VN MediagidsHet verraad van Velsen
Samenleving 08.04.2006
08-04-2006
Harm Ede Botje
‘Foute’ politiemannen in Velsen kregen in 1944 hoge functies binnen het verzet en zorgden dat linkse verzetsstrijders werden uitgeschakeld. Over deze ‘Velser Affaire’ schreef Conny Braam in 2004 het boek ‘Het schandaal’, waarna de gemeenteraad het NIOD om een onderzoek vroeg. Maar het geld daarvoor ontbreekt. En Braam beschikt inmiddels over meer bewijs. Zwart op wit.
Schrijfster Conny Braam ontvangt in haar kleine, houten huisje vlakbij de IJmuider sluizen. Op tafel liggen dossiers, krantenknipsels en aantekeningen over de Velser affaire. In april 2004 verscheen van haar hand Het schandaal, een verhaal over de manier waarop het linkse verzet aan het einde van de oorlog in de regio Kennemerland in opdracht van de regering in Londen werd uitgeschakeld. Let wel: het is een roman. Braam had weliswaar veel aanwijzingen dat leden van het linkse verzet met opzet werden uitgeleverd aan de Duitse bezetter, maar vond tijdens haar research voor het boek nooit een document waarin het zwart op wit stond. Van het boek werden tienduizend exemplaren verkocht en het veroorzaakte grote opwinding in Braams woonplaats, waar nog steeds tientallen nabestaanden wonen van in de oorlog omgekomen linkse verzetsstrijders.
‘Fanatiek anti-communist’
In haar jeugd hoorde Braam, die opgroeide in IJmuiden, haar vader en ooms tijdens familiebijeenkomsten altijd op zachte toon spreken over De Affaire. ‘Mensen waren bang,’ zegt Braam. ‘Een goedwillende politie-inspecteur die te diep probeerde te wroeten, werd in de jaren vijftig van de zaak afgehaald, een ander kreeg een kogel door zijn raam. Oud-verzetsstrijders die te nieuws-gierig waren, werden door onbekenden van de stoep af gereden. Journalisten werden bedreigd. In Velsen werd altijd gezegd: als je nog langer wilt leven, houd dan je mond over de affaire.’
De Velser Affaire bestaat uit een kluwen van verschillende kwesties. Politiemannen in Velsen maakten zich in de oorlog schuldig aan het verraden van joden, het confisqueren van waardevolle goederen en het aan de Duitsers uitleveren van tien linkse verzetsstrijders, van wie er drie werden gefusilleerd. Later, toen de oorlog ongunstig voor Duitsland begon te verlopen, maakten ze een draai en sloten zich aan bij het verzet. Toen in 1944 vanuit Londen het bevel kwam dat alle verzetsbewegingen moesten opgaan in de Binnenlandse Strijdkrachten, werden twee van deze ‘foute’ politiemannen benoemd tot plaatselijke commandanten in Velsen. Ze waren uitgekozen door de commandant van de Binnenlandse Strijdkrachten, de Haarlemse officier van justitie N. Sikkel.
Historicus Loe de Jong omschreef Sikkel in zijn standaardwerk Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog als ‘fanatiek anti-Duits, anti-NSB en fanatiek anti-communist’. Bijzonder aan Sikkel was verder dat hij directe toegang had tot de hoogste kringen in Londen. Zijn zwager was namelijk de toenmalige premier in ballingschap Pieter Gerbrandy.
Hoezeer Sikkel de linkse verzetsbeweging Raad Van Verzet (RVV) als gevaar zag voor naoorlogs Nederland, blijkt uit een brief uit oktober 1944 aan Gerbrandy waaruit Lou de Jong citeert. Sikkel is bang dat de RVV het in haar gestelde vertrouwen ‘bloedig zal beschamen’. Na de oorlog, zo vreest Sikkel, zullen de communisten ‘misschien door wapengeweld’ hun eisen kracht bijzetten.
