VN MediagidsSaskia en het misverstand
Samenleving 28.02.2009
28-02-2009
Door Rudie Kagie
Toen Saskia van Essen (nu negenenveertig) acht jaar geleden iets moois kreeg met Bob de Ruiter (nu eenenvijftig) waarschuwde ze bij voorbaat dat haar grillige karakter hem voor onaangename verrassingen zou kunnen plaatsen. Ze flapte het er zomaar uit toen ze verliefd hand in hand over de hei wandelden. Het begon met een romantische observatie van het landschap: ‘De tijd heeft geen vat gekregen op dit gebied. In de Middeleeuwen zag het er hier vast ook al zo uit.’ Op zijn vraag of ze graag in het riddertijdperk had willen leven, volgde een beklemmende bekentenis: ‘Nee, absoluut niet. In die tijd werden mensen zoals ik opgesloten in een kelder.
Levend begraven. In de Middeleeuwen wist men geen raad met mensen zoals ik.’ Saskia was, zei ze, behept met een bipolaire stoornis; ze was manisch-depressief. Bob wist niet direct wat hij zich bij die kwaal moest voorstellen, maar inmiddels geldt hij als een ervaringsdeskundige op dit gebied. De speechschrijver voor de KPN-directie vergaarde voldoende kennis om onder de titel M’n vrouw kwijt een huiveringwekkend relaas te schrijven over de wereld van de geestelijke gezondheidszorg die hij van binnenuit leerde kennen. Eerder publiceerde hij een boek over internationale betrekkingen, maar voor zijn romandebuut kon hij dicht bij huis blijven. Eigenlijk volstond het om alleen wat namen te veranderen; het autobiografische verhaal schreef zichzelf.
Toen ze nog verkering hadden, werd het prille geluk al overschaduwd door een aanvaring met de stichting Zijnsoriëntatie, een therapeutisch concept dat ‘de bewustzijnstraining van rusten in het zijn verbindt met dieptepsychologische begeleiding’. De verwachting dat ze via wekelijkse sessies van haar depressies verlost kon worden, berustte op drijfzand. En dat was het ergste niet. Wél dat de therapeute het gebruik van lithium ernstig ontraadde, met als gevolg dat Saskia al snel apathisch naar het plafond lag te staren. De ijlings gealarmeerde huisarts reageerde woedend: ‘Wat heb je nu gedaan? Ben je zomaar gestopt met lithium? Dan moet je er meteen weer mee beginnen! Meteen! Hoor je me?’ De therapeute verdedigde zich achteraf door erop te wijzen dat ze weliswaar had geadviseerd om met het medicijn te stoppen, maar dat het de vrije keus van Saskia was geweest om dat ook daadwerkelijk te doen. ‘Ik ben geestesziek,’ sputterde Saskia. ‘Ik zou willen dat daar rekening mee wordt gehouden.’
Podiumdier
Pas op haar dertigste diagnosticeerde een psychiater een bipolaire stoornis, maar zelf vermoedde ze al veel langer dat er iets chronisch scheef zat. Haar beste vriendin was in 1992 manisch depressief uit het leven gestapt. ‘Ik vond dat ik erg op haar leek, maar toch praatte mijn huisarts me uit mijn hoofd dat ik depressief zou zijn. Volgens hem was ik door jeugdervaringen alleen wat angstig geworden. Toen ik negen was, gingen we in Rijssen wonen en werden we lid van de Gereformeerde Gemeente. Opeens moest ik met een hoedje op en een lange rok aan naar de kerk. Geen leuke jeugd. Op school noemden ze me slome, ik reageerde heel traag; later afgewisseld met vrolijke buien. Ik ging spijbelen, deed midden in de klas yoga-oefeningen, werd opstandig totdat ik weer als een uitgebluste zombie in de klas zat. Ik maakte de middelbare school niet af, en ging de muziek in.’
