VN Mediagids396 miljard op het spel
Economie 20.08.2010

De werkgeverslobby VNO-NCW houdt zich dezer dagen stil, maar voor de verkiezingen waarschuwde voorman Bernard Wientjes tegen een stem op de PVV. Zo'n keuze zou slecht zijn voor het beeld dat mensen in het buitenland van Nederland hebben. En dat zou dan weer ten koste gaan van ons nationaal inkomen. Nu men in Den Haag lijkt af te stevenen op een kabinet met gedoogsteun van Geert Wilders' PVV, wordt de vraag pregnant: hoe belangrijk is 'het beeld' dat buitenlanders hebben van Nederland?
Nederland is, zoals dat heet, een kleine open economie. Klein (tegenover groot), omdat we in deze rivierdelta nu eenmaal met weinig mensen wonen. Open (tegenover gesloten), omdat Nederlandse bedrijven veel zakendoen met bedrijven in het buitenland. Dat zakelijk verkeer met het buitenland komt (vooral) tot uitdrukking in de export- en importcijfers, en die zijn voor Nederland inderdaad indrukwekkend.
Uit de jongste 'nationale rekeningen' van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), de boekhouding van de Nederlandse economie, blijkt dat het nationaal inkomen in 2009 uitkwam op 572 miljard euro. Dat is dus de optelsom van alle lonen, winsten en per saldo ontvangen rente en dividenden van alle Nederlanders vorig jaar. De uitkomst kwam, voor het eerst in lange tijd, lager uit dan het jaar ervoor (de 596 miljard van 2008), als gevolg van de economische crisis: in 2009 kromp de economie.
Ten opzichte van dit nationale inkomen zijn de ex- en importcijfers hoog. De waarde van de uitvoer was in 2009 396 miljard euro, terwijl er voor 354 miljard euro geïmporteerd werd (en er dus een handelsoverschot was van zo'n 42 miljard euro). Ook deze handelscijfers zijn fors lager ten opzichte van 2008: de uitvoer kromp met 8 procent, de invoer zelfs met 8,5 procent. Sterker: alom is erkend dat de afname van de buitenlandse handel de belangrijkste oorzaak was van het in een recessie geraken van de Nederlandse economie. Zoals ook de recente opleving in de groei van de wereldhandel de belangrijkste motor is achter het economisch herstel.
- Er bestaat wel degelijk zoiets als een 'gun-factor'
Deze recente ervaring illustreert twee elementen die van belang zijn: gezien de relatieve omvang van de export ten opzichte van het nationaal inkomen is het echt relevant wat men in het buitenland van Nederland vindt. En: de exportcijfers kunnen een grilliger verloop vertonen, zijn elastischer, dan je voor een stabiele welvaartsontwikkeling wenselijk zou vinden.
Deze basisconclusie vraagt onmiddellijke relativering. Om te beginnen is de export naar landen waar het islamitische geloof een grote rol speelt bescheiden ten opzichte van het totaal. De totale uitvoer naar het Nabije en Midden-Oosten kwam in 2009 uit op 1,6 miljard euro. Indonesië was goed voor een soortgelijk bedrag, net als bijvoorbeeld Algerije. Iran kocht voor een miljard aan Nederlandse waar in 2009, net als Kuweit. Op die 396 miljard aan export zijn dat bepaald niet de grootste klanten. Die houden nog altijd kantoor in Europa.
De tweede relativering is dat je geen vrienden hoeft te zijn om zaken te doen. Kwaliteit, prijs en leveringsvoorwaarden zijn in de internationale handel belangrijker dan vriendschappelijke gevoelens. Er bestaat wel degelijk zoiets als een 'gunfactor' - wie gun je de omzet? - maar de boter gekocht van een vriend smaakt net zo goed als die van een vijand.
Dus ja, er staat in het buitenland voor de Nederlandse welvaart veel op het spel, waaronder die 396 miljard aan export. Het effect van een kopersstaking is in potentie groot. Maar in redelijkheid mag je het negatieve effect van een gedogende PVV op de export niet overdrijven.
