VN MediagidsBij de dood van een rijke sloeber

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Samenleving 11.07.2011

Door Rudie Kagie

Een ex-vluchteling in een studentenflat blijkt geheime levens te hebben geleid. Wie was hij? En: waar is zijn geld?

Yohan was een van de drie grootverdieners in het casino van Amsterdam.
Yohan was een van de drie grootverdieners in het casino van Amsterdam.

Opeens lag er een dode man op de noodtrap van Toren 2 van de studentenflat. Hoe hij daar om drie uur 's nachts was beland, was een raadsel. Nadat de Amstelveense campus Uilenstede in augustus en oktober vorig jaar werd opgeschrikt door een geval van zelfmoord, waren de noodtrappen aan de buitenkant van de drie woontorens uitsluitend bereikbaar voor vaste bewoners. Omdat tot dusver louter buitenstaanders de hoogbouw voor hun doodssmak hadden uitgekozen, kwamen er stalen deuren die van buiten het gebouw de doorgang naar de trap barricadeerden. Desondanks bogen politie en ambulancebroeders zich op vrijdag 4 maart in alle vroegte opnieuw over een lijk op de eerste verdieping.

De dode man was niet gesprongen, maar ter plekke bezweken aan een hartaanval. In de binnenzak van zijn colbert stak een Nederlands paspoort, het wettige bewijs dat hij in 1956 was geboren in het deel van Ethiopië dat in 1991 verder ging als de zelfstandige natiestaat Eritrea. Op Uilenstede kenden ze hem als een magere vijftiger die een studentenkamer van twaalf vierkante meter bewoonde; een prototype van het soort huurder dat exploitant Duwo liever kwijt dan rijk is. De man had de flat betrokken in een tijd dat daar voor zo'n beetje iedereen de deur openzwaaide. Sindsdien genoot hij huurbescherming. Nieuwkomers moeten tegenwoordig schriftelijk beloven dat ze uit Uilenstede vertrekken zodra ze klaar zijn met hun studie.

Dat deze buurman Yohan Abraha heette, wist bijna niemand. Soms liep hij 's ochtends door de gang, altijd vriendelijk, nooit spraakzaam. De rest van de dag hoorde en zag je hem niet. Eten deed hij stelselmatig buiten de deur. Als hij werd aangesproken op zijn roots, ontkende hij niet dat hij uit Afrika kwam, maar vroeg je dóór, dan zei hij de ene keer dat hij uit Somalië kwam en de andere keer uit Kenia.

Kolossale bedragen

Is het een wonder dat iemand die gepassioneerd vele geheimen koesterde, meer dan één leven leidde? Tussen twaalf en zes werkte Yohan bij de Tendenz Giftshop & Souvenirs op de Amsterdamse Bloemenmarkt. Vanaf acht uur 's avonds tot diep na middernacht was hij te vinden in de pokerzaal van het Holland Casino aan het Leidseplein. Zeven dagen per week zag zijn programma er hetzelfde uit, met monotone rusteloosheid altijd onderweg. Hij moet een fortuin hebben vergaard, misschien meer geld dan hij ooit zou kunnen uitgeven.

Pepijn Le Heux, als verwoed pokeraar stamgast van het casino, hoorde 's avonds laat aan de speeltafel van de eigenaar van een shoarmatent dat Yohan de afgelopen nacht was overleden. Een hartaanval? Weinig van de vaste kaarters waren bereid zonder meer te geloven dat het hier een natuurlijke dood betrof. Een misdrijf lag meer voor de hand. Bij het pokerspel in het casino wisselen kolossale bedragen van eigenaar. De winnaars zijn zéér op hun hoede als ze met duizenden euro's op zak het staatsgokpaleis verlaten. In de nabijgelegen parkeergarage werden al heel wat gelukkigen van hun buit beroofd. Uit voorzorg belde Yohan rond twee uur 's nachts altijd een illegale snorder die hem naar Amstelveen reed voor minder dan de helft dan een legale taxi hem gekost zou hebben. Wie garandeert dat hij aan het einde van zijn laatste rit niet werd opgewacht?

Links van de dealer

Drie maanden nadat Yohan Abraha hun abrupt ontviel, zien zijn metgezellen hem in gedachten nog steeds aan de pokertafel zitten. Er gonst beschaafd geroezemoes aan de twaalf tafels. Afgezien van een enkele Aziatische vrouw is het gros van de circa tachtig kaarters van mannelijke kunne en zowel qua leeftijd als uiterlijk een representatieve afspiegeling van multi-etnisch Nederland. Ze wijzen: kijk, dát is de stoel waarop hij altijd zat, onveranderlijk links van de dealer, nooit iets anders spelend dan Omaha, de pokervariant die hij beheerste met de vanzelfsprekende nonchalance van een jongleur die vijf kegels in de lucht houdt.

