VN Mediagids...en hoe doen de ministers het?
Politiek / zomerrapport 28.06.2011

Mark Rutte (VVD), Algemene Zaken
De minister-president beleefde een vliegende start. Tijdens Algemene Beschouwingen ontpopte Mark Rutte zich tot alles wat zijn voorganger Balkenende niet was: eloquent, toeschietelijk en bereid om fouten toe te geven. Zijn loyaliteit en goede humeur vormen onbetwist zijn sterkste kant: ze verschaffen hem krediet bij de oppositie, die het beleid van zijn kabinet eigenlijk verfoeit. Zo wist Rutte dankzij een soepele opstelling jegens GroenLinks-leider Jolande Sap ('Ik ga jou accommoderen') in januari dit jaar onverwacht een meerderheid te regelen voor de politiemissie naar de Afghaanse provincie Kunduz. Maar hier schuilt ook een gevaar: op den duur zal de oppositie doorhebben dat Rutte iederéén met een glimlach en een schouderklop tegemoet treedt. En hoe lang houdt Rutte de Houdini-act vol om in Brussel bevoegdheden af te staan en dat vervolgens in Den Haag glashard te ontkennen?
Maxime Verhagen (CDA), Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Hij is een power broker en dat hebben ze gemerkt op zijn ministerie: met de komst van Maxime Verhagen staat Economische Zaken, al zeker twintig jaar op weg naar volstrekte overbodigheid, ineens weer boven in de Haagse pikorde. Minder blij zijn de natuurambtenaren van het opgeslokte ministerie van Landbouw, die het moeten doen met boerenvriend Henk Bleker als staatssecretaris. In de Tweede Kamer hanteert Verhagen, die geldt als een extreem goed ingevoerde bewindspersoon, al sinds jaar en dag een beproefd recept: net zo lang monologen houden tot de Kamer volledig murw gebeukt is. De valkuilen liggen voor de vice-premier niet zo zeer op zijn eigen beleidsterrein (al is het dossier kernenergie sinds Fukushima ineens buitengewoon gevoelig), maar in zijn eigen achterban. Als de peilingen voor het CDA zo beroerd blijven als nu, zullen zijn vele vijanden zich vanzelf weer gaan roeren.
Jan Kees de Jager (CDA), Financiën
Het eerste jaar van zijn ministerschap verliep vrijwel vlekkeloos: Jan Kees de Jager is sympathiek, voert een solide beleid en praat in gewone-mensentaal. Zijn onverwachte coming out leverde de CDA'er extra krediet op bij progressief Nederland. De Jager profileert zich uitsluitend als vakminister: hij heeft herhaaldelijk laten weten geen ambitie te hebben om CDA-leider te worden. Hierdoor profiteert hij wellicht minder van de politieke ruimte van het ambt van schatkistbewaarder dan voorgangers als Wim Kok, Gerrit Zalm en Wouter Bos. En ondanks zijn soepele start zit De Jager op een potentiële politieke tijdbom: de problemen in de eurozone, en dan met name de miljardengaranties aan het noodlijdende Griekenland. Vooralsnog ageert alleen gedoogpartner PVV tegen zijn beleid. Maar wat als de Grieken straks niet kunnen terugbetalen en er daadwerkelijk Nederlandse miljarden richting Athene worden verscheept?
Ivo Opstelten (VVD), Veiligheid en Justitie
Met zijn rondborstige patriciërsvoorkomen en zijn basso profondo was de voormalige burgemeester van Rotterdam een logische keuze voor het nieuwe superministerie van Veiligheid en Justitie. Het werk lijkt hem moeiteloos af te gaan. Opstelten pakt de Kamer behendig in met frases als 'Dat is precies de vraag waarop ik hoopte' en 'Dat gaan we oplossen'. Parlementariërs klagen dat het onmogelijk is een discussie met hem te voeren. Hij opereert vooral als minister van Veiligheid, en niet van Justitie: aan principiële discussies over de rechtstaat heeft hij een broertje dood. Zijn filosofie is simpel: het 'gevoel' van veiligheid is belangrijker dan de cijfers. 'Belangrijker is wat de burger ervan vindt dan hoe het in werkelijkheid is,' zei hij ooit in de Kamer. En dus lanceert Opstelten samen met zijn staatssecretaris Fred Teeven vrijwel wekelijks nieuwe law and order-voorstellen. Of hij het kan waarmaken? 'Als over een half jaar de top-100 van Opsteltens plannetjes wordt besproken, heeft hij wel wat uit te leggen,' zegt een CDA-insider. 'Want veel ervan zal niet zijn uitgevoerd.'
