VN MediagidsWat doen we met onze ouders?
Samenleving 16.06.2001
Ze worden wel érg oud en krakkemikkig
16-06-2001
Door Margalith Kleijwegt
Steeds meer ouders worden hulpbehoevend. Voor hun drukbezette kinderen zijn ze vaak een last. Uit onderzoek onder Vrij Nederland-lezers blijkt dat de meeste kinderen dan ook vinden dat de overheid maar voor ze moet zorgen (zie pagina 42). In verpleeghuizen heeft het personeel het al over een tweedeling: kinderen die nog wel komen en zij die het helemaal af laten weten. 'Soms kies ik keihard voor mezelf, dan vergeet ik mijn moeder eventjes.'
Mijn moeder is vandaag jarig, ze wordt eenenzeventig, maar ik heb haar al een jaar niet meer gesproken. Ik heb een cadeaubon met een verjaarskaart in een envelop gestopt. Natuurlijk vind ik het naar dat onze relatie slecht is en kamp ik met een schuldgevoel. Ik denk voortdurend: stel zij krijgt iets, wat moet ik dan doen?'
Anna Verbeek is vierenveertig jaar. Ze is opgeleid als maatschappelijk werkster, haar man is huisarts. Ze wonen met hun twee leuke zoons van elf en acht in een smaakvol ingericht huis in het hartje van Amsterdam. De relatie met haar ouders was nooit heel innig. De sfeer thuis was niet erg liefdevol, vindt Anna, ze ging daarom jong het huis uit.Haar moeder roept altijd dat het slecht met haar gaat, maar ze kan nog veel, vertelt Anna. Moeder en dochter hebben na een conflict over haar vader geen direct contact meer. 'Dat geeft geen goed gevoel, maar ik heb wel rust.' Alleen, hoe lang zal dat nog duren? Als haar moeder wel hulpbehoevend wordt, zal Anna toch weer opdraven, denkt ze.Haar vader, ook eenenzeventig, woont nu twee jaar in een verpleeghuis. Hij kreeg in 1993 een hersenbloeding, vlak nadat zijn jongste zoon was overleden. 'Hij had geen goed contact met mijn broer,' zegt Anna peinzend. 'Het leek of al zijn ingehouden emoties eruit kwamen met die beroerte.' Nu haar vader invalide is, vindt Anna helemaal dat ze voor hem klaar moet staan. Haar wekelijkse gang, met bosje bloemen, naar het verpleeghuis waar haar vader ligt, schenkt weinig voldoening. 'Omdat het niet leuk is met mijn vader.
Ik doe het alleen omdat ik vind dat het moet.'Het is een taboe om te zeggen dat ouders wanneer ze oud en gebrekkig worden, hun kinderen last bezorgen. Dat wordt gezien als egoistisch, een negatief gevolg van het individualistische tijdperk. Maar ga er maar aanstaan als druk werkende man of vrouw met een eigen gezin als je vader of moeder plotseling langdurig ziek wordt. Dat kost tijd en energie, en het kan bovendien jaren duren.Mensen worden veel ouder dan vroeger en misschien belangrijker: door die hogere leeftijd worden ze gebrekkiger oud. Honderd jaar geleden was zes procent van de bevolking boven de vijfenzestig. Over dertig jaar zal bijna een derde van de Nederlanders bejaard zijn. De socioloog professor Knipscheer, die deze ontwikkelingen op de voet bestudeert, beschouwt deze demografische verschuiving als: 'Een existentieel probleem waar we de ogen voor sluiten.' Hij voorspelt dat het straatbeeld over een aantal jaren gedomineerd zal worden door rollators.De veertigers en vijftigers die zich in hun jeugd een grote vrijheid verwierven en zich tegen hun ouders afzetten, worden nu ineens teruggeroepen om hun naastenplicht te doen.Uit een onderzoek dat onlangs in Limburg werd uitgevoerd blijkt dat kinderen (meestal is de laag opgeleide dochter of schoondochter de klos) in het algemeen graag voor hun ouders zorgen. Volgens dat onderzoek zien kinderen die extra inspanning bijna nooit als een belasting. Integendeel, ze beschouwen het nauwere contact met hun ouders als een verrijking van hun leven.
