VN MediagidsBlack Mass - John Gray
Vooruitgang is verachtelijk
18-08-2007
Door Carel Peeters
Voor de Britse politiek filosoof John Gray is het begrip ‘Verlichting’ al storend omdat het woord licht er in zit. Gray ziet de mensen en hun streven donker in. In zijn nieuwe boek Black Mass heeft hij het over de bloedige illusies die de mens zich maakt.
Een radicaal politiek essayist is iemand die vanuit een uitgesproken kijk op de wereld zijn analyses en commentaren levert. Hij heeft overtuigingen en weet meestal maar al te goed hoe het allemaal anders moet. Het radicalisme van de Engelse politiek essayist John Gray zit hem niet zozeer in zijn overtuiging over hoe de wereld in elkaar zou moeten zitten, maar in zijn radicaal-kritische analyses. Die moeten een einde maken aan elk optimisme, op welk terrein dan ook. In het bijzijn van Gray kan men zich geen illusies meer maken. Vals ochtendlicht (1998) was het boek waarin de keerzijde van de globalisering werd getoond: die maakt de wereld er alleen maar kwetsbaarder op. In Strohonden (2002) maakte hij een einde aan de illusie dat de mens iets speciaals zou zijn in de wereld. Hij heeft weliswaar verstand, maar daar heeft hij niet veel aan omdat alles wordt beslist door zijn emoties. In Al Qaida en de moderne tijd (2003) beweerde Gray dat het fundamentalisme van Al Qaida helemaal geen primitieve terugkeer is naar de Middeleeuwen, maar juist een typisch verschijnsel van de moderne tijd. In Provocaties (2004) moest het westerse idee het ontgelden dat we vooruit zouden zijn gegaan in de loop van de geschiedenis. En in al zijn boeken moet de filosofie van de achttiende-eeuwse Verlichting het ontgelden.
De Verlichting verwachtte dat mensen gelukkiger zouden worden van de ontwikkeling en vermeerdering van kennis. Maar Gray heeft geen hoge dunk van wetenschap en kennis. En evenmin van liberalisme, neoliberalisme en neoconservatisme. Het conservatisme daarentegen mag zich in zijn warme belangstelling verheugen. Hij is niet iemand die het verleden terug wil, maar de premoderne tijd, waarin nog niet zoveel over politiek en het leven werd nagedacht en men uitging van de onherstelbare onvolmaaktheid van de mens, duikt regelmatig in zijn essays op.
Modus vivendi
John Grays radicalisme zit niet alleen in zijn ideeën en standpunten, maar ook in zijn apodictische toon. De inleiding van Black Mass eindigt met een van zijn sweeping statements: dat de moderne politiek (die van de laatste twee eeuwen) werd gedreven door het geloof dat de mensheid kon worden verlost van het eeuwenoude kwaad door de macht van kennis. Dit is een bewering die moeilijk te begrijpen is, behalve als je inmiddels uit zijn andere boeken weet dat Gray helemaal niet gelooft dat kennis of wetenschap ooit iets kan verbeteren aan het lot van de mens.
Gray is door zijn radicale manier van denken en schrijven een agonistisch politiek essayist. Hij schrijft op oorlogssterkte, gewapend met enorme kennis. Hij is helemaal niet ingesteld op debat of discussie. Hij poneert, hij vindt en dat is het. Hij is een ‘waardenpluralist’ die van zijn leermeester Isaiah Berlin heeft geleerd dat het heel gewoon is wanneer opvattingen lijnrecht tegenover elkaar staan, zonder dat men de ambitie heeft tot een verzoening, compromis of vergelijk te komen. Het enige waar het op aan komt, is een modus vivendi te vinden, zodat de verschillende opvattingen kunnen blijven bestaan. Gray gaat ervan uit dat de wereld uit conflicten bestaat. Hij vergeet graag dat in het werkelijke leven een modus vivendi niet genoeg is: er zal vaak een oplossing voor het conflict moeten komen.
Geen utopist
Black Mass gaat over de invloed van religie op politiek en geschiedenis. Vooral religie als heilsverwachting heeft tot het omgekeerde geleid van waar men op uit was. Politieke ideologieën als het communisme hebben de oorspronkelijke religie geperverteerd door te willen dat de hemel op aarde kwam. Deze behoefte om de mensheid te verlossen heeft juist geleid tot een zwarte mis van onderdrukking, bloedvergieten en miljoenen doden. Volgens Gray hebben aan alle revoluties religieuze kanten gezeten: revoluties hebben de bedoeling om alles omver te werpen en daarna de nieuwe mens te laten ontstaan, precies zoals de vroegchristelijke profetie het paradijs beloofde na de apocalyps: dan zou het duizendjarig rijk van de vrede aanbreken. De Franse en de Russische revolutie waren seculiere varianten van de christelijke verwachting dat ooit het hemelse rijk zou komen, verlost van de zware lasten van het leven.
