Vrij Nederland Het beroepsonderwijs ontbeert heldere kijk

Door Frank Kalshoven

Het beroepsonderwijs ontbeert heldere kijk

De ruggengraat van de samenleving - automonteurs, kappers, verpleegkundigen, ict-techneuten - wordt opgeleid aan het middelbaar beroepsonderwijs (mbo), en je kunt dus zeggen dat deze vorm van onderwijs de belangrijkste is. Maar het kwalitatieve noch kwantitatieve belang - er studeren meer jongeren af in het mbo dan in het hoger onderwijs - staat in verhouding tot de aandacht die er voor deze sector is.

Door malheur en schandaaltjes riep de sector dit jaar een reeks commissies en rapporten over zich af. Vorige week verscheen het meeste recente: Naar meer focus op het mbo, het rapport van de commissie Onderwijs en Besturing BVE, naar de voorzitter (van Akzo Nobel), de commissie-Oudeman. Een opmerkelijk rapport, vooral vanwege deze combinatie: 1. er worden rare vragen in gesteld; 2. toch worden er verstandige aanbevelingen in gedaan; 3. het ontbreekt in het rapport aan een heldere kijk op de sturing in en van zo'n sector.

Rare vragen. Een van de kernvragen die de commissie stelde is: 'Welke factoren hebben instellingen afgeleid van hun kerntaak?' (mijn cursivering, FK). Vervolgvraag: 'Wat hebben instellingen nodig om focus te kunnen aanbrengen in hun organisatie en zich te richten op hun kerntaak?' Voor de goede orde, die kerntaak is helder gedefinieerd als het 'kwalitatief goed (georganiseerd) vak- en beroepsonderwijs bieden aan studenten'. Wat heeft u afgeleid van uw kerntaak? Deze vraag is te kinderachtig voor woorden - gesteld aan bestuurders van instellingen met veelal tienduizenden studenten, duizenden medewerkers en tientallen miljoenen euro's jaarbudget, en een keurig salaris. Die kiezen toch zeker hun eigen prioriteiten? En die laten zich toch niet afleiden van hun to-do-lijstje?

Toch bevat het rapport, naast onverstandige, ook verstandige aanbevelingen, waarvan de meeste overigens niet nieuw zijn. Mag de financiering eenvoudiger? Mag het toezicht gerichter? Mag de bijscholing van docenten verplichtend? Alle drie goed. Kunnen examens gestandaardiseerd? Kunnen er minder kwalificatiedossiers worden aangemaakt? Mag het groene onderwijs even bij het overige beroepsonderwijs worden samengevoegd? Graag.

- Het is een opmerkelijk rapport vol rare vragen

Maar het waarom is belangrijk. Dit zijn bijvoorbeeld geen goede ideeën omdat ze bestuurders minder afleiden van hun kerntaak. In het rapport ontbreekt een leidend idee over de inrichting van de sector. Het is een besturingsrapport zonder besturingsfilosofie. Als u het mij zou vragen, zeg ik: de sector moet zo worden ingericht dat de scholen, de bestuurders in het bijzonder, de juiste prikkels krijgen om kwalitatief goede opleidingen te geven tegen een scherpe prijs. Juist het ontbreken van die prikkels verklaart waarom het op veel mbo-scholen nog zo veel beter kan.

Waar zouden de prikkels vandaan kunnen komen? 1: concurrentie. Studenten kiezen voor school X en niet Y omdat X beter is. Bestuurder van school Y heeft dan een probleem. De huidige concurrentie is - een aantal plekken in de Randstad uitgezonderd - beperkt. En de malle commissie-Oudeman stelt voor die helemaal uit te schakelen. 2: prestatiebekostiging. De overheid stelt harde prestatie-eisen aan de bekostiging; niet leveren betekent dat het bestuur een financieel probleem heeft. De commissie wil de bekostiging wel vereenvoudigen, maar er geen harde voorwaarden aan verbinden. 3: effectief extern toezicht. De onafhankelijke toezichthouder heeft een sanctie-instrumentarium, met sluiting als ultieme remedie. De commissie-Oudeman zegt wel: mag dat toezicht proportioneler (minder toezicht voor scholen die bij eerdere controles goed presteerden)? Maar niet: en maak dat toezicht dan onafhankelijk en geef die toezichthouder tanden. 4: effectief intern toezicht. Een harde, rechtvaardige raad van toezicht kan een bestuurdersclub goed scherp houden. De commissie-Oudeman zet de wereld op z'n kop met de aanbeveling: 'Bevorder vanuit het College van Bestuur het toezichthoudend vermogen van de Raad van Toezicht.' Zou het niet beter zijn dat de overheid kwaliteitseisen stelt aan de toezichthouders?

Combineer deze vier - concurrentie, prestatiebekostiging, een effectieve toezichthouder en streng intern toezicht - en ik garandeer dat bestuurders zich niet meer laten 'afleiden'.

09-12-2010 / Onderwijs

[reageren]