Toen tijdens de hongerwinter in januari 1945 zeven linkse verzetsstrijders op zoek naar eten een boer overvielen en doodschoten, greep Sikkel hard in. Dit soort zinloze acties waren niet goed voor de naam van het verzet. Sikkel wilde de mannen achter de tralies hebben om verdere misstappen te voorkomen. Uiteindelijk gaf een andere verzetsstrijder te goeder trouw de namen van vijf van de overvallers, in ruil voor de belofte dat ze niet in handen van de Duitsers zouden vallen, maar onder Nederlands toezicht op het politiebureau zouden worden opgesloten. De belofte werd door de Velser agenten geschonden, zo bleek pas na de oorlog, en het vijftal werd aan de bezetter uitgeleverd en gefusilleerd. Was hier sprake van een misverstand? Of van opzet?
‘We wisten te veel’
‘De grote vraag blijft: was er een geheim plan om het linkse verzet uit te schakelen?’ zegt Conny Braam. ‘En was de Velser Affaire niet het topje van de ijsberg?’
Braam is niet de enige die nog steeds met vragen zit over een affaire die meer dan zestig jaar geleden speelde. Cees Weij is de (inmiddels drieënzeventigjarige) zoon van de in 1943 gefusilleerde communist Pieter Weij, die voor de oorlog bij de Hoogovens werkte en toen al gevluchte Duitse communisten en Joden aan onderdak hielp. Na het uitbreken van de oorlog regelde hij onderduikadressen voor de gevluchte Duitsers. In 1941 moest hij zelf onderduiken in het Westland, maar een jaar later kwam hij weer thuis. Hij wist zeker dat zijn vrienden bij de Velser politie hem zouden waarschuwen als er gevaar dreigde. Maar in de nacht van 21 op 22 januari 1943 stonden de agenten die Weij blind vertrouwde bij hem voor de deur. Hij werd samen met tien andere communisten afgevoerd naar het hoofdkantoor van de Sicherheitsdienst in Amsterdam. ‘Dezelfde Velser agenten die mijn vader wegbrachten, kregen in 1944 hoge posities bij de Binnenlandse Strijdkrachten,’ zegt Cees Weij. ‘In dat laatste oorlogsjaar hebben ze nog meer communisten opgeruimd. En na de oorlog werden ze allemaal gepromoveerd. Die mensen werd de hand boven het hoofd gehouden. Waarom? Omdat ze te veel wisten? Het is nooit echt duidelijk geworden. Daarom hoop ik nu op een onafhankelijk, historisch onderzoek.’
Voormalig verzetsstrijdster Freddy Dekker-Oversteegen is inmiddels tachtig. Zij stond model voor Susan, de hoofdpersoon in Het schandaal. Freddy vormde samen met haar zus Truus en Hannie Schaft (‘het meisje met het rode haar’) een eenheid die was aangesloten bij de linkse Raad van Verzet. In de omgeving van Haarlem en Velsen liquideerde het piepjonge drietal landverraders en ‘foute’ politiemannen. Freddy was degene die de namen van de vijf RVV’ers te goeder trouw doorgaf aan de Velser politiemannen. Ze is er tot op de dag van vandaag van overtuigd dat Schaft niet bij toeval door de Duitsers werd opgepakt bij een wegversperring. Hannie werd volgens Freddy verraden door dezelfde Velser politiemannen die Pieter Weij in 1943 uitleverden aan de SD. ‘We wisten te veel. Ze wilden gewoon van ons af, van de linkse mensen. Dat is wat die mannen zeiden tegen Ans Rozendaal, een “goede” politievrouw die zich bij ons wilde aansluiten.’
Uniek document
Naar aanleiding van Braams boek besloot de Velser gemeenteraad dat er een historisch onderzoek moest komen naar de affaire. Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod) liet weten dat ze wel een inventariserend onderzoek wilde doen, maar dat de kosten 25.000 euro bedroegen. In Velsen was de verontwaardiging groot. Hoe kon een nationaal instituut nou zo’n groot bedrag vragen van een armlastige gemeente? Inmiddels is een verzoek ingediend bij de provincie Noord-Holland, maar het is nog maar de vraag of dat geld er snel komt.