Een kleine enquête in mijn naaste omgeving staat in schril contrast met die bevindingen. Mijn vrienden houden over het algemeen veel van hun ouders. Maar als het mis met ze gaat en ze veel en langdurig hulp nodig hebben, wordt de situatie meestal gecompliceerd. De kinderen doen wat ze kunnen. Boodschappen, koken, ze nemen hun ouders mee naar de dokter. Maar ik heb nog niemand horen zeggen dat het tijdrovende getob met de oudjes alleen maar waardevol is, natuurlijk is het ook een last.De meeste kinderen willen hun ouders niet in de steek laten, maar ondertussen wel hun eigen leven blijven leiden. En ouders hebben meer noten op hun zang dan vroeger. Ze willen allang niet meer naar een bejaardenhuis, of vreemde thuiszorgers naast hun bed.Ik weet het van mijn eigen – gescheiden – ouders. Mijn vader kon niet meer voor zichzelf zorgen omdat hij parkinson had. Hij vergat vaak zijn medicijnen op tijd te nemen. Dan kwamen mijn broer en ik aangerend omdat hij zich niet meer kon verroeren. Maar de suggestie toch hulp te nemen, wuifde hij lachend van de hand. Het ging prima met hem, dat we dat niet zagen!Mijn moeder, lief, sterk en eigenwijs, die de thuiszorgmevrouw die ik had geregeld na een fikse operatie, een halfuur nadat ze haar opwachting had gemaakt de deur wees omdat ze mijn moeder irriteerde. 'Maar hoe doe je dan je boodschappen, vroeg ik vertwijfeld.' Ze woonde ver van alle winkels en ik maakte me zorgen. Bovendien had ik geen zin om voortdurend uit te rukken om de boodschappen te doen. 'Dat zie ik wel,' riep ze resoluut. En dat was dat.Het gebeurt nog maar zelden dat kinderen hun ouders in huis nemen. De tijden dat opa vanuit zijn leunstoel een heel gezin commandeerde zijn gelukkig voorbij. Ouders hebben nu ook sneller het gevoel dat ze een last zijn, dat ze niet passen in het overvolle programma van de kinderen. Maar omdat ze zo oud worden, raken ze wel op hen aangewezen. Anna Verbeek: 'Het is een oude verworvenheid dat kinderen voor hun ouders zorgen, misschien past het niet helemaal meer in deze tijd. Of klinkt dat te hard?'
Elke dag een hapje eten
Joy Cok (50) en Willem Giezeman (58) hebben besloten in ieder geval één van hun ouders in huis te nemen als het zover is. Ze hebben zelfs in hun pasgebouwde villa een aangepast appartementje laten maken.Zijn moeder maakt de meeste kans op de mooie kamer met openslaande deuren naar de tuin, denken Joy Cok en Willem Giezeman. Haar ouders hebben een goed netwerk en wonen zelfstandig in een flat voor bejaarden in Capelle aan den IJssel, op een steenworp afstand van hun andere kinderen. Zelfs de zondagse preek wordt iedere week op een cassette aan huis bezorgd.Giezeman raakte tijdens zijn vorige huwelijk twaalf jaar gebrouilleerd met zijn moeder, omdat zij niet overweg kon met zijn toenmalige vrouw. Ze spraken elkaar al die jaren niet. Nu is alles vergeven en vergeten, en is hij zelfs bereid haar tot het eind te verzorgen.Hij: 'Ik kreeg beelden van mijn oma. Een sterke vrouw die iedere dag naar de kerk ging. Op een dag werd ze aangereden door een motor die haar meesleepte. Ze kwam in een flat terecht met twee kleine kamertjes en elke dag een hapje eten. Triest.
