NPO geeft Netanyahu een cadeau
In zijn toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties toonde premier Jetten voor het eerst sinds de formatie weer eens een glimp van de man die de verkiezingen won. Weliswaar zonder Trump bij naam te noemen, nam onze premier het in buitengewoon scherpe bewoordingen op voor het Internationaal Strafhof in Den Haag.
‘Handen af van het hof en alle andere instituties die de internationale rechtsorde beschermen’, aldus Jetten in New York. De premier stelde dat we niet naïef moeten zijn over de doelstellingen van hen die de internationale orde ondermijnen. ‘De voortdurende bedreigingen en pogingen om de rechtsorde te ontmantelen, worden aangewakkerd door mensen en groepen met hun eigen agenda.’
Een van deze mensen is de Israëlische premier Benjamin Netanyahu, tegen wie het strafhof een arrestatiebevel heeft uitgevaardigd. Netanyahu wordt ervan verdacht de burgerbevolking van Gaza ‘opzettelijk en bewust de middelen te onthouden die noodzakelijk zijn voor hun voortbestaan, zoals voedsel, water en medicijnen, evenals brandstof en elektriciteit’. De aanklager van het Strafhof stelt dat Israël ‘zo de omstandigheden heeft gecreëerd die bedoeld waren om de burgerbevolking van Gaza deels te vernietigen’.
Onze premier trok op het hoofdpodium van de internationale diplomatie de enige mogelijke conclusie die een beschaafde samenleving aan dergelijke gruwelijkheden kan verbinden. ‘Hoe kan je tegen de vervolging zijn van de meest ernstige misdaden die we kennen?’
De woorden van Jetten kunnen niet zonder gevolgen blijven. Het zijn tenslotte niet alleen Trump en Netanyahu die het strafhof ondermijnen. Een minstens zo reële dreiging is de perceptie van klassenjustitie aan het hof, nu steeds zichtbaarder wordt dat geen westers land serieuze pogingen onderneemt om verdachten uit Israël ook daadwerkelijk te arresteren.
Jetten kan op dit punt veel meer doen om de geloofwaardigheid van het strafhof te verstevigen. Zo zou de premier de arrestatie en uitlevering van Netanyahu kunnen eisen. Tot de verdachte in Scheveningen zit, zou Nederland álle handel met Israël kunnen opschorten. Je kunt tenslotte geen zoete broodjes bakken met een land dat wordt geleid door een politicus die formeel in staat van beschuldiging is gesteld van de meest ernstige misdaden die we kennen.
Als Jetten dan toch bezig is, zou hij ook de directie van de Nederlandse Publieke Omroep nog eens kunnen wijzen op het bestaan van de Mediawet. Hierin staat beschreven dat de NPO zelf geen programma’s mag verzorgen.
Deze week liet de NPO-directie weten dat het zelf de inzending voor het Songfestival gaat verzorgen.
Dit besluit, om eigenhandig de boycot te breken van de omroep die het liedjesfestijn al sinds 1956 uitzendt, is meer dan zomaar een schoffering van het bestuur van de AVROTROS. Het is ook een politiek cadeau aan premier Netanyahu. Deze kan nu, in aanloop naar de verkiezingen van 27 oktober in Israël, met recht doen voorkomen alsof het allemaal wel meevalt met de buitenlandse kritiek op zijn genocidale beleid.
De politicus Rob Jetten, zoals we hem tijdens de campagne hebben leren kennen, zou wel raad hebben geweten met deze NPO-directie. Laten we hopen dat het ook voor onze huidige premier geldt.









