VN MediagidsWaarom ik geen miljonair geworden ben, Kleptocratische waarden
Samenleving 01.01.2005
01-01-2005
Door Carel Peeters
De miljonair die zich in zijn weelde wentelt, is het lichtende voorbeeld van deze tijd. Het diepste verlangen van jong en oud is een winnaar te zijn, rijk te worden. Een beetje gesjoemel is daar natuurlijk wel voor nodig. De grote graaiers noemen we minzaam deugnieten, hun corruptie ‘stout’.
Omdat ze tegenwoordig gewoon loslopen, is het niet meer zo moeilijk iets te weten te komen over miljonairs. Zie je iemand breeduit en wijdbeens in een makkelijke stoel zitten, dan heb je in negen van de tien gevallen te maken met een moderne miljonair. Als een luie mannetjesaap exposeert hij openlijk zijn kruis. Zijn armen liggen links en rechts zwaar op de leuningen, als de rechterarm tenminste niet aan het telefoneren is. Dit is de ‘niemand kan mij nog iets maken’-houding, ook wel omschreven als de houding van ‘ik ben binnen, jij bent buiten’. Staat een miljonair rechtop, dan laat hij zich bij voorkeur met een glas in de hand fotograferen vanuit het kikkerperspectief, een beetje van onderen, zodat hij naar beneden kan kijken, zoals Caesar. Wanneer hij helemaal in stijl wil zijn, slaat hij zijn armen voor zijn borst en gaat wijdbeens staan. Dan voelt hij zich zo zeker als een klerenkast van de beveiliging.
Een moderne miljonair is ook drager van geinige bretels, hét kledingattribuut van de ‘grootverdiener’. Ze komen te voorschijn zodra hij zijn handen in zijn zakken stopt. Hij is een toffe jongen op zijn tijd. Een miljonair draait regelmatig aan zijn glinsterende ring. Hij wipt altijd ongeduldig met zijn rechtervoet. Wanneer hij wijdbeens in zijn stoel ligt te luisteren naar een andere miljonair legt hij elke drie minuten zijn das recht op zijn buik. Hij streelt hem moederlijk, een handeling die wordt afgesloten met een tevreden klopje op de buik, aldus bevestigend dat het leven goed is en verder veroverd zal worden. Want, zo heeft het bekende glossy zakenblad laten weten, ‘één miljoen is niets meer’. Van tijd tot tijd schiet zijn linkerarm uit. Dat is om zijn glimmende Rolex-(of Longines-/Breitling-/Locman-)horloge zichtbaar te maken. Dat had zich weer eigenwijs verstopt in de mouw van zijn jasje. Waar is luxe voor als hij zich schuilhoudt?
Miljonair is wat men tegenwoordig het liefst wil zijn. Er is zo vaak sprake van miljoenen en miljonairs, dat het wel lijkt alsof je het om de hoek kunt krijgen bij de afhaalmiljonair. Het idee heeft postgevat dat het een makkelijk te bereiken ideaal is. Iedereen doet mee aan de ‘miljoenenjacht’, in het echt, in de verbeelding of in de loterij. Op de vraag aan jongeren wat ze later willen worden, wordt steevast geantwoord: ‘Rijk.’ Alle andere menselijke idealen zijn vervlogen (uitvinder worden, architect, schrijver, boswachter, violist, bioloog, admiraal, brandweerman, wetenschappelijk onderzoeker, dokter), alleen het miljonair zijn is nog over. Miljonair zijn is het heilig doel, de rest is middel.
De succesvolle moderne mens is miljonair, of hij is niet. De vraag die het meeste gesteld wordt aan een kok die succes heeft met zijn manier van koken is of hij al miljonair is. We hebben het niet over Jamie Oliver. In een tijdschrift voor mannen en hun gezondheid wordt op het omslag beloofd dat daarin zal staan hoe men ‘miljardair’ wordt. Zo dichtbij is het allemaal. Nu de Amsterdamse tram van voor naar achter, van boven tot onder, wekenlang bestond uit reclame voor de Miljonair Fair is het zonneklaar: deze ‘huishoudbeurs voor miljonairs’ is je reinste illusionistische domesticatie van de miljonair: alsof het om de inhoud van een huishoudportemonnee gaat.
