.
Kapitaalinjectie
Het was vanaf het station van Pisa een taxirit van veertig minuten. Ik zat met gemengde gevoelens in die taxi. Ik bedoel, laten we wel zijn, wie gaat er nou vrijwillig naar een Duits toeristenparadijs in aanbouw? Bovendien was ik een beetje achterdochtig geraakt door de overweldigende vriendelijkheid die mij ten deel was gevallen toen ik telefonisch contact had gezocht met het hoofdkantoor van TUI in Hannover en met het plaatselijke management in Castelfalfi, en door de gretigheid waarmee zij werkelijk alles in het werk hadden gesteld om onze komst mogelijk te maken. Zij zagen ons als een opening naar de Nederlandse markt, daar wonden ze eigenlijk nauwelijks doekjes om. Hun hooggespannen verwachtingen botsten nogal met mijn scepsis.
Anderzijds was ik wel degelijk geïnteresseerd geraakt in het project. Ik had mijn huiswerk gedaan. Ik had al het documentatiemateriaal dat ze mij uit Hannover en Castelfalfi hadden toegestuurd bestudeerd en ik had de verschillende artikelen over het project gelezen die de afgelopen jaren waren verschenen in de Duitse, Engelse en Italiaanse pers. Daaruit begreep ik dat de overname niet helemaal zonder slag of stoot was verlopen. De gemeente Montaione was natuurlijk buitengewoon geïnteresseerd geweest in de kapitaalinjectie en in de werkgelegenheid die door het project werd gecreëerd. En een tot ruïne vervallen dorpje met twee inwoners was misschien wel idyllisch om te zien, maar daar had uiteindelijk ook niemand wat aan. Anderzijds was er grote angst geweest dat de Duitsers hun groene heuvels zouden volplempen met beton.
Wat ze uiteindelijk over de streep heeft getrokken, was dat het ontwikkelingsplan van TUI een meesterwerk was van respect voor de lokale tradities, ecologisch besef, respect voor het landschap en duurzaamheid. Ook ik was er werkelijk van onder de indruk. Er zou niet worden gebouwd, maar steen voor steen gerestaureerd. Het hele gebied zou autonoom zijn in zijn watervoorziening. De wijngaarden en de olijfboomgaarden zouden worden opgeknapt en er zou met lokale expertise weer wijn en olie worden geproduceerd. Het zou geen gated community worden, integendeel, alles zou in het werk worden gesteld om de lokale bevolking aan te trekken. Zelfs in de Italiaanse pers was er alleen maar lof voor het plan. Het enige negatieve geluid betrof hun eigen onvermogen. Met de typisch Italiaanse mengeling van trots en minderwaardigheidsgevoel werd er geconcludeerd dat hun prachtige erfgoed beter af was in Duitse handen omdat de Italianen zelf niet in staat waren er zo voorbeeldig voor te zorgen als de Duitsers. Daarmee had mijn aanvankelijke scepsis plaatsgemaakt voor oprechte nieuwsgierigheid. Ik was niet op weg naar een Duits toeristenparadijs in aanbouw, maar naar een weldoordacht project dat een complete streek beoogde te reanimeren.
Corrupte makelaar
We stapten uit voor het kantoor waar we werden verwelkomd door Andrew Spence, de sales and marketing director, die zoals zijn naam al deed vermoeden een Engelsman was. Hij zou die dag onze gastheer zijn, al verontschuldigde hij zich bij voorbaat dat het een erg drukke dag voor hem was en dat hij ook nog een paar andere afspraken en verplichtingen had. Maar hij had geregeld dat zijn assistente ons dan van hem zou overnemen.
We waren in het hart van het oude dorpje, in de centrale straat die leidde van de doorgaande weg naar het kasteel. De restauratiewerkzaamheden van de huizen en palazzi waren in een vergevorderd stadium. Het exterieur werd volledig in authentieke stijl hersteld, maar vanbinnen werden ze getransformeerd in luxe drie- of vierkamerappartementen. Het modelappartement, dat we verplicht waren te bezichtigen, was van alle moderne gemakken voorzien. Het had zelfs vloerverwarming, zei Andrew en hij lette er scherp op dat ik dat wel zou noteren in mijn opschrijfboekje. Het was licht en het had een adembenemend uitzicht. Het idee is dat alle appartementen in eerste instantie worden verkocht. De vraagprijs voor de goedkoopste optie ligt net onder de twee ton. Andrew benadrukte meermaals dat dat voor Toscaanse begrippen een erg faire prijs is. Het management van het resort kan assisteren bij de financiering en de juridische procedures. De nieuwe eigenaars kunnen kiezen uit een keur aan servicepakketten. Andrew somde alle opties op. Als ze er zelf niet zijn, wordt het huis voor hen beheerd, onderhouden en desgewenst verhuurd.
