VN MediagidsRaciaal verklaard
27.11.2009
Weer terug in Amsterdam, een heel gewone scène. We hebben net geluncht, en nu zit ik met vriendin X. buiten op een stenen muurtje om die ene streep zonlicht op te vangen en een sigaret op te steken.
Dan komt er een onbekende vrouw naar ons toe, ze wijst naar het huis van een vriendin van haar, nu even met vakantie, waar zij de planten wil verzorgen. Maar de deur knelt, het slot knarst, het lukt niet daar binnen te komen.
'Ach meneer, misschien een beetje een vreemde vraag, maar wilt u het eens proberen?'
Ik mis ten enenmale de handigheid met sloten die we toch gevoeglijk onder het kopje 'mannelijkheid' mogen rubriceren, dus zelf ben ik nog wel het meest verbaasd dat ik in één keer die deur van het slot krijg. Vrouw blij, ik gesterkt in mijn ego, vriendin doet heel lief alsof ik de grote slotenkraker ben, terwijl zijzelf een stuk handiger is dan ik.
Het is dat ik net een dag terug ben uit Kaapstad, anders had ik over deze alledaagse scène nooit nagedacht of geschreven. Maar daar, in Zuid-Afrika, zou een mevrouw nooit zomaar een huissleutel overhandigen aan een haar onbekende man. Dat is vragen om moeilijkheden, want er is een reële kans dat de onbekende man haar neerslaat, vervolgens het huis leegplundert en haar nog net laat leven, als ze tenminste niet moeilijk gaat doen. Het wantrouwen in Kaapstad is epidemisch, gewone stedelingen kijken voortdurend over hun schouders: de blanken doen dat vanuit hun ommuurde huizen in The Gardens, Clifton of Camps Bay; de gekleurden, die er een huis op na kunnen houden, hebben zwaar traliewerk voor hun ramen, en ook in de zwarte townships is elk beetje bezit een bron van zorg, want arme mensen stelen ook van arme mensen.
De Duitse schrijver Hans Magnus Enzensberger had het ooit over de 'moleculaire burgeroorlog' die het grote gevecht en het echte slagveld zou verdringen. Ik vond dat nogal een sweeping statement, maar in Kaapstad en Johannesburg is Enzensbergers perspectief allang werkelijkheid geworden. Er is daar vierentwintig uur per dag een strijd om het bestaan gaande waar niemand van is uitgesloten, arm noch rijk. De rijken hebben natuurlijk de meeste zorgen, want ook het meest te verliezen. Maar zij niet alleen: wanneer ik op bezoek ben bij een gekleurde familie die al veertig jaar in hetzelfde township woont, zegt de moeder: 'Nee, na zes uur ga ik het huis niet meer uit. Een blokje om? Direct onder de zoden, zal je bedoelen.'
Het is onzinnig te beweren dat Nederland geen criminaliteit kent, maar het routineuze, alledaagse geweld dat het leven in de grote steden van Zuid-Afrika stempelt - daar zijn wij verre van. Ook heb ik hier nooit iemand ontmoet die van zichzelf zegt: 'Ja, boy, ik ben een racist. Ik wil niets te maken hebben met die gekleurde en zwarte apen.' Dixit: een blanke, boomlange homo, die voor mij wel een uitzondering wilde maken, want ik keek 'Nederlands' uit mijn ogen.
Vriendelijk maar beslist het aanbod afgeslagen.
Het is met criminaliteit in Zuid-Afrika als bij ons met de islam. Van heel linkse types mag je niet over het geweld beginnen, want dan ben je een 'racist' en wil je kennelijk de dagen van de apartheid terug. 'Maar het geweld is er toch,' sputter je nog tegen. In een handomdraai weet spreker (meestal zwart) de feiten tot volledige fictie te verklaren.
Dat er problematische kanten aan de islam zitten - ik geloof dat wij het de laatste zeven jaar nergens anders over hebben gehad. Maar vijftien jaar geleden was het volstrekt not done daarover te spreken. Zuid-Afrika zucht nog steeds onder het juk van de ideologie waarin alles wat gebeurt raciaal wordt verklaard. Alles.
Ik ken een mooie vrouw, blank, die niet inging op de avances die een niet zo mooie, gekleurde man maakte. Binnen twee minuten kreeg ze de hele apartheidsgeschiedenis voor de kiezen. Het land kent een zwaar schuldig verleden, maar ik zie zo weinig lichtpuntjes. Nu worden corrupte, graaiende directeuren en managers verdedigd om het simpele feit dat ze zwart zijn. Wie kritiek heeft, wordt meteen verdacht van een blanke mindset. Ik vind het heel moeilijk hier van een razende vooruitgang te spreken.
Wat blijft er over, nu de apartheid officieel is afgeschaft? Al die mensen, bij wie de ideologie in de harten en botten is geslopen. Die zijn er, die blijven er, en het duurt nog generaties voordat het gif is uitgezweet.
Het is raar om je weer druk te moeten maken over een villa in Mozambique. Ik doe mijn best, maar merk dat de juiste aangebrande graad van verontwaardiging mij nog niet gegeven is. Dat komt wel weer, over een paar weken.
Ik moet bekennen: ik kijk daar niet reikhalzend naar uit.