Swingmaster Stéphane Grapelli, die ooit stelde dat zijn vioolstrijkages ongeschikt waren om in combinatie met het vrouwelijke vocaal te worden uitgevoerd, liet zijn bedenkingen prompt varen nadat hij Saskia van Essen had horen zingen. In 1991 nam de bejaarde musicus een cd op met de zangeres uit Ede en de jazzformatie Capelino. Achttien jaar later is het nauwelijks mogelijk om het schijfje onbevangen te beluisteren voor wie weet hoe het de vertolkster van Don’t Worry About Me sindsdien verging. De jongens van de band hadden graag met haar verder gewild, maar haar sombere kant stond het nakomen van de verplichtingen nogal eens in de weg. De meer euforische gemoedsstemmingen kwamen vooral tot hun recht bij bluesband Wild Child, waar ze als zwetend, smekend en kreunend podiumdier betekenis aan de naam van de attractie gaf. Maar ja, dan kon het na afloop van zo’n optreden gebeuren dat ze nagelbijtend in de kleedkamer zat te snikken, vol berouw omdat ze zo aanstellerig uit haar bol was gegaan. De aaneenschakeling van pieken en dalen werd het verhaal van haar leven. Steeds begon ze aan een nieuw avontuur, maar steeds moest ze dat voortijdig afbreken. Was ze al haar energie en bravoure weer kwijt.
Intussen stapelde ze de ene therapie op de andere. ‘Mijn eerste huwelijk was met een man die het wel prettig vond als ik depressief op de bank lag. Als ik opgewekt en spontaan was, zei hij dat mensen mij niet mochten omdat ik me altijd zo aanstelde. Later ontmoette ik de man die de vader van mijn zoon zou worden, maar ook die relatie verliep problematisch. Hij snapte er niks van, ik snapte er niks van, dus dat ging helemaal mis. Onbegrijpelijk dat het jarenlang duurde voordat werd vastgesteld wat mij mankeerde, terwijl het er bij mij nogal dik bovenop ligt. Manische depressiviteit is genetisch bepaald, in mijn geval door familie aan mijn vaders kant. Mijn vader zelf was ook depressief. Tantes van mij zijn langdurig opgenomen geweest, al werd er nooit over gesproken, hooguit gefluisterd. Dat maakte mij extra angstig.’
Laveloos
Toen ze elkaar leerden kennen, hadden Bob de Ruiter en Saskia van Essen als alleengaande ouders beiden een puberzoon op te voeden. Logisch dat aan de beslissing om te gaan samenwonen de nodige aarzeling voorafging. Dat de jongens ondanks één jaar leeftijdsverschil allerminst bevriend raakten, maakte de sfeer in huize De Ruiter er niet echt gezelliger op. Nadat de kostwinner naar zijn werk in Den Haag was gependeld en de jongens op school zaten, straalde in de stille doorzonwoning de fles een allengs verwoestender verleidingskracht uit.
De afspraak om overdag geen druppel alcohol te drinken, bleek keer op keer te hoog gegrepen. Op een roestige herfstmiddag in 2005 werd Saskia laveloos naast een lege fles martini op de hei aangetroffen. Een ambulance vervoerde haar met blauwe zwaailichten naar het politiebureau, waar ze een paar uur vastzat wegens openbare dronkenschap. Het incident was een pijnlijk illustratie van de ernst van het probleem. Voor het eerst van haar leven werd ze ter behandeling doorverwezen naar een psychiatrisch centrum, in het boek De Veluwe genoemd, maar in werkelijkheid De Gelderse Roos geheten, ‘een veilige, vriendelijke omgeving, met allemaal aardige artsen en verplegers’, volgens de auteur. Zijn vrouw verbleef er tot de kerstweek van 2005, maar capituleerde tijdens de dagen, weken en maanden die zij in het instituut doorbracht regelmatig voor de verlokking van Koning Alcohol. In een gesprek met het echtpaar wond de psycholoog en behandelaar zich daar hevig over op.
