VN MediagidsWall Street zijn we zelf
De crisis in de financiële wereld veroorzaakt bij menigeen kortsluiting in het brein. Zelfs verstandige mensen als Herman Wijffels, Willem Buiter en Wouter Bos komen ineens tot behoorlijk maffe uitspraken.
In de stroom nieuwsanalyses vallen drie hoofddwalingen te onderkennen:
1) In de zoektocht naar de schuldigen, wordt vergeten dat het hier om uitwassen gaat van een systeem waaraan de wereld zijn welvaart dankt.
2) In de pogingen de oorzaken van de crisis bloot te leggen, ligt de nadruk eenzijdig op het Amerikaanse neoliberalisme, met zijn marktdenken en laissez faire-politiek.
3) De kredietcrisis wordt ten onrechte grootse revolutionaire kwaliteiten toegedicht. Zo zou de crisis het einde inluiden van ‘een unipolaire wereldorde’ (Herman Wijffels) ‘het kapitalisme zoals we het kennen’ (Willem Buiter) en ‘de hebzucht’ (Wouter Bos).
Wat betreft het eerste punt – de zoektocht naar de schuldigen – illustreert de kredietcrisis de wetten van de groepsdynamica. Het is ‘wij’ versus ‘zij’. In de Verenigde Staten wijst de gewone man – ‘Main Street’ – naar de bankiers op Wall Street. Europa wijst naar de kredietverslaafde Amerikanen. Het is niet onze ‘schuld’, maar de hunne.
Dat beeld is onjuist. Sommigen hebben meer schuld dan anderen, maar schuld(en) hebben we allemaal. De westerse welvaart bestaat nu eenmaal dankzij de mogelijkheid te kapitaliseren op bestaand vermogen. De nu zo boze Amerikaanse burgers wilden zelf graag goedkoop geld lenen voor hun huizen. Europa, dat met enig leedvermaak de ondergang van het ‘Wall Street-kapitalisme’ viert, was altijd bereid om, hopend op hoge rendementen, de financiële waaghalzerij in New York van middelen te voorzien. En terwijl we hoofdschuddend kijken naar de oplopende staatschuld van de Verenigde Staten, kopen onze eigen pensioenfondsen er nog wat Amerikaanse staatsobligaties bij.
Elke vermogende wereldburger heeft boter op zijn hoofd. Het verschil tussen de topbankiers van Lehman, die met creatieve constructies hun concurrenten aftroefden, en de Nederlandse burger, die met aandelen World Online, Legiolease of een woekerpolis, het beter probeert te doen dan de buurman, is minder groot dan het lijkt. In wezen zijn we allemaal een beetje Wall Street-bankiers.
Het denken over de oorzaken van de kredietcrisis wordt geplaagd door dezelfde wens om de verschillen tussen ‘ons systeem’ en ‘hun systeem’ uit te vergroten. ‘Zij’ zijn dan de roekeloze neoliberale marktdenkers, ‘wij’ de verstandige socialistische overheidsaanhangers. En de markt zou de kredietcrisis hebben veroorzaakt. Ook dit beeld behoeft enige correctie. Het is immers de Amerikaanse overheid geweest die de markt heeft verpest door telkens als er problemen waren met renteverlagingen te komen. Net als de dotcomcrisis, danken we de kredietcrisis niet enkel aan de markt, maar evenzeer aan overheidsinterventies.
Dan de revolutionaire potentie van de crisis. Vooraanstaande figuren hebben er hoge verwachtingen van. Opnieuw ten onrechte. De kredietcrisis is niet het einde van het kapitalisme, daarvoor is de welvaart van het Westen, en van alle andere wereldburgers met vermogen, er te zeer van afhankelijk. Krediet en vrij verkeer van kapitaal vormen de dobber waarop de wereldeconomie drijft. Ook is het niet het einde van de Amerikaanse hegemonie. Dat de Amerikaanse banken nu geholpen worden door Japanse concurrenten en vermogende oliesjeiks, en minister van Financiën Paulson bij het buitenland aanklopt om zijn reddingsplan te financieren, heeft minder invloed dan menigeen hoopt.
De Amerikaanse staatsschuld wordt al voor een groot deel gedragen door buitenlandse schouders (zie grafiek) en de rente op Amerikaanse staatsobligaties is relatief laag (3,8 procent). De Verenigde Staten zijn dus vooralsnog een kredietwaardig en machtig land, dat niet door de kredietcrisis van de kaart zal worden geveegd.
De kredietcrisis is een serieus probleem, waar de financiële wereld veel van kan leren en waarvan de gevolgen nog lang voelbaar zullen zijn. Niet alleen in de VS, maar in de hele wereld. Juist omdat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten en het bootje op zwaar weer afstevent, hebben we meer aan nuchterheid dan aan verwijten en grootse profetieën.