Later kreeg ze een beroerte en werd ze incommunicado, moest ze naar een verpleeghuis. Dat mag mijn ouders niet gebeuren. Zo'n tehuis lijkt me de hel op aarde. Ik besef dat het heel moeilijk kan worden, maar ik wil er toch in investeren.'Zij: 'Ik kan niet tegen de eenzaamheid van die oudjes, het uitgerangeerd zijn.'Ze zijn niet bang dat het inwonen van hun ouders een inbreuk zal zijn op hun privacy. 'Echte hulpbehoevendheid duurt geen jaren,' zegt Giezeman zelfverzekerd.Ouders worden soms wel érg oud en krakkemikkig. Het kan jaren duren voor ze doodgaan. Hun aantal zal alleen maar toenemen en het waardige leven waar de ouders vroeger zo op hamerden, blijkt ineens een rekbaar begrip. Leven is voor de meesten een aantrekkelijker optie dan dood zijn. En geef ze eens ongelijk. De vader van Anna Verbeek kan nog maar weinig, vertelt ze met mededogen. 'Hij krijgt een slangetje in zijn maag om te eten, 's nachts ligt hij aan de beademing. Eigenlijk is het vreselijk.' Haar vader moest een paar jaar na zijn beroerte met spoed geopereerd worden omdat een ader was geknapt. 'Ik stond in het ziekenhuis waar hij voor de operatie werd klaargemaakt. Ik wilde dat de dokters nadachten over de toekomst van mijn vader. Maar over levenskwaliteit werd niet gesproken. Mijn vader was nog bij kennis. Ik heb hem wel gezegd dat hij er heel ernstig aan toe was, maar ik vond het te heftig hem op dat moment te vragen of hij wel door wilde.'Tijdens de operatie werd hij drie keer gereanimeerd. Haar vader bleef daarna lang op de intensive care. Anna vond dat ze iedere dag naar hem toe moest gaan. 'Anders voelde ik me schuldig. Ik ging ervan uit dat hij op me rekende. Misschien was het niet zo. Dat is het dilemma, hij zegt niet wat hij wil, wat hij van mij verwacht. Dat hoort niet bij die generatie.'
Eigen bedrijf
'We zouden veel meer over aftakeling en dood moeten praten,' vindt Knipscheer. Het moet uit de taboesfeer. Hij heeft gelijk, maar hoe moet ik me dat voorstellen? Gewoon gezellig tijdens het zondagse koffiebezoek aan je ouders na een praatje over het weer de mogelijkheid van euthanasie aansnijden. Maar veel oudjes willen hun eigen aftakeling niet onder ogen zien en vinden hun beperktere leven altijd nog de moeite waard. Voor kinderen is het bovendien pijnlijk om over hun neergang te beginnen, het kan de indruk geven dat je van je ouders af wil. Omdat jij niet snapt dat zij zo – bedlegerig, dement, incontinent – willen leven.
Dementie is een van de snelste stijgers in de categorie chronische kwalen, daar krijgen veel kinderen mee te maken.Hoe ingrijpend dat kan zijn vertelt een mevrouw uit Amsterdam. Haar dementerende moeder woont nog alleen thuis. De dochter kan geen geschikt tehuis voor haar moeder, die in Katwijk woont, vinden. Er is nergens plaats en een particulier tehuis bestaat niet in die buurt. Ze heeft haar moeder bij verschillende huizen ingeschreven en moet nu afwachten wanneer er een plaatsje vrijkomt. Eigenlijk kan haar moeder niet meer voor zichzelf zorgen en de thuiszorg biedt onvoldoende hulp. Haar zusje woont in die buurt, maar is ook niet altijd beschikbaar. De Amsterdamse dochter heeft zelfs geen tijd om haar moeder iedere week te bezoeken. Haar kinderen zitten nog op school en ze werkt met haar man in hun eigen bedrijf. Natuurlijk houdt ze van haar moeder, maar deze verslechtering in de toestand van haar moeder komt haar, bot gezegd, gewoon niet uit. 'Ik wil niet eens altijd weten hoe het met haar is,' verzucht de dochter. Ze voelt zich voortdurend in tweeën gerukt. Ze klinkt vertwijfeld als ze opbiecht: 'Soms kies ik keihard voor mezelf en mijn gezin, dan vergeet ik mijn moeder eventjes. Niet dat het werkt, want dan klap ik gewoon in elkaar.'
