VN MediagidsCampagne voor Europa: Nederland versus de rest
Op de afscheidsbijeenkomst van GroenLinks-Europarlementariërs Kathalijne Buitenweg en Joost Lagendijk, afgelopen vrijdag in Amsterdam, waren sprekers en publiek het roerend eens: de Europese gedachte mag niet worden prijsgegeven aan electorale praatjes over het nationale belang.
Dat was ook de titel van het middagsymposium: ‘Hét Nederlands belang bestaat niet’. Op het podium legde Buitenweg zelf nog even uit waarom. In toenemende mate had ze zich de afgelopen weken geërgerd aan Europarlementariërs van andere partijen die claimen dat ze Nederland in de Europese politieke arena als leeuwen gaan verdedigen. Zo’n Hans van Baalen van de VVD die Europese wetgeving tegen pesticiden in de tulpenteelt ‘strijdig met het Nederlands belang’ durft te noemen, terwijl die pesticiden gewoon slecht zijn voor de gezondheid. Of zo’n Wim van de Camp van het CDA die een ‘Oranjeberaad’ wil instellen van Nederlandse Europarlementariërs, om één front te maken tegen de Brusselse bureaucraten: ‘Daar ben ik erg van geschrokken’.
Ook In Europa-schrijver Geert Mak trok in zijn speech van leer tegen de ‘tegeltjeswijsheden’ van de eurosceptici. Net als Daniel Cohn-Bendit, leider van de Europese Groenen, die in zijn beste Engels François Mitterrand citeerde: ‘Nationalism brings us to war.’ Groot applaus.
Eén ding werd duidelijk, vrijdagmiddag in Felix Meritis: bij GroenLinks willen ze zich niet van de wijs laten brengen door de euroscepsis die de afgelopen jaren om zich heen grijpt.
D66 zegt ja
Het is alsof bij de aanstaande verkiezingen voor het Europarlement op 4 juni het referendum over de Europese Grondwet van vier jaar geleden wordt overgedaan. Niet eerder profileerden politieke partijen zich zo nadrukkelijk als voor- of tegenstander van ‘Europa’. En niet eerder werd het Nederlands belang zo expliciet tot inzet gemaakt van de verkiezingscampagnes.
De enige uitgesproken voorstanders van verdere Europese samenwerking zijn GroenLinks en D66, uitgesproken tegenstanders de PVV en de SP. Tussen die uitersten worstelen de traditionele middenpartijen met de vraag hoe ze positie moeten kiezen. CDA, PvdA en VVD zijn altijd vanzelfsprekende voorstanders geweest van Europese samenwerking, zoals hun verkiezingsprogramma’s nog steeds laten zien. Maar sinds het massale ‘nee’ tegen de Europese Grondwet zijn ze doodsbang als naïeve eurofielen te worden weggezet. Wat moet dan de boodschap zijn? Voor Europa, tegen de bureaucratie? Voor meer samenwerking, tegen geldverspilling? Voor een integrale aanpak, tegen bemoeizucht? Die worsteling is ook zichtbaar in het campagnemateriaal dat de politieke partijen de komende weken over Nederland uitstorten.
Vorige week begon het Grote Plakken. Het meest uitgesproken ‘Ja’ voor Europa komt van D66. ‘En dat was ook de bedoeling,’ zegt campagneleider Annelou van Egmond. ‘Ik heb ook het verkiezingsprogramma geschreven. Het woord “ja” was het eerste woord dat op papier stond. De rest was eigenlijk een toelichting daarop. Dat betekent niet dat we geen kritiek hebben. Europa moet slagvaardiger worden en sterker. Maar we zijn niet bang om duidelijk te zijn. Wij willen absoluut niet dat mensen per ongeluk op ons stemmen. Wij willen alleen de ja-stemmers.’
De afgelopen maanden is D66-leider Alexander Pechtold enorm gestegen in de peilingen vanwege zijn consequente aanvallen op Geert Wilders. Ook in de Europa-campagne positioneert D66 zich recht tegenover de PVV, die het hardste ‘nee’ tegen Europa laat horen. ‘De PVV geeft ons de kans D66 scherp neer te zetten.’
