VN MediagidsRutte's partij voor de onderklasse

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Politiek 15.06.2011

Door Max van Weezel

Afbeelding bij Rutte's partij voor de onderklasse
Illustratie: Bas van der Schot
Illustratie: Bas van der Schot

Aan het begin van het parlementaire seizoen 2008/2009 presenteerde Mark Rutte een nieuwe liberale beginselverklaring. Met hulp van zijn intellectuele biechtvader Uri Rosenthal had hij het document eigenhandig geschreven. De VVD-leider wilde voor eens en voor altijd duidelijk maken dat zijn partij er niet alleen was voor gepensioneerde Shell-managers in Wassenaar en parelkettinkjes dragende dames uit Bloemendaal. Van zijn grote voorbeeld David Cameron had hij begrepen dat moderne conservatieven ook wervingskracht konden uitoefenen op de hardwerkende middenklasse en de ondergepriviligeerden. Dus stond het werkstuk van Rutte vol ronkende zinnen als: 'De VVD wil er zijn voor ieder die iets van zijn of haar leven wil maken' en 'de VVD is overtuigd van de kansen die de toekomst het vrije individu biedt'. De partij ging de barricade op voor de 'vakmensen, leraren, politieagenten en wie werkt in de verzorging'.

Sterker nog: de liberalen wilden voortaan ook strijden 'voor de verheffing van de onderklasse'. Maar dan niet op de betuttelende manier van de christen-democraten en de socialisten. De VVD gruwde nu eenmaal van 'bureaucratie en bemoeizucht'. Elke Nederlander had de verantwoordelijkheid in zijn eigen levensonderhoud te voorzien. Wie daar niet in slaagde, kon een beroep doen op de overheid. Liefst tijdelijk: 'Alleen diegenen die daartoe om dwingende fysieke of psychische redenen niet in staat zijn, mogen rekenen op blijvende ondersteuning.'

Kortom: Rutte wilde de schlemielen aan de onderkant van de samenleving verheffen door hen te helpen op eigen benen te staan. Hemzelf leek dat een electorale succesformule. De WAO'ers, WW'ers en WSW'ers zouden Rutte dankbaar zijn dat hij hen van hun uitkeringsverslaving verloste. 'Net als Cameron wil ik in dit land meer Amerikaans optimisme. De staat is geen geluksmachine. Ook een alleenstaande bijstandsmoeder die vooruit wil in haar leven, zou op mij moeten stemmen,' citeerde VN hem in januari 2009.

- Schlemielen verheffen leek Rutte een electorale succesformule

Vorige week beschreef Thijs Niemantsverdriet hoe adviseurs als campagnemanager Boudewijn Revis en Lex Kruydenberg van het Instituut voor Psychologisch Marktonderzoek de man die de bijstandsmoeder voor zich wilde winnen, een hele andere verkiezingsstrategie aanpraatten. De VVD moest een herkenbaar merk worden. Het geflirt van Rutte met de onderklasse zette electoraal net zo weinig zoden aan de dijk als zijn pleidooi voor 'groenrechts' milieubeleid. Economische groei, veiligheid op straat en het beperken van het aantal kansarme migranten moesten de kernthema's worden van de campagne. Zo'n strategie sprak de politieagenten, onderwijzers en kleine zelfstandigen aan. De bijstandsmoeder stemde toch niet op de partij. Rutte gehoorzaamde en won de verkiezingen.

Nu, als premier, wil hij achttien miljard euro bezuinigen. De operatie kwam langzaam op gang, met wat in Den Haag het plukken van laaghangend fruit wordt genoemd: kleine maatregelen die je razend populair maken. De maximumsnelheid ging omhoog, de asbak keerde terug in de buurtkroeg. De bewindslieden mochten hemelbestormende plannen indienen, liefst op een of twee A4'tjes. Zo pakten ze het in het bedrijfsleven ook aan, hield oud-personeelsmanager Rutte hen voor. Over de uitvoering hoefde men zich nog geen zorgen te maken, eerst moesten de Statenverkiezingen worden gewonnen, anders redde de coalitie het niet in de Eerste Kamer.

Maar nu zijn eerste Prinsjesdag nadert, heeft Rutte haast gekregen. De krantenkoppen zijn er naar: 'Bijltjesdag voor geestelijke gezondheidszorg', 'Kaalslag in kunstsector'. Een groot deel van de voorgenomen maatregelen treft de mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt: de Wajong gaat op de schop, de toegang tot de sociale werkplaatsen wordt beperkt, de zorg- en huurtoeslagen gaan omlaag. Net als de bijstandsuitkering. Van de grote woorden over de 'verheffing van de onderklasse' in het liberale beginselprogramma blijft alleen de notie over dat iedereen zo veel mogelijk op eigen benen moet zien te staan. Tijdens het Kamerdebat van vorige week beloofde de premier dat de overheid zich zou blijven ontfermen over 'mensen die blijvend aangewezen zijn op een uitkering of een plek in de sociale werkplaats'. Maar er waren er genoeg die nog best aan de slag konden 'in het groen of als vakkenvuller bij Albert Heijn'. VVD-Kamerlid Malik Azmani drukte zich nog krasser uit. De overheid van de toekomst kon nog alleen in een 'vangnet voor de allerzwaksten' voorzien. De rest had dikke pech.

De nieuwe liberale moraal: als je de onderklasse niet kunt verheffen, kun je hem nog altijd uitbreiden.