Tweedeling
Het gros van de kinderen blijft dus trouw aan hun ouders. Maar er zijn er ook steeds meer die hun ouders uit hun systeem zetten omdat ze de belasting te zwaar vinden. Er zijn genoeg verzachtende omstandigheden: kinderen die ver weg wonen, een drukke verantwoordelijke baan hebben. Hoog opgeleide kinderen hebben eerder de neiging hun ouders aan hun lot over te laten dan laag opgeleiden. Gescheiden ouders komen er bij hun eigen kinderen sowieso niet best vanaf, wijst onderzoek uit. De relatie met hun kinderen is door het verleden vaak vertroebeld.In verzorgings- en verpleeghuizen praat het verplegend personeel al over een tweedeling: de kinderen die nog wel komen en zij die het af laten weten.In de psychiatrische kliniek in Enschede, waar Sytske van der Meer huisarts is en behandelend arts op de afdeling ouderenpsychiatrie, komt allebei voor. Er zijn kinderen die zelfs een uitvlucht verzinnen als de arts een gesprek met hen wil. Ze willen kennelijk niet langer betrokken zijn bij het leven van hun ouders. Eén broer en zuster maakten het heel bont, door hun moeder honderdvijftig gulden benzinekosten per bezoekje te berekenen. Terwijl ze vijftien kilometer van het ziekenhuis woonden. De moeder wilde haar kinderen zo graag zien dat ze betaalde. 'Ze krijgen dat geld toch als ik doodga,' redeneerde ze.Zulke voorbeelden zijn in- en intreurig. Net als de dochter die haar demente moeder thuis dronken voerde om haar rustig te houden.Omgekeerd kent Sytske van der Meer het ook: 'Een dochter die haar dementerende moeder kwam ophalen omdat wij niet goed genoeg voor haar zouden zorgen. We zijn er overigens zeker van dat ze binnen de kortste keren hier weer op de stoep staat.'Volgens Van der Meer hebben kinderen er vooral moeite mee als ouders hun decorum verliezen. Als de rollen helemaal zijn omgedraaid en het kind de ouder een luier moet omdoen. Of wanneer de ouders niet zelf meer kunnen eten, als ze knoeien, in hun broek plassen, en soms hun kroost niet meer herkennen. 'In zulke situaties beginnen kinderen weleens over de beëindiging van dat leven,' vertelt Sytske van der Meer. 'Ik vind het heel goed en dapper dat ze dat doen. Als zij het niet doen, dan begin ik erover. Wat doen we als vader of moeder longontsteking krijgt? Geven we antibiotica? Longontsteking is een mooie dood. Je zakt langzaam weg, meestal duurt het maar een paar dagen. En moeten we reanimeren bij een hartstilstand?
'Het zijn heel moeilijke afwegingen, erkent Van der Meer, die het gesprek over aftakeling en dood duidelijk niet schuwt. 'Tot kort geleden werd er eindeloos doorbehandeld, families zijn soms bang dat ik ook zo ben. Als ik ze vertel dat ik niet per se het leven van hun ouder verleng, is dat een hele geruststelling voor ze.' De gewonnen jaren zijn vaak niet de leukste, zegt Van der Meer. 'Omdat wij mensen zo goed verzorgen, kunnen ze heel lang doorleven. De vraag is wel: is het dan nog leuk? Soms weten de kinderen dat hun vader of moeder het zo niet langer wil en dan is het mooi geweest.'Het is een grote verantwoordelijkheid voor kinderen om te beslissen wanneer het leven van een van hun ouders niet meer de moeite waard is. Toch zullen dit soort situaties zich steeds vaker voordoen, denkt Van der Meer. 'Hoe ver willen we gaan, die vraag speelt voortdurend. Als de verpleging ziet dat iemand koorts heeft, moeten er dan antibiotica worden gegeven?'Sytske van der Meer gaf twee keer hulp bij zelfdoding bij patiënten met beginnende dementie. 'Er was beide keren een grote betrokkenheid van de kinderen. Ze hadden bewondering voor de moed van hun ouders. Het is indrukwekkend om mensen bewust dood te zien gaan. Ze konden in alle rust afscheid nemen van hun kinderen.'Sinds de wet er is merkt Van der Meer dat de vraag om euthanasie toeneemt. Ouders vragen vaker om beeïndiging van hun leven. Professor Knipscheer weet dat ouderen soms een einde aan hun leven willen om hun kinderen niet tot last te zijn. Van der Meer ziet dat ook gebeuren. 'Daar leen ik me niet voor.'
