VN MediagidsIn memoriam Hans Dijkstal
Het laatste bezoek, bij hem thuis, maakte een verpletterende indruk op me. Hans zat naar het vragenuurtje in de Kamer op tv te kijken, want politiek was zijn lust en zijn leven. Alleen jazz vond hij nog belangrijker. Bovenop de botkanker waaraan hij leed, was een kaakinfectie gekomen die hem het spreken vrijwel onmogelijk maakte. Toch hebben we nog anderhalf uur gepraat.
Over het paarse kabinet dat hij mede had mogelijk gemaakt en waarop hij zo trots was. Over de verkiezingscampagne van 2002 die hij als VVD-lijsttrekker verloor van de LPF. Over zijn weerzin tegen de adviezen die hij van partijgenoten had gekregen: je moet in Jip en Janneke-taal spreken, Hans, anders begrijpen de kiezers je niet. Over de populistische koers die de VVD in zijn ogen ging varen: Gerrit Zalm distantieerde zich uit puur opportunisme van Paars, Frank de Grave haalde de hardvochtige Rita Verdonk de politiek binnen, Jozias van Aartsen gaf moslimvreter Geert Wilders tijden lang de vrije hand. Hans kon zich daar wild aan ergeren.
Zoals hij ook een stevige hekel had gekregen aan de journalisten die eerst Wim Kok en hem het hof maakten, toen als makke schapen achter Fortuyn aanliepen en nu alleen nog interesse hadden voor vragen als: 'Meneer Wilders, wanneer komt uw volgende film over de islam uit?' De oppervlakkige beeldcultuur en de mannetjesmakerij hadden het volgens hem gewonnen van de inhoud.
Denk je dat we kans maken op een derde paars kabinet, vroeg hij voordat hij moest gaan rusten. Die kans is na 9 juni niet eens zo klein. Maar dat heeft hij niet meer mogen meemaken. Hans Dijkstal stierf als een verbitterd man, maar zijn humor en relativeringsvermogen maakten veel goed. 'We hielden van je,' zei ik pathetisch bij het afscheid. Zelden heb ik die woorden zo serieus gemeend.