De tram was gehuld in het goud des miljonairs. Het was een oproep om zich over te geven aan de nieuwe religie en de daarmee gepaard gaande verlossing van alle zorgen: het rijk worden. Kom naar deze ‘high luxury market’ en spiegel u in de bubbels van de champagne, vergaap u aan leren dames- en herenbroeken, aan de kekke hesjes, aan de stoute lingerie, aan de dansende juwelen, aan de ‘498 flesjes single malt van vijftig jaar oud van Johnnie Walker’, de luxeboten, de gouden golfclubs, de diamanten vulpennen, aan de smekende damestasjes, de glanzende bolides, aan de terreinwagens en de hoogpolige Bentley’s. En vooral: neem deel aan het netwerken. Kom naar deze ‘beschermde wereld van comfort en welbehagen’. Maar ‘we willen het exclusief houden’. Dus komt alles uit ‘het topsegment’ van de branche. Hier kunt u ‘lekker bijkomen’ bij alle Grote Merken. Hier vindt u ‘alles voor casual living’. Hier kunt u ‘glimmen en stralen’ in de ‘Hall of Fame’, waar uzelf voor het beroemdheidsgehalte zorgt. Kom en doe mee aan het ‘Rimpeloffensief’ door u met Crème de la Mer te laten insmeren, net als Brad Pitt en George Clooney. Deze ‘scrubcrème van de celebrities’ bevat ‘diamantslijpsel’ waarvan je na een poetsbeurt gaat glimmen als een ‘Cartier-etalage’. Dus: lach en straal, en betaal met de Black Card, de Centurion van American Express, ‘het perfecte speeltje voor de rijken der aarde’.
Vervelend is wel: ben je eenmaal miljonair, dan ben je alléén nog maar miljonair. Je bent het van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Geen telefoontje of het gaat over geld. De post brengt alleen nog brieven van banken en Robeco’s. Je bent alleen nog cijfers en bankrekening. Mensen die op bezoek komen, spreken alleen in euro’s en dollars. Je huis is een business lounge, je drankkast een barretje Hilton. Elke dag sla je de grijs becijferde pagina’s met de beurskoersen op. Dwangmatig hou je je hand tegen je hart om het hevige kloppen te sussen zodra de cijfertjes scherp in beeld komen. Het Financieele Dagblad is je te hoog gegrepen en te veel op de hand van Morris Tabaksblat. Allerlei miljonairsvlooien, charmeurs, criminelen, hielenlikkers, spierballen en driedelige pakken komen op je af en benaderen je met financiële voorstellen. Allerlei bedrijven, banken, investeringsmaatschappijen, trustkantoren, advocaatjes, consultants en adviesbureaus komen met transacties, deals, opzetjes, intimidatie, arrogantie, honing en dreigementen.
Je belangrijkste lectuur is de roddelpers en het blad Miljonair. Het is dik en zwaar, van voor naar achter staat het vol lachende en lachende en nog eens lachende mensen, allemaal ‘dressed for success’. Veel blote schouders, veel bruin dat niet van de zon komt. Veel tasjes, raceauto’s, horloges, reisjes, culinairs. Veel top-dit en top-dat, veel ‘money & power’ en alles ‘exclusief’ en ‘speciaal geselecteerd’. Hier kijk je naar ‘heel bekend en succesvol Nederland’. Dat ziet kennelijk graag advertenties met wijdbeense vrouwen op auto’s. Inclusief het zicht op haar exclusieve slipje staat er een op het omslag van de laatste Miljonair.
Zo bij elkaar gezet hebben we hier ongeveer de geestelijke habitat van de miljonair.
Het is, ondertussen, helemaal geen kunst om miljonair te worden. Bernard Shaw zei het al: wie wil is het in een mum van tijd: je gaat slechte whisky verkopen, je gaat beroerde kranten uitgeven, je koopt ergens de oogst op, je tilt de overheid, je ontduikt de belasting, je sluit dealtjes hier en daar, je houdt je aandeelhouders voor de gek, je gaat in vastgoed handelen, je koopt twijfelachtige partijen goederen op, je laat mensen in lagelonenlanden voor je werken. Of je begint een misdaadorganisatie en noemt je clubblad Story of Weekend. Je kunt ook een glossy blad beginnen over ‘het lief en leed van de rijken’ en dan noem je het Tweed. Of een blad speciaal voor zakenmensen en dan inspelen op hun lusten, neigingen en onderbuikgevoelens, en vooral op hun al dan niet bedwongen agressie tegen iedereen die ‘jaloers’ op ze is.