Volgens pr-goeroe’s moet een goede verkiezingsposter in 1,3 seconde leesbaar zijn voor de langsrazende automobilist. Daarin is D66 dit jaar wonderwel geslaagd.
Dat geldt in mindere mate voor GroenLinks. ‘D66 heeft gekozen voor een simpele boodschap: Ja tegen Europa,’ zegt GroenLinks-campagneleider Jaap de Bruijn. ‘Maar je zegt toch ook geen ja tegen de Tweede Kamer? Wíj hebben gekozen voor de inhoud.’ De partij van Femke Halsema heeft zich braaf gehouden aan de afspraken met de Europese fractiegenoten, de European Greens, die een grootschalige new green deal voorstaan. Daarnaar verwijst de slogan ‘Denk groot, stem groen’, die op de poster onder de centrale campagnekreet ‘Zin in de toekomst’ prijkt. Je moet het maar even weten, als toevallige voorbijganger. Maar misschien is dat niet zo’n probleem, voor een partij die het toch moet hebben van haar vaste, groene achterban.
De PVV zegt nee
Aan de andere zijde van het Europese spectrum staat de PVV, de partij die voor het eerst aan de Europese verkiezingen meedoet. Op de poster is het jeugdige gezicht van Europees lijsttrekker Barry Madlener te herkennen. Barry wie? Juist. Daarom wordt hij geflankeerd door de geblondeerde leider zelf. De slogan – ‘Voor Nederland’ – maakt duidelijk dat de PVV met maar één doel naar Brussel vertrekt: de bureaucraten een lesje leren en ons geld terughalen.
Nederland prijkt ook nadrukkelijk op de poster van de SP, de partij die vier jaar geleden met overweldigend succes campagne voerde tegen de Europese Grondwet. Het permanente campagneteam, met daarin onder andere partijleider Agnes Kant, partijvoorzitter Jan Marijnissen, partijsecretaris Hans van Heijningen, partijzanger Bob Fosko én ontwerpbureau Tonic, koos voor de kreet: ‘Nederland wil minder Brussel’.
‘Het Nederlands belang moet zwaarder tellen,’ zegt Hans van Heijningen. ‘Dat is geen bekrompen, nationalistische reflex, het betekent dat wij de democratie dichter bij de mensen willen brengen. Dat is juist heel progressief.’
De SP laat, als altijd, niets aan het toeval over. Naast de poster worden er 1,3 miljoen speciale kranten verspreid, twee miljoen flyers en honderdduizend folders. Een speciaal geschreven boekje van lijsttrekker Dennis de Jong wordt in een oplage van zeventigduizend stuks verspreid onder de leden, met de hartelijke aanbeveling er vooral ook in het gezin en met de buren over te praten. En dan komt er nog een viral movie, waarin absurde gevolgen van Brussels beleid te kijk worden gezet.
De PvdA zegt ja en nee
De PvdA, politieke erfvijand van de SP, heeft langer geworsteld met haar campagneboodschap. Traditioneel zijn de sociaal-democraten pro-Europa, maar de laatste jaren moeten ze een dreigende uittocht van eurosceptici naar de SP zien te voorkomen. Het tegengeluid moet komen van de kritische partij-ideoloog René Cuperus, maar die kwam ondanks een stevige lobby niet hoger dan de vijfde plaats op de lijst. Ook over de verkiezingsslogan is flink gesoebat. Uiteindelijk werd het: Sterk en Sociaal. Inderdaad: de leuze uit de campagne van 1998. ‘We hebben ook nog gedacht aan: “Verander Europa” of “Een ander Europa”,’ zegt campagneleider Marcel Duyvestijn. ‘Maar we hebben uiteindelijk toch maar voor “Sterk en sociaal” gekozen. Het is misschien niet zo origineel, maar het is wel toepasselijk. We hebben een sterk Europa nodig om de economische crisis te bestrijden, en een sociaal Europa om de lasten eerlijk te verdelen.’
