Allochtonen verkiezen D66 steeds vaker boven de aloude PvdA. ‘De tweede generatie staat anders in het leven dan de eerste.’

Er lijkt maar geen eind te komen aan de verkiezingsoverwinningen van D66. In maart nam de partij van Alexander Pechtold oude socialistische bastions als Amsterdam, Zaanstad en Enschede in. Bij de Europese verkiezingen van afgelopen week versloegen de Democraten de twee regeringspartijen VVD en PvdA opnieuw.

Op de verkiezingsavond in De Vereeniging in Nijmegen deed Pechtold zijn best bescheiden te blijven. Maar net als twee maanden eerder wist hij een triomfantelijke glimlach niet te onderdrukken toen hij voor de camera’s verscheen: ‘De beste uitslag die wij ooit hebben gehaald was in 1994, met 11,4 procent. Daar gaan wij vandaag ruim overheen!’

Het blijft riskant te voorspellen hoe de Democraten het zullen doen bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen. Zowel op 19 maart als op 22 mei was er een lage opkomst. Dat werkte in het voordeel van D66, een partij die het vooral moet hebben van hoger opgeleide kiezers. Zij gaan eerder naar de stembus dan Jan met de pet.

Bij de Tweede Kamerverkiezingen kunnen de verhoudingen heel anders liggen. Desalniettemin werden dit voorjaar twee opmerkelijke trends zichtbaar. De bevolkingsgroei in de steden is vooral te verklaren uit de aanwas van studenten en young urban professionals die zich er blijvend vestigen. Onder hen is D66 dé partij.

Minstens zo interessant is de tweede ontwikkeling: het spectaculair groeiende marktaandeel van de Democraten onder allochtone kiezers. Sinds de immigratiegolf van de jaren zeventig kon de PvdA blind uitgaan van de steun van de migrantengemeenschap in Nederland. Scores als 84 procent onder de Turken, 82 procent onder de Surinamers en 78 procent onder de Marokkanen waren heel normaal. Dat is niet langer zo.

Ontroerend moment

In de nacht van de gemeenteraadsverkiezingen arriveerde Alexander Pechtold op het Amsterdamse Rembrandtplein. Hij had al een uitslagenavond in Utrecht en een televisieoptreden in Den Haag achter de rug. Nu wilde hij de zegevierende Democraten in de hoofdstad nog even feliciteren. ‘Toen ik uit de auto stapte, wist ik niet wat me overkwam,’ vertelt Pechtold: ‘Er stond een hele rij taxi’s met Turkse en Marokkaanse chauffeurs. Ze brachten me claxonnerend een aubade en riepen: “D66! D66!” Ik dacht: bingo. Vier jaar geleden wisten ze niet eens wie ik was.’

Eerder tijdens de gemeenteraadscampagne was hem ook al opgevallen dat zijn ster rijzende was onder de allochtone kiezers. ‘Ik stond te flyeren voor het station van Gouda toen een jong echtpaar langs kwam, hij met getrimde baard, zij met hoofddoek achter de kinderwagen. Ze gingen D66 stemmen, zeiden ze. Niet vanwege ons standpunt over Wilders maar omdat ze goed onderwijs wilden voor hun kinderen.

Voor alle zekerheid vroeg ik: u weet toch wel dat we voor het homohuwelijk en het recht op abortus zijn? Toen antwoordde die mevrouw: vanwege mijn geloof zal ík nooit abortus laten plegen maar dat is geen reden om het andere Nederlandse vrouwen te verbieden. Ik vond dat een ontroerend moment.’

Nog niet rechts genoeg

Politicologen, opiniepeilers en vertegenwoordigers van minderhedenorganisaties volgen de doorbraak van D66 onder migranten al enige jaren met grote belangstelling.Vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen hield André Krouwel van het Kieskompas in opdracht van Forum, Instituut voor Multiculturele Vraagstukken, een peiling waaruit bleek dat vooral jonge Turkse ondernemers overwogen om hun stem aan de Democraten te geven.

Ze zouden de paternalistische PvdA ‘niet meer nodig hebben’ en zich aangesproken voelen door de liberale economische ideeën van D66 en het verzet van Pechtold tegen Wilders. Deniz Arslan, persvoorlichter van Forum, is zelf een voorbeeld van die electorale ontwikkeling. Als zoon van een tamelijk linkse Turkse vader vond hij D66 nog niet rechts genoeg: tegenwoordig is hij actief voor de VVD in Rotterdam. ‘Hoger opgeleide allochtonen maken zich steeds meer los van hun familie,’ observeert de jeugdige pr- en communicatieprofessional, ‘en ook van de partijen waar hun ouders altijd op gestemd hebben.