Het boek: ‘Gaandeweg het gesprek werd hij steeds bozer. “Marianne werkt niet mee,” riep hij. En ze was al een paar keer in de fout gegaan. Had ze toch gedronken terwijl was afgesproken dat ze dat niet meer zou doen. Ze had al een gele kaart gekregen en eigenlijk moest hij nu de rode kaart trekken. Maar hij wilde haar nog één laatste kans geven. Dan moest ze die nú benutten. Dan moest ze nú duidelijk maken dat ze ging meewerken en geloofwaardig maken dat ze geen druppel meer zou drinken.’ Met die boodschap werd het echtpaar naar huis gestuurd. Saskia kreeg de opdracht om in een brief uiteen te zetten waarom het voor De Gelderse Roos zin had de behandeling voort te zetten. Haar man reageerde panisch: ‘Snap nou toch wat aan de hand is! Je bent alles aan het verknallen. Je leven, onze relatie, onze toekomst, alles gaat zo naar de knoppen.’ Toen hij later op de avond terugkeerde van een bezoek aan de sauna, waar hij zijn toevlucht had genomen, vond hij Saskia diagonaal en uitermate roerloos op bed. Haar mond hing open, over haar gezicht lag een geleiachtige groene drab die achteraf, bij nadere inspectie, afkomstig bleek uit twee flessen Pisang Ambon. De ambulance met blauwe zwaailichten voerde haar dit keer af naar de intensive care-afdeling van ziekenhuis Rijnstate.
‘Ik heb haar daar bijna levenloos gezien, het was kantje boord,’ herinnert Bob de Ruiter zich. ‘Daarna heb ik zoiets nog een paar keer meegemaakt. Het heeft me bewuster in het leven doen staan. Ik weet nu hoe het voelt als je geliefde is overleden. Ze was er wel, maar ik kon haar niet meer bereiken.’
Verliefd
Een variant op die ervaring diende zich aan nadat Saskia na het ziekenhuis ter behandeling werd opgenomen in De Grift, een Arnhemse verslavingskliniek. Daar brachten uitputtende therapeutische groepssessies haar tot het inzicht dat haar echtgenoot de oorzaak van de depressies was. Bovendien was ze verliefd op een lotgenoot met wie ze geweldig over haar gevoelens kon praten. Ze besloot om zich te laten scheiden van Bob. De kliniek liet hem weten dat hij niet langer de ‘contactpersoon’ tussen zijn vrouw en de buitenwereld was. Er zou een oorzakelijk verband tussen haar problemen en de relatie zijn ontdekt, vandaar. Opbellen was ook niet meer toegestaan, nadat hij er ontredderd had uitgeflapt dat het kennelijk de bedoeling was dat de cliënten liefdesnestjes bouwden terwijl De Grift de catering verzorgde.
De terugblik gaat vergezeld van een verbitterde zucht: ‘Niet dat ik er melodramatisch over wil doen, maar in die periode heb ik ondervonden wat eenzaamheid is. Ik kon geen kant uit. Saskia was weg, ik mocht geen contact opnemen met de kliniek. Vrienden en kennissen aan wie ik de situatie probeerde uit te leggen, reageerden in de trant van: dat zijn professionals in die kliniek, ze weten echt wel wat ze doen en wees eens eerlijk, jij bent ook de makkelijkste niet. Ik voelde me als een dwaas die als enige ter wereld écht weet hoe het zit.’
Saskia verbleef met één andere vrouw in een groep met vijftien mannen; de testosteron gierde door de activiteitenruimte. Ze vond het er verschrikkelijk. ‘Iedereen kampte met alcohol- of heroïneproblemen, maar er zaten verder geen manisch-depressieve types tussen. Tijdens de groepstherapie kwamen bij mij allemaal gevoelens naar boven, waaronder woede naar Bob. Hij wilde altijd voor me zorgen, ik vond hem soms bemoeizuchtig en daar kon ik helemaal niet tegen. Ik gaf hem overal de schuld van. Volkomen onterecht natuurlijk, maar ze namen dat heel serieus. Ik voelde me niet normaal mezelf, maar een meisje van veertien. Zo reageerde ik ook. Eigenlijk zaten we als een stel pubers bij elkaar. De stoerste jongen van de groep werd verliefd op mij en ik werd verliefd op hem. Hij had een crimineel verleden, maar was tot inkeer gekomen. Hij wilde daar voorlichting over gaan geven op scholen. Dat sprak me aan. Maar toen we een sigaretje zaten te roken, liet hij zich ontvallen dat hij wel een manier wist om de knieschijven van Bob te verbrijzelen. Dan zouden we geen last meer van hem hebben.’
