VN MediagidsGrunberg week 16

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

18.04.2009

Door Arnon Grunberg

Hoe komt het dat ik uw boeken weinig interessant en soms zelfs irritant vind, maar me met deze rubriek wel zeer goed kan amuseren? Ik vond het eerste deel van Tirza overigens een uitzondering. Misschien omdat ik me zo goed in Hofmeester kon verplaatsen. Jammer dat het boek daarna ontspoorde.
Sander uit Maastricht

Regelmatig krijgt een schrijver vragen waarop hij geen antwoord kan geven, bijvoorbeeld: waarom komen er toch geen normale mensen in uw boeken voor? De schrijver vindt namelijk dat er uitsluitend normale mensen in zijn boeken voorkomen. Ik zie de romanschrijver als iemand die zijn liefde voor waarheid boven zijn liefde voor mensen stelt. Dat u dat soms irritant vindt, verbaast me alleen al niet omdat u zich zo goed in Hofmeester kon verplaatsen. Ik denk dat hij zelf ook met het tweede deel van het boek grote moeite zou hebben gehad. Maar anders dan u had hij ook niets in deze rubriek gezien.

Dat u zich wel met deze rubriek kunt vermaken, heeft er wellicht mee te maken dat uzelf stiekem ook mensendokter zou willen zijn. En zoals dat woord al zegt, de mensendokter stelt zijn liefde voor mensen soms boven de waarheid.

Waar haalt u de autoriteit vandaan om uzelf als schrijver de titel mensendokter aan te meten? En: ik heb op het gymnasium gezeten en ik heb moeite de opgedane kennis in mijn dagelijkse leven toe te passen, wat raadt u aan?
Alejandro Z. uit Amsterdam

Er zijn grofweg drie soorten autoriteit. De eerste stoelt op kennis. Een enkele keer is autoriteit in de academische wereld hierop gestoeld. De tweede leunt op geweld en intimidatie. Dit is de autoriteit van de dictator. De derde steunt op geloof van aanhangers. Dit is de autoriteit van priesters, rabbijnen, imams en democratisch gekozen politici. De romanschrijver heeft geen kennis. Als hij daarop gokt, dan moet hij een essay schrijven of wetenschapper worden. Zijn lezers zijn geen gelovigen; als hij daarop hoopt, dan begaat hij een literaire fout. En hij heeft niet de beschikking over geweld, of hij zou een kanon moeten kopen. De romanschrijver veinst autoriteit en dat maakt zijn positie per definitie ironisch. Alleen al het woord 'mensendokter' geeft aan dat ik die positie ook in deze rubriek niet heb verlaten. Als ik bijvoorbeeld college geef, zoals ik dat in Leiden en Delft heb gedaan, veins ik ook autoriteit maar de specifieke situatie van de colleges zorgt ervoor dat ik zal ingrijpen als de studenten mijn autoriteit tijdens de colleges hardhandig onderuit proberen te halen.

Hier staat het u vrij mijn autoriteit te negeren, te ridiculiseren en te verwerpen. De ware autoriteit geeft overigens geen antwoorden, de ware autoriteit stelt vragen.

Wat uw tweede vraag betreft: het voordeel van een gymnasiumopleiding is het prestige dat aan die opleiding is verbonden. De rest is neveneffect. Helaas kan hetzelfde over literatuur worden beweerd.

Concentreert u zich dus op het prestige en laat de neveneffecten aan de goden over.