VN MediagidsHet kwartje van Camiel

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Economie 21.04.2009

Door Kees Kraaijeveld

Arme Camiel Eurlings. De verkeersminister kreeg een golf van kritiek over zich heen vanwege het uitstel van zijn – met bravoure aangekondigde – kilometerheffing. Eurlings verdient echter een pluim; de minister houdt oog voor de complexiteit en de risico’s van het plan.

Anders dan de SP, VVD en PVV het graag hadden gezien, betekent het uitstel nog geen afstel. Daar­voor is het kilometerprijsplan, in ambtenarenjargon ‘An­ders betalen voor mobiliteit’ geheten, op papier ook te fraai. En heeft het te veel geschiedenis. Al twintig jaar broeden ambtenaren op een manier om weggebruikers te laten betalen voor hun specifieke weggebruik. Vóór Eur­lings hebben al vijf ministers het hoofd gebroken over tolpoortjes, passageheffingen en talloze andere vormen van rekeningrijden. Met het voortschrijden van de techniek zijn de plannen steeds mooier geworden.

Het systeem waar Eur­lings nu aan werkt, volgt de bewegingen van alle acht miljoen auto’s en tweehonderdduizend vrachtwagens in Ne­der­land per satelliet. Zo kan de overheid de prijs van een gereden kilometer laten variëren afhankelijk van de plaats (dure ringweg, goedkoper bosweggetje), de tijd (dure spits, goedkoper weekeinde) en het soort auto (benzineslurpende Hum­mer of zuinige Prius). Zo’n verfijnd instrument is de natte droom van elke beleidsmaker – en voor politici. De kilometerheffing, ooit bedoeld om files tegen te gaan, dient nu ook andere politieke doelen, waaronder het terugdringen van luchtvervuiling, geluidsoverlast en onzuinige auto’s. In Eur­lings’ variant worden de ‘vaste’ heffingen op motorvoertuigen (de aanschafbelasting bpm en de motorrijtuigenbelasting) verrekend in de kilometerprijs, waardoor de autobelasting groener, doeltreffender en rechtvaardiger wordt. Het welvaartseffect van specifieke heffingen is het hoogst, zo leert een economische analyse van de mogelijke vormen van prijsbeleid voor het wegverkeer van het Cen­traal Plan­bureau (CPB). Eurlings’ plan is prachtig, in theorie.

Maar in de praktijk is het een crime. Als u zelf enig idee wilt krijgen van de complexiteit van het sys­teem, lees dan de voortgangsrapportage die Eurlings deze maand naar de Tweede Ka­mer stuurde. Alle motorvoertuigen moeten een satellietontvangertje krijgen ingebouwd, de specifieke prijzen van wegdelen, tijdstippen en autotypen moeten worden berekend, alle weggebruikers moeten facturen krijgen thuisgestuurd (foutloze, omdat er geen verweer mogelijk is). Dit alles, en meer, moet worden uitgevoerd door private partijen die via aanbestedingsprocedures zullen worden geselecteerd. De kosten van het opzetten en uitvoeren van dit systeem zijn tot 2020 geraamd op 5,8 miljard euro. Ki­lo­me­ter­be­prij­zing is ingewikkeld, riskant, duur en praktisch onuitvoerbaar. En al wil Eur­lings er nog niet aan, zijn vijf voorgangers hebben het onlangs toegegeven. De ex-verkeersministers Kroes, Maij-Weg­gen, Ne­te­len­bos, Jorrits­ma en Peijs, die allemaal hebben geprobeerd wat Eur­lings nu poogt, droegen eind vorig jaar in het Ne­der­lands Dagblad unaniem de kilometerheffing ten grave.

Als het niet werkt wat je doet, ga dan iets anders doen. Deze wijze les zou Eurlings na twee decennia sleuren ter harte moeten nemen. Er zijn immers alternatieven. In plaats van naar de specifieke heffing zou de minister kunnen kijken naar de zogeheten vlakke heffingen, waarbij weggebruikers een vast tarief betalen voor elke kilometer. Vlakke heffingen zijn minder effectief dan specifieke als het aankomt op filebestrijding, maar zijn beter voor het milieu, zo blijkt uit de eerder genoemde analyse van het CPB. Het totale welvaartseffect van vlakke heffingen ligt maar net iets lager dan van de specifieke varianten. Hier­bij komt dat de eenvoudigste en goedkoopste manier om een – vlakke – kilometerheffing te realiseren al bestaat: de accijns op brandstof. Het is natuurlijk politiek lastig voor de man die het kwartje van Kok aan de mensen terug wilde geven, maar het omzetten van de huidige motorrijtuigenbelasting en de bpm in een verhoging van de brandstofaccijns is geen slecht idee. Door de brandstof extra te belasten, blijft het principe dat de vervuiler betaalt overeind. Ver­ho­ging van de accijns mag minder effectief zijn bij het bestrijden van files, het helpt wel degelijk, zo hebben we vorig jaar gemerkt toen de olieprijs recordhoogte bereikte. ‘Het kwartje van Camiel’ is het overdenken waard.