- De grootste risico's voor het kabinet zitten in de driehoek BuZa-Europa-Defensie
Uri Rosenthal (VVD), Buitenlandse Zaken
De grootste risico's voor het kabinet-Rutte bevinden zich in de driehoek Buitenlandse Zaken-Europa-Defensie. Gedoogpartner PVV geeft op dit terrein geen steun, en dus moeten er in het parlement wisselende meerderheden worden gezocht. Helaas heeft geen van de drie bewindslieden - defensieminister Hillen, staatssecretaris Ben Knapen en minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal - vooralsnog blijk gegeven van een superieure politieke antenne. Met name de laatste geldt al enige tijd als de brekebeen van het kabinet. Hij verslikte zich in het doodvonnis van de Iraans-Nederlandse Zahra Bahrami, moest door het stof vanwege de mislukte helikopterlanding in Libië en joeg zijn eigen ambtenaren op de kast door de diplomatie te bestempelen als 'rustiek tijdverdrijf'. De laatste maanden zijn Rosenthals optredens in de media en Kamer verbeterd. Parlementariërs waarderen zijn toegankelijkheid en aandacht voor persoonlijke verhoudingen. Maar in het kabinet heeft Rosenthal terrein verloren als intimus van premier Rutte.
Melanie Schultz van Haegen (VVD), Infrastructuur en Milieu
Enkele jaren geleden nog vormde Melanie Schultz van Haegen met Mark Rutte de links-liberale voorhoede van de VVD. Begrijpelijk dat ze zich nu, als minister in het meest rechtse kabinet ooit, weinig bemoeit met algemene politieke kwesties. Op het fusieministerie van Infrastructuur en Milieu manifesteert Schultz van Haegen zich tot nu vooral als een loyale vakminister die netjes het regeerakkoord uitvoert. Ze was verantwoordelijk voor het verhogen van de maximumsnelheid naar 130 kilometer per uur, maar de hoon en spot die dit staaltje symboolpolitiek opwekte, straalden amper op haar af. Wel botste ze met de Kamer over een ietwat lachwekkend dossier: wc's op sprintertreinen. Een echte politieke tijdbom vormt de aanbesteding van het openbaar vervoer in de grote steden - een maatregel die met name gedoogpartner PVV pijn doet. Met het milieu houdt Schultz van Haegen zich niet bezig: daarvoor heeft ze de Friese CDA-Macher Joop Atsma als staatssecretaris.
Piet Hein Donner (CDA), Binnenlandse Zaken
Na drie verloren jaren op Sociale Zaken onder Balkenende-IV krijgt Piet Hein Donner de kans om zich te revancheren. Ook als minister van Binnenlandse Zaken gaat hij karakteristiek te werk: door zijn verbale moerastechniek krijgt de oppositie in de Kamer geen grip op hem. In de hoofdpijnportefeuille Integratie, die ook onder hem valt, is dat een voordeel: met zijn onnavolgbare redeneringen weet hij de islamhaviken van de PVV te ontregelen. Maar bij zijn belangrijkste missie, de miljardenbezuinigingen op gemeenten en Haagse ambtenaren, lijken Donners starheid en querulante opstelling hem wederom op te breken. Het lokale bestuursakkoord werd verworpen door de achterban van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten; een nieuwe CAO met de rijksambtenaren is nog steeds niet in zicht. Maar of de christendemocratische jurist daar nog last van gaat krijgen, is maar zeer de vraag: zijn naam circuleert al enige tijd hardnekkig als nieuwe vice-president van de Raad van State.
Henk Kamp (VVD), Sociale Zaken en Werkgelegenheid
De liberale veteraan uit Lochem heeft alles wat zijn voorganger Donner ontbeert: hij kan luisteren, haalt geen politieke foefjes uit en houdt zich aan zijn afspraken. Op het ministerie van Sociale Zaken, waar eindeloos gemarchandeerd moet worden met de werkgevers en vakbonden, zijn deze eigenschappen geen overbodige luxe. In relatieve stilte heeft Kamp beide partijen inmiddels weten te bewegen tot een pensioenakkoord - iets wat een jaar geleden nog onhaalbaar leek. Dat VNO-NCW-voorzitter Wientjes met hem wegloopt, is te begrijpen: het kabinet-Rutte honoreert veel wensen van de werkgeverslobby. Maar ook vakbondsvoorvrouw Agnes Jongerius is naar verluidt in haar nopjes met Kamp. Ook prettig: het echte slagerswerk op het ministerie - de samenvoeging van bijstand, Wajong en sociale werkplaatsen - is in handen van staatssecretaris Paul de Krom. Een minpuntje: Kamp is een vreselijke control freak - wat hem regelmatig in conflict brengt met Kamerleden en journalisten.