Dat de grote ideologieën van de twintigste eeuw door dezelfde motieven werden gedreven als religieuze bewegingen (en dus allemaal iets ‘christelijks’ hadden) is geen nieuwe gedachte, wel nieuw is dat Gray deze visie uitbreidt en radicaliseert tot het karikaturale: die religieuze drijfveren schrijft hij toe aan een heel scala van politieke en culturele stromingen, zelfs aan het liberalisme. Een van zijn zwarte schapen is Francis Fukuyama, de schrijver van The End of History and the Last Man. Daarin is te lezen dat de Europese liberale democratieën een eindpunt in de politieke geschiedenis vormen: iets beters en rechtvaardigers valt er niet te bereiken. Gray ergert zich hier aan. De liberale democratie zou op deze manier tot een nieuwe ideologie geworden zijn die over de hele wereld moet worden verspreid, zonder rekening te houden met de specifieke omstandigheden van landen, hun tradities en culturele gewoonten. Voor Gray bestaat er niet één staatsvorm die universeel ingang moet vinden.
De behoefte om de liberale democratie universeel in te voeren, verraadt volgens hem een utopische en dus niet te realiseren impuls. Alles waarvan men vindt dat het op wereldschaal ingang zou moeten vinden, verraadt een utopische zucht en dat is volgens Gray totalitair en dirigistisch. Hij is voor pluralisme, diversiteit en voor het respecteren van tradities.
Dat klinkt mooi en nobel, tot men zich realiseert dat het betekent dat (bijvoorbeeld) het schrikbewind van Robert Mugabe in Zimbabwe dan rustig zijn verderfelijke gang kan gaan omdat het zo mooi voldoet aan Grays behoefte aan pluralisme en diversiteit in staatsvormen. Gray wil een realist zijn, geen idealist, geen utopist. Een realist is iemand die ervan uitgaat dat er mensen, groepen en landen zijn die helemaal niet zoveel op hebben met democratie. Dat hangt samen met hun traditie en cultuur. Dan moet je niet de democratische missionaris gaan uithangen, vindt hij. Dat de democratische behoefte niet overal even groot is, zal ongetwijfeld het geval zijn, maar toch is democratie iets onweerstaanbaars; het nestelt zich overal zodra het kan, hoe onvolmaakt in de praktijk ook.
Zenuwachtig dier
Grays anti-utopische ijver is zo groot dat hij alles wat een element van hoop of verwachting in zich heeft, bestempelt als illusoir. ‘Vooruitgang’ is een woord dat bij hem alleen verachting wekt. Interessant hierbij is dat Gray bij vooruitgang nooit denkt aan wat er metterdaad vooruitgegaan is in de wereld. Voor Gray blijft de mens altijd hetzelfde onvolmaakte, irrationale, door impulsen en hartstochten gedreven wezen, daar helpt geen kennis aan, daar zit geen vooruitgang in. Dat een groot deel van de wereld door een behoefte aan vooruitgang verlost is geraakt van slavernij, kinderarbeid, van despotisme (in politiek, werk en gezin), van de veertienurige werkdag, Gray heeft het er niet over.
John Gray is een conservatief politiek essayist, erfgenaam van Edmund Burke, de Engelse politicus die bekend werk door zijn boek tegen de Franse Revolutie. Dit betekent dat ‘vrijheid’ voor hem een heel relatief begrip is, dat tradities de basis voor alles vormen en de mens niet veel anders is dan een zenuwachtig dier. Maar Gray is geen gewone conservatief, want hij is bijvoorbeeld tegen de vrije markt. Hij is ook tegen het neoconservatisme zoals dat zich manifesteert in de Amerikaanse politiek, in het bijzonder in alles wat met de oorlog in Irak te maken heeft: ‘It is a mix of crackpot realism and chiliastic fantasy.’ Het neoconservatisme heeft de Amerikaanse politiek tot religieuze politiek gemaakt. De bestrijding van het terrorisme is in het teken komen te staan van het uitdrijven van de ‘Satan’, zoals de republikeinse senator William Boykin zei. Als conservatief is Gray ook tegen het liberalisme, en helemaal tegen het neoliberalisme van Margaret Thatcher en Tony Blair, want dat heeft geleid tot een ‘anomic, crime-ridden society’. ‘Liberalisme’ staat voor Gray gelijk aan onverantwoordelijkheid, hedonisme, vrijheid zonder grenzen.
Gray is een kruising van een demagoog en een realist. Dat is goed te zien aan de manier waarop hij het ook nu weer over de Verlichting heeft. Hij schrijft dat dat ‘een heterogene en vaak tegenstrijdige beweging’ was, maar daar trekt hij geen consequenties uit. Hij gaat gewoon verder met te doen alsof er een ‘Verlichtingsproject’ is dat voor al het onheil in het Westen sinds de Franse Revolutie heeft gezorgd. Gray identificeert de Verlichting dan ook met het radicalisme van de jacobijnen tijdens de terreur van de Franse Revolutie. Op deze manier kun je elk misbruik en elke aberratie van een filosofie beschouwen als de eigenlijke filosofie. De Verlichting leidt bij Gray dan ook rechtstreeks naar het communisme en bolsjewisme, en niet naar de sociaal-democratie, wat meer voor de hand zou liggen. Gray denkt bij de Verlichting niet aan David Hume, Diderot, Montesquieu, Grimm of Kant – schrijvers en filosofen die staan voor de echte Verlichting en helemaal niets uit te staan hebben met de latere totalitaire utopieën en ideologieën die zoveel slachtoffers maakten. Gray onttrekt ze aan het zicht. Het is alsof hij een hand voor de zon houdt.
John Gray, ‘Black Mass. Apocalyptic Religion and the Death of Utopia’, Penguin, € 32,95
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




