VN MediagidsDe waarde van hoop (2)

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Economie / Barack Obama 19.05.2009

Door Kees Kraaijeveld

Kan hoop de economie doen herleven? Deze vraag hebben we hier al eerder aan de orde gesteld.

President Obama had net zijn eed afgelegd. Vrijwel alle economische indicatoren stonden op zwaar weer. Een eventueel positief Obama-effect op de economie was van de man zelf niet te verwachten, noch van zijn maatregelen. Als er al een positieve werking zou zijn, dan zou dit samenhangen met Obama als mythe, met het zelfvervullend effect van zijn hoopvolle boodschap.

Nu zijn we vier maanden verder. Obama heeft zijn taak tijdens de eerste magische honderd dagen glansrijk vervuld. Ja, Nobelprijswinnende economen als Krugman en Stiglitz bekritiseren zijn economische maatregelen (want die sorteren geen effect). Niettemin gelooft tweederde van de Amerikaanse consumenten dat Obama de grootste economie ter wereld weer op de rails zal krijgen.

Er zijn kanttekeningen te plaatsen bij deze wisdom of crowds. Daarover zo meer. Laten we eerst eens kijken welke hoop er gloort aan de economische horizon.

Allereerst kunnen we vaststellen dat sinds Obama het Witte Huis bewoont, het consumentenvertrouwen in de VS fors is gestegen. De hoopcampagne lijkt louterend effect te hebben op het sentiment van de Amerikaanse consument, zo blijkt uit de US Michigan Consumer Sentiment Index. Het volksgevoel vertaalt zich ook in klinkende munt. Op de beursvloer schieten de koersen omhoog als op hol geslagen achtbaankarretjes. De toonaangevende Amerikaanse beursindex Dow Jones is de afgelopen twee maanden met vijfentwintig procent gestegen. Terwijl de dollars op Wall Street tot voor kort alleen maar verdampten, zijn er intussen weer vele miljarden neer aan het slaan. Beleggers durven weer en zijn hoopvol wat betreft de toekomstige winstgevendheid van het Amerikaanse bedrijfsleven.

De hamvraag hierbij luidt: is dit terecht en heeft de economische recessie de donkerste dagen achter de rug, of gaat het hier om effectieve, maar valse hoop? Voor beide scenario’s valt wat te zeggen.

Eerst het valse-hoopscenario. Voortijdige oplevingen van consumentenvertrouwen en beurskoersen kennen we van eerdere recessies. Tijdens de grote depressie (1929-1932) schoot de beurs zesmaal juichend omhoog, met een gemiddelde stijging van zevenenveertig procent, zo bracht de Britse zakenkrant Financial Times vorige week nog fijntjes in herinnering. Sucker’s rallies, noemen de Britten dit. De naïeve suckers onder de beleggers zouden, moe van al het slechte nieuws en hopend op een lucratief ‘instapmoment’, te vroeg gaan geloven in een definitief herstel van de economie. Terwijl het ergste nog moet komen: door de oplopende werkloosheid zullen nog meer mensen in de betalingsproblemen komen, met alle gevolgen van dien voor de consumentenbestedingen, de huizenmarkt, de creditkaartmaatschappijen en de banken. De hoopvolle Amerikaanse consumenten zouden we in dit zwartgallige scenario moeten bestempelen als suckers for Obama.

Het andere scenario is dat het dieptepunt van de recessie al achter ons ligt. Niet alleen de Amerikaanse crowds geloven dit, maar intussen ook deskundigen als Han de Jong (ABN Amro) en Jan Fransoo (TU Eindhoven).

Het aardige van dit optimistische scenario is dat hoop en vertrouwen er essentiële onderdelen van zijn. Vanwege wantrouwen ging de geldkraan dicht, gingen bedrijven op de centen letten en bouwden ze radicaal hun voorraden af om hun eigen kaspositie te verbeteren. Dit veroorzaakte de acute vraaguitval en de plotselinge krimp van de economie. De crisis was een feit.

Als wantrouwen zo’n ingrijpend effect kan hebben, dan kunnen hoop en vertrouwen dit ook, zo redeneren de optimisten nu. Net zo snel als het bedrijfsleven zijn orders heeft geannuleerd, zo snel kan het weer beginnen met bestellen. En dan zou de recessie zomaar weer achter de rug kunnen zijn.

Er is hoop, dat staat vast. En dat deze hoop waarde heeft, is momenteel ook niet te ontkennen. Of ze op termijn vals zal blijken, valt te bezien. Wordt vervolgd.