Een van de belangrijkste vragen die ik tijdens mijn bezoek beantwoord wilde zien, was waarom iemand die zich een huis in Toscane kan veroorloven, ervoor zou kiezen om het hier te kopen, in dit Duitse nep-Toscane in plaats van zelf ergens in een echt dorp een echt huis te kopen. Een van de antwoorden op die vraag begon daar tot mij door te dringen.
Een van mijn lievelingsprogramma’s in Nederland is Een huis onder de zon. Volgens mij is het oorspronkelijk een serie van de BBC, een documentairereeks over noorderlingen die hun droom waarmaken en een huis kopen in Italië, Spanje, Portugal, Griekenland of een ander mediterraan paradijs met palmen en altijd blauwe luchten. Ze vallen in handen van een corrupte lokale makelaar. Ze kopen uiteindelijk voor veel te veel geld een bouwval omdat ze verliefd zijn geworden op het uitzicht. ‘En je leeft maar één keer,’ had de makelaar gezegd. Dat was wat hen betreft de spijker op zijn kop. En vervolgens gaat het natuurlijk helemaal mis. Ze spreken de taal niet. Ze kunnen de plaatselijke verordeningen niet lezen. Afspraken met de aannemer worden niet nagekomen. De corrupte makelaar beantwoordt zijn telefoon niet meer. En zelfs als het uiteindelijk goed gaat, hebben ze er problemen mee om iemand te vinden die voor hun huis zorgt wanneer ze in het noorden zijn. De verhuur besteden ze uit, maar daarbij worden ze afgezet. De tussenpersoon gaat er met het geld vandoor. En als ze terugkomen, blijken de huurders het huis in chaos te hebben achtergelaten. Ze weten niet meer wie ze kunnen vertrouwen.
Castelfalfi is de droom voor iedereen die angst heeft voor die nachtmerrie. Je doet zaken met landgenoten in je eigen taal en je landgenoten regelen alles voor je. Als je een loodgieter nodig hebt, hoef je niet zelf te bellen met een onbetrouwbare Italiaan. En je kunt met een gerust hart terug naar het noorden, want je weet dat je huis in goede handen is.
Duits luxegetto
Andrew leidde ons verder rond door het dorp. In de burcht zal een toprestaurant gevestigd worden, alsmede een kokschool en een kunstopleiding. ‘Ik zou er natuurlijk het liefste allemaal appartementen van maken,’ zei Andrew, ‘maar helaas heeft de gemeente ook allerlei eisen.’ Ik vroeg hem of de samenwerking met de gemeente moeizaam was. Hij ontweek de vraag, zoals hij hem later op de dag nog een paar keer ontweek toen ik hem in andere bewoordingen opnieuw stelde. Hij wilde wel toegeven dat de volledig autonome watervoorziening van het terrein een eis was geweest van de gemeente. ‘Dat was een bijzonder lastige opgave voor onze ingenieurs en een enorme investering. Zie je die boerderij daar in de verte? Achter die heuvel wordt een waterzuiveringsinstallatie gebouwd die het mogelijk maakt om het afvalwater van de appartementen en de hotels te hergebruiken voor de irrigatie van de golfbaan.’
