Vrij Nederland Gedeelde passie

Gedeelde passie

Bosma moet gedacht hebben: aha, taal der Afrikaners, blanke broeders in nood, PVV snelt toe.

Door Stephan Sanders

Bosma moet gedacht hebben: aha, taal der Afrikaners, blanke broeders in nood, PVV snelt toe.

Door Stephan Sanders

Goed, we kennen Der Tod in Venedig, de novelle die Thomas Mann schreef in 1912, over een oudere schrijver die tijdens een vakantieverblijf in Venetië dodelijk gefascineerd raakt door de jonge en wonderschone Tadzio. Wie het boek niet heeft gelezen, heeft vast de film gezien van Luchino Visconti (1971) met Dirk Bogarde in de hoofdrol.

Neem dit gegeven, verplaats de handeling van Europa naar Zuid-Afrika, bijna een eeuw later, en alles wat in de roman van Mann nog dromerig en broeierig was, bijna onbenoembaar, wordt in de film Skoonheid van de Zuid-Afrikaanse regisseur Olivier Hermanus rauw en bloederig.

Kort het verhaal: een Afrikaner man, al aan de verkeerde kant van de middelbare leeftijd, is getrouwd en leidt een traditioneel leven in het toch al traditionele Bloemfontein, bakermat van de christelijke Boere, die ooit alle macht bezaten en nu verder moeten leven als een van de vele minderheidsgroepen. Deze man, François van Heerden, treft eens in de zoveel tijd een groep gelijkgezinden: getrouwde, blanke mannen die in het geheim orgieën houden met andere mannen. Niemand noemt zich homoseksueel. De seks is mechanisch, dient als uitlaatklep, het is een dronken avond onder vrienden, bedoeld om de ergste spanningen kwijt te raken.

En dan verschijnt Christian in zijn leven, de zoon van een oude vriend. Deze Christian is niet alleen mooi en ontspannen, maar vertegenwoordigt ook het Nieuwe Zuid-Afrika: zijn ouders spreken Afrikaans tegen hem, maar hij antwoordt in het Engels. Hij gaat net zo makkelijk met blank om als met bruin en zwart, en omdat hij ook nog modellenwerk doet, moet deze jongen wel vrijgevochten zijn. Alles wat de conventionele François heeft moeten missen in zijn leven, kan hij projecteren op deze onbeschadigde jongeling. Hij wordt zijn Tadzio, zijn obsessie – niet zo een van dromen en verlangen, maar van vlees, geweld en bloed.

Skoonheid is Thomas Mann gone wild. Ik hoop dat PVV-Kamerlid Martin Bosma de film heeft gezien. Hij is net terug uit Zuid-Afrika, waar hij de rechten van het ‘Afrikaans’ wilde helpen beschermen, die ‘stamverwante’ taal die door zo’n dertien miljoen Zuid-Afrikanen wordt gesproken. En die ‘stamverwantskap’ heeft het Afrikaans dan met het Nederlands.

Nu delen Bosma en ik op z’n minst één verwante passie: die voor het Afrikaans. Maar Bosma moet gedacht hebben: aha, taal der Afrikaners, blanke broeders in nood, PVV snelt toe. Dat nu is een misvatting. Bosma verklaarde zelf al in Zuid-Afrika: ‘Ik wist dat dit een gecompliceerd land was, maar zo erg had ik het nu ook weer niet verwacht.’

"Het merendeel der actieve sprekers van het Afrikaans is kleurling. En moslim."

Want wat blijkt: het merendeel der actieve sprekers van het Afrikaans is kleurling. En een aanzienlijk deel daarvan is moslim. Het Afrikaans is net zozeer verwant aan het Maleis, het Portugees en Afrikaanse talen. Het is allang een creoolse taal geworden.‘Zo erg had ik het ook weer niet verwacht…’: Bosma bedoelt: Zo onoverzichtelijk, zo weinig rechtlijnig. Want in de praktijk is het Afrikaans allang verbouwd en verbasterd door allerlei groepen die in de apartheidstijd niet tot de blanken werden gerekend, en dus geen aanspraak konden maken op de privileges. Juist zij hebben de taal levend gehouden, in het café, de keuken en op straat.

En regisseur Olivier Hermanus is één van hen: een kleurlingman – nee, hij zet geen aanhalingstekens om dat ‘kleurling’. Want zo is-ie opgegroeid in Kaapstad; op een kleur-
lingschool, op kleurlingvoetbal. Skoon heid heeft daarom ook veel van een antropologische exercitie: Her ma-
 nus kijkt met een bijna klinisch oog naar de Afrikaner kaste die jarenlang het land regeerde. Wat is dat voor een stam, die twintig jaar geleden nog de absolute macht bezat? Waar zitten de scheuren en onzekerheden?

Ik zit tegenover Hermanus in een restaurant, we wisselen even wat ongemakkelijke woorden in het Afrikaans, en stappen dan beiden opgelucht over op het Engels: de taal zonder al die haken en ogen, die we allebei zo pijnlijk goed voelen.Aan die directe pijnlijkheid – daaraan zou Nederland zich schatplichtig moeten voelen. ‘Verwant’ voor mijn part. Ik wil graag met Bosma een lans breken voor het Afrikaans, zo ‘bloemrijk’ inderdaad, en zo poëtisch: maar dan toch ook voor het Afrikaans van Olivier Hermanus en Gha lieb Gambiet en al die andere kleurlingen en moslims die het Afrikaans met hun ouders spreken, en met hun vrienden uit de townships, maar die automatisch overschakelen op het Engels als ze de grote wereld betreden. Die schaamte te bestrijden, die herinnering aan armoede, onwetendheid en provincialisme recht te zetten – daar ligt een schone taak voor Nederland.

06-03-2012 / Samenleving