VN MediagidsTe saaie vragen aan de werknemer
Economie / arbeidsmarkt 12.05.2007
U mag tien vragen stellen aan de Nederlandse werknemer. Kosten noch moeite worden gespaard om harde antwoorden te krijgen, want we gaan vierentwintigduizend werknemers ondervragen, zodat de antwoorden niet alleen geldig zijn voor het totaal, maar ook voor alle sectoren, geslachten en leeftijdsgroepen. Welke vragen wilt u stellen?
Terwijl u daar even over nadenkt, kan ik u vertellen hoe het ministerie van Sociale Zaken het ziet. De club van minister Donner heeft dit onderzoek namelijk echt uitgezet. Vinger aan de pols van werkend Nederland heet de jongste aflevering van de jaarlijkse Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden. Het onderzoek wordt uitgevoerd door TNO en het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Het feit dat uit het onderzoek is gehaald om er een kop van te maken, is de – blijkbaar – veranderende opvatting van de Nederlandse werknemer ten aanzien van de uittreedleeftijd. Het percentage mensen dat aangeeft tot zijn vijfenzestigste te willen doorwerken, staat in de jongste aflevering op 26,5, terwijl in 2005 nog maar 21 procent de werkbeker geheel wenste leeg te drinken. De brede publieke discussie over vergrijzing begint blijkbaar vruchten af te werpen en dat is – inderdaad – interessant.
Maar overigens viel me, al – elektronisch – bladerend (op www.tno.nl), vooral op hoe saai de Nationale Enquête wel niet is. De Nederlandse werknemer werkt een paar uur per week over – oké dan. Hij is een beetje flexibel als het gaat om contracten, maar eigenlijk alleen als hij jong is – oud nieuws. Hij doet vooral in de bouw en de industrie wel eens zwaar of gevaarlijk werk – dat haalt je de koekoek. Hij geeft een dikke twee (op een schaal tot vier) als het gaat om werkdruk – en is dus gewoon lekker aan de slag, wat hem er niet van weerhoudt vooral maatregelen te wensen tegen stress en werkdruk. Als hij zich ziek meldt, komt dat ook wel eens door zijn werk – uiteraard, zou je zeggen. De enige frons op het voorhoofd verscheen bij intimidatie (zie grafiek): daar heeft een op de vier werknemers mee te maken, al is het maar een enkele keer, en dat is wel erg veel – houden we het wel een beetje gezellig op de werkvloer?
Hoe kan de ‘vinger aan de pols van werkend Nederland’ nou zo’n regelmatige en lage hartslag laten zien? Door de vragen natuurlijk. TNO vraagt Louis van Gaal na het verloren landskampioenschap of hij ’s ochtends goed ontbeten heeft (op een schaal van een tot vier) en rapporteert keurig over het antwoord.
U zou dat vast anders doen. Om te beginnen zou u zeer geïnteresseerd zijn in de mate van bevrediging die mensen halen uit hun werk. Of ze, alles bij elkaar genomen, inclusief de werkdruk en de overuren, gelukkig worden van hun werk. Werkplezier immers, is de uiteindelijke toetssteen voor de polsslag van werkend Nederland.
U zou ook zeker niet vergeten vragen te stellen over de ontwikkeling van de emancipatie van de werknemer. Stellen werknemers vooral hun werkgever verantwoordelijk voor hun eigen ontwikkeling en hun toekomstige loopbaan, of verschuift de verantwoordelijkheid naar zichzelf? En wat doen ze daar dan aan? Hoeveel mensen hebben bijvoorbeeld de afgelopen tijd een opleiding gevolgd om zo hun menselijk kapitaal te onderhouden of uit te breiden? Zijn er al veel werknemers die een eigen leeftijdsbewust personeelsbeleid voeren, en dus nadenken over verandering van beroep gedurende hun werkzame leven? En wordt daar dan in de sectoren met veel zwaar en risicovol werk, zoals de bouw en industrie, harder en vaker over nagedacht dan in andere sectoren? Hebben mensen een oordeel over de levensvatbaarheid van de sector waar ze in werken? En handelen ze daar dan ook naar? Zijn ze in staat en toegerust om in een andere sector aan de slag te gaan?
U zou, vermoed ik, ook zeker vragen naar de verhouding tussen ondernemer- en werknemerschap. Als de polsslag van werkend Nederland nu ergens sneller van gaat kloppen dan is dat het wel. Het aantal startende ondernemers is sinds 2003 jaarlijks met tienduizend toegenomen, meldde de Kamer van Koophandel vorige week, om in 2006 uit te komen op negentigduizend, twee voetbalstadions vol. Wat duwt mensen het werknemerschap uit; en wat trekt hen zo aan in het ondernemerschap?
U zou hartstikke leuke vragen stellen waarop ik het antwoord graag zou willen weten. ‘Het kampioenschap verkwanseld,’ zegt u
tegen Van Gaal, bij wijze van stellende vraag. En als hij niet reageert: ‘Alkmaar huilt.’ Zo hou je de vinger echt aan de pols.
