VN MediagidsKinderen minderen

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Economie / Milieu 08.11.2008

Door Kees Kraaijeveld

Afbeelding bij Kinderen minderen

Het WNF suggereert ten onrechte dat de ecologische voetafdruk van de Nederlander steeds groter wordt. De nadruk op consuminderen leidt af van het echte probleem: de bevolkingsgroei.

Dat het Wereld Natuur Fonds (WNF) de kluit heeft bedonderd, is net iets te scherp gesteld, maar de natuurbeschermers hebben ons vorige week wel collectief op het verkeerde been gezet. Nederlanders consumeren er maar op los, concludeerde het WNF bij de publicatie van de eerste Nederlandse editie van het Living Planet Report. We gebruiken te veel energie, we rijden te veel auto en we eten te veel vlees.

Al met al hebben we intussen twee wereldbollen nodig, als we de wereldbevolking op het consumptieniveau van de gemiddelde Nederlander zouden brengen. Door de consumptiezucht blijft onze ecologische voetafdruk maar groeien, luidde de boodschap. Het ging erin als koek. 'Laat de auto staan of eet een dag in de week geen vlees,' adviseerde fractievoorzitter Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren. 'De voetafdruk van kaas is net zo groot als die van vlees,' vulde Sacha de Boer aan in het NOS Journaal, om ook de al vegetarische Nederlanders nog even te waarschuwen.

Nu is er niets op tegen dat een belangenorganisatie zijn boodschap wat chargeert, maar suggereren dat de ecologische voetafdruk van de gemiddelde Nederlander groeit, gaat te ver. Dat is namelijk domweg niet waar. Door de waarheid te verzwijgen, verdoezelt het WNF bovendien het echte probleem en doet het afbreuk aan de voetafdrukmethode, die juist poogt zo transparant mogelijk in kaart te brengen hoe de mensheid de ecosystemen van de aarde uitwoont.

De ecologische voetafdruk is begin jaren negentig bedacht om uit te rekenen hoe groot de druk van de mens is op de natuur. De vraagkant wordt met de voetafdrukmethode vertaald in het aantal hectaren dat nodig is om te voorzien in de consumptieve behoeften van een persoon, een land, of de mensheid als geheel - nodig voor energieproductie, landbouw, infrastructuur en het opnemen van afval. Zo heeft de gemiddelde Nederlander nu 4,4 hectare nodig. De aanbodkant betreft de beschikbare ruimte, de biocapaciteit. De biocapaciteit van de aarde bedraagt nu 2,1 hectare per persoon, zo heeft het Global Footprint Network voor het WNF-rapport uitgerekend.

De conclusie dat we de aarde te intensief gebruiken, klopt, maar het WNF vraagt zich onvoldoende af wat de oorzaak is. Wordt de geconstateerde ecologische druk nu veroorzaakt door de gestegen consumptie, of door de daling van het aantal beschikbare hectaren per wereldbewoner?

Het is dus het laatste. Op de website van het Global Footprint Network staat bovenstaande grafiek, die het WNF wegliet uit de Nederlandse editie van het Living Planet Report. Ze laat zien dat het consumptiepatroon van de gemiddelde Nederlander de laatste jaren is gedaald, niet gestegen.
De ruim vier hectare die we nu nodig hebben, gebruikten we in de jaren tachtig ook al. Het grote verschil met toen zit hem aan de aanbodkant. In 1961 waren we met 3 miljard wereldburgers, nu met ruim 6,5 miljard. De beschikbare biocapaciteit per persoon is hierdoor gehalveerd van 4,2 hectare toen, tot 2,1 hectare nu. Het probleem zit hem dus niet primair in de groei van de consumptie (die is in Nederland juist afgenomen en groeit wereldwijd nauwelijks), het hoofdprobleem is de bevolkingsgroei.

Door de verkeerde probleemanalyse stelt het WNF ook verkeerde prioriteiten bij de in het rapport aangedragen oplossingen. Gerichte bevolkingpolitiek moet topprioriteit zijn. We moeten minder autorijden en minder vlees eten, maar vooral minder kinderen krijgen, en dit geldt nog sterker voor de ontwikkelingslanden.

Vanuit het besef dat het redden van bedreigde diersoorten alles te maken heeft met het inperken van de voortplanting van de meest bedreigende diersoort, moet het WNF dus niet alleen aan tafel met de minister van Milieu, maar vooral met de minister van Ontwikkelingssamenwerking. Inperken van de bevolkingsgroei in de ontwikkelingslanden kan immers alleen via de bekende drieslag van welvaartsgroei, onderwijs en vrouwenemancipatie. Alleen dan gaat het WNF werkelijk de strijd aan met de ecologische uitputting van de aarde. De boodschap moet voortaan zijn: consuminderen, maar vooral minder kinderen