VN MediagidsSluiers vs. naveltruitjes

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

02.06.2009

Door Stephan Sanders

Mijn man (belangrijkste reden om te trouwen: officieel ‘mijn man’ te kunnen zeggen), mijn man dus, werkt op zwarte scholen in de Amsterdamse Bijlmer. Hij doet daar aan ‘kunst- en cultuureducatie’.

Tien jaar geleden zou ik daar waarschijnlijk geringschattend over hebben gedaan. ‘Leer die leerlingen eerst maar eens behoorlijk rekenen en spellen,’ iets in die trant. Ik zag toen niet hoe belangrijk het is dat kinderen zich hechten aan de omgeving waar ze wonen. Dat juist leerlingen van Surinaamse, Ghanese of Marokkaanse origine niet de passantenstatus overnemen van hun ouders, die vaak net doen alsof ze hier ‘voor even’ zijn, om ‘later’ terug te keren naar het eigenlijke huis.

Mijn man heeft een collega, die ook op scholen in Amsterdam-West werkt en voor niet-Amsterdammers leg ik kort de sociale geografie van de stad uit. Amsterdam-Bijlmer of Zuid-Oost, zoals het officieel heet: vooral bruine en zwarte mensen, onze eigen Surinamers natuurlijk, maar ook allerlei soorten Afrikanen. Amsterdam-West: vooral Marokkanen, moslims, de ‘straatterroristen’ van Wilders.

De collega is blank en flink en vrouw, en ze vertelde me dit inzichtgevende verhaal. ‘Laatst, toen ik vanuit Amsterdam-West vertrok om naar een school in de Bijlmer te gaan, zat ik in de tram tegenover een meisje dat geheel was ingepakt. Sluier, mantel tot op de voeten, zwarte handschoenen aan. Het was een warme lentedag en ik kon alleen maar denken: kind, trek toch eens wat uit.’ Afijn, collega neemt op het station de metro die naar de Bijlmer rijdt, en halverwege de rit stapt er een zwart meisje in, zo schaars gekleed, dat het moeite kost je oog ook maar ergens aan textiel te laten hechten. Collega denkt spontaan: en jij, meisje, had weleens wat meer aan kunnen doen.

Dit is in het kort het verhaal van twee steden die bezig zijn in Amsterdam te ontstaan. Amsterdam-West is overwegend moslim, het toont zich gesloten tegenover de buitenstaander. En alles wat naar seks en erotiek riekt, gebeurt stiekem, achter gesloten gordijnen en sluiers.
De Amsterdamse Bijlmer is daar het tegenovergestelde van: veel uitbundigheid, kleine topjes voor de meisjes, grote kettingen voor de jongens, het liefst op de bloot vallende borst. De buitenstaander heeft hier meteen aanspraak, in die zin is het een open samenleving. Ook al zijn er veel evangelische bewegingen actief die hun zwarte kerkgangers een seksuele gestrengheid proberen op te leggen die de islam naar de kroon steekt.

Toen wij Nederlanders begin jaren tachtig collectief blij waren met de ‘multiculturele samenleving’, wisten we niet hoe multicultureel die ook werkelijk zou worden. De gemiddelde Nederlandse Surinamer verschilt hemelsbreed van de gemiddelde Nederlandse Marokkaan, veel meer dan de gemiddelde, christelijke Nederlander dat doet. Die twee etnische minderheden hebben helemaal geen vanzelfsprekende band, zoals de gevestigde Nederlanders in hun naïviteit dachten. De nieuwe culture clash zou heel goed kunnen gaan tussen zwart versus moslim, tussen extravert, open en bloot en introvert, stiekem, gesluierd.

Het is denk ik een gradueel verschil of een meisje zich helemaal inpakt, of zich praktisch compleet blootgeeft, zoals in het verhaal van collega. Gradueel, omdat je behalve de religieuze verschillen vooral toch de overeenkomst moet zien: de narcistische bevrediging die jonge meisjes halen uit het anders-zijn, het opvallen. Zie ik tegenwoordig weer een jonge moslimvrouw (vaak een Nederlandse bekeerlinge, trouwens, fanatieker krijg je ze niet) die alles uit de kast heeft gehaald om onzichtbaar te worden, dan denk ik: omgekeerde striptease. Je moet daar niet zo van onder de indruk zijn, want dat willen de zwaar gesluierden het liefst. Je moet er een beetje aan voorbij zien (behalve natuurlijk als zo iemand rechter wil worden, of politieagent, of onderwijzeres op een openbare school).

Dat brengt me op de ‘islamisering van Nederland’, als thema geïntroduceerd door Fortuyn en sindsdien niet meer van de politieke agenda verdwenen. Het vervelende aan die ‘islamisering’ is dat het hier om een hypothese gaat die nog bewezen moet worden. Het is niet onmogelijk dat het gebeurt, maar zeker geen vaststaand feit. We kennen eigenlijk geen recente voorbeelden van westerse landen waar die islamisering definitief zijn beslag heeft gekregen. Misschien vindt wel het omgekeerde plaats en verandert de westerse, liberale democratie de islam ingrijpend.

De islamiseringsadepten vergeten dat stelselmatig. Ze wijzen dan bijvoorbeeld op de Koran, waarin van alles en nog wat staat, en zien dat als bewijs voor het onontkoombare van de islamisering. Maar de Bijbel is toch ook geen goed richtsnoer als je het politieke landschap van Australië of Denemarken wilt verklaren?

De socioloog Joop Goudsblom vroeg zich ooit af ‘Twijfel ik?’, als overtreffende trap van het twijfelen. Zo voel ik me vaak.