Oude gewoonten
De dilemma's waar kinderen voor komen te staan bij het klimmen der jaren zijn dus knap ingewikkeld. Ben ik verantwoordelijk voor mijn ouders? Hoe ver ga ik? Neem ik ze in huis? Ga ik met vakantie terwijl ik weet dat er iets kan gebeuren? En het allerbelangrijkste: wil ik beïnvloeden of mijn vader of mijn moeder al dan niet blijft leven?Maar de ouders hebben het op hun beurt ook niet makkelijk. Die willen hun kinderen niet tot last zijn. Meestal begrijpen ze dat hun kinderen drukbezet zijn. Maar als het misgaat met ze, wat moeten ze dan?De familie Janssen woont op een prachtige boerderij in een idyllische omgeving. De pluimveehouderij staat op het landgoed Twickel bij Delden in Twente. Henk Janssen nam de boerderij over van zijn vader. Zijn gezin deelde de boerderij eerst met zijn ouders, en toen zijn vader een paar jaar geleden overleed, bleef zijn moeder achter. Eigenlijk liep dat meteen fout. Zij verwachtte dat alles bij het oude zou blijven, vooral haar prachtige, grote bloementuin moest weer bloeien als de jaren ervoor. Maar die kon haar zoon onmogelijk onderhouden. Haar schoondochter stond altijd voor haar klaar, maar de grote schoonmaak in de lente zoals mevrouw Janssen haar hele leven gewend was te doen, daar deed de schoondochter niet aan. 'Ze kon haar oude gewoonten niet loslaten,' vertelt de schoondochter.Moeder Janssen raakte depressief, misschien een 'verstoord rouwproces', zei de dokter. De kinderen, haar jongste zoon Erwin woont in Amsterdam, is manager bij een groot bedrijf en dochter Jannie in Utrecht, deden wat ze konden. Vaak reden ze in het weekend op en neer naar Twente. Maar hun moeder wilde niet worden geholpen, leek het wel. 'Ze was vroeger een heel actieve vrouw,' zegt Jannie. 'Maar nu deed ze niets meer.'
Henk noemt haar 'een heel zorgzame moeder', die vroeger veel voor haar kinderen en kleinkinderen over had. Ze werd achterdochtig. Tegen kennissen uit de omgeving was ze vriendelijk en normaal, maar als een van de kinderen vroeg of ze wel goed voor zichzelf zorgde reageerde ze boos en afwijzend. Uiteindelijk – ze verwaarloosde zichzelf en ze weigerde iedere vorm van hulp – werd ze opgenomen in het psychiatrische ziekenhuis van Sytske van der Meer, waar ze nu anderhalf jaar zit. De zorg om hun moeder blijft een belasting voor de kinderen, haar psychiatrisch ziektebeeld maakt het heel moeilijk om met haar om te gaan. Soms keert ze zich letterlijk van haar twee oudste kinderen af als die op bezoek zijn. 'Dan keert ze ons de rug toe,' vertelt Jannie. 'Dat doet pijn, ook al weet je dat het door haar ziekte komt.' Zelf is ze maatschappelijk werkster in het onderwijs, haar man is directeur van een psychiatrische instelling in Utrecht, samen hebben ze drie puberende kinderen. Met tranen in haar ogen vertelt Jannie hoe machteloos ze zich voelt: 'Ik hou van mijn moeder en zij van mij, dus ik geef het nog niet op. Als kind was ik veel ziek, toen vocht ze voor mij, nu doe ik dat voor haar.' De kinderen vinden dat ze hun moeder niet in de steek kunnen laten, terwijl ze daar alle aanleidng toe geeft. De band is te sterk, bovendien zouden ze zich alleen maar ellendig voelen als ze haar zouden overlaten aan haar lot. De band tussen de kinderen is de afgelopen jaren heel hecht geworden, dat beschouwen ze alledrie als een verrijking. 'Lief en leed delen is niet alleen fijn', zegt Jannie, 'Het blijft ook een worsteling. Ik kan het tien keer hebben als mijn moeder me verwijt dat ik lol heb van haar ziekte, maar de elfde keer bek ik terug.'
