VN MediagidsHet gokbeleid deugt niet

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Economie 11.05.2010

Door Frank Kalshoven

Om nuttige dingen voor de gemeenschap te kunnen doen, moet de overheid eerst belasting heffen. Een van die bronnen van overheidsinkomen is de kansspelbelasting, en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) meldde vorige week dat de opbrengst hiervan - crisis of geen crisis - flink stijgt. Werd in 2005 minder dan 200 miljoen euro opgehaald, vorig jaar was de opbrengt ruimschoots verdubbeld tot 450 miljoen euro.

Hoe kan dat? Gokken we meer? En waarom belast de overheid dit ongewenste gedrag in plaats van het te verbieden? Hoe kan de belastingopbrengst oplopen terwijl het gokken verschuift naar internet? Ofwel: van die kleine berichtjes zetten een mens aan het denken. De conclusie moet straks luiden: het gokbeleid deugt niet.

Om te beginnen zijn er de feiten - voor zover het CBS die registreert dan. De groei van de belastinginkomsten is vooral het gevolg van wijzigingen in de wetgeving. Ten eerste is het tarief van de gokbelasting in 2006 verhoogd van 25 tot 29 procent. Ten tweede vallen sinds juli 2008 ook gokautomaten onder de kansspelbelasting (29 procent dus), terwijl voorheen omzetbelasting (19 procent) geheven werd. De combinatie van een bredere grondslag en een hoger tarief verklaart een groot deel van de stijging van de kansspelbelastinginkomsten.

Daarnaast wordt er simpelweg meer gegokt. De belastingopbrengst van het spelen in een casino, het deelnemen aan loterijen, bingo's en televisiequizzen is de laatste jaren sterk toegenomen. Al drie jaar achtereen stijgt de opbrengst met circa dertig procent, meldt het CBS. Deze groei is dus veel hoger dan de inkomstentoename die veroorzaakt wordt door de tariefsverhoging.

- De opkomst van spelen via internet is spectaculair

De toename van het gokken is hoger dan uit deze cijfers blijkt. De opkomst van spelen via internet - vooral poker - is spectaculair. En we mogen rustig aannemen dat de belastinginkomsten van de Nederlandse staat over kansspelen op internet de nul niet of nauwelijks te boven gaan. De aanbieders van dit type diensten kiezen hun officiële vestigingsplaats met zorg, stel ik me zo voor, waarbij het niet veel moeite zal kosten een land te vinden zonder kansspelbelasting.

Het gokken neemt dus toe, en dat zou aanleiding moeten zijn om nog eens na te denken over de rol die de overheid hierin speelt. Bij andere 'ongewenste' consumptie - zoals alcoholgebruik en roken - treedt de overheid op drie manieren op. Ten eerste is het maken van reclame aan banden gelegd. Ten tweede wordt strafbelasting geheven (in de vorm van accijns). Ten derde is het aantal 'consumptieplekken' gereguleerd. Overigens zijn het private aanbieders die de alcohol en de sigaretten op de markt brengen.

Bij gokken handelt de overheid heel anders. De overheid is niet alleen zelf aanbieder van gokdiensten (via casino's en de staatsloterij), maar maakt voor die activiteiten ook op grote schaal reclame. Kom lekker naar het staatscasino voor een avondje uit. Koop nu snel een lot voor de staatsloterij, anders mist u uw kans op een grote hoeveelheid euro's. Enzovoort.

Daarnaast reguleert de overheid de toegang tot de markt door (beperkt) vergunningen uit te geven aan gokbedrijven, die onbeperkt reclame mogen maken. Sterker nog: gokbedrijven kunnen niet alleen op de commerciële televisie onbeperkt actief zijn (de Postcodeloterij bijvoorbeeld), maar ook op publieke zenders. Waar het keihard verboden is in een programma op de publieke omroep reclame te maken voor een bepaald product, komen in het programma Lingo (Nederland 1) dagelijks de 'winnende getallen' van een loterij in beeld.

Het zou kunnen zijn dat gokken geen ongewenste consumptie meer gevonden wordt. Maar als het nog steeds de bedoeling is gokken zo veel mogelijk in te dammen, dan is het tijd voor ander beleid. Dat dat ten koste gaat van de belastinginkomsten is dan jammer.

[reageren]