VN MediagidsOde aan Berlijn

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Politiek 14.08.2007

Door Max van Weezel

In mijn familie heeft Duitsland van oorsprong niet zo’n beste reputatie. Het zal ermee te maken hebben dat zowel mijn oom Max als mijn oom Hans in een concentratiekamp zijn omgekomen – net als mijn tante Roosje trouwens. Dat drukte een zwaar stempel op mijn jeugd. Op vakantie naar Italië namen we de Autobahn, maar we sliepen liever niet in een Duits hotel. Wat was het altijd weer een opluchting als we Basel hadden bereikt!

De woonkamer liep in het weekend vol kennissen van mijn ouders die de oorlog hadden overleefd en nooit meer zaken met Duitsland wilden doen. Helaas zaten ze in branches als de textiel- en speelgoedhandel die in de jaren vijftig net zo op de oosterburen waren aangewezen als de ABN Amro nu op de Britten en Chinezen. Dus werd met tegenzin de gang gemaakt naar de Frankfurter Messe en de speelgoedbeurs in Neurenberg. Je moest toch ergens van leven!

Gaandeweg veranderden de verhoudingen. Oom Han en tante Eefje gingen als eersten op vakantie naar het Sauerland en het Schwarzwald. Daar werd in de familie nog schande van gesproken. Nicht Liny trouwde met Helmut die alles van de verrichtingen van de Fussbalnationalmannschaft wist. Hij had in de oorlog bij de marine gezeten, maar het was een lieve man. Langzaam leerde je te accepteren dat alle Menschen Brüder waren.

Nu zit ik aan de oever van de rivier de Spree deze column te tikken. Met uitzicht op de Berliner Dom en de restanten van het Palast der Republik, een Oost-Duits volkspaleis dat wordt afgebroken om plaats te maken voor het Stadtschloss dat er ook in de keizertijd al stond.

Via mijn laptop volg ik de politieke ontwikkelingen in Nederland en ik ben blij dat ik Berlijn ben. Wat een leuke stad is dit! Wat herinnert hier veel aan het Amsterdam van de open en tolerante jaren zeventig! De kraakpanden in de Oranienburgerstrasse die nu als galerie zijn ingericht, de whiskybars die geen sluitingstijden kennen, het bouwvallige postkantoor waar je tot diep in de nacht kunt dansen. Berlijn is wat je vroeger een progressieve stad noemde: een levendige homoscene, feministische boekhandeltjes, een actieve milieubeweging die ervoor heeft gezorgd dat het autoverkeer wordt teruggedrongen en overal fietspaden.

En wie – zoals ik – in de zwarte bladzijden van de geschiedenis is geïnteresseerd, kan zijn hart ophalen: een Joods Museum, een Holocaustmonument, een tentoonstelling op de plaats waar het Gestapo-hoofdkwartier gevestigd was, gedenkstenen voor iedereen die het slachtoffer werd van reactionaire militairen, nationaal-socialisten en de rode potentaten van de DDR. Ze duiken op de meest onverwachte plaatsen op.

Bijvoorbeeld op de Potsdamer Platz, druk verkeerspunt in het keizerrijk, niemandsland tijdens de Koude Oorlog, nu volgebouwd met wolkenkrabbers waar Man­hat­tan nog een puntje aan kan zuigen. Halverwege het Sony Center en het hoofdkantoor van DaimlerChrysler hangt een plaquette: ‘Von dieser Stelle aus rief Karl Liebknecht am 1.Mai 1916 zum Kampf gegen den imperialistischen Krieg und für den Frieden auf.’

Op de Schlossplatz staat weer een andere tekst: ‘Unvergessen die mutigen Taten und die Standhaftigkeit der von dem Jung­kommunisten Herbert Baum geleiteten antifaschistischen Widerstandsgruppen.’ Vlak om de hoek is het DDR-museum dat de wandaden van Walter Ulbricht, Erich Honecker en hun Vopo’s voor vergetelheid behoedt.

Op het terras van een pizzeria in Prenslauer Berg eet ik dorado met Werner, een Duitse weekbladcollega die vaak in Nederland op reportage is geweest. Ik praat hem bij over de ontwikkelingen bij ons: Wouter Bos die tijdens een debat met Joost Zwagerman afstand nam van de multiculturele samenleving en zijn spijt betuigde over de manier waarop de PvdA het normen- en waardenoffensief van Jan Peter Balkenende jarenlang had geridiculiseerd. Ella Vogelaar die zich de woede van de gewone man op de hals haalde met haar constatering dat Nederland over dertig jaar een christelijk-joods-islamitische cultuur zou kennen. Ex-moslim Ehsan Jami die op straat werd afgetuigd. Geert Wilders die prompt reageerde met een oproep om de Koran te verbieden (‘Dat boek is de islamitische versie van Mein Kampf’).

Werner is verbaasd. Duitsland kent ook een christelijk-sociale coalitie, maar de politieke issues die spelen, verschillen hemelsbreed van die in Nederland.

De treinmachinisten zijn in staking voor hoger loon. Vakcentrale DGB eist dat aan iedereen het wettelijk minimumloon wordt uitbetaald. Behalve een enkele rechtse extremist vraagt niemand om een verbod van de Koran. Werner is verbijsterd dat zelfs Wouter Bos de multiculturele samenleving en de liberale en anti-autoritaire traditie van Nederland niet meer verdedigt:
‘Heeft-ie Zwagerman tijdens dat debat echt gelijk gegeven? Ik kan het bijna niet geloven.’

In de Wilhelmstrasse hangt een poster: een Turkse politieagent helpt een oud Duits vrouwtje de straat over te steken. ‘Voor veiligheid zorgen heeft niets met je afkomst te maken,’ staat eronder. Zo kan het kennelijk ook. Kan ik niet beter in ballingschap gaan in Berlijn?