Nooit tijd
Vroeger bleef het ongehuwde kind vaak bij de ouder inwonen, vertelt professor Knipscheer. 'U zult het niet geloven, maar het aantal kinderen dat ouders in huis nam in de laatste fase van hun leven, of die bij de ouders introkken, nam toe tussen 1980 en 1990. Dat was toen iedereen de mond ervan vol had dat kinderen niets voor hun ouders overhadden.'En toch is de relatie tussen ouder en kind per definitie ambivalent, zegt Knipscheer. 'Als kind blijf je kind. Als je ouder wordt, word je per definitie afhankelijker van je kind. Kinderen graaien bij ouders in de koektrommel, dat kan niet andersom. Ouders willen ook liever niet meer inwonen, ze moeten er niet aan denken afhankelijk te zijn.'Toch worden ze dat.Nellie Vissers werkt bij de thuiszorg in Midden-Brabant, samen met haar broer en drie zusters zorgde ze voor haar moeder die ernstig ziek was geraakt. 'Dat konden we wel aan, dachten we.' Maar het ging al snel mis. Haar moeder was angstig en ze had pijn. Bovendien gebeurde het allemaal midden in de zomervakantie en Nellie heeft thuis nog opgroeiende kinderen. 'Binnen de kortste keren waren we op.' Haar moeder moest naar het ziekenhuis waar ze twee dagen later overleed. Tot groot verdriet van haar vader die zijn vrouw graag tot het laatst thuis had gehouden. 'Achteraf vraag ik me af of we het anders hadden moeten doen,' peinst Nellie. 'Maar daar wil ik eigenlijk niet over nadenken.'Nu is haar vader alleen en ziek. Hoe erg weten ze nog niet. Haar zusje vraagt zich af of ze wel een maand naar Azië kan. Stel dat het plotseling misgaat? Nellie gaat vaak naar haar vader toe. Ze vindt dat dat moet. 'Natuurlijk is het zwaar, maar ik voel me er prettig bij. Ik kan het moeilijk leuk hebben als ik weet dat hij daar in zijn eentje verdrietig zit te zijn. Mijn kinderen vroegen laatst of opa niet hier kon wonen. Dan was ik tenminste wat vaker thuis.'Een zorg, een last, we kunnen niet om ouderen heen. Het is ook zo wreed om ze in de steek te laten in de fase dat ze betrekkelijk weerloos zijn. Volgens alle mensen die ik sprak kunnen kinderen niet onder hun ouders uit. En willen de meesten dat ook niet. Die omgekeerde afhankelijkheid kan wel beknellend zijn.Wat Anna Verbeek ook doet, haar ouders geven haar altijd een gevoel dat ze tekortschiet. Laatst nog wilde ze met haar vader buiten wandelen. Maar hij was net met een van de verzorgers op pad geweest. 'Jij hebt toch nooit tijd,' beet hij haar toe. Gelukkig nam de verpleegster het op voor Anna, die hem erop wees dat zijn dochter er iedere week is.Kinderen hebben snel het gevoel tekort te schieten. 'Ik heb me lang verantwoordelijk voor het geluk van mijn ouders gevoeld,' zegt Anna Verbeek. 'En dat kan natuurlijk helemaal niet.'
