VN MediagidsPeiling
10.02.2010

In tegenstelling tot sommige journalisten zijn statistici nooit zo onder de indruk van kleine verschuivingen in het aantal zetels voor politieke partijen, zoals dagelijks voorspeld door opiniepeilers.
Het klassieke wiskundige bezwaar is dat wanneer een partij één zetel in de peilingen wint of verliest, dit geen betekenis heeft aangezien zo'n schommeling valt binnen de standaarddeviatie. Een nieuw opinieonderzoek, verricht door het bureau Inte®waan, brengt verandering in deze conservatieve opvatting. Inte®waan ontdekte dat tot voor kort 99,9 % van alle ondervraagde wiskundigen geloofde in het bestaan en belang van standaarddeviaties.
Uit een nieuw onderzoek dat Inte®waan begin februari deed, blijkt dat nu nog maar 99,8 % van hen hierin gelooft. Als deze trend doorzet, is over een jaar nog maar 97,1 % van de wiskundigen van mening dat kleine schommelingen in statistisch onderzoek niet serieus genomen hoeven worden. Dat betekent dat over tien jaar nog maar 73 % van alle statistici dit zal vinden. Die uitkomst is opmerkelijk omdat over twintig jaar minder dan de helft van alle wiskundigen (46 %) hier nog achter zal staan.
Statistici reageren vooralsnog sceptisch op de bevindingen van Inte®waan. Zij houden vol dat een schommeling van 99,9 % naar 99,8 % ruim binnen de standaarddeviatie van het betreffende opinieonderzoek valt en dus niet significant is. Gevraagd om een reactie liet Inte®waan weten niet onder de indruk te zijn van de kritiek uit wetenschappelijke hoek. 'We hadden deze reactie wel zo'n beetje verwacht. Wetenschappers zijn nu eenmaal zeer conservatief, ons onderzoek toont dat ook aan. Wat wij hebben aangetoond moet worden beschouwd als een paradigmawisseling. Zo'n wisseling duurt een aantal jaren. Ons onderzoek ondersteunt die prognose. Over twintig jaar zal meer dan de helft van de wetenschappers die nu beweren dat onze analyse van de cijfers niet klopt, van mening zijn veranderd. We hebben nu de data om dat te bewijzen.'