'Als Yohan de pot verloor, gaf hij de dealer de schuld. Dat was een minder prettig trekje van hem. Hij kon slecht tegen zijn verlies en maakte dan ruzie,' zegt Remco Visser die 'letterlijk duizenden uren' naast hem in het casino zat. 'Hij was zó bijgelovig dat hij opstond en wegliep zodra er een dealer aan tafel kwam bij wie hij ooit had verloren. Dat was niet nodig, want hij was een uitstekende speler. Yohan was een van de drie grootverdieners in het casino van Amsterdam. Bij pokeren is het zo: zodra je beter speelt dan de rest, kun je ervan leven. In het casino hadden we regelmatig grote partijen waar Yohan twintigduizend euro binnenhaalde met één potje kaarten. Hij had die baan in de souvenirwinkel niet nodig om rond te komen. Evenmin hoefde hij op een studentenkamertje te wonen. Hij had zich een normaal huis kunnen veroorloven. Het pokeren leverde hem genoeg op om comfortabel van te leven. Hij rookte als een ketter, dronk sloten koffie en soms alcohol, hij was niet te beroerd om op z'n tijd een rondje te geven, maar voor de rest was hij érg zuinig.'

Happy meal

Nadat Yohan om zes uur de winkel op slot had gedaan, stak hij het Muntplein over voor een happy meal bij McDonald's. Zijn vaste begroetingsritueel voor een pokerbekende die hij op straat tegenkwam, bestond uit het in een flits tevoorschijn toveren en weer haastig in zijn zak laten glijden van een roze fiche ter waarde van duizend euro. Dat was zijn humor. Er rammelde voor duizenden euro's aan fiches in zijn broekzak als hij voorbijliep.

'Beroepspokeraars hebben altijd veel cash in huis,' legt Visser uit. 'Als je naar de bank gaat om bedragen te storten, denken ze meteen dat het zwart geld is. Bovendien: de fiscus wil weten waar dat geld vandaan komt. In het casino gewonnen? Dat kan iedereen wel zeggen, het is de standaardsmoes waarmee drugsdealers op de proppen komen.

De Nederlandse overheid weigert pokeren te erkennen als een normaal beroep. De één vergaart zijn kapitaal door te speculeren in aandelen, een ander verdient het aan de pokertafel. In wezen komt dat op hetzelfde neer. Poker valt internationaal onder behendigheidsspelen, maar volgens de Nederlandse wet is het gokken. Een bizarre toestand. We worden gedwongen pakken geld thuis te bewaren, in een kluis, verdeeld over familieleden of waar dan ook. Het wordt ons nodeloos ingewikkeld gemaakt.'

Toch eigenaardig dat er na de dood van Yohan nauwelijks contanten in zijn studentenkamer werden aangetroffen. Er stond een bedrag met drie nullen op zijn spaarrekening, hij had bovendien zestienduizend euro in depot bij het casino, maar de dikke banderollen met bankbiljetten die hij volgens pokervrienden 'ergens' moest hebben verstopt, werden nooit gevonden. Bij elkaar ging het hierbij om enkele tienduizenden euro's, niet om de honderdduizenden waarvan de aanwezigheid werd vermoed. Welke hulpverleners, al dan niet in uniform, waren direct op het alarm afgekomen? Zou het mogelijk zijn dat iemand misschien een laatje had opengetrokken of toevallig onder het matras had gekeken? 'Als je ziet met welke snelheid Yohan moest worden begraven, is het niet zo gek dat mensen achterdochtig werden,' vindt Remco Visser.

Chaim Souvenir bij de herdenkingsdienst.
Chaim Souvenir bij de herdenkingsdienst.

Uitvaart zonder dienst

Zijn pokercollega Pepijn Le Heux gaat 'niet direct uit van verduisteringspraktijken', al was hij verbaasd over het minimum aan interesse dat hij bespeurde bij instanties waar hij contact mee opnam. 'Op vrijdagavond hoorde ik dat Yohan was overleden. Op zaterdag belde ik met de politie in Amstelveen. Volgens mij zou het via contacten in het casino misschien lukken om familie van Yohan op te sporen.

