VN MediagidsHire and fire

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Politiek 03.07.2007

Door Max van Weezel

‘Ouderen zijn net zo productief,’ lees ik tot mijn genoegen in Trouw. Het christelijk-sociale dagblad schrijft al een paar weken over de babyboomers die door werkgevers worden geweerd. En dan gaat het niet meer alleen om de generatie die de communistische staatsgreep in Tsjechoslowakije, de Zeeuwse watersnoodramp en de opkomst van Elvis Presley nog heeft meegemaakt. Iedereen die voor 1962 is geboren, krijgt van het CWI (het voormalige arbeidsbureau) te horen dat hij moeilijk bemiddelbaar is. ‘Zo ren je van de ene naar de andere meeting, zo maak je overdag alleen nog maar een praatje met de buurvrouw die ook net de hond uitlaat,’ klaagt Jos van Valen die na drieëndertig jaar bij Philips opeens op de keien stond: ‘Men zat niet op mij te wachten, ik was overgekwalificeerd.’

Peter Stoks van het CWI verzekert dat zijn instantie mensen van 45 niet als oud beschouwt: ‘Maar op de arbeidsmarkt zijn ze dat kennelijk wel.’ Zo is het niet alleen in Nederland. Trouw citeert Birgit Linke, landbouwkundig ingenieur uit het voormalige Oost-Duitsland en nu 54. Ze vervult nog alleen tijdelijke baantjes. De economie trekt aan, maar de werkgevers slaan leden van haar generatie liever over: ‘Ten onrechte leggen ze een voorkeur voor jonge sollicitanten aan de dag. Liever 25 jaar oud dan 25 jaar ervaring, lijken ze te denken.’ Anne-Marie Leroux uit Parijs heeft haar hoop op een carrière in de telemarketing opgegeven. ‘Werkgevers willen zich graag profileren met een fris en dynamisch imago. Ouderen passen daar niet in. Ze zetten liever jonge meisjes achter de telefoon of de balie; jammer dan als die nauwelijks ervaring hebben.’ Nederland steekt bij zulke landen slecht af, meldt Trouw. ‘In recent Oeso-onderzoek naar de kansen van oudere werknemers staat Nederland na België op de laatste plaats. Veertig procent van de werkgevers neemt beslist geen ouderen in dienst, zelfs niet wanneer sprake is van een personeelsgebrek.’

Het komt me bekend voor. Bijna geen etentje gaat voorbij of een van mijn vrienden vertelt over mislukte sollicitatiegesprekken. Ze zijn wegbezuinigd bij de omroep, haalden bij een pr-bureau net de laatste ronde van de procedure niet. Ze konden in het hoger onderwijs als docent media terecht maar alleen tegen vergoeding van de reiskosten. Werkgevers prezen hun lange staat van dienst en hun bereidheid zich knoerthard in te zetten. Maar ze waren te oud en te duur, of te zwaar voor de functie die werd aangeboden. Kortom: ‘U bent niet wie we zoeken.’ De vrienden in kwestie zijn tussen de 45 en 55 jaar oud.

Het kabinet meent een manier te hebben gevonden om de babyboomers weer aan de slag te krijgen: de versoepeling van het ontslagrecht. Maak het de werkgevers makkelijker om ouderen te ontslaan en ze zullen ook eerder ouderen aannemen, luidt de redenering. Zo werkt het in Amerika ook. Een modern bedrijf voert een beleid van hire and fire: neem alleen mensen in dienst die je met gemak ook weer kunt lozen.

Zelf twijfel ik zeer aan die redenering. Op dit moment kunnen werkgevers ook van hun oude getrouwen af, maar dan moeten ze wel eerst langs de kantonrechter. Die gelast in de regel dat een gouden handdruk moet worden meegegeven: voor elk gewerkt jaar minimaal een maand salaris. Dat is slecht voor de mobiliteit op de arbeidsmarkt, vinden Bernard Wientjes van VNO-NCW, Loek Hermans van MKB Nederland en in navolging van hen ook minister Donner. Maar klopt dat? Door versoepeling van het ontslagrecht zullen bedrijven eerder afscheid nemen van hun senioren. Zonder zekerheid dat andere werkgevers de ongelukkigen de helpende hand reiken. Als Trouw gelijk heeft, leiden de plannen van Donner tot grote sociale misère onder 45-plussers.

Opmerkelijk is de houding van PvdA-leider Bos. Vorig jaar zei hij tijdens een lezing voor topeconomen dat versoepeling van het ontslagrecht voor hem geen taboe was. In het verkiezingsprogramma ‘Samen sterker’ stond het tegenovergestelde: ‘We tornen niet aan het ontslagrecht.’ Tijdens de campagne attaqueerde Bos het CDA, dat de mogelijkheid van een soepeler ontslagrecht wél aan het Centraal Planbureau had voorgelegd. Dat kwam hem op de beroemde uitval van Jan Peter Balkenende te staan: ‘U draait en bent oneerlijk.’ Bij de formatie bedong Bos dat aan het ontslagrecht alleen mocht worden getornd met instemming van de vakbeweging.

Vandaar dat Donner op de Participatietop niet met concrete voorstellen durfde te komen. Maar op het Politiek Forum van de PvdA in Den Bosch trok de vice-premier fel van leer tegen de ’exorbitante ontslagvergoedingen’ in Nederland. Wil de echte Wouter Bos opstaan?

Het kabinet lijkt te denken aan maximering van de ontslagvergoeding. Ontslagen werknemers krijgen hoogstens een ton mee – minder dan waar velen van hen nu op kunnen rekenen. De werkgevers zullen dat bedrag graag betalen als ze daarmee van hun veteranen afkomen. Voor één keer ben ik het eens met FNV-voorzitter Agnes Jongerius: ‘Handen af van het ontslagrecht.’