Na de hybride auto de hybride mens

door Carel Peeters

Het is lang geleden, maar er was een tijd, in de jaren zeventig en tachtig, dat de ‘structuren’ heel populair waren. In de Franse filosofie sprak men van ‘structuralisme’: het ging niet meer zozeer om mensen, maar om de structuren, die bepaalden de gang van zaken.

Toenhet structuralisme enigszins was uitgewoed bleek het zich in de jaren negentig ineen andere gedaante te hebben genesteld in de zakenwereld en het bedrijfsleven:in de vorm van organisatiestructuren en management. Het ging weer niet zozeerom mensen, maar om macht en het managen van structuren aan de hand van ‘managementtools’. We weten inmiddels waartoe de hausse in de aanschaf van managementboekenheeft geleid: tot de crisissen in het bedrijfsleven, de diverse corruptieschandalen,failliete banken en de dans om de gouden bonussen.

Hetstructuralisme en de daarmee verwante filosofieën keerden zich af van het‘humanisme’: het was een gepasseerd station om te denken dat individuele mensen(‘subjecten’) nog invloed zouden kunnen hebben op de grote gang van zaken in desamenleving. Dat was liberale nostalgie, burgerlijke onnozelheid en vrijzinnigeillusie. Het ‘rationele autonome subject’ was niet meer. Het was ontstaan toenKant tijdens de Verlichting opriep voortaan je eigen verstand te gebruiken.

DeFranse filosoof Michel Foucault verklaarde dat het subject niet meer autonoomwas, maar ‘modern’. Modern wilde zeggen: niet meer op zichzelf, maar gesitueerd,ingepast en onderdeel van een groter structureel geheel. ‘Tegenover het eenzameisolement van het zuivere, redelijke en autonome subject ontwikkelt Foucault eengesitueerd en historisch gevormd subject’, schrijft Peter-Paul Verbeek in Op de vleugels van Icarus, het boekwaarin hij beschrijft ‘hoe techniek en moraal met elkaar meebewegen’.

Peter-Paul Verbeek
Peter-Paul Verbeek

Ookal heeft Michel Foucault nooit zo expliciet over technologie geschreven,Verbeek gebruikt zijn visie op het ‘moderne subject’ om zijn eigen positie tebepalen als het gaat om te verhouding van mensen ten opzichte van de techniek.Ook bij Verbeek is het autonome subject verdwenen: zoals de mens bij Foucaultniet losgezien kon worden van de structuren, zo kan de mens bij Verbeek nietmeer los gezien worden van de technologie. De scheiding die het humanisme maakttussen de mens en de technologie, subject en object, moet verdwijnen wil demens niet vreemd tegenover de technologie blijven staan. Ze moeten in elkaarovervloeien. Er is een ‘techniekethiek’ nodig om te bemiddelen tussen de mensen de nieuwe vindingen, van de Google Bril tot biotechnologie, van de lopendeband tot de echografie.

MichelFoucault was geobsedeerd door macht. Die zag hij overal. Verbeek committeertzich zo met Foucaults preoccupatie met macht (‘wat subjecten zijn en het beelddat ze van zichzelf hebben komt tot stand in relaties en in netwerken vanmacht’), dat hij mensen ondergeschikt maakt aan de technologische structuren.Er zich tegen keren heeft geen zin: ‘Als macht ons tot subjecten maakt die wezijn, dan biedt een subversieve en rebellerende houding daartegen per slot vanrekening geen werkelijk alternatief,’ schrijft Verbeek.

Verbeek wil dat we ons overgeven en onderwerpen aan de macht van de techniek

Hetis natuurlijk heel vreemd dat ‘machtstructuren’ zouden bepalen wat mensen zijn.De verhouding van mensen tot macht kan ook erg verschillen. Bovendien zijnmensen eerst van zichzelf en daarna ingebed in zelf gekozen relaties en verhoudingen.Verbeek schrijft zelfs: ‘Het zou onzinnig zijn tegen die structuren in hetgeweer te komen,’ alsof de verwevenheid al zo groot is dat er eerder sprake isvan samenvallen, zonder enige persoonlijke ruimte. Het ‘morele subject’,schrijft Verbeek, ‘is geen autonoom subject, maar het product van actieve subjectie’. Subjectie betekentonderwerping: men zou zich dus ‘actief onderwerpen’ aan de technologie.

Inheel veel gevallen is techniek geen enkel probleem: veel technologischevindingen kunnen eenvoudig gedomesticeerd worden omdat ze nauwelijks een morelelading hebben. Ze zijn alleen maar praktisch. Maar er zijn genoeg technischevindingen die zo moreel ‘geladen’ zijn dat we onze houding moeten bepalen,zoals ten opzichte van niet zo onschuldige vindingen als kernenergie, deatoombom of genetische manipulatie. Ook kostbare operaties en echografie hebbenmet morele afwegingen te maken.