Ik had verwacht dat de politie gretig op mijn aanbod zou ingaan, maar in plaats daarvan kreeg ik te horen dat mevrouw Veen, die zich met deze zaak bezighield, niet werkte in het weekend. Ze zou maandagochtend contact met me opnemen. Omdat ik niets hoorde, belde ik die maandagmiddag zelf maar met mevrouw Veen. Ze vertelde me dat het dossier-Yohan al was overgedragen aan de gemeente. Yohan was niet getrouwd en had volgens mevrouw Veen geen familie, ze had dat gecontroleerd bij de burgerlijke stand. Dinsdagochtend zou hij worden afgevoerd, dan zou hij van gemeentewege begraven worden.

Ik zei dat ik er inmiddels zeker van was dat Yohan wél familie had. Die moest eenvoudig zijn op te sporen via zijn mobiele telefoon of in papieren die op zijn kamer lagen. Mevrouw Veen antwoordde dat ze geen tijd had om hier uren op te rechercheren. Ze had wel iets beters te doen.'

Bij de gemeente Amstelveen kreeg Le Heux te horen dat Yohans 'uitvaart zonder dienst' al de volgende ochtend zou plaatsvinden. De ambtenaar die dit afhandelde zat even niet op zijn plek en had blijkbaar geen tijd om terug te bellen, zoals was beloofd. Toen Le Heux om half vijf 's middags zelf contact opnam, was de ambtenaar naar huis. Gelukkig zag de gemeentelijke burgerraadsman wél kans om aan de telefoon komen. Hij wist raad: als de begrafenis werd verplaatst naar donderdag, zou er tijd zijn om familie op te sporen.

Beltegoed op

Op dinsdagmiddag had Le Heux een 'prettig onderhoud' op het gemeentehuis in Amstelveen. Hij kreeg de indruk dat nu serieus werd gewerkt aan een nette afwikkeling van de zaak, die inmiddels ook door vertegenwoordigers van de Eritrese koptisch-orthodoxe kerk bij het stadskantoor was aangekaart. Achteraf zouden de Eritreeërs verzuchten dat ze blij waren dat een Nederlander zich dit sterfgeval had aangetrokken, want nu gebéurde er tenminste iets. Op het gemeentehuis mocht Le Heux nummers uit Yohans mobiele telefoon noteren. Tot zijn verrassing vertelde een ambtenaar dat al was geprobeerd om een van de contacten te bellen: 'Maar toen aan de andere kant van de lijn werd opgenomen, was het beltegoed op. Daarmee was het ambtelijke speurwerk ten einde.' Jerry, een andere trouwe casinoklant met Eritrese voorouders, meldde zich met spectaculair nieuws: het was hem gelukt om twee broers van Yohan te traceren, één in Gent, de ander in de omgeving van Frankfurt. Ze waren al onderweg en zouden om elf uur 's avonds arriveren op het Centraal Station in Amsterdam.

Die woensdag was Pepijn Le Heux van vroeg tot laat met de broers op pad. Er viel een boel te regelen, zeker nu was besloten dat Yohan in zijn Eritrese geboortedorp zou worden begraven. Hoewel de overledene niet kerks was, belegden de koptisch-christenen in Amstelveen ijlings een herdenkingsdienst in de St. Anna-kerk. Dat de uitbundige plechtigheid ruim driehonderd bezoekers trok, had meer met de christelijke traditie in Eritrea dan met de populariteit van Yohan te maken. Voor de meerderheid van de aanwezigen was de ontslapen pokeraar een onbekende die vanwege een gemeenschappelijke achtergrond een waardig eerbetoon verdiende. De solidariteit, gastvrijheid en hulpvaardigheid onder Eritreeërs maakten diepe indruk op Le Heux: 'Ze gingen mee naar instanties en verschaften onderdak aan de broers van Yohan, alsof het eigen familie was. Ze hadden die mannen niet eerder ontmoet.'

Acht talen

Noem het charisma. Yohan hád iets, vindt de Israëlische winkelier die zich voorstelt als Chaim Souvenir (en als zodanig niet is te verwarren met Chaim Diamant of Chaim Shoar-ma). In de twaalf jaar dat Yohan in zijn giftshop werkte ('het begon ermee dat hij rondliep in deze buurt en aanbood te helpen') ontwikkelde hij zich tot een handige verkoper van sleutelhangers, asbakken en T-shirts. Het was alsof Yohan ogen van voren en van achter had. Hij zette de producten zó neer dat het hem direct opviel als er iets miste. Hij sprak minstens acht talen en had overal verstand van. Begenadigd inkoper bovendien, die ook bij zakelijke transacties een partijtje blufpoker niet uit de weg ging. Met een brede armzwaai wijst Chaim Souvenir op de miniatuurwindmolens en een porseleinen beeldje in Volendammer kostuum: 'Wij buitenlanders zijn het die de Hollandse spullen verkopen. De Hollanders voelen zich daar te goed voor!' Het eerste dat hem te binnen schoot toen de politie hem drie maanden geleden met het slechte nieuws belde, was dat Yohan wel weer zou vastzitten omdat hij zonder kaartje in de tram was betrapt. Dat was eerder gebeurd: 'Toen moest ik op het politiebureau zijn boete betalen om hem vrij te krijgen.' Toen het acute sterfgeval tot hem doordrong, barstte de ondernemer in snikken uit: 'Zo'n goede verkoper krijgen we nooit meer. Rustige man, nooit agressief, betrouwbaar. Als het koud was, zette hij een oranje ijsmuts op en ging buiten op de stoep een sigaretje roken.'