Of een glossy blad voor vrouwen die als openlijk ideaal hebben om met een miljonair te trouwen, zoals Cosmopolitan. Dat is een over de hele wereld in alle talen uitgegeven blad voor de potentiële miljonairsvrouw die het nooit zal worden, maar die wel zweert bij het idee. Het wordt geleid door de tachtigjarige Helen Gurley Brown. Zij die van top tot teen uit plastische chirurgie is opgebouwd en ‘nog zo graag van haar buikje af wil’, nam het sluimerende blad in de jaren zestig over omdat zij en haar man het succes van haar boek Sex and the Single Girl wilden ‘kapitaliseren’.
Sindsdien is Cosmopolitan een wereldwijd broeinest van de idee-fixe dat het een miljonair is die je gelukkig kan maken. Als mascotte mag in zulke omgevingen graag Paris Hilton optreden, de ‘erfgename’ van de vele miljoenen en het prototype van de manisch koopzuchtige vrouw. Zij is gelukkig al helemaal gewend aan het gebruiken van de Centurion Black Card (‘haar plastic zwarte vriend’) als ze bij Gucci of Vuitton haar inkoopjes doet.
De wereld van de miljonairs, dat is ook de wereld van de oplichters en de fraudeurs. De goede niet te na gesproken. Wie het over miljonairs heeft, staat met één been in een schandaalkroniek. Is de wereld waar iedereen zo graag toe wil behoren dezelfde waar de grootste corruptie is te vinden? Wil iedereen dan zo graag gevaarlijk leven? Met als buur het paleis van justitie en de gevangenis? Er gaat geen dag voorbij of je leest over de kleptocratie van miljonairs die zich verrijken met geld waar ze niet voor gewerkt hebben (‘the World of Something for Nothing’ en ‘making a quick million without working’, zoals het in Amerika heet): door te handelen met voorkennnis, de overheid op te lichten, de beurs te beduvelen, subsidies op te strijken, opties onrechtmatig te verzilveren of gewoon alle winsten naar hun eigen (geheime) bankrekeningen te sluizen. De economiekaternen van de dagbladen gaan dagelijks voor een derde over de diefstal van de miljonairs die werkten bij Enron, Ahold, TPG, Wessanen, Shell, Quest, Essent, World Online. Kenneth Lay, Joep van den Nieuwenhuyzen, Cees van der Hoeven, Martha Stewart, Nina Brink, Cor Boonstra, Conrad Black: het is alles creatief boekhouden, corruptie, ontduiking of misleiding.
Dat weet ook de Engels-Canadese mediatycoon Conrad Black, die een tijdje eigenaar was van de conservatieve krant Daily Telegraph. Hij, die zich omringde met ‘adviseurs’ als Henry Kissinger en Bush’ defensiespecialist Richard Perle, sluisde in een paar jaar vierhonderd miljoen pond naar zichzelf toe, tot hij in september tegen de lamp liep. Ondertussen was hij voor al zijn verdiensten voor Engeland ‘Lord Black of Crossharbour’ geworden. In de wereld van de miljoenen is het een waar pandemonium van graaien en grijpen. Dat komt ervan als het leven alleen maar als ‘winnen’ wordt beschouwd. ‘Life is all about winning,’ zegt Jack Welch, voormalig directeur (‘super-ceo’) van General Electric en nu ‘on the road’ om zijn verpletterende wijsheden uit te dragen onder bouwondernemers, projectontwikkelaars, accountants, notarissen, advocaten, makelaars, directeuren van energiebedrijven, zoals onlangs bij een bezoek aan de Erasmus Universiteit.