Ook in de campagne van de PvdA speelt ‘Nederland’ een aanzienlijk grotere rol dan voorheen. In folders en flyers wordt uitvoerig uitgelegd hoe het Nederlands belang met Europa is gediend. Lijsttrekker Thijs Berman wringt zich in bochten om het schrikbeeld van een Europese superstaat weg te nemen, door te pleiten voor een ‘bescheiden’ Europa. ‘Vroeger was het andersom,’ zegt campagneleider Duyvestijn. ‘Toen was Europa zo vanzelfsprekend dat we alleen maar hoefden te benadrukken waarom het zo belangrijk was. Maar dat werkt niet meer. Nu beginnen we bij de vraag: wat kan Nederland zélf regelen?’
Het CDA gaat voor pindakaas
De Partij voor de Dieren pleit juist voor uitbreiding van de Europese regels, uiteraard ten behoeve van het dierenwelzijn. Over de posters hebben ze niet lang hoeven nadenken: een bloedende stier in Spanje en andere mishandelde dieren, met de tekst: ‘Europa. Er zijn grenzen.’ Campagneadviseur Niko Koffeman (voorheen ook SP): ‘Bij de vorige verkiezingen hebben we gemerkt dat we nogal wat kiezers trokken die eigenlijk niet wilden gaan stemmen. We vonden het belangrijk om te laten zien: wij snijden andere thema’s aan dan de reguliere partijen. Dat is met die stier goed gelukt, denk ik.’
De ChristenUnie heeft altijd al kritische kanttekeningen geplaatst bij de Europese integratie, zodat de kleinste regeringspartij – indertijd al gematigd tegenstander van de Europese Grondwet – er weinig tijd voor nodig had om met de kleine broeders van de SGP tot een verkiezingsslogan te komen: ‘Samenwerking ja, superstaat nee’.
Aanzienlijk lastiger is het voor de grote broeders van het CDA. De christelijke middenpartij hangt een forse leegloop naar Wilders boven het hoofd. Daarom werpt lijsttrekker Wim van de Camp zich op als kampioen van het Nederlands belang. In zijn acceptance speech liet hij al weten: ‘Aan de Europese vlag zou een oranje wimpel af en toe niet misstaan.’ En, als uitsmijter: ‘Van pindakaas en hagelslag moeten ze afblijven!’
Inmiddels kondigde Van de Camp ook aan flink te willen bezuinigen op de Brusselse bureaucratie – een geliefd onderwerp onder eurosceptici –, onder andere door het dure vergaderen in Straatsburg te beëindigen.
Volgens VVD-lijsttrekker Hans van Baalen een ‘boterzachte’ verkiezingsbelofte, omdat de machtige Fransen dat nimmer zullen laten gebeuren. Van Baalen op zijn beurt, wiens partij nóg meer last heeft van de concurrentie van Geert Wilders, kondigde aan dat Europa best ‘voor half geld’ kon, door het landbouwbeleid te hervormen. De Fransen zien hem graag komen.
‘Europa voor half geld’ en ‘Stop de onzin’ zijn geliefde kreten van Van Baalen. Maar bij de VVD vonden ze dat te korte soundbites voor op de poster. ‘Het debat dreigt al af te glijden naar wasmiddelniveau,’ zegt campagneleider Boudewijn Revis. ‘Daar zijn we bij de VVD te inhoudelijk voor.’ Daarom hebben de liberalen, onder persoonlijke aanvoering van partijleider Mark Rutte en partijvoorzitter Ivo Opstelten, gekozen voor een onorthodoxe strategie: héle lange zinnen op de poster. Het zijn er drie geworden: ‘Europa heeft zijn grenzen bereikt, laten we ze nu bewaken’, ‘De Europese markt zorgt voor Nederlandse banen’ en ‘Europese criminaliteit vraagt om agenten zonder grenzen’.
De vraag is: welk normaal mens gaat al die teksten lezen, voorbijzoevend in auto of trein? Daar maakt de liberale campagneleider zich geen zorgen over. ‘Mensen onthouden inderdaad nauwelijks één woord als ze langs zo’n bord fietsen. Deze strategie heeft ook wel tot discussie geleid in de partij. Toch hebben we uiteindelijk voor lange zinnen gekozen. Het is misschien gedurfd, maar wij willen de kiezer ertoe verleiden even na te denken, in een tijd van wegzappen. Wij proberen inhoud terug te geven aan de campagne.’
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