Naam veranderd

Het mysterie blijft Pepijn Le Heux intrigeren. Wie was Yohan Abraha nu écht? Wat klopte er van de verhalen die hij vertelde? Vermoedelijk beschikte hij over een aanzienlijker kapitaal dan in contanten en op diverse bankrekeningen werd aangetroffen. Waar bleef de rest? Le Heux hoopt dat de broer van Yohan daar uitsluitsel over kan geven, maar daar moet hij wel voor naar Gent. Vandaag heeft hij daar vrijaf voor genomen.

'Yohan Abraha? Ik heb geen idee waarom hij zijn naam heeft veranderd,' verzekert Solomon Seyoum (63), een rijzige gestalte met een baseballpet. Zijn broer heette in werkelijkheid Negassi Seyoum. Geboortedatum onbekend, al repte zijn Nederlandse paspoort van 11 juni 1956, maar dat was verzonnen. Vader was bij de politie en overleed in 1968. Moeder bleef met drie zonen en een dochter achter in de Eritrese hoofdstad Asmara. Toen Solomon zich op zijn twintigste als leraar in Debre Marcos vestigde, drong hij erop aan dat zijn jongere broer Negassi bij hem zou intrekken. Zes jaar sliepen ze in hetzelfde bed. Overdag gingen ze allebei naar school: Solomon om les te geven, Negassi om te leren.

'Je had in die tijd drie groepen mensen,' zegt Solomon Seyoum. 'Groep één wilde studeren en bemoeide zich verder nergens mee. Groep twee wilde als militair vechten aan het front. En groep drie wilde emigreren naar het buitenland. Ik zat in groep één, maar in 1976 stapte ik over naar groep drie.' Doordat zijn echtgenote zich als verpleegster nuttig had gemaakt aan het kraambed van de echtgenote van de Duitse consul, leverde de aanvraag voor een toeristenvisum geen problemen op. Het gezin zou zich uiteindelijk in België vestigen. Begin jaren tachtig bereikte Negassi (die zich later Yohan ging noemen) Europa via Palermo, waar hij als chauffeur en tuinman de kost verdiende. Later volgden de jongste broer en een zus die Duitsland als domicilie kozen. Een tweede zus bleef achter in Eritrea, waar moeder Seyoum woont.

'Hoop is de magneet om verder te gaan in het leven,' filosofeert Seyoum. 'Sommige dingen zijn verdrietig. Waarom weet ik niet, maar Negassi verdween geleidelijk uit ons leven. Als hij belde, wilde hij nooit zeggen waar hij was. Ik heb hem gezegd: stop met die onzin, zeg waar je woont, dan komen we je opzoeken. Ik heb ook gezegd dat hij een vrouw moest zoeken. Hij zei altijd: "Volgende week kom ik." Maar hij kwam nooit.'

'Misschien is hij zo geworden doordat hij als vluchteling in Eritrea verschrikkelijke dingen heeft meegemaakt,' probeert Le Heux.

'Welnee,' zegt Seyoum. 'Hij heeft nooit hoeven vluchten, hij heeft geen familie verloren in de oorlog. Er zijn geen trauma's. Zo was zijn karakter. Hij wilde met niemand iets te maken hebben, hij veranderde steeds meer in een kluizenaar. Vroeger was hij de prins van de familie.'

Het raadsel wordt die middag niet opgelost. 's Avonds, in de auto op de terugweg naar Amsterdam, herinnert Pepijn Le Heux zich dat Yohan (die dus eigenlijk Negassi heette) achter het toetsenbord in de souvenirwinkel verwikkeld was in een chatsessie. 'Hij wees op een onduidelijke foto van een donkere vrouw. Met haar ga ik trouwen, zei hij, ze woont in Kenia.' Maar of dat wáár was, daar kwam je bij Yohan nooit achter.





  • Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
  • Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
  • Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
  • Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
  • Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?