De tweede generatie staat anders in het leven dan de eerste.’ Floris Vermeulen is politicoloog aan de Universiteit van Amsterdam, verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Studies. Dat analyseert al sinds 1994 de verkiezingsuitslagen in gekleurde wijken als Amsterdam-Zuidoost en Amsterdam-West. Het is het enige langlopende onderzoek naar de electorale ontwikkelingen onder allochtonen in Nederland. Als we hem spreken zijn de definitieve data over de laatste gemeenteraadsverkiezingen net binnen.

Op het eerste gezicht heeft zich in Amsterdam een tweedeling voorgedaan: D66 heeft de grachtengordel en de betere buurten daar direct omheen veroverd, de PvdA heeft stand gehouden in typische migrantenbuurten als Slotervaart en Geuzenveld. Maar ook dat beeld is nog te rooskleurig voor de sociaaldemocraten. Vermeulen: ‘Je moet de uitslag van 19 maart vergelijken met die van 2006 en 2010. Dan zie je een snelle en scherpe daling van de steun onder allochtonen voor de PvdA.’

Zwierige hoofddoeken

De voorspelling van André Krouwel dat vooral jonge Turken naar D66 zouden overlopen, bleek in Amsterdam niet uit te komen. Dat lag aan het onverwachte succes van de Multicultureel Plus Partij (Mplus), een initiatief van ambitieuze jonge Amsterdammers als Ayberk Köprülü en Neslihan Bedirhanoglu. Ze voerden campagne met een promotiefilmpje vol Apple-computers en meisjes met zwierige hoofddoeken.

Mplus nam stelling tegen de polarisatie, pleitte voor het behoud van de eigen cultuur, minder regels voor ondernemers en lagere parkeertarieven. Slogan: ‘Stem op Mplus, stem op jezelf!’ Het bleken vooral de Marokkaanse kiezers te zijn die van de PvdA overstapten naar D66. Vermeulen: ‘In 2010 stemde 74 procent van hen op de PvdA, dit voorjaar was dat nog maar 44 procent. In diezelfde periode heeft D66 onder de Marokkanen een sprong gemaakt van 10 naar 20 procent.’

De onderzoeker geeft daarvoor drie verklaringen. Ten eerste: de bezuinigingen van het kabinet-Rutte/Asscher vielen niet in goede aarde. Daarnaast sloeg de PvdA, vroeger bekend als de partij die ‘de allochtonen knuffelde’, de afgelopen jaren een steeds hardere toon aan tegen migranten die zich niet wilden aanpassen. Ook dat wekte groeiende wrevel.

Bovendien ging Alexander Pechtold in de Kamer en in de media voortdurend de confrontatie met Wilders aan. De PvdA deed dat niet. Vermeulen: ‘Als Wilders weer eens van leer trok tegen de islam, was Pechtold altijd meteen op de tv om hem tegen te spreken. Van Samsom weten de meeste allochtone kiezers niet wat hij vindt. Dat is een van de redenen voor de enorme winst van D66.’

Paternalistische houding

Bakfietsen en rolluiken heet het boekje waarmee de Nijmeegse electoraal geograaf Josse de Voogd furore maakte. Zijn specialiteit: per stad, dorp, wijk en zelfs per straat in kaart brengen wat voor soort kiezer er woont. Staan er bakfietsen op de stoep en prijken er anti-reclamestickers op de brievenbus, dan kun je er donder op zeggen dat er GroenLinks wordt gestemd.

Een Volvo of Saab voor de deur en de NRC bij het oud papier verraadt een voorkeur voor D66. Zie je een straat vol rolluiken, protserige hekwerken en bordjes met ‘Hier waak ik’? Alle kans dat daar de PVV hoog scoort. Vinexwijken vol neprieten tuinmeubels neigen sterk naar de VVD. En in naoorlogse buurten vol portiekwoningen met schotelantennes wordt veel PvdA gestemd. Of moeten we zeggen: werd?

‘Ik vermoed dat veel allochtonen het zat zijn om als deel van een groep te worden gezien,’ zegt De Voogd. ‘Ze zijn hoger opgeleid dan hun ouders, ze werken als tandartsassistente, jurist of hotelmanager. Ze willen niet door de PVV worden geschoffeerd maar ook niet meer aan het handje van de PvdA lopen.’ De Voogd noemt de PvdA een collectivistische partij die de neiging heeft allochtonen te behandelen als slachtoffers die gesteund moeten worden. Maar de partij van Asscher en Samsom probeert hen ook te kneden en te modelleren zodat ze zich aanpassen aan de Nederlandse cultuur.

‘Die paternalistische houding botst met het feit dat de allochtonen steeds individualistischer worden.’ De voorhoede van beter opgeleide allochtonen wil niet zielig worden gevonden en niet worden betutteld. Voor D66 bleek dat een gat in de markt. Sinds zijn aantreden als partijleider in 2006 maakte Alexander Pechtold er systematisch werk van. Elke keer dat de sociaaldemocraten belerende taal over Turken en Marokkanen uitsloegen, was hij er als de kippen bij om de nieuwe Nederlanders de hand te reiken.

Vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen van november 2006 vertilde Wouter Bos zich aan de Armeense kwestie. Toen een Turks kandidaat-Kamerlid weigerde de genocide op de Armeniërs in 1915 te erkennen, werd hij van de PvdA-lijst afgevoerd. Ankara reageerde woedend, net als de Turkse gemeenschap in Nederland.

Prompt reageerde Pechtold met de opmerking dat hij Fatma Koser Kaya, de nummer zes op zijn lijst, niet aan zo’n ‘publiek examen’ ging onderwerpen. Na een stemadvies van de Turkse zelforganisaties kreeg zij maar liefst 34.000 voorkeurstemmen. De PvdA daarentegen was een zetel kwijt. En dat was nog maar het begin.

Vreugde op de uitslagenavond van de gemeenteraadsverkiezingen, 19 maart.
Vreugde op de uitslagenavond van de gemeenteraadsverkiezingen, 19 maart.

Recht op hun geloof

In Vrij Nederland van 18 oktober 2008 suggereerde PvdA-Kamerlid Hans Spekman, tegenwoordig partijvoorzitter, dat het vernederen van Marokkaanse raddraaiertjes voor de ogen van hun eigen mensen beter zou werken dan celstraf. Zonder dralen eiste de D66-leider dat integratieminister Vogelaar haar partijgenoot op het matje zou roepen: ‘U had meteen het ANP, Novum en weet ik wie nog meer moeten bellen om hier paal en perk aan te stellen.’

Een jaar later was het wéér raak. Op instigatie van Wouter Bos werkte de PvdA-top aan een integratienota waarin de partij een harde toon aansloeg tegenover minderheden. In de omgang met straatschoffies, boerkadraagsters en radicale imams moesten dwang en drang niet langer worden geschuwd. Onder het motto ‘Krenken mag’ moesten moslims in dit land maar wennen aan stevige kritiek op hun geloof. Nieuwkomers dienden zonder voorbehoud te kiezen voor de Nederlandse samenleving.

In zijn H.M. van Randwijklezing ging Pechtold er dwars tegenin. Dwang en drang leiden tot niets, zei hij. Overlast op straat moet worden aangepakt, maar mensen het recht op hun geloof en hun eigen cultuur ontzeggen, werkt alleen maar averechts. Emancipatie van nieuwkomers kost nu eenmaal tijd. ‘Voor actief burgerschap kun je als samenleving voorwaarden scheppen, je kunt het niet afdwingen of opleggen.’

Niet lang daarna, bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2010, boekte D66 forse winst onder de allochtone stemmers. Zoals blijkt uit de cijfers van Amsterdam: bij de Turken van 1 naar 14 procent, bij de Surinamers van 0 naar 9, bij de Marokkanen van 0 naar 10. In zijn Abel Herzberglezing in september van dat jaar kon Pechtold tevreden vaststellen dat de allochtone middenklasse zich begon aan te sluiten bij een partij ‘die aan de wieg van het homohuwelijk en euthanasie heeft gestaan’. Op 19 maart 2014 kwam daar nog eens een flinke schep allochtone stemmen bovenop.

Eigenlijk conservatiever

Pieter Paul Slikker is de campagnemanager van de PvdA. Volgens hem heeft het geen zin heimwee te koesteren naar de tijd dat de wijken met de schotelantennes bij verkiezingen vanzelfsprekend rood kleurden. ‘Sinds 1994 is de schare trouwe kiezers voor bijna alle partijen snel kleiner geworden. Katholieken stemmen ook niet meer automatisch CDA. Het electoraat is in rap tempo geëmancipeerd.

Onder nieuwe Nederlanders is die trend alleen later op gang gekomen. Alle partijen moeten harder knokken voor hun stemmen en iedere dag bewijzen wat ze waard zijn. En dat is wel zo democratisch.’ In Nijmegen plaatst Josse de Voogd kanttekeningen bij de euforie van Alexander Pechtold. De strijd om de allochtone kiezer is nog maar net begonnen, denkt hij.

‘De opkomst onder deze groep is erg laag. Dat de hippe vijftien procent van de Turken, Marokkanen en Surinamers nu op D66 heeft gestemd, wil nog niet zeggen dat de rest dat ook gaat doen.’ En veel moslims die nu voor de charme van Pechtold zijn gevallen, houden er eigenlijk conservatievere waarden op na dan D66, vermoedt de electoraal geograaf.

Daar liggen kansen voor islamitisch geïnspireerde partijen als NIDA in Rotterdam, de Haagse Islam Democraten en Mplus in Amsterdam-West. En zelfs misschien voor het CDA. ‘Pechtold moet niet te vroeg victorie kraaien,’ zegt De Voogd. ‘Het kan nog alle kanten op. Maar ik begrijp wel dat hij op dit moment denkt: kassa!’