1. Hans Hillen 7. Edith Schippers
2. Melanie Schultz van Haegen 8. Maxime Verhagen
3. Piet Hein Donner 9. Mark Rutte
4. Ivo Opstelten 10. Jan Kees de Jager
5. Henk Kamp 11. Uri Rosenthal
6. Gerd Leers 12. Marja van Bijsterveldt
Gerd Leers (CDA), Immigratie en Asiel
De oud-burgemeester van Maastricht heeft met afstand de moeilijkste portefeuille van het kabinet. Als minister van Immigratie en Asiel moet hij de agenda van Geert Wilders uitvoeren, zonder daarbij zijn CDA-achterban al te zeer te verontrusten. Alles wat Leers doet, wordt door de PVV onder de microscoop gelegd. Bovendien moet hij zich in bochten wringen om zijn harde beleid te verzoenen met zijn vroegere inzet voor asielzoekers. Leers beleefde een moeilijke start, toen hij in Brussel instemde met afschaffen van de visumplicht voor Albanezen en Bosniërs en door Wilders prompt werd weggezet als de 'zwakke schakel in dit kabinet'. Inmiddels lijkt hij zich te herstellen. Hij sleepte de kwestie rond de Afghaanse asielzoekster Sahar door de Kamer met een onnavolgbaar katholiek compromis: alleen 'verwesterde' Afghaanse meisjes kunnen een verblijfsvergunning krijgen. Maar de vraag blijft: wat gebeurt er met Leers als hij Wilders' ambities (halvering van de instroom van niet-westerse allochtonen in 2015) niet weet te realiseren?
Edith Schippers (VVD), Volksgezondheid
Als dank voor trouwe dienst kreeg Edith Schippers van premier Rutte het door haar begeerde ministerie van Volksgezondheid. Meteen aan het begin haalde ze een wit voetje bij anti-betuttelend Nederland met een kordate versoepeling van het rookverbod. Ook sloot ze een deal met de medisch specialisten over een vast budget vanaf 2012 en presenteerde ze plannen om ziekenhuizen te laten specialiseren in bepaalde ingrepen. De echte pijn in Schippers' portefeuille zit hem in de exploderende zorgkosten (in 2010 alweer een tegenvaller van 2,6 miljard euro), die een onevenredige druk op de rijksuitgaven leggen. Hoe dit probleem opgelost gaat worden, is de million dollar question van dit kabinet: in het regeerakkoord is onder druk van de PVV weinig ruimte gelaten voor bezuinigingen. Misschien meer marktwerking voor ziekenhuizen, iets waar Schippers groot voorstander van is? Maar daarvan is tot nu toe nooit gebleken dat het kostenbesparend werkt. Met de Tweede Kamer heeft Schippers, die zelf bekendstond als een gehaaid parlementariër, nog geen grote aanvaringen gehad.
Marja van Bijsterveldt (CDA), Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
De kracht van Marja van Bijsterveldt, zo schreef Vrij Nederland enkele jaren geleden, is dat ze stelselmatig wordt onderschat. Ze komt niet over als een politiek zwaargewicht, maar is een buitengewoon behendige netwerker en leeft met iedereen op goede voet. Als minister van Onderwijs gaat Van Bijsterveldt als volgt te werk: eerst legt ze de lat hoog, vervolgens kijkt ze heel pragmatisch wat ze eruit kan halen. Zo deed ze dat met de slepende kwestie van de 1040 uren-norm ('ophokplicht') op middelbare scholen. En zo doet ze het ook met de bezuinigingen op het speciaal onderwijs, die haar reputatie - ondanks massale verontwaardiging - niet geschaad hebben. Voor haar voorstel om de ongeliefde eindexamenprofielen te versimpelen, kreeg ze veel bijval. Ook bij OCW geldt: de echt nare dossiers liggen bij de staatssecretaris. VVD'er Halbe Zijlstra neemt met een haast diabolisch genoegen de bezuinigingen op de universiteiten en de kunsten ter hand.
Hans Hillen (CDA), Defensie
De geniale partijstrateeg blijkt tot op heden geen geniaal minister. Van alle bewindslieden van het kabinet-Rutte kwam CDA'er Hans Hillen tot nu toe het diepst in de problemen: na de mislukte evacuatie in Libië moest de minister van Defensie in maart deemoedig het hoofd buigen voor de Tweede Kamer. De doorgaans strijdvaardige Hillen maakte in die dagen een aangeslagen indruk. Misschien wel omdat hij besefte dat de zwaarste test nog moest komen: de de facto onttakeling van de Nederlandse krijgsmacht door een bezuinigingsoperatie van één miljard euro. Ook wordt hij geplaagd door aanhoudende schandalen bij marine, landmacht en marechaussee. Al deze rampspoed betekent overigens niet dat Hillen niet alsnog kan uitgroeien tot een goede minister: hij kent Den Haag tot in de kleinste hoekjes en gaatjes, kan formidabel debatteren en stond altijd bekend om zijn scherpe politieke instinct. Nu maar hopen voor hem dat - net als bij Maxime Verhagen - zijn vele vijanden in het CDA niet naar de wapens grijpen.
- Cannes Het filmfestival van Cannes is in volle gang. Wat zijn de beste films en de smakelijkste roddels?
- Sap of Dibi GroenLinks houdt een ledenreferendum. Wat is er eigenlijk te kiezen?
- Griekse verkiezingen Op 17 juni gaan de Grieken weer stemmen. De radicaal-linkse partij Syriza en de rechts-extremistische partij Gouden Dageraad doen het goed. Wat willen ze?
- Uit het zicht Steeds meer grote kunstwerken verdwijnen naar de huizen van rijke particulieren. Wat nu?
- Netneutraliteit Nederland heeft als eerste Europese land netneutaliteit in de wet verankerd. Maar wat is het eigenlijk?