We gingen naar beneden langs de oude kasteeltuin met bomen die honderden jaren oud moesten zijn. Achter de heg werd het zwembadcomplex aangelegd. ‘Er was hier vroeger altijd al een openbaar zwembad, dat erg populair was bij de lokale bevolking. Wij breiden het uit en maken er echt iets prachtigs van. Het mooiste zwembad van Europa. Maar we willen dat het een openbaar zwembad blijft. Italianen uit de omgeving kunnen straks gewoon net als vroeger een kaartje kopen en hier komen zwemmen. Dat is een van onze manieren om de lokale bevolking bij Castelfalfi te betrekken en te voorkomen dat het een Duits luxegetto wordt. Zoals we in de dorpsstraat ook winkeltjes willen die door Italianen worden gerund, en een wekelijkse markt die veel mensen uit de omgeving zal trekken.’ En de kerk? ‘Daarvoor zijn we overgeleverd aan de bisschop van Volterra en dat is een man die niet denkt in termen van maanden of jaren maar in termen van millennia.’ En wat zou je daarvan willen maken, van die kerk? ‘Eigenlijk zouden we het liefste zien dat het weer een functionerende kerk zou worden. Maar daarvoor heb je een parochie nodig.’ Ik zag aan hem dat hij twijfelde aan de haalbaarheid van dat plan en dat hij er het liefste appartementen van zou maken, maar dat dat helaas nooit zou worden goedgekeurd door de gemeente.
Plaatselijke vinoloog
Bij het restaurant Il rosmarino was de wijnproeverij inmiddels in volle gang. Het was tenslotte al na twaalven. Het terras zat vol met aspirant-kopers. Ik begaf me onder hen, luisterde wat gesprekken af en maakte hier en daar een praatje om uit te vinden wat voor mensen zij waren. Hoewel er volgens het officiële documentatiemateriaal dat mij was toegestuurd ook grote belangstelling bestond in Engeland, Amerika en Scandinavië, waren het allemaal Duitsers. Rijke Duitsers. Van een zekere leeftijd. De kinderen waren in elk geval het huis uit en de meesten waren gepensioneerd. Velen droegen golfbroeken. Ze praatten vooral over golf. ‘Da stand ich ja am Tee des Neunten, …’
En toen ontmoette ik de eerste Italiaan van de dag. Hij heette Marco. Ik praatte Italiaans met hem. Hij was een man van de streek, hoorde ik aan zijn accent. Hij was verantwoordelijk voor de wijnstokken. Jarenlang had hij hier in de omgeving op wijngaarden gewerkt, maar sinds een paar jaar was hij samen met een plaatselijke vinoloog aangesteld om de wijnproductie van Castelfalfi opnieuw op gang te brengen. Hij vertelde dat het een moeizaam proces was geweest. De wijngaarden lagen er destijds slecht bij en ze lagen ook op de verkeerde plekken. Hij had de wijnstokken verplaatst en nieuwe aanplant gerealiseerd. Inmiddels zaten ze op een capaciteit van zo’n zestienduizend flessen per jaar. In het begin moest er nog geld van TUI bij, maar inmiddels konden ze bijna op eigen benen staan. Hij liet mij drie verschillende soorten proeven van de Chianti van Castelfalfi. ‘Het is natuurlijk wel een beetje jonge wijn,’ zei hij verontschuldigend.
Andrew moest gasten begeleiden naar de golfclinic. Anderen namen deel aan de groepsexcursie naar San Gimignano. Het terras van Il rosmarino stroomde leeg. Gelya en ik werden achtergelaten in het gezelschap van Andrews assistente. Zij bood ons een lunch aan. ‘Er zijn flink wat celebreties hier vandaag,’ zei ze, ‘captains of industry en mediasterren. Ze lijken elkaar ook allemaal te kennen. Zag je hoe ze allemaal bij elkaar aan tafel gingen zitten?’
Haar naam was Susanne. Ze was een prachtige jonge vrouw. Ze was Duits, maar ze woonde in Florence, vanwege haar Italiaans vriendje. Ze sprak perfect Italiaans en Engels. ‘Ik las over dit project in een Duitse krant en toen heb ik gesolliciteerd. Maar ze hebben me niet aangenomen omdat ik Duits ben, maar omdat ik in de streek woon. Ze werken graag met mensen uit de omgeving.’
Tijdens de lunch praatten we over de belangrijkste vraag en dat was de vraag naar authenticiteit. Ze was intelligenter en openhartiger dan Andrew. ‘Architectonisch is de authenticiteit gegarandeerd. Daar zijn we werkelijk heel precies in, ook omdat de gemeente dat van ons eist. Ik sprak met klanten die het terras een beetje groter zouden willen of een raam zouden willen verplaatsen, maar dat moet allemaal langs de welstandscommissie van de gemeente Montaione. Ze werken niet al te snel en ze vinden lang niet alles goed. Andrew heeft daar vaak moeite mee, maar ik denk dat de gemeente gelijk heeft en ik kan het ook uitleggen aan klanten. Ik bedoel: als je rijk bent, wil dat nog niet zeggen dat je een goede smaak hebt.’
