VN MediagidsGeen ramptoerisme naar Almere meer nodig
Samenleving / almere 10.06.2010

Almere ligt sinds vanochtend niet meer in Flevoland, maar in Brabant, in Limburg.
Ik bedoel het Almere van de laatste gemeenteraadsverkiezingen, waar de PVV de grootste partij werd van de stad. Dat was nationaal nieuws, internationaal zelfs. Vorige week nog kreeg ik een journalist van de Franse krant le Figaro op bezoek, die griezelig goed op de hoogte was van de situatie in ‘Almère’ , zoals hij het lekker mediterraan uitsprak. Ineens hoorde ik de zee weer klotsen in de plaatsnaam.
Maar die discutabele ‘status aparte’ is Almere nu kwijt. De PVV is hier landelijk gezien allang niet mee de grootste. Het leger van journalisten en duiders mag nu haar tenten opslaan in Rucphen, Brabant (wel even zoeken op de kaart) waar de partij van Wilders 38,7% van de stemmen binnen haalde. Of kijk naar Maastricht, waar de Wilders aanhangers ook de overwinning grepen.
Almere was drie maanden proefstation en zondebok. Proefstation – want niemand wist of de uitslag van de laatste gemeenteraadsverkiezingen hier een trend voorspelde voor de landelijke kiezersstrijd: nu, de winst van de PVV is in andere gemeenten vele malen groter geworden.
Zondebok was Almere ook, want de afgelopen maanden heb ik vaak van de rest van ‘weldenkend Nederland’ mogen horen: ‘Hoe is het nou om in zo’n PVV stad te leven.'
Die vraag kan iedereen nu zelf beantwoorden, daarvoor is geen ramptoerisme nodig naar Almere. Sterker nog: het heeft er de schijn van dat juist in de twee gemeenten waar de PVV drie maanden geleden groot werd (Almere en DenHaag) de kiezer alweer z’n bekomst heeft van die partij. ‘De wet van de remmende voorsprong’ heet zoiets.
Het grote hoofdschudden om Almere is voorbij. Dat mag en kan nu om de eigen stad of streek.