Braam is verontwaardigd. ‘Het is toch te gek voor woorden dat een rijk land als Nederland geen 25.000 euro overheeft voor een belangrijk onderzoek als dit? Is het niet ook een dure plicht ten opzichte van inmiddels bejaarde mensen die hun leven in de waagschaal hebben gesteld voor de vrijheid?’
Om te onderstrepen dat er echt reden is voor een onderzoek, pakt Braam een documentje in een plastic map dat op haar bureau tussen andere papieren ligt. ‘Voorzichtig,’ zegt ze. ‘Dit is uniek materiaal.’ Het briefje is gedateerd 20 november 1944 en afkomstig van de commandant van sectie 8 van de Binnenlandse Strijdkrachten. Hij roept de geadresseerden op namen te geven van communisten omdat ‘bekend is dat zij benden vormen die afgericht en bewapend zijn’ en het gevaar bestaat voor ‘optreden van de communisten als Duitschland straks vernietigd zal zijn’. Braam: ‘Dit briefje heeft tientallen jaren in het archief gezeten van een verzetsstrijder in Amsterdam-Zuid die door de leiding van de Binnenlandse Strijdkrachten werd vertrouwd. Die man is al meer dan tien jaar dood. Zijn zoon heeft het aan mij gegeven.’
Pieter Menten
Journalisten hebben hun tanden stukgebeten op de Velser Affaire. Misschien wel de best ingevoerde was de uit Haarlem afkomstige Ton Kors. Hij schreef in de jaren zeventig in Nieuwe Revu een drieluik over de affaire, waarin hij onder meer een anonieme ambtenaar van de Binnenlandse Veiligheidsdienst aan het woord liet. De man beschreef hoe de regering in Londen bevreesd was voor het ‘naar links buigen’ van het verzet. Ministers uit het kabinet Gerbrandy besloten volgens de BVD’er daarom al in 1943 dat ‘alle middelen’ gebruikt mochten worden om het linkse verzet te breken. Na de oorlog moest volgens de BVD’er al het bewijs voor dit plan worden weggewerkt. Documenten werden vernietigd, mensen die te veel wisten werden geliquideerd. Helaas kunnen we Ton Kors hier niets meer over vragen. Hij is in 1993 op zevenenveertigjarige leeftijd overleden. Of de BVD’er nog leeft, is onbekend.
Directeur Hans Blom van het Niod kent de complottheorieën over de Velser Affaire, maar betwijfelt of ze waar zijn. In 1978 deed hij in opdracht van het ministerie van Justitie onderzoek naar oorlogsmisdadiger Pieter Menten. Deze Blaricumse miljonair had zich in de Tweede Wereldoorlog in Polen schuldig gemaakt aan oorlogsmisdaden. Menten was zijdelings bij de Velser Affaire betrokken. Hij kende de hoofdrolspelers en beweerde tijdens zijn rechtszaak dat hij over compromitterende documenten beschikte met betrekking tot officier van justitie Sikkel. Hij zou oud-premier Gerbrandy na de oorlog beloofd hebben te zwijgen in ruil voor een coulante behandeling.
De commissie-Schöffer deed een zijdelings onderzoek naar de Velser Affaire, maar vond toen volgens Blom geen enkele aanwijzing voor de stelling dat in Londen een plan werd gesmeed om het linkse verzet uit te schakelen. Desondanks ziet de Niod-directeur het belang van een allerlaatste onderzoek naar de Velser Affaire. ‘De theorie over het uitschakelen van het linkse verzet is nu zo vaak herhaald, dat het voor eens en altijd moet worden uitgezocht. Conny Braam zegt dat ze nieuwe bewijzen heeft gevonden, daar ben ik heel benieuwd naar.’
De schrijfster bevestigt dat er getuigenverklaringen zijn, maar dat er nog geen sprake is van een grote doorbraak. ‘Daar hebben we nou juist een onderzoek voor nodig.’ Voor de zekerheid is Braam met een aantal oud-verzetsstrijders en hun familieleden bezig met het opzetten van een stichting. ‘Als het nou nog lang duurt voordat er geld komt, gaan we zelf met de pet rond en dan zoeken we een eigen onafhankelijke onderzoeker,’ zegt Braam. ‘We zijn niet afhankelijk van het Niod.’
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