Deftig thee drinken
In het gezin Gillissen zijn het de zoons die met veel inzet en liefde voor hun moeder zorgen. Je zou kunnen zeggen dat de ziekte van hun moeder de kinderen weer bij elkaar brengt en de band met hun moeder verdiept. Twee broers spreek ik op een avond in Berkenwoude, een dorpje vlak bij Gouda. Joop (53) is directeur van de Diabetesvereniging Nederland. Zijn broer Albert (44) is eindredacteur van het tv-programma De Week van Willibrord.Albert: 'Het exacte breekpunt is niet duidelijk. Mijn moeder raakte verward, sliep 's nachts in haar kleren, begon moeilijker te lopen. De huisarts zag in het begin niet de ernst van de situatie in. Het was duidelijk dat ze niet meer alleen kon zijn, maar om voor thuiszorg in aanmerking te komen, moest mijn moeder op de wachtlijst. Toen hebben we zelf maar een schema gemaakt.' Waarschijnlijk heeft ze een herseninfarct gehad. Het gebeurde in de laatste maand van de zomerstop van De Week van Willibrord, dus had Albert genoeg tijd om heen en weer naar Wassenaar, waar zijn moeder woont, te rijden.Joop gebruikte al zijn snipperdagen. 'De vrouw die daar angstig in haar huis zit, is wel je moeder. Nu werden de rollen omgedraaid. Zij was niet langer de vrouw des huizes, ik ging kijken of ze wel had gegeten.'Hun moeder liet blijken dat ze het liefst door haar zoons werd verzorgd en dat probeerden ze zo veel mogelijk te regelen. De broers vinden het de gewoonste zaak van de wereld dat ze zich zo bekommeren om hun moeder. Eén keer ging ze 's nachts op pad en moest ze door de politie worden thuisgebracht. Toen Albert de volgende dag werd gebeld was hij net bezig met een uitzending van Willibrord. 'Ik heb alles uit mijn handen laten vallen en ben er meteen naar toe gegaan.'
Sindsdien gaat de buitendeur om tien uur op het nachtslot.Inmiddels is er thuiszorg en moeten de zoons alleen in het weekend voor haar zorgen. Albert neemt zijn moeder af en toe mee uit in de auto, dan gaat hij deftig thee met haar drinken. 'Dat vindt ze heerlijk.'Joop verbaast zich vooral over de omkering van de rollen. 'Ik mocht vroeger nog geen kopje koffie zetten, nu laat ze zich eindelijk een beetje verwennen.'Mijn eigen vader is niet lang geleden gestorven. Hij heeft tot het eind van het leven genoten, terwijl wij, zijn kinderen, soms vanwege al zijn kwalen dachten: wat is hier nog aan. Hij vond het onbegrijpelijk dat de medische technologie anno 2001 niet in staat was zijn leven nog verder op te rekken.Mijn moeder woont inmiddels in een eigen appartement bij mijn broer in huis. Dat is voor beiden een bijzondere opgave en ik kijk er met bewondering naar.Jannie Janssen schrijft haar moeder regelmatig lange brieven, in de hoop dat ze reageert. Jannie weet zeker dat ze ze leest. 'Mijn moeder is heel nieuwsgierig.' Maar als Jannie vraagt of haar moeder de brief heeft ontvangen, roept haar moeder verontwaardigd: 'Een brief? Ik heb geen brief gezien!''Tegenwoordig mag je erkennen dat ouders een last zijn,' zegt Anna Verbeek. 'Ik doe het in mijn broek als ik eraan denk dat ik zelf oud word,' zegt ze lachend. 'Ik wil liever jong dood dan oud en zuur worden.'Dan slaakt ze een diepe zucht. 'Het einde van mijn ouders nadert, iedere dag pieker ik hoe ik het moet afmaken. En ik weet: wat ik ook doe, het schuldgevoel blijft.'
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