‘Ja, gruwelijk om zoiets te horen,’ grinnikt Bob. ‘Nooit eerder was ik zó blij met een verschrikkelijke opmerking. Saskia schrok zich rot en het was op slag over met de verliefdheid. Dat maakte de weg vrij om geleidelijk weer tot elkaar te komen.’
Rampzalig
Het was maar goed dat na zes maanden verblijf in De Grift de vraag aan de orde kwam hoe lang de behandeling nog zou duren. Tijdens de evaluatie bleek dat het gedrag van Saskia van Essen niet strookte met de regels van het huis. Ze had ’s morgens vaak moeite om uit bed te komen, onttrok zich aan de groep en had de neiging om zich af te zonderen in haar kamer. Dat ging zo niet langer. ‘Je zult echt hard aan jezelf moeten gaan werken als je hier wilt blijven,’ hield de maatschappelijk werker van de kliniek haar voor. ‘Als je een beetje depressief voor je uit wilt zitten staren, ben je hier niet aan het goede adres.’
Maar was haar probleem niet juist een aangeboren bipolaire stoornis? Jawel, maar De Grift bleek niet het aangewezen instituut voor het behandelen van manisch-depressieven. Het is een verslavingskliniek, waar overigens zo’n negentig procent van de bewoners na afloop van de behandeling weer de fout in gaat, volgens de maatschappelijk werker. Met terugwerkende kracht bleek het doorverwijzen van Saskia naar De Grift op een ‘misverstand’ te berusten. Haar drankzucht was immers geen oorzaak, maar een gevolg van een psychisch ongemak. Ze mocht meteen naar huis.
Bij de doorstart die ze, terug bij haar man en de jongens, hoopte te maken, hoorde een nieuw medicijn en een nieuwe psych. Ze wilde stoppen met het antidepressivum Seroxat, dat een afstompend effect op haar emoties had. Een vrouwelijke zenuwarts uit Haarlem snapte het probleem direct, maar gelukkig wist ze een wondermiddel dat het zonnige humeur zonder schadelijke bijwerking op peil houdt. De informatieve bijsluiter temperde de vreugde waarmee Saskia aan de Zyban dacht te gaan. ‘Ik las daar dat het gebruik bij manische depressiviteit te ontraden valt. Meteen stuurde ik een mailtje aan de psychiater. Ze mailde terug dat het in orde was en dat ik het gewoon kon slikken.’
Het medicijn pakte rampzalig uit. De gewoonlijk nogal stille Saskia veranderde in een onstuitbare kletskous. Ze ratelde aan één stuk door over niets, barstte los in driftbuien, werd achterdochtig. ‘Voor de derde keer was ik mijn vrouw kwijt,’ zegt Bob de Ruiter. ‘Het bleek dat Zyban wordt gebruikt als hulpmiddel bij stoppen met roken, maar voor manisch-depressieven kan het levensgevaarlijk zijn. Even googlen en je ziet de meest alarmerende berichten voorbij komen.’
Enfin, Saskia is terug aan de Seroxat (en de lithium, Refusal en Risperdal). Ze drinkt geen druppel alcohol meer. ‘Maar wie ben ik nu eigenlijk écht? Dat vraag ik me wel eens af. Gelukkig weet jij wel wie ik ben, Bob,’ zegt ze.
Hij: ‘Ja, er is altijd één Saskia die terugkeert.’
Bob de Ruiter, ‘M’n vrouw kwijt’, uitgeverij Mets en Schilt, € 18,–. Oud-minister van Volksgezondheid Els Borst neemt vrijdag het eerste exemplaar in ontvangst.
Meer informatie: www.mijnvrouwkwijt.nl
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