‘Maar mensen die hier komen wonen, komen die ooit een echte Italiaan tegen?’
‘We willen die winkeltjes en de markt. En dan is er de grote aantrekkingskracht van het openbare zwembad. Daar is heel veel belangstelling voor in de omgeving. Maar weet je wat het is, Ilja? Veel klanten met wie ik spreek, vinden dat helemaal geen goed idee. “Wij willen onze rust,” zeggen ze. “Waarom zouden we schreeuwende Italianen moeten toelaten in ons zwembad?” Snap je wat ik zeg?’
Hoorbare ontroering
Andrew leidde ons rond in zijn auto over de onverharde wegen van de uitgestrekte landerijen die TUI had gekocht. Hier en daar moesten we uit de auto stappen en over hekken klimmen om een ontwikkelingsproject van nabij te aanschouwen. ‘Dit is de best georganiseerde bouwput van Europa,’ zei Andrew met hoorbare ontroering in zijn stem toen we stopten bij een groot landhuis dat werd gerestaureerd en dat binnenkort zou worden opgeleverd voor een vraagprijs van vier miljoen euro. ‘Zie je dat? Elke steen is genummerd. Elke steen stoppen we terug waar hij was. Venetianen doen dat. Die weten wel wat van restaureren.’
Uiteindelijk kwamen we aan bij de golfbaan. Ik heb geen verstand van golf, maar ik had mijn huiswerk gedaan en ik had gelezen dat golfmagazines hogelijk opgeven van deze links. ‘Hier komen ze voor,’ zei Susanne. ‘Dit is onze voornaamste aantrekkingskracht.’ Ik moest toegeven dat de golfbaan perfect was aangelegd, in die zin dat ik hem nauwelijks zag. Hier en daar stond een blauw vlaggetje tussen de heuvels. Hier en daar stond een Duitser in een ruitjesbroek. Maar voor de rest was dit uitgestrekte golfparadijs perfect geïntegreerd in het landschap. Ik vroeg Andrew of hij wist wat Winston Churchill ooit had gezegd over golf. Dat het de perfecte manier is om een mooie wandeling te verpesten. Hij kon er niet echt om lachen. De golfbaan was te belangrijk voor zijn inkomen.
In elke bar in Italië kun je bier bestellen in twee formaten: piccola of media. Een birra media is een halve liter. Aan de bar van het opvallend sobere clubhuis van de golfclub tapten ze ook birra grande. Nog zo’n voorbeeld van hoe de Duitse cultuur het Italiaanse aanbod kan verrijken. Ik werd voorgesteld aan Martin Schlüter, de grote baas van Castelfalfi. Maar hij had eigenlijk geen tijd voor mij, want hij stond net op het punt om een paar balletjes te gaan slaan met zijn technisch manager.
Gelya ging samen met Susanne te voet terug naar het dorp om nog een paar foto’s te maken. Andrew bracht mij terug met de auto. Herhaaldelijk stopte hij om zelf met zijn pocketcameraatje een foto te maken van het landschap. ‘Jouw fotografe heeft mij geïnspireerd. Dit is zo mooi. Dit is zo’n mooi project, Ilja.’ Hij meende het. Ik hoorde het aan zijn stem. Hij was verliefd. ‘Als ik het geluid van bulldozers en betonmolens hoor, ben ik gelukkig.’
Voordat het diner en dansfeest zou losbarsten in de kasteeltuin, had ik nog even een uurtje voor mijzelf. Ik was alleen op het terras van Il rosmarino en dat kwam goed uit, want ik wilde de eigenaar spreken. Zijn naam was Maurizio. Hij was merkbaar opgelucht dat hij Italiaans mocht praten. We maakten grappen over de vrouwen die mij in de steek hadden gelaten en dat dat la storia della mia vita was. En toen vroeg ik hem: ‘Maurizio, wat vind je er eigenlijk van?’
‘Waarvan?’
‘Van Castelfalfi, van dit hele project, van al die Duitsers.’
Hij antwoordde met een brede glimlach. ‘Ik werk,’ zei hij verontschuldigend.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.