Om dit geniale inzicht met ons te delen, kwam Welch helemaal uit Amerika. Goed beschouwd: meer hoeft iemand die in business zit ook niet te weten, en meer wil hij ook niet weten. ‘Life is all about winning’ is een kernachtige samenvatting van de enorme stapel boeken over economie en bedrijfskunde die aan de Erasmus Universiteit moet worden doorgeworsteld voor je een diploma krijgt. Al vraag ik me toch af of zanger Gerard Joling het toch niet nog bondiger heeft geformuleerd toen hij onlangs in Miljonair zei dat het hele leven draait ‘om de duit en de fluit’. Het motto van Donald Trump is net zo eenvoudig; bij hem weet je meteen dat je van zakendoen paranoïde wordt en altijd hard moet toeslaan: ‘It’s a jungle out there.’
Op de universiteit heb je aan dit soort bondigheid waarop miljonairs gesteld zijn niets. Op de universiteit loop je het gevaar te leren dat er ook gewoon zakendoen bestaat. Gewoon zakendoen, zich houden aan wat door Tabaksblat op schrift moest worden gesteld, staat bekend als de stok in het wiel van het lekker handelen. Toen Jack Welch vragen kreeg over de miljoenensalarissen van de ‘managementsterren’ in Amerika wuifde hij ze weg (‘zo gaat dat nu eenmaal’). Geen woord over het halve dorp dat Enron-hoofdman Kenneth Lay voor zichzelf als ‘mansion’ liet bouwen van achterover gedrukt geld, niets over de salarissen van Andersen-accountants die de machinaties van Enron dekten. Het ontlokte de niet om miljoenen verlegen zittende Ad Scheepbouwer (KPN) de opmerking: ‘Wat een gezeur over die lonen.’
Daar denkt Willem Hollander, directeur van het Nederlands Centrum voor Directeuren en Commissarissen, in ieder geval heel anders over. Hij is helemaal niet blij met het imago van ‘graaiers’ waarvoor zijn beroepsgroep heeft gezorgd. Hij zegt over die reputatie: ‘De beroepsgroep heeft dit alles over zichzelf afgeroepen.’ Over Ad Scheepbouwer, de man van het gezeur over die lonen, zegt hij: ‘Ik zou ’t niet aan mijn vrouw kunnen uitleggen dat ik bedragen pakte die Scheepbouwer pakt.’
De algehele fixatie op miljoenen en miljonairs heeft tot gevolg dat de verhoudingen totaal zoek zijn geraakt. Er vindt een omkering van waarden plaats. Wie geen miljoen heeft, is een loser. Mensen die er het minst toe doen, krijgen de meeste aandacht. Wie echt iets te betekenen heeft, wordt niet meer gezien. Ze worden aan het zicht onttrokken, omdat de miljonairs er ostentatief voor zijn gaan staan. Nulliteiten en parvenu’s dringen als wethouders Hekking voor om als eerste hun glas te heffen. Het is de decadentie van de dommen. Boeven met veel geld hebben nu de meeste status. Schijnbaar keurige heren in krijtstreeppakken snellen lachend naar de bank omdat hun accountant of advocaat ze weer door de mazen van de wet heeft getrokken. Zoals een maffiabaas ‘the boss’ heet, zo is een ‘bestuursvoorzitter’ nu een eufemisme, want hij geeft steeds vaker leiding aan kwalijke praktijken.
Deze goudkoorts betekent dat alles in het teken van het miljoen is gaan staan. Het miljoen is een totempaal geworden waar alles aan geofferd en opgeofferd wordt. Volkswagen is bezig met het ontwikkelen van een prijzig autootje, de Bugatti-Veyron. Het karretje gaat precies één miljoen euro kosten. Dat is een dramatisch feit, want nu wordt het al gauw belachelijk dat een Hummer, Spyker, Maybach of Lamborghini geen miljoen kost, maar een schamele half miljoen. Aan het eind van de veiling van Toon Hermans’ schilderijen bij Christies kon je iemand met onverholen spijt horen zeggen: ‘Jammer, toch geen miljoen’ (het was zevenhonderdduizend). Jennifer Lopez heeft haar billen niet verzekerd voor een kwart of een half miljoen, maar (mocht er een putje in komen) voor één miljoen. Naomi Campbell heeft elk onderdeel van haar lichaam voor één miljoen verzekerd en komt uit op zesenvijftig miljoen. Wie van de vastgoedmiljonairs, filmstermiljonairs, internetmiljonairs, roddelbladmiljonairs, voetbalmiljonairs, snookermiljonairs, glossymiljonairs, mediamiljonairs, golfmiljonairs of loterijmiljonairs wil er nog in een auto van een half miljoen rijden als één miljoen de norm is?
