VN MediagidsVoor jullie knokken

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

16.06.2009

Door Stephan Sanders

Dit verhaal speelt niet in 1932, toen het volledig te begrijpen viel, ook niet in 1972, toen er nog steeds iets voor te zeggen was, maar nu – althans een paar weken geleden.

Een bevriende collega die de eurolijsttrekkers volgde, vertelde over de euro-PvdA’er Thijs Berman, die, er is geen ander woord voor, door Bos is gemaltraiteerd met zijn ‘zesde keuze’. Ik vind dat net zoiets als met iemand trouwen en na afloop zeggen: ‘Ik had eigenlijk nog een paar anderen op het oog, maar die wilden niet.’

Ik vind het geen fout van Bos, ik vind het een misdaad tegen de wellevendheid en dus uiteindelijk tegen de beschaving. Waarom houden ze bij de PvdA toch altijd meer van de mensheid dan van mensen?

Afijn, in het kielzog van Berman was ook fractievoorzitter Mariëtte Hamer aanwezig. Beide PvdA’ers bevonden zich in de Rotterdamse havens, waar ze gingen spreken. Die havenarbeiders van tegenwoordig zijn ook niet meer wat ze geweest zijn. Ik bedoel dit letterlijk: er zitten nog laden-lossenjongens tussen, maar ook mensen uit de ict-sector, hbo’ers, mannen en vrouwen die niet meteen tot de verworpenen der aarde behoren.

Hamer begint haar toespraak zo, vertelt collega: ‘Mannen, ik ga voor jullie knokken.’
Op die aankondiging volgde een wat beduusde stilte. Iemand schikte zijn das, zag collega.
Dit ene zinnetje vat het probleem van de PvdA samen en de sociaal-democratie als geheel – op tragikomische wijze. Even ontleden: ‘Mannen’. Ja, weet je nog oudje, toen er geen vrouwen of heren of jongemannen in de havens werkzaam waren, maar uitsluitend Mannen?
‘Ik ga voor jullie knokken.’

Knokken klinkt veel flinker dan ‘opkomen’ of zelfs ‘vechten’, maar het veronderstelde straatoproer moet er wel in zitten. Deze mannen en vrouwen waren misschien bezorgd om hun baan, om de economische crisis, maar niemand knakte met zijn knokkels.

‘Vóór jullie knokken.’ Dit is geen kwestie van solidariteit, toch een bekend woord uit de sociaal-democratische traditie, dit is goed-doen-voor-minderen, hulpverlening. Dit is ongevraagd oude vrouwtjes over straat sleuren die helemaal niet van plan waren over te steken. Ik heb altijd moeite gehad met het woord ‘solidariteit’, omdat het een hol begrip is geworden dat hoognodig aan een herdefinitie toe is. Maar als ik me er iets bij voorstel, is het dit: je leert mensen voor zichzelf op te komen, liever dan het vuile werkje voor ze op te knappen. Emancipatie betekent: mensen de mogelijkheden geven, de vaardigheid aanleren om zichzelf te redden.

De PvdA wordt het hardst getroffen door deze ideologische verwarring, maar niet alleen: alle volkspartijen, dus ook het CDA en de VVD, die zich hebben voorgenomen een breed scala aan klassen en groepen te vertegenwoordigen, kampen met het probleem.

Er was ooit een vorm van ‘mechanische solidariteit,’ zoals de socioloog Durkheim het noemde: je was katholiek, en stemde voor de katholieken. Of je had geen cent, en stemde op mensen die meestal wel centen hadden, maar ook vonden dat jij daar recht op had.

Die vorm is in Nederland op sterven na dood, dankzij een geslaagde emancipatie van de arbeidersklasse en het verdwijnen van de verzuiling. Nu moet er een nieuw discours worden bedacht, een aansprekend idee, waarin verschillende groeperingen zich kunnen vinden. ‘Organische solidariteit’, noemt Durkheim het.

Dat is nog niet zo simpel, omdat het begrip solidariteit uit het socialistisch-marxistische begrippenapparaat afkomstig is, en eigenlijk uitsluitend uitgaat van materiële belangen en noden, die mensen moet verenigen. Vandaar dat de positie van de intellectuelen in het marxisme en het socialisme altijd wat wiebelig is geweest.

Nu komt het aan op een nieuw verhaal, over het klimaat allicht, dat iedereen, arm of rijk, evenveel zal raken. Maar ook moet er nagedacht worden over een vernieuwd vrijheidsbegrip, dat niet alleen ‘de rijken rijker maakt’, zoals het cliché wil, maar individuen de mogelijkheid geeft hun leven in te richten zoals het hen goeddunkt. Dus: moslimameisjes die geen hoofddoek willen dragen beschermen tegen eventuele groepsdwang. Gereformeerde jongens die met jongens naar bed willen, de kans geven dat te doen zonder dat daarmee hun leven is verwoest. Ook: nette jonge dochters uit welvarende, liberale gezinnen, laten bouwvakken, als ze dat willen. En ook: de net bekeerde moslima, die zich wil tooien met de niqaab, de vrijheid geven dat te doen, met aanvaarding uiteraard van mogelijke maatschappelijke consequenties. Ter herinnering: ook punkers werden vroeger geen rechter.

Dat algemene idee over recht en rechtvaardigheid, dat zo breed is dat heel verschillende mensen om uiteenlopende redenen zich erin kunnen herkennen – daarover wil ik onze Nederlandse politici horen. Noem het postmaterialistisch – als het maar een naam heeft. En een stem. Desnoods (maar nu ga ik wel heel ver), desnoods die van Mariëtte Hamer.