VN MediagidsGrunberg week 1 2011

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

06.01.2011

Door Arnon Grunberg

Men zegt dat je moet opvallen met een sollicitatiebrief en geen ellenlang verhaal moet schrijven. Onlangs heb ik een sollicitatiebrief geschreven met de tekst: 'Geef me een baan, burgerlul! Vriendelijke groet, Mevrouw Sloof te Amsterdam.' Ik voldoe hiermee aan bovengenoemde voorwaarden. Mijn vraag aan u is of u mij kunt adviseren naar welk bedrijf ik deze brief het beste kan sturen.
Mevr. Sloof te Amsterdam

Uw briefje doet mij denken aan mijn situatie aan het eind van de jaren tachtig. Ik genoot een bijstandsuitkering en werkte zwart bij als jongste bediende op de Nederlandse Uitgeverij voor Handelsinformatie en Adresboeken, gevestigd aan de Willemsparkweg 46 te Amsterdam. Op een gegeven moment wilde de ambtenaar van de Sociale Dienst dat ik ging solliciteren. Daar had ik weinig zin in. Gelukkig had uitgeverij Van Oorschot bij monde van Gemma Nefkens mij een briefje geschreven naar aanleiding van mijn eerste in eigen beheer uitgegeven boekje, dat ze bezwaren had tegen vorm en stijl, maar getroffen was door mijn woede. Dat gaf me een paar maanden respijt. Niet veel later kreeg ik een baantje bij jeugdtoneelgroep Huis aan de Amstel en daarna heb ik bij mijn weten nooit meer naar een baan gesolliciteerd.

Ik raad u aan werkster te worden. Vanuit die positie kunt u langzaam proberen uw carrière verder uit te bouwen.

Gaarne een commentaar op mijn stelling 'Staken is een paardenmiddel'.
- P.D., Arnhem

In Frankrijk schijnt staken een nationale hobby te zijn. Volgens mij heeft de gemiddelde Nederlander andere hobby's. Wat niet wegneemt dat u wel eens gelijk zou kunnen hebben: net als penicilline en een corrigerende tik op de billen van een peuter is staken een paardenmiddel.

Hoe vindt u het dat het kerstnummer van Vrij Nederland op sommige plaatsen los alleen te koop was in combinatie met Opzij? Het zou mij weinig verbazen indien de meeste mannelijke loskopers het blad net als ik geschrokken teruglegden.
- R. Scharis

U bent de eerste die mij hierop attendeert. Ik heb het kerstnummer nog helemaal niet gezien, de post doet er lang over naar New York.

De tijd dat Opzij alleen door vrouwen werd gelezen, ligt geloof ik een beetje achter ons, maar als u probeert te zeggen dat de marketingdeskundigen zich soms wat bescheidener zouden moeten opstellen, dan ben ik het met u eens.

Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat sommige initialen, komende uit uw rubriek in Vrij Nederland van 18 december 2010, toebehoren aan de - intussen deels voormalige - leiders van de liberale politieke partijen die Nederland rijk is, althans dat de indruk wordt gewekt dat u een brief met daarin een vraag van hen heeft mogen ontvangen. Waarmee de authenticiteit van uw rubriek - ik moet toevoegen: helaas - volledig ter discussie komt te staan. Waarom leent u zich voor deze spielerei? Waarom zou ik u ooit nog vertrouwen?
- Marcel van Kuijk

Ooit bezocht ik de Valeriuskliniek in Amsterdam om daar een lezing te houden. Aan de geneesheer-directeur vroeg ik wat hij deed met simulanten die vragen om opgenomen te worden. 'Iedereen die vraagt om hier te worden opgenomen,' antwoordde hij, 'is geen simulant.'
De redactie van dit blad stuurt mij vragen door. Het gaat mij niet aan of de vragensteller zich bedient van een pseudoniem en of dat pseudoniem bepaalde associaties zou kunnen oproepen bij de lezer: voor mij is niemand een simulant.

Dat ik de anonimiteit van de vragensteller respecteer, zou uw vertrouwen in mij moeten doen groeien.

Vergeet u niet dat ik met deze rubriek ook hulp bied aan mensen in nood. Noemt u mij hoogmoedig, maar ik leef in de overtuiging dat ik al menige zelfmoord heb voorkomen.

[reageren]