Iedereen is verschillend, behalve miljonairs, die zijn allemaal gelijk. Ze willen maar één ding: meer miljoenen. Om dat te bereiken, moet elke miljonair op de een of andere manier ‘stout’ zijn, hij moet het niet zo nauw nemen met de wet, anders lukt het niet. ‘Stout zijn’ is in; het is de kleuterverontschuldiging voor een beetje (veel) corruptie, of voor het dragen van een beetje sexy ondergoed door vijftigjarige vrouwen. Crimineel mag je officieel niet zijn, maar ‘stout’ altijd. ‘Stout zijn’ hoort bij bladen als Quote als de Libelle bij een huismoeder. Stout zijn is ook het fort van Jort Kelder, hoofdredacteur van Quote. In een interview vertelde hij eens dat hij ‘eigenlijk een anarchist’ was. Dat was meteen de oplossing voor de problemen in de wereld. Ben je zowel anarchist als kapitalist, dan is alles mogelijk: gedraag je je als kapitalist, dan zeg je dat je ‘eigenlijk’ een anarchist bent, gedraag je je als anarchist, dan zeg je dat je ‘eigenlijk’ een kapitalist bent. Eerst eet je van het ene walletje, daarna van het andere. Of je doet het door elkaar, precies zoals het uitkomt.
De rijken moeten in Nederland volgens Jort Kelder beschermd worden tegen de ‘jaloersen’. Er zou van ressentiment sprake zijn tegenover mensen met veel geld. Vandaar dat Ben Pon met spijt zegt dat hij, eerst als auto-importeur, nu als wijnproducent, als miljonair maar een ‘low-profile’-leven leidt. Het is niks gedaan. Kelder neemt het voor de miljonairs op en gaat met een kogelvrij vest voor ze staan.
Kelder gaat als kapitalistisch anarchist zo op in het genot van zijn tegenstrijdigheden dat hij niet in de gaten heeft dat in Nederland helemaal níémand jaloers is op miljonairs. Integendeel, iedereen trekt zich aan hen op, maakt het miljonair-zijn tot een lokkend ideaal. Iedereen schurkt zich tegen de rijkdom aan. Iedereen gaat op ‘miljoenenjacht’, via loterijen of niet. Sympathie, solidariteit, support, ritmisch handgeklap tijdens miljoenenshows, dat is waar de miljonair op kan rekenen.
Geen jaloezie. Hoogstens zijn er mensen die niets moeten hebben van het ostentatieve vertoon van overvloed en zelfbehagen. Of van het simplistische wereldbeeld dat onder miljonairs heerst (winnen, jungle, duit en fluit), van de ellendige oppervlakkigheid, van de chronische corruptie en criminaliteit, van de ijzige domheid, de dure vulgariteit, de monsterbakken waarin gereden wordt, van de parade van geplastificeerde Connie Breukhoven-klonen, de uit elkaar staande benen, de ‘top events’ die ze aflopen, van het zelfgenoegzame ‘voor jezelf zorgen’. Niemand anders, behalve een miljonair, loopt warm voor ‘olifantenpolo’, ‘kaviaar en kreeft zoveel je wilt’, ‘glamourboys’, ‘coderekeningen’, ‘belastingparadijzen’, ‘cosmetische chirurgie van top tot teen’, ‘cruising for glamour’.
In de jaren vijftig van de vorige eeuw vroeg Doris Day in ‘Que sera’ of ze later mooi en rijk zou worden (‘Will I be pretty? Will I be rich?’). Dat verlangen was een luchtig en amusant luchtkasteel Nu is datzelfde verlangen, ontdaan van zijn frisheid en onschuld, verworden tot een hysterische monocultuur. Een religie met één God.
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




