VN MediagidsKhadaffi had een samenwonende man moeten zijn
Buitenland / Samenleving 07.03.2011

Het zijn tijden voor grote mannenpraat. U weet hoe het er aan toegaat in het gemiddelde huishouden. Zij houdt zich bezig met de kleinigheden, zoals de hypotheek, de school van de kinderen, de ziektekostenverzekering, het huishoudbudget en natuurlijk ook met de conditie van de relatie zelf, zodat hij zijn spaarzame vrije uren kan wijden aan de vraag: 'Wat moeten we nu met China?'
Wat moeten we nu met Libië? Hoe vreemd is het niet dat mannen die meer dan twintig of dertig jaar Khadaffi hebben gediend, nu ineens tot de ontdekking komen dat de grote Gids bij nader inzien 'een gek' is, zoals de Libische VN-ambassadeur zei. Je ziet die enorme piramide voor je, van mensen die niet gek waren, maar wel jaar in jaar uit de gek hebben geschraagd in zijn macht. Zijn die mensen niet nog gekker dan Khadaffi zelf?
En Oman, het Arabische modelland, lekker dunbevolkt met lekker veel olie, zodat er voor de Omani een heel redelijk inkomen overblijft. Nee, het is geen democratie, maar er zitten vrouwen in het parlement, en de sultan doet op zijn manier aan sociale wetgeving, zodat er ziektegeld wordt uitgekeerd en huursubsidie en nog meer Arabische noviteiten. Het leek mij het laatste land waar de vonk naar zou overslaan, maar zelfs majesteit deinst nu terug, dus het moet wel ernstig wezen.
- In de loop der jaren ben ik gaan rekenen op het derde oog
En nu het gepast is aan het grote wereldbeschouwen te doen, juist nu voel ik de behoefte aan kleinpraat. Ik heb een huiselijke week achter de rug. Het huiselijke school 'm vooral in het feit dat echtgenoot 's ochtends niet naar zijn werk vertrok, want hij is leraar en het was Krokus. Gewoonlijk ben ik naast uw columnist en nog zo wat ook gewoon een huisman: degene die zorgt dat er eten is in huis, en bloemen natuurlijk, een week zonder bloemen is een week niet geleefd. Het echte boenwerk heb ik uitbesteed, maar wel loop ik ouderwets met een plunjezak naar de wasserette. Dat laatste deed ik al toen ik nog een student was en ik ben er mee doorgegaan, ook toen ik ging samenwonen en geliefde een aftandse wasmachine meenam. En afhaaleten is ook geschikt voor twee, daarvoor hoef je heus niet eenzaam te zijn.
Huisman zijn betekent in de praktijk ook vrijheid: de man gaat weg, en dan ben jij de enige chauffeur op de truck die z'n eigen koers bepaalt. Vakantie betekent: ineens komt er een bijrijder naast je zitten, zowat de hele dag, en die vindt ook nog van alles. Heeft ideeën over de bloemen. Mij overdondert dat iedere schoolvakantie weer.
Dat samenwonen zelf duurt nu al zo'n jaar of tien, en ik merk tot mijn verbazing dat ik er niet alleen aan gewend ben, maar ook aan gehecht. Dat lag niet bijzonder voor de hand. Als puber nam ik mij voor nooit te trouwen, want dan moest je met een ander de hele nacht in een bed doorbrengen en ik sliep slecht (ook toen al). Wonderlijke voorstelling van zaken, want vader en moeder hadden toen gescheiden slaapkamers en dat had een voorbeeld kunnen zijn. Lang leek dit mij een nachtmerrie: niet te kunnen zeggen: 'Goh, het is erg leuk geweest, maar nu moet je naar je eigen huis.'
Maar in de loop der jaren ben ik gaan rekenen op het derde oog. Ik bedoel dit: net als mijn moeder heb ik een gruwelijke hekel aan onzichtbare arbeid, het loze vegen van stof onder het bed dat niemand ooit zal opmerken. Die verse bloemen. De afhaalpastaschotel. Er moet op enig moment in het toneelstuk wel iemand binnenkomen die dit alles opmerkt. Of althans, iemand tegen wie je kan zeggen: 'Je hebt die bloemen helemaal niet gezien, hè?'
Dat derde oog behoedt je ook voor gekte: een dag kan lang duren, er wordt geworsteld met een stuk of een idee, en dan verschijnt rond zessen een buitenaards wezen dat het geheel in volstrekt andere, minder alarmerende proporties ziet. Samenwonen: dat is ook een psych die iedere dag even om de deur komt koekeloeren. Die een deadline stelt voor het opruimen en ook voor de geestelijke schoonmaak.
En omdat ik zelf een man ben, kan ik het toch niet laten. Die Khadaffi, dat had een samenwonende man moeten zijn, dan was het niet zo uit de klauwen gelopen.
